Peuterpuberteit: 10 domeinen om samen met je kind te overwinnen.

meisje_lachend_peuterToen je kindje nog een baby (0-1 jaar) was, ging het allemaal eigenlijk heel gemakkelijk.  Af en toe waren er wel wat dingetjes waar je even wat mee moest, zoals de hapjes die je baby niet meteen wilde eten of het doorslapen dat niet meteen wilde lukken, maar over het algemeen viel het reuze mee. Ook als dreumes (1-2 jaar) had je weinig met je kindje te stellen. Je kindje deed over het algemeen wel wat je zei, hij vond het fijn om je te helpen, om met je te kletsen, om me je te spelen en hij knuffelde je graag. Het was echt een lieverd!

Nu je kindje echter de peuterleeftijd (2-3 jaar) heeft bereikt, lijkt alles ineens heel anders. Natuurlijk is je kindje nu ook nog wel lief, maar sommige situaties zijn echt een stuk lastiger. Het is niet vanzelfsprekend meer dat je kindje meteen naar je luistert. Hij kan ook soms om onverklaarbare redenen een driftbui krijgen. Hij huilt soms heel hard, terwijl je niet goed begrijpt wat er nou aan vooraf ging. Verder wil hij op de gekste momenten van alles ‘zelluf’ doen, terwijl hij dat nog helemaal niet kan. Als je aanbiedt om te helpen, dan mag dat echt niet. Maar ondertussen is hij wel enorm gefrustreerd als het hem inderdaad niet lukt. Wat is er toch met hem aan de hand…?

De kans is groot dat je kind midden in de peuterpuberteit zit.

Op deze jonge leeftijd gebeurt er ontzettend veel met je kindje en daar staan we als ouder vaak helemaal niet bij stil. Je kindje ontwikkelt zich op allerlei gebieden en dat gaat in rap tempo. Je kunt je misschien wel voorstellen dat het voor je kindje ook niet allemaal even makkelijk is.

⇒ Hieronder vind je een overzicht van wat je kindje allemaal leert en wat daar voor je kindje (en jou) lastig aan is. Per domein geef ik je steeds één praktische tip om direct thuis toe te passen én geef ik je één leestip voor als je verder wil lezen over dat specifieke onderwerp. Onderaan het artikel geef ik je nog 5 extra opvoedtips. Op basis van deze informatie én tips leer je je peuter en zijn frustratie, boosheid en emoties niet alleen beter begrijpen, maar kun je er ook op een positieve manier op reageren. Daar komen ze…

 

(1) De sociale ontwikkeling van je peuter:
kinderen_spelen_op_grond_leidstersKinderen vinden het doorgaans heel fijn om met andere kinderen te spelen. Bij jonge peuters is dat vaak nog niet echt ‘samen’ spelen, maar eerder naast elkaar spelen. Naarmate je kindje ouder wordt, zal hij ook steeds meer echt samen spelen met andere kindjes.
Kinderen leren van het omgaan met anderen, van volwassenen én van andere kinderen.  Kinderen kijken naar elkaar, imiteren elkaar en leren zo nieuwe vaardigheden of nieuwe spelletjes. Vandaar dat het voor de sociale ontwikkeling van je kind belangrijk is om hem van jongs af aan met andere kinderen te laten spelen.

TIP: Wacht niet om je kindje met andere kinderen te laten spelen totdat hij naar de basisschool gaat. Spreek nu al regelmatig af met ouders van jonge kinderen uit de buurt, met vrienden die zelf ook jonge kinderen hebben of meld je kind aan voor de kinder- of peuteropvang. Op die manier krijgt je kindje de kans om te leren samen spelen.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Hoe leer je je kind om rekening te houden met anderen?‘.

 

(2) Egocentrisme: Je peuter is bijzonder egocentrisch ingesteld.
kinderen_maken_ruzie_om_xylofoon_ouders_op_bankJonge kinderen zien de wereld vooral vanuit hun eigen standpunt. Ze zijn heel erg egocentrisch ingesteld en kunnen zich nog niet verplaatsen in het standpunt van een ander. Voor je peuter betekent dat wanneer hij iets wil, hij dat onmiddellijk wil. Hij houdt er geen rekening mee of het op dat moment kan en of jij dat als ouder wel goed vindt. Hij wil het hebben (of doen) en hij wil het nu!
Je kindje kan ook nog niet inschatten dat een ander iets zou ‘kunnen willen’. Je peuter denkt echt alleen nog maar vanuit zichzelf: ‘ik wil dat speeltje nu’ en houdt er geen rekening mee dat het andere kindje al een tijdje heel leuk met dat speeltje aan het spelen is en het vervelend kan vinden dat hij het van hem afpakt. Met alle gevolgen van dien…

TIP: Ga bij je kindje zitten als het samen met een ander kindje speelt  en leg uit wat er gebeurt; ‘ondertitel’ het, als het ware. Leg uit dat je kind niet zo maar iets mag afpakken, maar dat hij het wel eerst kan vragen. Als het kindje het dan afgeeft, dan mag hij het hebben. Zo niet, dan moet hij wachten totdat het kindje ermee klaar is. Doe voor wat ‘om de beurt’ is en wat ‘samen spelen’ precies inhoudt.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Samen spelen, samen delen‘.

 

(3) Je peuter wordt langzaam maar zeker zindelijk. 
jongen_zit_op_potje_02Veel kinderen worden als peuter zindelijk. Dat betekent dat ze actieve controle krijgen over hun eigen blaas en darmen. Natuurlijk gebeuren er ook wel eens ongelukjes, die tot frustratie en boosheid kunnen leiden; niet alleen bij je kind, maar ook bij jou als ouder. Realiseer je dat alle kinderen in hun eigen tempo zindelijk worden. Het is nergens voor nodig om het te overhaasten. Ook jouw kindje zal na verloop van tijd zindelijk zijn.

TIP: Stel je tijdens en na de zindelijkheidstraining in op ongelukjes. Ga er van uit dat ze gaan gebeuren. Dat is helemaal niet erg en ze horen er echt bij. Het ene kind heeft er meer last van dan het andere. Zorg er voor dat je als ouder niet boos, maar er juist rustig op reageert. Bij een ontspannen aanpak zonder strijd leert je kindje op een fijne manier om zijn blaas en darmen te beheersen en om op zichzelf te vertrouwen.

Verder lezen: Wil je graag checken of je kindje wel / niet klaar is om zindelijk te worden? Klik dan hier om een korte test te doen.
Wil je graag starten met het stimuleren van de zindelijkheid van je kind of merk je dat het nog best moeilijk is om je kindje zindelijk te maken (of te houden)? Lees dan meer over mijn cursus ‘Tijd voor Zindelijkheid’.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


(4) De spraak- / taalontwikkeling van je peuter: 

peuter8Gemiddeld genomen zeggen kinderen rond hun eerste jaar hun eerste woordje. Meestal is dat ‘papa’ of ‘mama’. Ze leren daarna steeds meer woordjes. Je ziet dat ze op deze leeftijd ook nog regelmatig gebruik maken van non-verbale communicatie; door te wijzen of een bepaalde gezichtsuitdrukking weet je als ouder vaak al wat je kindje bedoelt.

TIP: Om de taal- / spraakontwikkeling van je kindje te stimuleren kun je bijvoorbeeld steeds benoemen wat je doet, benoemen wat je pakt of benoemen wat je aan je kindje geeft. Op die manier leert je kind steeds beter wat de klanken die hij van jou hoort betekenen en koppelt hij ze aan voorwerpen, kleuren, vormen ed. Daarna zal hij het ook steeds vaker zelf proberen te zeggen.

Verder lezen: Lees het artikel ‘5 tips om nóg beter met je baby, dreumes en peuter te communiceren‘ (gastbijdrage van Esther Sluijsmans).

 

(5) Motorische ontwikkeling van je peuter: Lekker bewegen.
Werk in opdrachtOok op dit gebied zet je kindje letterlijk en figuurlijk grote stappen. Hij begint met een paar losse stapjes en dat worden er langzaam maar zeker steeds meer. Hij leert ook te springen, te rennen, met een bal te gooien en te vangen, tegen een bal te schoppen of zijn evenwicht te bewaren. Als je kindje wat ouder is, leert hij ook te hinkelen, huppelen of koprollen. Je kunt hem op dit gebied doorgaans goed stimuleren en aanmoedigen. Kijk wat je kindje kan / wil doen en probeer hem er – indien nodig – bij te helpen of doe het hem vaker voor.

TIP: Geef je kindje de mogelijkheid om veel te bewegen en om lekker actief te spelen. Juist door te doen, leert je kindje op deze leeftijd enorm veel. Laat je kindje ook dagelijks buitenspelen (bij voorkeur 2 uur per dag). Dat kan in je eigen tuin of in een speeltuin bij jou in de buurt. Aangezien peuters nog geen gevaar zien, is het wel belangrijk om een oogje in het zeil te houden.

Verder lezen: Lees ook m’n artikel ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen? (Interview op L1 Radio)‘.

 

(6) Emotionele ontwikkeling van je peuter: Driftbuien. 
jongen_driftbui_achteroverJe kind leert steeds beter wat zijn emoties zijn. Hij gaat er ook – onbewust – steeds meer mee experimenteren. Hij zal meer momenten hebben van groot verdriet en heftig huilen; ook merk je nu dat je kind soms ineens heel bang kan zijn (denk aan bang voor honden, spoken, monsters, heksen etc.).
Ook boosheid kan op deze leeftijd in alle heftigheid voorbijkomen. Vooral tussen 15 maanden en 3 jaar hebben de meeste kinderen last van ongecontroleerde uitbarstingen, de zg. driftbuien. Wat je dan aan je peuter merkt of ziet, is dat hij plots ongeduldig wordt, geen teleurstelling kan verdragen of geen ‘nee’ van jou kan horen. Met andere woorden: je peuter zou het liefst zijn eigen gang gaan, maar dat kan op dat moment niet. Als reactie barst je kindje in woede (of tranen) uit en gaat flink tegen je te keer. Sommige peuters gaan dan schreeuwen, krijsen, slaan, schoppen of houden een tijdje hun adem in (‘breath holding spells’).

TIP: Op het moment van een driftbui heeft je kind jou nodig om zijn emoties onder controle te krijgen en om tot bedaren te komen. Daarom is het ontzettend belangrijk dat jij rustig blijft op het moment dat je kind een driftbui heeft. Houd hem dan in de gaten (evt. op een afstandje), zodat hij zichzelf niet (onbedoeld) pijn gaat doen.

Verder lezen: In m’n  artikel ‘M’n kind heeft vaker driftbuien. Wat nu?’ lees je meer praktische tips over hoe je met een driftbui omgaat.

 

(7) Eten: Bang voor nieuwe dingen
peuter3Jonge kinderen kunnen soms bang zijn / worden voor nieuwe dingen; dat noemen we ‘neofobie’. Ze willen dan ineens niet meer eten; ze weigeren dan bijvoorbeeld om iets te eten dat ze niet kennen. Als je daar als ouder te veel in meegaat of als je je kind niet op een positieve manier stimuleert, dan zie je vaak dat kinderen steeds meer eten gaan weigeren. De maaltijd mondt uit in een machtsstrijd tussen ouder en kind. De gezelligheid aan tafel is dan ver te zoeken.

TIP: Voorkom dat je je kind gaat dwingen om toch iets te eten. Dwingen werkt helaas averechts. Houd oog voor wat je kind wél goed doet aan tafel en benoem dat. Als je kind weet wat hij goed doet, dan is de kans groter dat hij dat opnieuw of vaker zal gaan doen.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips)’.

 


fb_cursus_help_mijn_kind_luistert_niet
Cursus ‘Help, mijn kind luistert niet!?’
Wil je graag weten hoe je ervoor zorgt dat je kind beter én sneller naar je luistert?
Op een positieve, liefdevolle en constructieve manier.

=> Dan is deze cursus precies wat je zoekt.
=> Vraag nu GRATIS Les 1 van deze cursus aan.

Lees hier wat je allemaal van deze cursus mag verwachten.


 


(8) Slapen: Dutjes & monsters

meisje_huilend_uit_bedSlapen is op alle leeftijden heel belangrijk, dus ook voor je peuter. Ook op dit gebied van slaap verandert er van alles voor je kind: je jonge peuter gaat van twee naar één dutje en je oudere peuter gaat van één naar geen middagslaapje. Kort na zo’n verandering zal je kindje eraan moeten wennen dat hij wat minder slaap krijgt. Dat betekent niet alleen dat je kindje sneller of vroeger moe is, maar ook dat je kindje minder kan verdragen of prikkelbaarder is. Een mogelijk gevolg is dat een drift- of huilbui sneller kan optreden.
Daarbij is het voor je peuter nog bijna onmogelijk om feit en fictie uit elkaar te halen. Het heeft nog zo’n levendige fantasie dat het echt gelooft dat er een krokodil onder zijn bed ligt of dat er monsters / heksen op zijn kamer zijn. Je kind kan daar echt heel erg bang van worden.

TIP: Het heeft geen zin om te zeggen dat je kind zich ‘niet moet aanstellen’ of dat monsters / heksen niet bestaan. Voor je kindje bestaan ze namelijk wel en zijn ze echt. Hij gelooft er echt in (‘magisch denken‘). Neem daarom de zorgen van je peuter serieus, ga echter niet mee in zijn angst en stel hem uiteraard gerust. Kijk bijvoorbeeld samen onder zijn bed, zodat hij zeker weet dat daar niks ligt of jaag alle monsters met speciale ‘Monsterspray’ zijn kamer uit.

Verder lezen: In m’n artikel ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)‘ lees je of je peuter er klaar voor is om het middagdutje over te slaan en hoe je dat kunt aanpakken. In m’n artikel ‘Ga nou toch lekker slapen, liefje! – 5 tips om je kind te leren slapen‘ lees je hoe je er voor zorgt dat je kindje ’s avonds rustig in slaap valt.

 

(9) Cognitieve ontwikkeling van je peuter: 
voorlezen_moeder_kind_op_bedMet de cognitieve ontwikkeling van je peuter bedoel ik zijn leervermogen. Hij leert allerlei nieuwe vaardigheden: hij leert steeds beter te begrijpen wat er om hem heen gebeurt, hij kan zijn geheugen steeds beter gebruiken en leert om kleine problemen aan te pakken en op te lossen. Ook kan hij steeds langer ergens zijn aandacht bij houden en zich langer op een taakje concentreren.

TIP: Om de cognitieve ontwikkeling van je peuter te stimuleren is het goed om dagelijks met je kindje te lezen. In de bibliotheek vind je allerlei (prenten)boeken, die uitermate geschikt zijn voor jonge kinderen. De thema’s in deze boeken sluiten vaak heel mooi aan op de belevingswereld van je kindje. Daarbij is samen lezen een mooie, gezellige één-op-één-activiteit, die kinderen doorgaans heel fijn vinden om samen met papa of mama te doen. Samen lezen vergroot ook nog eens zijn aandachtspanne en concentratievermogen en stimuleert zijn taal- / spraakontwikkeling. Dus door regelmatig voor te lezen, sla je heel makkelijk een aantal vliegen in één klap.

Verder lezen: Lees ook m’n artikel ‘Nog een keer lezen, nog een keer’- 5 eenvoudige tips om samen (voor)lezen met je kind nóg leuker te maken‘.

 

(10) Grote zus of broer worden: 
ouderschap_zwangere_buik_oudste_dochter2Veel kinderen worden op deze leeftijd ineens grote broer of grote zus. Dat is voor henzelf een grote omslag. Ineens moeten ze de aandacht, die ze altijd van papa en mama kregen, delen met een ander kindje. Het ene kindje gaat makkelijker met deze verandering om dan het andere.

TIP: Bereid je peuter goed voor op de komst van zijn broertje of zusje. Laat hem waar mogelijk helpen met de veranderingen in huis. Als hij bijvoorbeeld in een andere kamer gaat slapen, kan hij zelf zijn knuffels naar de nieuwe kamer verhuizen. Als hij in een ander (groter) bed gaat slapen, dan kan hij zelf een mooi dekbedovertrek uitzoeken. Laat je peuter ook helpen met de inrichting van de babykamer. Als de baby er eenmaal is, kun je je kindje een cadeautje geven ‘namens de baby’.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Hoera, er komt een kindje bij! – 5 tips over hoe je je oudste voorbereidt op een broertje of zusje.‘.

 

Wat kun je nog meer doen als ouder om de frustraties, boosheid en heftige emoties van je peuter het hoofd te bieden? 

[A] Bewaar je rust, ook in uitdagende opvoedsituaties. 
moeder_meisje_lachend_bosProbeer zo veel als mogelijk rustig op je kindje te reageren, ook tijdens een pittige of heftige opvoedsituatie. Je kindje mag best aan jou merken dat een grens is bereikt en dat je niet altijd zo maar meegaat in wat je kindje wil. Het is belangrijk om hem dat op een rustige manier duidelijk te maken.

[B] Geef je kind duidelijkheid: ‘zeg wat je doet, doe wat je zegt’. 
Als je in allerlei situaties op dezelfde manier op je kindje reageert, dan weet hij steeds beter wat hij van jou kan verwachten en wat de bedoeling is. Dat vinden kinderen fijn; dat geeft hen rust en vertrouwen. Houd je vast aan de uitdrukking ‘zeg wat je doet, doe wat je zegt’: leg uit wat je gaat doen of wat je van je kindje verwacht en zorg er – op een fijne, liefdevolle manier voor – dat dat ook gebeurt.

[C] Geef je kind voldoende positieve aandacht. 
Speel met je kind, zodat je je kind voldoende positieve aandacht kunt geven. Alle kinderen hebben dat nodig. Probeer dan aan te sluiten bij wat je kind op dat moment aan het doen is. Uiteraard is dat ook een mooie gelegenheid om je kind iets nieuws te leren. Als je kind met de duplo aan het spelen is, kun je samen een ‘superhoge’ toren; zo hoog mogelijk (totdat hij omvalt). Of je probeert samen een puzzel te maken; eerst eentje die past bij zijn leeftijd en dan – afhankelijk van hoe het je kindje afgaat – maak je de puzzel wat makkelijker of juist wat moeilijker. Zo kun je je peuter stimuleren, op een manier en op het niveau dat goed bij hem past.
Ook als iets bij het spelen niet meteen lukt of als het je kindje niet zo leuk lijkt te vinden, hoeft dat niet te betekenen dat hij dat nooit meer gaat doen. Juist door het toch nog eens klaar te leggen, door het vaker te doen of door het regelmatig samen te oefenen, gaat het hem steeds beter af én is de kans groot dat hij het steeds leuker gaat vinden.

[D] Accepteer dat het de ene dag beter gaat dan de andere. De peuterpuberteit kan voor ouders best een heftige periode zijn. Onderschat het niet. Maar wees ook realistisch: er zijn niet alleen dagen waarop het niet lekker loopt, er zitten ook hele fijne dagen tussen. En bedenk: liep het vandaag niet zo lekker? Begin dan morgen weer met frisse moed en een schone lei.

[E] Vergeet niet dat je kindje nog altijd heel lief kan zijn en op momenten heel fijn is in de omgang. Ook als hij nu regelmatig een driftbui heeft of veel huilt, zijn er nog altijd momenten waarop je veel plezier aan hem beleeft en hij jou veel liefde geeft. Geniet van deze momenten. Laat die fijne momenten niet overschaduwen door de lastige(re) opvoedmomenten.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Referenties van gebruikte literatuur voor dit artikel: 
– Voorkom myopie bij jouw kind, met het gratis myopie-pakket. [ Klik hier. ]
– Woolfson, R. (2001). De pientere peuter. Uitgeverij Cantecleer: Baarn.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).
– ‘10 basistips om je baby, kind of tiener lekker te laten slapen.
– ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)
– ‘Boos zijn kun je leren! | 6 stappen om je kind te leren zijn boosheid te beheersen.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Overgewicht bij kinderen: Wat is het precies en wat kun je er aan doen? [ Interview met expert gezondheidsbevordering dr. Jessica Gubbels ]

Joyce Akse maakt een serie artikelen, waarin ze experts interviewt over hun eigen onderzoek of werkveld. Het doel van deze serie is om resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vertalen naar praktische tips voor ouders, waar ze thuis direct mee aan de slag kunnen. Deze thema’s hebben natuurlijk te maken met het ouderschap, opvoeding en/of de ontwikkeling van kinderen (0-16 jaar). 


kinderen_eten_pizzaAls ouder wil je niets liever dan dat je kind goed in zijn vel zit.
Voor kinderen met overgewicht kan dat best lastig zijn. De kans is groot dat ze dagelijks de lichamelijke én mentale gevolgen van hun overgewicht ervaren. Vandaar dat het ontzettend belangrijk is om je kind te helpen om van zijn overgewicht af te komen. Maar hoe doe je dat…?

Ik praatte erover met gezondheidswetenschapper dr. Jessica Gubbels en legde haar een aantal vragen over dit thema voor. In dit interview lees je dan ook veel informatie en praktische tips waar jij als ouder thuis mee aan de slag kunt.

Na het lezen van dit artikel weet je wat overgewicht precies is, welke gevolgen kinderen er zelf van kunnen ervaren en wat je als ouder wel én niet kunt doen om het overgewicht van je kind aan te pakken. Daarnaast lees je hoe je het thuis op een positieve manier met je kind over zijn overgewicht kunt hebben, welke mythes er rondom dit onderwerp bestaan en voor welke valkuilen je als ouder moet oppassen.

 

Je bent expert op het gebied van gezondheidsbevordering van jonge kinderen en hun families. Hoe ben je bij dit onderwerp gekomen en wat spreekt jou er persoonlijk zo in aan?
kinderen_spelen_buiten_vergrootglas‘Ik ben zelf al sinds mijn jeugd bezig geweest met kinderen en hun ontwikkeling. Ik deed vrijwilligerswerk bij de scouting en kindervakantiewerk bij ons in het dorp. Als promovendus ben ik gestart bij het KOALA geboorte cohort; dat was een onderzoek waarbij we kinderen over de tijd volgden. Bij mijn promotieonderzoek richtte ik me op de invloed die de thuissituatie van kinderen kan hebben op hun overgewicht en dan specifiek op de regels die ouders hanteren op het gebied van voeding en eten. Zo wilde ik o.a. weten welke regels ze precies in huis hadden, welke kinderen vaker of juist minder vaak overgewicht hebben, welke kinderen meer of juist minder bewegen.

jongens_bank_gamen_zitten_overgewichtIk ontdekte een aantal patronen; bijvoorbeeld dat kinderen die veel tv kijken vaak ook een ongezond eetpatroon hebben. Deze kinderen lopen dus eigenlijk een dubbel risico om overgewicht te krijgen. Het omgekeerde zagen we ook: kinderen, die meer bewegen, eten gezonder. We zagen dus dat specifieke gedragingen ‘clusteren’, ze hangen met elkaar samen. Naar aanleiding daarvan wisten we dus ook dat je bij de aanpak van overgewicht niet alleen naar het eetpatroon moet kijken maar ook naar andere factoren zoals beweging, tv kijken ed. Dit onderzoek hebben we vervolgens uitgebreid naar andere instellingen waar gezinnen veel mee te maken hebben, zoals de kinderopvang, peuterspeelzalen, scholen; ook onderzoeken we nu naar wat ouders al kunnen doen tijdens de zwangerschap om te zorgen dat hun kinderen gezond en fit worden.

Ik ben me er tijdens mijn studie en eigen onderzoek steeds meer bewust van geworden dat de kinder- en jeugdtijd een heel belangrijke periode is. In die tijd wordt bij uitstek een routekaart uitgestippeld voor de rest van je leven. We weten uit onderzoek dat het op latere leeftijd lastig is om los te weken van ongezonde gewoontes en patronen, die je in de kindertijd opdoet.

We weten ook uit onderzoek dat wanneer kinderen overgewicht hebben ze een grote kans hebben om op latere leeftijd overgewicht te hebben. De leeftijd van 2-6 jaar blijkt daarbij de belangrijkste periode. Het gewicht in de peuter- en kleuterleeftijd is dus een belangrijke voorspeller van het gewicht als volwassene.

In praktijk heeft dat te maken met het gedrag dat op die jonge leeftijd wordt aangeleerd. Je leert op die leeftijd natuurlijk ontzettend veel, niet alleen op het gebied van spraak, taal en motoriek maar ook op het gebied van voeding en eten, zoals het leren kennen van smaken. Wanneer je bepaalde smaken in je kinder- en jeugdtijd niet hebt leren kennen, dan kan het lastig zijn om die later in je te leven te leren waarderen.

Dat lijkt misschien een sombere boodschap, maar het is vooral ook hoopgevend: juist in de kindertijd kun je dus veel invloed uitoefenen op gezonde eet- en leefpatronen, waar kinderen later in hun leven nog veel plezier aan kunnen beleven. In die periode leer je gewoontes en patronen aan, die je vaak je hele leven houdt. Vandaar dat het belangrijk is om de basis voor een gezonde leefstijl al in de kinder- en jeugdtijd te leggen.’

 


pasfoto_jessica_gubbelsJessica Gubbels is universitair docent en onderzoeker bij de afdeling Gezondheidsbevordering van de Universiteit Maastricht. Na haar bacheloropleiding Gezondheidswetenschappen, volgde ze de master Health Education and Promotion in Maastricht.
Vervolgens deed ze een promotieonderzoek op basis van het KOALA geboortecohort onderzoek, waarin het gedrag en de gezondheid van kinderen langdurig gevolgd worden. Na haar promotie bleef ze werkzaam aan de Universiteit Maastricht. Ze geeft les in diverse bachelor en master programma’s aan de faculteit Health, Medicine and Life sciences. Haar onderzoek richt zich met name op de leefstijl en gezondheid van kinderen en hun gezin. Ze begeleidt diverse onderzoekers in binnen- en buitenland, waaronder Libanon, Uganda en Sudan. Daarnaast is ze lid van adviescommissies over bewegen bij kinderen en voeding bij zwangere vrouwen binnen de Gezondheidsraad.

Jessica is getrouwd en moeder van vier kinderen: Jasmijn (9), Fenna (8), Emmie (6) en Willem (3).


 


Wat is overgewicht bij kinderen precies?

jongen_staat_voor_groeimeter‘Strikt genomen bedoelen we met ‘overgewicht’ dat een kind te zwaar is ten opzichte van zijn lengte; het gaat daarbij dus altijd om de verhouding tussen de lengte en het gewicht van een kind (Body Mass Index; BMI). Daar kleven wel een aantal nadelen aan. Kinderen groeien bijvoorbeeld altijd met ‘horten en stoten’, dus soms zijn ze een tijdje wat zwaarder ten opzichte van hun lengte, dan weer wat lichter en dan is de verhouding weer in orde. Het meten van het gewicht is ook gevoelig voor ‘foutjes’: het maakt – zeker bij jonge kinderen – uit of hij pas gegeten heeft of net een volle luier heeft. Daarbij heeft ieder kind een andere lichaamsbouw met meer of minder spier- of vetmassa.

Het is goed om je te realiseren dat er deels een genetische component kan meespelen bij overgewicht. Die genetische component heeft niet alleen effect op de lichaamsbouw, het gewicht en het makkelijk krijgen van overgewicht, maar ook op gedrag. We weten bijvoorbeeld dat het voor sommige mensen moeilijker is om met specifiek gedrag te stoppen dan voor andere en dat het voor sommige mensen fijner is om te bewegen dan voor anderen. Er zit zelfs een erfelijke component in sportief gedrag; voor sommigen gaat sporten veel gemakkelijker dan voor anderen. Zij worden bijvoorbeeld beloond in hun lijf, terwijl anderen het eerder als straf ervaren.

Het is belangrijk om met al deze factoren rekening te houden wanneer je het gewicht van een kind beoordeeld. Je kunt dus niet zo maar alle kinderen met elkaar vergelijken; het gaat echt om individuele kinderen. Het is belangrijk om het gewicht van kinderen over een langere periode in de gaten te houden (bijvoorbeeld een paar maanden), zodat je geen verregaande conclusies trekt op basis van een momentopname. Ook heel snelle stijgingen of dalingen in gewicht zijn belangrijk om in de gaten te houden, dan kan er namelijk iets ernstigers aan de hand zijn dan ‘gewoon’ aankomen of iets lichter worden.’

 

Wanneer spreek je van overgewicht en wanneer heb je het over obesitas (bij kinderen)?
jongens_gewicht_overgewicht‘Je hebt verschillende gradaties in overgewicht; we spreken van overgewicht en ernstig overgewicht (oftewel obesitas). Bij volwassenen komt ook ‘morbide obesitas’ voor, maar bij kinderen gelukkig bijna niet.
Je bepaalt het overgewicht op basis van de BMI. Dat is makkelijk te bepalen, maar helaas is dat een vrij onnauwkeurige maat. Bovendien verschilt het bij kinderen en jongeren per leeftijd en ook tussen jongens en meisjes, wat een gezond BMI is. Vandaar dat het belangrijk is om dan vooral verder te gaan kijken: wat is er thuis precies aan de hand en waar komt het overgewicht door. Houd verder ook goed in de gaten hoe het met het kind zelf gaat, of het lekker in zijn vel zit en hoe het zich ontwikkelt.’

 

Wat merk je of zie je aan een kind met overgewicht?
jongen_overgewicht_buikomvang_meten‘Aan de buitenkant zie je dat kinderen dikker zijn en dat hun kleding niet goed meer past. Kinderen met ernstig overgewicht kunnen soms ook al lichamelijke klachten krijgen, waar soms zelfs al medicatie voor nodig is. Dat betekent dat kinderen echt duidelijk ziek kunnen worden van hun overgewicht. Zelfs ziektes, gerelateerd aan overgewicht, die vroeger aangeduid werden als ‘ouderdomsziekte’ (zoals diabetes type 2) komen nu al voor bij kinderen. Op lange termijn zie je dat kinderen met overgewicht later grotere kans hebben op hart- en vaatziektes, hoge bloeddruk, kanker, verminderd functioneren van allerlei organen (o.a. de lever) en eerder overlijden.

Er zijn trouwens ook andere ziektes, waar kinderen overgewicht door kunnen krijgen. Dat zijn bepaalde erfelijke, aangeboren ziektes, die een hele andere achtergrond hebben. Hun overgewicht hoort dan eigenlijk bij het onderliggende ziektebeeld. Dat komt dan vaak niet door wat ze eten of door te weinig bewegen, maar wel door hun stofwisseling en andere factoren. Vaak hebben kinderen met een dergelijke ziekte ook nog andere lichamelijke of mentale klachten en zitten dan al in een intensief medisch traject. Dat zijn overigens ziektes die veel minder vaak voorkomen.

De uiterlijke en lichamelijke gevolgen zijn eigenlijk maar een deel van de gevolgen van overgewicht voor een kind. Het kind kan ook op andere manieren last hebben van zijn overgewicht. Het merkt bijvoorbeeld dat het minder goed mee kan doen tijdens de gymles of tijdens het spelen met vriendjes. Kinderen met overgewicht zitten vaak niet zo goed in hun vel, worden vaker gepest, trekken zich meer terug en kunnen zelfs een negatieve stemming of depressieachtige klachten ontwikkelen. Ook weten we dat kinderen met overgewicht vaker last hebben van depressieve klachten. Ook op de lange termijn zijn er vaak negatieve gevolgen voor de mentale gezondheid.

Gelukkig kun je veel ongedaan maken. Dat doe je o.a. door de bepaalde gewoontes om te buigen en door meer te bewegen. Dan is er gelukkig nog veel te redden. Al is dat wel makkelijker gezegd dan gedaan, zodra patronen eenmaal ingesleten zijn.’

 

Hoe vaak komt overgewicht voor bij kinderen?
meisje_overgewicht_bij_dokter‘Hoe vaak overgewicht voorkomt, is afhankelijk van de leeftijd, van bepaalde regio’s waar kinderen wonen en van bepaalde landen. Gemiddeld genomen zie je bij ongeveer 10-15% van alle kinderen in Nederland overgewicht en neemt het percentage toe met de leeftijd. Obesitas komt doorgaans voor bij minder dan 5% van alle kinderen; ook dat loopt sterk op met de leeftijd, dus de kans op obesitas wordt groter naarmate je ouder wordt. Tegenwoordig zie je dat overgewicht en obesitas over de algehele populatie toeneemt, dus zelfs bij kinderen.’

 

Wat zijn volgens jou de meestvoorkomende redenen dat het voor ouders nog best lastig is om hun kind een gezond eetpatroon aan te leren?
meisje_overgewicht_eet_toetje‘Wat ouders tijdens het eten doen, dus de regels die ze hebben of wat ze tijdens het eten tegen hun kind zeggen, zijn vaak vaste gewoontes of patronen. Daar spelen ook factoren als stress, tijdsdruk en hun eigen opvoeding in mee. Soms weten ouders ook wel dat ze het beter anders kunnen aanpakken, maar dan vervallen ze toch in een patroon van dingen die minder goed zijn. Je ziet ook dat ouders soms in een vicieuze cirkel met hun kind terechtkomen: het kind doet iets dat niet gewenst is (bijv. het kind kijkt veel tv) en ouders gaan dat verbieden of beperken. Dat maakt dat het kind het juist meer wil gaan doen. Dat is lastig om te doorbreken. We weten dat een negatieve aanpak vaak niet goed werkt. Stimuleren van wat wél goed gaat, werkt veel beter, weten we uit onderzoek.

Ouders kunnen ook andere dingen doen om ervoor te zorgen dat hun kind een gezonde leefstijl of gezond eetpatroon ontwikkelt. Denk maar eens aan samen bewegen, samen gezond eten, samen activiteiten ondernemen, het goede voorbeeld geven en een compliment geven als kinderen iets nieuws proeven. Betrek je kind bij het proces van eten: samen boodschappen doen, samen koken, samen de maaltijd voorbereiden.

Het is goed om met je kind te praten over waarom je bepaalde keuzes maakt, waarom je het belangrijk vindt dat er groente gegeten wordt (bijv. je wordt er sterk / fit / gezond van). Als je alleen tegen je kind zegt dat hij het moet eten omdat het gezond is, dan is dat niet voldoende. Dat komt neer op ‘omdat ik het zeg’ en dat is te dwingend. Het is belangrijk om je kind meer uitleg te geven. Sluit bijvoorbeeld aan bij de belevingswereld van je kind: ‘wat zou jouw idool of superheld eten om gezond of fit te blijven?’.

Praat er al van jongs af aan over met je kind; zelfs met peuters is dat al belangrijk. Als je je kind hierbij helpt, over voeding praat, dan heeft dat een positief effect op wat je kind eet. Als je kind ouder is, kun je je kind steeds meer bij het proces van voorbereiden en koken laten helpen. Tieners kunnen bijvoorbeeld zelf een recept uitzoeken of zelfstandig koken. Op die manier maak je er voor je kind iets positiefs van in plaats van iets dat moet.

Ouders kunnen ook bepaalde valkuilen tegenkomen. Als je kind niet goed eet, dan kun je je daar zorgen over maken. Je bent bang dat je kind te weinig eet en te weinig gezonde voeding binnenkrijgt. Als het kind bij het avondeten niet goed gegeten heeft, dan bieden ouders vaak erna nog wat anders aan, bijvoorbeeld een boterham. Het kind is natuurlijk ook niet gek en weet tijdens het avondeten: ‘zo meteen komt er iets beters, dus ik ga het warme eten nu echt niet eten’.

Het is goed om je te realiseren dat het tijd kost om bepaalde dingen te leren eten. Je moet soms wel 10-15 keer iets proeven om het te leren eten. Gezonde gewoontes aanleren kost nou eenmaal tijd.

Vaak zeggen ouders tegen hun kind ‘eet je bordje leeg’, maar ook dat kun je beter achterwege laten. Als ouder bepaal je namelijk wél wat en wanneer er gegeten wordt, maar het kind bepaalt zelf hoeveel het eet. Daarmee luistert je kind naar zijn eigen honger- en verzadigingsgevoel. Als je kind dat namelijk niet doet, leert je kind niet wanneer het genoeg gegeten heeft. Veel mensen houden daar hun hele leven last van, dat ze niet eten omdat ze honger hebben, maar doorgaan tot het op is.

Het is goed om te weten dat je op verschillende manieren controle kunt uitoefenen op het gedrag van je kind. Dat kan o.a. door middel van ‘overt control’ en ‘covert control’. Overt control is de controle die je expliciet uit en die je kind merkt; als ouder verbied of beperk je je kind om iets te doen. Bij covert control is dat veel minder het geval. Uit onderzoek weten we dat covert control beter werkt; overt control werkt soms niet zo goed. Een voorbeeld hiervan is dat je je kind expliciet verbiedt om niet meer te snoepen (overt control) of dat je het snoep niet in huis haalt, zodat je kind thuis niet kán snoepen (covert control). Het effect is hetzelfde (‘je kind krijgt geen snoep’), maar de aanpak is duidelijk anders, en de resultaten op lange termijn vaak ook.

Het is ook af te raden om eten als straf of beloning te gebruiken. Bijvoorbeeld: ‘als je nu niet naar me luistert, krijg je straks geen toetje’ of ‘als je niet zeurt in de winkel, geef ik je thuis een snoepje’. Met een dergelijke aanpak leg je onbedoeld een relatie tussen emotie en eten en koppel je het eten los van het honger- en verzadigingsgevoel. Hierdoor gaan kinderen toch eten wanneer ze slecht in hun vel zitten, terwijl ze eigenlijk geen honger hebben. Op latere leeftijd zijn dit vaak de stress-eters: zodra mensen stress hebben grijpen ze naar de chips of andere ongezonde dingen.’

 

Wat kunnen ouders concreet doen om hun kind een gezonde leefstijl te bieden? 
meisjes_buiten_sporten‘We weten uit onderzoek dat een vaste structuur aanhouden het makkelijker maakt om nieuwe gewoontes aan te leren. Zo kun je dus het beste een vast moment op de dag aanhouden om fruit te eten en om samen te bewegen. Kinderen varen wel bij structuur; die duidelijkheid vinden ze fijn. Dat maakt het makkelijker om te doen en vol te houden.

Zorg dat je gezond gedrag van je kind stimuleert. Geef je kind bijvoorbeeld een compliment wanneer het iets nieuws proeft. Dan zie je je kind als het ware ‘groeien’.
Je kind eet natuurlijk niet alleen thuis, maar ook op andere plekken, zoals school, opvang, bij opa en oma tijdens het oppassen. Vaak zie je dat in elke context andere afspraken of eetgewoontes gelden. Als de verschillen in aanpak ongunstig voor het kind uitpakken, dan zal het er op de plek waar iets niet mag er tegenin gaan. Voor het kind is het gewoon moeilijker te begrijpen dat het op de ene plek wel en op de andere plek niet mag. Ook voor ouders onderling is het belangrijk om zo veel mogelijk op één lijn te zitten: als het kind van de ene ouder zijn bord moet leeg eten en van de andere ouder hoeft dat niet, dan ondermijn je elkaars gezag en is het voor je kind erg onduidelijk wat nu precies de bedoeling is. Dat werkt niet.

We weten ook uit onderzoek dat wanneer de opvang en ouders qua eetgewoontes niet op een lijn zitten, het kind over het algemeen ongezonder eet. Probeer daarom de gezonde eetgewoontes ook af te stemmen op de andere plekken waar je kind regelmatig is. Dat is in praktijk natuurlijk best lastig, maar wel belangrijk voor je kind. Ga erover in gesprek en probeer op één lijn te komen.

Verder is het natuurlijk belangrijk om het goede voorbeeld te geven. Eet als ouder zelf gezond en zorg dat je voldoende beweegt.

Blijf deze tips volhouden. Het is echt een weg van de lange adem. En wees mild voor jezelf. Niemand maakt altijd alleen maar verantwoorde keuzes, dat hoeft ook niet. Het is als ouder echt niet altijd makkelijk, en het laatste wat je wilt is dat het een obsessie voor jou of je kind wordt.’

 

In de media wordt tegenwoordig regelmatig aandacht geschonken aan gezondheid, leefstijl, overgewicht en je kunt op internet veel tips over dit onderwerp vinden. Zit daar ook wel eens verkeerde informatie tussen?
dieten_diversen‘De eerste mythe, die ik vaak tegenkom, heeft te maken met wat een gezond voedingspatroon precies is. Vooral in de social media komt verkeerde informatie veel voor. Daar is ineens iedereen expert. Er zijn bijvoorbeeld verschillende meningen over hoe je gezond kunt blijven; die worden op social media ineens gepresenteerd als dé waarheid, terwijl dat niet op wetenschappelijk onderzoek gebaseerd is. Dat geldt o.a. voor allerlei diëten en diverse aanpakken. Er is nou eenmaal niet één makkelijke oplossing die voor iedereen werkt. Als dat wel zo was, dan bestond er geen probleem meer op het gebied van overgewicht. Het is goed om kritisch te kijken naar wat er precies gezegd wordt.

Voor professionals is het belangrijk om te blijven kijken naar wat werkt bij dit kind en dit gezin. Er is geen magische of simpele oplossing.

Voor ouders is het belangrijk dat ze zich realiseren dat het gevaarlijk kan zijn om op basis van bepaalde diëten specifieke voedingswaarden weg te laten. Zeker kinderen in de groei hebben nou eenmaal een uitgebreid palet aan voedingsstoffen nodig. Als ze die niet of onvoldoende binnenkrijgen, kunnen ze bepaalde tekorten oplopen waar ze ziek van worden. Alle dieet-hypes, die voorbijkomen, kunnen dan gevaarlijk zijn.
Bijvoorbeeld: als je een specifiek dieet volgt, dan ga je bepaalde voedingsstoffen weglaten. Bij een veganistisch eetpatroon zijn dat bijvoorbeeld zuivelproducten en bij het paleo-dieet eet je zo min mogelijk koolhydraten. Kinderen, die veganistisch of vegetarisch eten kunnen bijvoorbeeld een tekort aan vitamine B12 krijgen; deze vitamine is essentieel voor de aanleg van het zenuwstelsel.

Voor kinderen zul je dus goed moet kijken waar je de ontbrekende voedingsstof mee gaat vervangen. Kijk daar heel goed naar, want alle voedingsstoffen zijn nodig voor kinderen in de groei. Als je iets weglaat, moet je ze vervangen door een ander voedingsmiddel of heb je soms zelfs supplementen nodig om hun voeding op een goede, verantwoorde manier aan te vullen.

Ongeacht het dieet waar je je kind aan wilt houden, zul je dagelijks heel bewust moeten kijken of je kind wel voldoende van alle voedingsstoffen binnenkrijgt. Als je kind geen vlees eet, kun je dat bijvoorbeeld aanvullen met peulvruchten en noten. Een diëtist kan helpen met kijken hoe je kind toch alles binnen krijgt.

Maar vergis je niet: we hebben het nu vooral over de bekende ‘specifieke’ diëten, die veel in de media terechtkomen en waar over het algemeen veel aandacht aan wordt besteed. Daarbij mogen we echter één groep niet vergeten, namelijk de groep mensen die weinig groente en/of veel ongezonde voedingsmiddelen eet. Ook zij missen namelijk een deel van de gezonde voeding. En dat is op dit moment een behoorlijk grote groep. Deze groep haalt de aanbevolen dagelijks hoeveelheid vezels, groente fruit ook niet en missen dus ook belangrijke voedingsstoffen. Het Voedingscentrum adviseert o.a. 250 gram groente per dag, maar dat haalt bijna niemand. Slechts 16% van alle volwassenen eet voldoende groenten en maar 13% procent eet voldoende fruit. Dat advies komt trouwens niet zo maar uit de lucht vallen; dat is gebaseerd op advies van de Gezondheidsraad én wetenschappelijk onderzoek.

kind_overgewichtWat je ook vaak tegen komt, is dat mensen een verkeerd beeld hebben van wat overgewicht precies is en of hun eigen kind overgewicht heeft. Ouders weten soms niet wat een realistisch beeld is van wat het gewicht van een kind zou moeten zijn. Zelfs als hun kind te zwaar is, ziet de meerderheid van de ouders dat niet en ondernemen ze geen actie, met alle gevolgen van dien. Dat zie je vooral bij ouders van jongere kinderen. Bij oudere kinderen zie je soms het omgekeerde: ouders denken dat het kind te zwaar is terwijl dit niet het geval is. Beiden situaties zijn uiteraard zorgelijk.

In het verlengde daarvan zie je ook dat kinderen zelf niet goed weten wat een gezond gewicht is. Zowel jongens als meisjes denken bijvoorbeeld dat ze te dik zijn; dat zie je vooral bij tieners, maar ook al bij leerlingen uit de bovenbouw van de basisschool. Kinderen en tieners zijn al bezig met hun gewicht, met dik zijn en met diëten. De media spelen daar wel een rol in: op basis van filmpjes in de social media of beelden op tv krijgen ze een idee van hoe ze eruit zouden moeten zien. Ze kunnen niet goed inschatten of dat realistisch of zelfs gezond is (of niet).’

 

Wat kun je ouders, die twijfelen over het gewicht van hun kind, adviseren? Welke concrete stappen kunnen zij ondernemen om hun kind te helpen om evt. overgewicht te verminderen? 
‘Als ouders het vermoeden hebben dat hun kind overgewicht heeft, dan kunnen ze een aantal stappen zetten, afhankelijk van de leeftijd van hun kind en de situatie:

vader_geeft_dochter_high_fiveOuders kunnen natuurlijk starten met het toepassen van de tips uit dit artikel. Ze kunnen een begin maken met ‘niet meer verbieden’. Je moet als ouder zeker grenzen stellen, maar het is belangrijk om dat op een positieve manier in te steken. Maar vaak zijn gezinnen als er sprake van overgewicht is dit punt al gepasseerd, en zitten ze in die negatieve spiraal. Het kan dan goed zijn om hulp te zoeken.

Ouders kunnen bij diverse hulpverleners aan de bel trekken. Dat is absoluut geen teken van zwakte; het is juist sterk als je hulp inschakelt wanneer je merkt dat het je zelf niet lukt om de situatie te veranderen. Het consultatiebureau en jeugdgezondheidsarts houden bijvoorbeeld de groei van je kind in de gaten en kan je op dit gebied verder helpen. Ook kun je terecht bij je huisarts, een leefstijlcoach of het CJG.Er zijn dus meerdere mogelijkheden, afhankelijk van de specifieke vraag die je als ouder hebt over je kind.

Realiseer je dat je kind er zélf weinig aan kan doen dat het overgewicht heeft. Op dit moment is het hebben van overgewicht eigenlijk een normale reactie op de omgeving waar we met zijn allen in zitten. Er wordt veel reclame gemaakt voor ongezond eten en we bewegen met z’n allen te weinig. De hele omgeving stuurt dus als het ware in de richting van overgewicht. Dat maakt het ook moeilijk voor een kind om uit zichzelf gezond te eten en genoeg te bewegen. Daar kun je het kind dus niet de schuld van geven, maar je kunt hem wel hulp bieden.’

 

En hoe kunnen ouders dat het beste met hun kind bespreken? 
gezin_dochter_op_bed_chips‘Als je hulp gaat zoeken voor je kind, dan is het goed om dat op een positieve manier met je kind te bespreken. Het is vooral belangrijk om de nadruk te leggen op hoe belangrijk het is om lekker in je vel zitten, om je fijn te voelen in je eigen lijf en om sterk en fit te zijn. Bespreek met je kind hoe jullie er samen voor kunnen zorgen dat je kind weer lekker in zijn vel zit. Dan heb je een heel ander gesprek dan wanneer je aangeeft dat je kind te dik is en daar wat aan moet doen, of dat je kind niet mag gamen of juist moet gaan sporten omdat hij te dik is. Kritiek van je ouders op je gewicht en daardoor een verstoorde relatie heeft op de langere termijn misschien veel negatievere gevolgen dan die paar kilo te veel.

Voorkom dus dat je ingaat op het uiterlijk van je kind. Voor kinderen is dat namelijk absoluut niet fijn. Ze zijn zich er vaak al bewust van omdat ze bijvoorbeeld gepest worden of er opmerkingen van vriendjes over krijgen. Als je er als ouder dan ook nog eens over begint, dan is dat extra vervelend.

Ga er dus wel over in gesprek, ga het onderwerp niet uit de weg, laat het geen taboe zijn, maar let op de formulering die je in de gesprekken met je kind hierover gebruikt. Het is enerzijds belangrijk om het samen te bespreken en anderzijds dat je kind zich niet bekritiseerd voelt. Ga vervolgens samen kijken hoe het weer de goede kant op gaat. Blijf in gesprek met je kind, zonder je kind verwijten te maken en zonder dat je kind het gevoel heeft zich te moeten verdedigen.’

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend.
 Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?
Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
Wist jij dit al over opvoeding en ouderschap…? Uitgebreide interviews met toonaangevende experts.’ 
– ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).
Vind ik niet lekker!‘ (Over jouw rol aan tafel en hoe jij er voor kunt zorgen dat je kind beter eet.)
Ik huil, dus ik snoep‘ – 5 tips om te voorkómen dat je kind een ‘emotie-eter’ wordt.
‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).

jongen_wil_niet_eten_spaghettiAlle kinderen hebben wel eens geen zin om te eten, jouw kind vast ook. En er zijn altijd wel dingen die je kind eet, dus dat is niet meteen een reden om je grote zorgen te maken.

Je ziet wel duidelijke verschillen tussen kinderen: het ene kind eet bijvoorbeeld gezonder, gevarieerder of meer dan het andere. Dat is niet erg, zo lang je kind maar goed groeit, zich goed ontwikkelt en jij je er geen zorgen om maakt. Zodra je kind niet goed groeit, zich niet goed ontwikkelt of jij je er wel zorgen over maakt, dan zorgt dat voor spanningen aan tafel. En die spanningen komen het eten van je kind helaas niet ten goede.

Om ervoor te zorgen dat de kans groter wordt dat je kind beter eet, heb ik 10 basistips voor je op een rijtje gezet. Als je die basistips thuis toepast, dan merk je dat de sfeer aan tafel gezelliger wordt én dat je kind beter gaat eten.

⇒ In dit artikel lees je dan ook mijn 10 basistips, die er samen voor zullen zorgen dat je kind beter gaat eten.

 

LET OP: Deze basistips zijn niet alleen van toepassing op kinderen, die moeilijk of slecht eten, maar zorgen in het algemeen voor een positieve eetopvoeding van kinderen. Ze zijn ook geschikt bij een vegetarische eetopvoeding of als je kind volgens een bepaald dieet moet eten.

(1) Zorg voor vaste eetmomenten. 
gezin_samen_aan_tafel2Het is belangrijk om door de dag vaste momenten te hebben waarop jullie eten. Begin met een ontbijt, neem dan een tussendoortje*, dan volgt de lunch, dan kun je weer een tussendoortje pakken en vervolgens sluit je de dag (op eetgebied) af met de avondmaaltijd.
*: Bij voorkeur een stuk fruit of rauwe groente. Beperkt snoepjes en koekjes tot een ‘soepmoment’ per dag (bijv. tijdens het tussendoortje ’s middags).

Door een vast ritme aan te houden, zorg je ervoor dat je kind regelmatig eet; het eet dus niet de hele dag door of meteen op het moment dat het een beetje trek krijgt of honger heeft. Nee, je kind eet op de momenten waarop je dat als ouder aangeeft.

Hierbij hoort ook dat je de momenten waarop je kind (te) weinig eet, niet gaat inhalen. Bij het volgende eetmoment mag je kind natuurlijk weer gewoon eten, maar niet tussen de aangegeven eetmomenten door.

TIP: Als je merkt dat je kind bij het avondeten nog maar weinig trek / honger heeft, dan heeft je kind door de dag waarschijnlijk al genoeg of misschien zelfs te veel gegeten. Let dan op de portiegroottes van de eetmomenten, die vóór het lastige eetmoment komen. Maak die porties evt. wat kleiner.

(2) Voorkom dat je kind te veel drinkt.

Glass Of WaterVoldoende drinken is belangrijk, ook voor je kind. Maar, als je kind te veel drinkt, dan gaat dat ten koste van zijn eetlust. Dus: als je kind voor het eten te veel drinkt, dan heeft hij minder honger. Zeker als je kind dan ook nog eens graag drankjes met suiker drinkt, want die zorgen voor een groter verzadigd gevoel.

Dit heeft je kind dagelijks nodig aan drinken (volgens het Voedingscentrum)
– Kind van 4-8 jaar: dagelijks 1 tot 1,5 liter drinken (waarvan 300 ml zuivel).
– Kind van 9-12 jaar: dagelijks 1 tot 1,5 liter drinken (waarvan 450 ml zuivel).

Praktische handvaten: 
(A) Wil je de komende tijd goed in de gaten houden of je kind voldoende drinkt? Zet dan ’s ochtends een karaf met water op het aanrecht met de totale hoeveelheid drinken dat je kind officieel nodig heeft. Als de karaf aan het eind van de dag leeg is, dan heeft je kind (bij benadering) voldoende gedronken.

(B) Probeer er zoveel mogelijk voor te zorgen dat je kind tijdens de maaltijden of tussendoortjes gaat drinken (maar ook dan weer niet te veel). Uiteraard zijn er altijd uitzonderingen: bij warm weer of grote lichamelijke inspanning mag je kind natuurlijk meer of vaker tussendoor drinken.

(C) Laat je kind vooral water, (afgekoelde) thee of zuivel drinken. Dat zijn allemaal drankjes zonder (of met een beperkte hoeveelheid) suiker. Dit zijn doorgaans de beste dorstlessers.

(D) Wanneer je het idee hebt dat je kind te veel drinkt of door het drinken te weinig eet, dan kun je het drinken van je kind op het aanrecht laten staan. Daardoor heeft je kind zijn beker niet steeds bij zich en moet hij meer moeite doen om te gaan drinken. Ga op zoek naar een goede balans, zodat je kind voldoende drinkt, maar niet onnodig veel.

 

(3) Eet als gezin zoveel mogelijk samen aan tafel.
gezin_samen_aan_tafelDeze tip ken je waarschijnlijk wel: zorg ervoor dat je als gezin zoveel mogelijk samen aan tafel eet. Alleen is dat vaak helemaal niet haalbaar. Vandaar dat ouders vaak denken: dat gaat ons toch niet lukken, dus laat maar…

Uiteraard is het niet realistisch om te verwachten dat je vanaf nu bij alle maaltijden met het hele gezin aan tafel moet gaan zitten. Als jij (of je partner) overdag werkt, als jullie onregelmatige werktijden hebben of als je (oudere) kind lid is van een muziek- / sportvereniging, dan is het gewoonweg onmogelijk om iedere dag samen aan tafel te zitten. Dat lukt eenvoudigweg niet.

⇒ Als dat bij jullie ook het geval is, zoals bij zoveel gezinnen, dan zit er niks anders op dan om met iedereen, die wel thuis is rond etenstijd, samen te eten.

Het voordeel van ‘samen aan tafel eten’ is dat je op die manier beter de rust kunt bewaren. Als je tijdens het eten namelijk een gevoel van onrust of stress ervaart, dan vermindert je eetlust. Dus ook onrust en stress zijn niet bevorderlijk voor een gezonde eetopvoeding.

TIP: Hebben jullie als gezin een heel druk schema, waardoor jullie bijna nooit samen aan tafel kunnen eten? Ga dan op zoek naar eetmomenten, waarop jullie wél allemaal samen aan tafel kunnen zitten. Spreek af dat er op die momenten niks anders gepland wordt dan jullie eetmoment, zodat jullie er samen voor zorgen dat jullie toch een paar keer per week als gezin samen kunnen eten.

 

(4) Laat alle afleidingen aan tafel achterwege.
kind_huilt_aan_tafel_tabletWat doorgaans dus wel haalbaar is, is om aan tafel te gaan zitten tijdens het eten. Als je de tv aan hebt staan, als je steeds op je telefoon kijkt of als er speelgoed op tafel ligt, dan zorgt dat voor afleiding. En afleiding zorgt er weer voor dat je niet merkt hoeveel je precies eet. Je eet dan meer op de ‘automatische piloot’ en je staat niet stil bij je ‘hongergevoel’.

Vooral kinderen moeten leren om op hun hongergevoel af te gaan om zelf te leren beoordelen of ze nog wat willen eten of dat ze al genoeg hebben gehad. Dat leren ze het beste als ze hun aandacht bij het eten kunnen houden en ze dus niet door allerlei zaken afgeleid worden.

Concreet betekent dat dat je tijdens het eten de tv uitzet en alle apparaten (incl. telefoons) en speelgoed van tafel gaan. Alleen op die manier heb je aandacht voor het eten.

Bijkomend voordeel is ook nog eens dat je op die manier meer aandacht hebt voor elkaar en op die manier samen een gesprek kunt voeren. Want dat is wat je – naast dat iedereen lekker eet – het liefste zou willen bewerkstelligen. Toch…?

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(5) Wennen aan (nieuw) eten kost tijd.

groente_fruit_appelvorm.jpgWist je al dat het soms tot wel 10-15 keer aanbieden kan duren voordat je kind een ingrediënt of gerecht leert waarderen? Dat betekent in de praktijk dat – stel je maakt dat gerecht, dat je kind nu niet lekker vindt, 1x per week – het 10-15 weken duurt voordat je kind het zonder mopperen gaat eten.

Je hebt als ouder dus echt een lange adem nodig om je kind iets nieuws te leren eten of om je kind iets te laten eten wat het nu niet wil eten. Bij sommige ingrediënten of gerechten kan het wat langer duren, bij andere duurt het juist minder lang. In het laatste geval gaat het meestal om zoete of vette voeding.

Kortom: om ervoor te zorgen dat je kind leert om nieuwe ingrediënten of gerechten te eten, blijf je dat gerecht of dat ingrediënt met regelmaat aanbieden. Laat je kind dan ook iedere keer een hapje proeven. Als je de gerechten of ingrediënten, die je kind nu niet lekker vindt, helemaal niet meer aanbiedt en je kind er dus geen hapje van laat eten, dan zal je kind ook niet leren om het toch te eten.

 

(6) Kook voor iedereen hetzelfde. 
aardappel_groente_vlees_op_bord_ei.pngIk hoor vaker van ouders dat het klaarmaken van de warme maaltijd zo veel tijd kost. Niet omdat ze dan één gerecht klaarmaken voor hun gezin, maar omdat ze meerdere dingen klaarmaken, zodat iedereen aan tafel wat kan eten.

Bijvoorbeeld:
Ze maken voor een deel van het gezin een gerecht dat bestaat uit aardappelen, groente, vlees. Maar omdat dochter dat vlees niet lekker vindt, maken ze ook nog een stukje ander vlees klaar. En omdat zoon liever geen gekookte aardappelen eet, maar wel gebakken aardappeltjes, worden er ook nog een paar aardappels gebakken. En omdat papa liever geen bloemkool eet, wordt er ook nog een pan met worteltjes klaargemaakt.

Je begrijpt wel dat je dat als ouder niet alleen enorm veel energie kort om het klaar te maken, maar het zorgt er ook voor dat niemand, die aan tafel zit, leert om met de pot mee te eten. Er wordt met iedereen rekening gehouden. En ik snap heel goed dat je als ouder rekening wilt houden met iedereen, dat je dat met de beste bedoelingen doet, maar het is toch belangrijk om voor iedereen aan tafel hetzelfde klaar te maken. Want alleen op die manier geef je je kind te proeven van iets wat hij nu nog eet en leer je iedereen aan tafel te eten ‘wat de pot schaft’. 

(7) Dwing je kind niet om te eten.
Young Hispanic Family Enjoying Meal At HomeSoms kan een maaltijd zo frustrerend zijn: je wil als ouder zo graag dat je kind een hap proeft van wat je hebt klaargemaakt. Je weet dat het goed en veilig is klaargemaakt en dat er eigenlijk geen reden is om het niet te eten. Toch protesteert je kind en wil je kind het niet. Dat kan voor een groot gevoel van frustratie, boosheid of misschien wel woede zorgen.

Je bent dan misschien wel geneigd om je kind steeds aan te moedigen om een hapje te nemen, om je kind bij de les te houden en steeds op het eten te wijzen. Op een gegeven moment ga je je kind misschien zelfs de hapjes maar weer voeren, terwijl je weet dat je kind het gewoon zelf kan.

Je probeert je kind te stimuleren om toch nog wat te eten. Alleen wordt dat stimuleren al heel snel ‘dwingen’. De grens tussen stimuleren en dwingen is nou eenmaal heel dun. En dwingen werkt helaas averechts. Het kan een negatieve associatie met eten opleveren. Vandaar dat het belangrijk is om het dwingen tijdens het eten ten allen tijde te voorkomen.

In mijn opvoedcoaching zie ik het vaak gebeuren: hoe meer ouders hun kind dwingen om toch nog wat te eten, hoe meer het kind zijn hakken in het zand zet en weigert om nog wat te eten. Als ouder raak je nog meer gefrustreerd en in je achterhoofd blijf je maar steeds horen ‘ze heeft nog niet genoeg gehad’ of ‘hier kan hij toch niet goed op groeien’. En je probeert het nog een keer; wat directiever deze keer. Maar hoe meer jij aandringt, hoe meer je kind protesteert. Jullie zijn in een vicieuze spiraal terechtgekomen…

TIP: Om te voorkomen dat je je kind gaat dwingen om te eten, is het belangrijk om je kind max. 3x per maaltijd aan te moedigen om nog een hapje te eten.

 


GRATIS Online cursus ‘Stop de Strijd aan Tafel’
fb_cursus_stop_de_strijd_aan_tafelIn deze waardevolle online cursus leer ik je in 3 lessen hoe je er als ouder zelf voor zorgt dat je kind gezond, gevarieerd en genoeg leert eten.
Want dat kan echt!
In die 3 lessen leer ik je aan de hand van 10 belangrijke ingrediënten én 15 praktische tips hoe je de strijd aan tafel stopt én hoe je je kind beter laat eten.
Alle tips kun je direct thuis toepassen.
Deze cursus bestaat uit ruim 40 minuten aan videomateriaal; enorm waardevol dus!

⇒ Vraag deze online cursus eenvoudig aan door een mailtje te sturen naar info@aksecoaching. Zet dan ‘Online cursus Stop de Strijd aan Tafel’ in de onderwerpregel. Helemaal GRATIS!


(8) Laat je kind dagelijks voldoende bewegen.
kinderen_buiten_spelen_vliegtuigjeAls je kind actief is, veel lichaamsbeweging heeft en lekker veel buiten speelt, dan is de kans veel groter dat je kind een goede eetlust heeft dan wanneer het een lekker luie dag heeft gehad. Dus voldoende beweging wekt de eetlust op.

TIP: Als je kind nu niet goed of genoeg eet, dan is het goed om de lichaamsbeweging van je kind te vergroten. Denk dan aan minstens een uur van matig inspannende activiteit per dag.

(9) Laat je kind voldoende slapen.
meisje_slaapt_op_knuffelDe relatie tussen eten en slapen wordt in het dagelijks leven vaak weinig gelegd, toch is die duidelijk aanwezig. We weten namelijk dat kinderen, die (te) weinig slapen, meer kans hebben op overgewicht. Te weinig slaap leidt namelijk tot een toenemend hongergevoel.

Door slaaptekort raken hormonen uit balans, waardoor je kind minder duidelijk voelt wanneer hij verzadigd is en wanneer hij honger heeft. Daarnaast heeft je kind meer eetmomenten op een dag als hij minder slaapt, omdat de dag dan eenvoudigweg langer duurt.

TIP: Zorg ervoor dat je kind voldoende slaapt, zodat hij beter aanvoelt wanneer hij verzadigd is en wanneer nog niet.
Is je kind geen goede slaper? Lees dan hier wat je daaraan kunt doen.

(10) Focus op wat er goed gaat aan tafel.
gezin_aan_tafel_tienersAls je kind op dit moment niet goed eet, dan merk je al snel dat dat negatieve gevolgen heeft voor de sfeer en gezelligheid aan tafel. Hoe meer jij bezig bent met het slechte eten van één van je kinderen, hoe groter de kans is dat jij gefrustreerd, boos of kwaad wordt. En jouw negatieve reactie op je kind komt ook de band met je kind niet ten goede.

TIP: Neem een ondersteunende en stimulerende houding aan en focus op wat er goed gaat. Ook je kind dat nu slecht eet, doet dingen aan tafel die wel goed of prettig zijn. Benoem dat, heel concreet en specifiek. Dit geeft je kind zelfvertrouwen en zorgt ervoor dat de sfeer aan tafel goed blijft.

 

Ook jouw kind kan beter gaan eten!
moeder_dochter_samen_bakkenAls je aan deze 10 basisvoorwaarden hebt voldaan, dan ben ik ervan overtuigd dat je kind beter gaat eten. Uiteraard werken deze voorwaarden niet van vandaag op morgen en is het belangrijk dat je er de komende weken 2-3 consequent mee aan de slag gaat.

 

Merk je daarna nog geen of onvoldoende verbetering in het eetgedrag van je kind?
Neem dan contact met me op, zodat we samen kunnen gaan kijken hoe we je kind beter gaan leren eten. Naast deze basisvoorwaarden, die je hierboven las, zijn er veel mogelijkheden om je kind beter te leren eten, minder te laten zeuren over het eten, vaker te laten proeven etc. Zeker als je merkt dat jij en/of andere gezinsleden ook last hebben van de negatieve sfeer aan tafel of het slechte eetgedrag van je kind is het belangrijk om nu actie te ondernemen. Wacht dan ook niet langer en neem contact met me op.

⇒ Jij wilt toch ook dat je kind gezond, gevarieerd en genoeg leert eten?
Onderneem daarom nu actie, in het belang van je kind.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Gebruikte literatuur, websites ed. voor het schrijven van dit artikel: 
– ‘Wat geef ik mijn kind te drinken? (4-13 jaar)’. Voedingscentrum. Klik hier.
– ‘Richtlijn: Voeding en eetgedrag (2013, aanpassing 2017)‘. Nederlands Centrum Jeugdgezondheid. Klik hier.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘Vind ik niet lekker!‘ (Over jouw rol aan tafel en hoe jij er voor kunt zorgen dat je kind beter eet.).
– ‘Mijn kind eet zo slecht. Moet ik me zorgen maken?‘ [Interview met eetexpert drs. Eline de Haan].
– ‘Help, mijn kind is een lastige eter! Wat nu?‘ | 5 do’s & don’ts  (Interview op L1 Radio).
– ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen?‘ (Interview op L1 Radio)
– ‘Laat dat nou! | 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt‘.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

 

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

10 redenen waarom baby’s huilen (en wat je dan kunt doen).

baby_huilt_mamma_troostBaby’s kunnen natuurlijk nog niet met ons praten, maar gelukkig kunnen ze wel met ons communiceren. Dat doen ze door middel van huilen. Het huilen van baby’s heeft een duidelijke signaalfunctie, waarmee ze aangeven ‘er is iets aan de hand’. Het is dan ook belangrijk om op het huilen van je baby te reageren. Zo leert hij dat je er voor hem bent als er iets met hem aan de hand is.

Soms is het nog best lastig om te ontdekken waarom je baby precies huilt. Dat kan dan best een puzzel zijn. Toch zijn het gelukkig niet oneindig veel mogelijkheden en kun je ze in ong. 10 categorieën verdelen. De 10 veelvoorkomende redenen voor het huilen van baby’s heb ik hier voor je op een rijtje gezet. Een aantal van deze redenen ken je vast al, maar ongetwijfeld staan er ook redenen tussen waar jij nog niet bij stil gestaan hebt. Deze lijst kun je heel goed gebruiken om te beoordelen waarom je baby huilt.

⇒ Hier volgen 10 veelvoorkomende redenen waarom baby’s huilen:

 

1. Je baby is moe.
baby_wrijft_in_oogjeWanneer je baby moe is, gaat hij in z’n oogjes wrijven, misschien ook wel gapen. Voorkom dat je baby te moe wordt, let goed op zijn signalen en leg ‘m in z’n bedje, zodat hij lekker in slaap kan vallen. Als je baby te lang huilt als hij moe is, raakt hij steeds meer overstuur en wordt het lastiger om ‘m rustig in slaap te laten vallen.

 

2. Je baby heeft honger.
Four months old babyWanneer je baby honger heeft, maakt hij o.a. kleine smakgeluidjes of gaat hij op z’n knuistjes sabbelen. Je ziet dat hij met zijn mondje gaat ‘zoeken’. Wanneer je dat bij je kindje ziet, weet je dat je baby honger heeft en dat het moment is aangebroken om hem te voeden.

 

3. Je baby is overprikkeld en heeft te veel prikkels gehad.
Als je een drukke, onrustige dag hebt gehad, kan je baby overprikkeld raken. Dat wil niet persé zeggen dat hij op te veel plekken is geweest of te veel mensen heeft gezien, maar meer dat hij er allerlei dingen zijn gebeurd, die hij niet kon voorspellen.
Uiteraard zie je hier duidelijke verschillen tussen baby’s; de ene baby gaat hier beter mee om dan de andere.
⇒ Als je merkt dat je baby onrustig is geworden door het te veel aan prikkels, zorg dan voor meer voorspelbaarheid en regelmaat.

Hieronder lees je ook nog dat je baby kan huilen omdat hij onderprikkeld is, een regeldag heeft, 6-8 weken oud is of huidhonger heeft. Lees gauw verder om precies te weten wat ik hiermee bedoel.

 


ouderschap_baby04

Heb jij vragen over je baby of je prille ouderschap?
Lijkt je baby vaker ontroostbaar of slaapt je baby weinig? Wil je leren welke signalen je baby je allemaal geeft, zodat je goed op zijn behoeftes kunt aansluiten? Heb je andere vragen over je baby of je ouderschap, waar je graag persoonlijk advies van Joyce over zou willen krijgen?
Lees dan hier op welke manier Joyce jou zou kunnen helpen.

Wil je regelmatig nieuws en (realistische) tips ontvangen over zwangerschap, baby’s, de kraamtijd en meer?
Volg dan ‘Blije baby Blije ouders’ op Facebook.


 


4. Je baby is ‘onderprikkeld’ en heeft te weinig prikkels.
baby_huilend_ligt_alleen_in_bed
Stel: Je baby heeft net geslapen, hij ligt nu wakker in zijn bedje en er gebeurt niks. Hij hoort niks en hij ziet niet zoveel. Er is niemand in de buurt om met hem te knuffelen. Dat is een behoorlijk saaie omgeving. Ook baby’s die ontzettend veel in de box liggen (en met wie maar weinig gespeeld wordt), kunnen onderprikkeld raken.

Je baby is vanuit de buik gewend om steeds geluiden te horen, bijv. het kloppen van je hart, het ruisen van het bloed door je aderen en het rommelen van je maag. Vandaar dat een stille ruimte eigenlijk een heel vreemde gewaarwording is voor je baby. Uiteraard zie je ook op dit gebied duidelijke verschillen tussen baby’s; de ene baby gaat hier beter mee om dan de andere.
Vandaar dat je baby ook kan gaan huilen door onderprikkeling.

 

 

5. Je baby heeft een regeldag.
baby_huilend_3
Net als je denkt dat je samen met je baby een mooi ritme hebt opgebouwd, is je baby zomaar ineens onrustig, huilerig en wil hij alleen maar drinken of bij je zijn. Dat zijn momenten waarop je kindje ‘groeit’ en zich ontwikkelt; dat kan een lichamelijk groei zijn, maar ook een mentale. Dat wordt ook wel een ‘regeldag’ genoemd.

Het is normaal dat je kindje op een regeldag meer wil drinken; het heeft dan gewoon meer energie nodig. Als je borstvoeding geeft, gaat je lichaam bij die hogere vraag ‘automatisch’ meer melk aanmaken.
Regeldagen komen op ‘vaste’ momenten na de geboorte voor: rond 9-10 dagen, rond 3-4 weken, rond 3 maanden en rond 6 maanden.

 

6. Je baby heeft pijn.
Je baby huilt wanneer hij pijn heeft. Dan heeft huilen een heel duidelijke signaalfunctie. Je baby geeft dan aan: ‘help me, ik heb pijn, zorg dat de pijn stopt’. Die pijn kan natuurlijk heel divers zijn: het kan variëren van iets onschuldigs (zoals een windje dat dwarszit) tot echte pijn (zoals misknippen bij nageltjes knippen).

 

7. Je baby wil graag bij jou zijn.
baby_bij_mama_huid_op_huid2
Baby’s hebben behoefte aan aanraking en lichamelijk contact. Dat wordt ook wel ‘huidhonger’ genoemd. Daarom wordt zeker kort na de bevalling aangeraden om je baby dagelijks op jouw blote huid te leggen (zg. ‘kangaroeën’).

Ook als je baby wat ouder is, blijft het belangrijk om je baby vaak bij je te pakken en met hem te knuffelen. Dat lichamelijke contact is zelfs essentieel voor een goede ontwikkeling van je kindje. Aangezien de behoefte aan contact van baby’s zo groot is, gaan ze er ook om huilen als ze er behoefte aan hebben. Pak je baby daarom gewoon op en knuffel ‘m. Je hoeft ook niet bang te zijn dat je je baby hierdoor zou verwennen, want dat kan op deze jonge leeftijd nog helemaal niet.

⇒ Je kunt je kind in ieder geval niet verwennen door ‘te veel’ te knuffelen, dus doe dat gerust!

 


baby_ingbakerd_hydrofiele_doek

Workshop ‘Blije baby & Blije ouders’
Joyce geeft regelmatig workshops, waarin ze je leert hoe je op een positieve en fijne manier omgaat met je baby en dan vooral als je baby’tje moeilijk slaapt en/of veel huilt. Deze workshops heten ‘Blije baby & Blije ouders’.

Je leest hier of Joyce deze workshop binnenkort ook bij jou in de buurt geeft.


 

 

8. Je baby is 6-8 weken oud en zit in zijn huilpiek.
baby_huilen_grafiekWat veel ouders niet weten, is dat baby’s na hun geboorte steeds meer gaan huilen. De piek van het huilen is dan rond 6-8 weken na de geboorte (na de ‘uitgerekende datum’ om preciezer te zijn). Na die piek wordt het huilen ook weer geleidelijk aan minder. Dat is het normale verloop van huilen bij baby’s.

 

9. Je baby is geschrokken.
Als je baby plotseling een hard geluid hoort of wanneer je je baby te plots oppakt, dan kan je kindje schrikken. Ook van de schrik kan je kindje gaan huilen.

 

10. Je baby is ziek.
baby_slaapt_bij_mam_op_schouder
Als je baby koorts heeft of als het ziek is, dan voelt het zich niet prettig en gaat het huilen. Ook dan geeft het op die manier aan jou aan dat het je nodig heeft. Als je kindje ziek is, is het goed om ‘m veel bij je te pakken. Het heeft jou dan echt nodig.

 

Je kunt vast ook nog wel andere redenen bedenken waarom je baby huilt, zoals wanneer je baby het te warm of juist te koud heeft. Mijn advies aan ouders is om altijd – in ieder geval even – bij je baby te gaan kijken wanneer hij huilt, al is het alleen maar om te zien of alles in orde is. Zoals uit dit artikel duidelijk mag worden, is er eigenlijk altijd wel een reden voor het huilen van je baby en ben jíj nou eenmaal degene die het probleem voor je baby kan oplossen. Bijkomend voordeel hiervan is dat je baby leert dat jij er voor hem bent en dat jij probeert om hem te helpen. Hij leert dat hij op je kan rekenen als er iets aan de hand is.

 

Heb je het gevoel dat je baby best veel huilt en vrij weinig slaapt?
Lees dan m’n artikel ‘Hoe je in 5 stappen het huilen van je baby vermindert. ‘ met waardevolle achtergrondinformatie en praktische tips over hoe je je baby effectief troost, beter laat slapen en minder laat huilen.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies‘.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Websites of literatuur, die Joyce gebruikte voor het schrijven van dit artikel:
– Wat zijn regeldagen?. Ouders van Nu. Klik hier.

 

Lees meer artikelen van Joyce over gerelateerde thema’s:
– ‘Waarom huilt mijn kindje toch zo? Over: Hoe je huilen bij baby’s vermindert.’ Klik hier.
– ‘Wat je echt moet weten over het huilen, troosten en slapen van baby’s.‘ [Interview met onderzoeker dr. Roos Rodenburg.]
– ‘Wat ze je vooraf niet vertellen over je zwangerschap, bevalling en kraamtijd…‘.
– ‘Ode aan de hydrofiele doek – Waarom juist deze doek zo onmisbaar is als je jonge kinderen hebt.
– ‘Wat zit er in je kolftas?’ – Lijst met onmisbare dingen voor als je buitenshuis gaat kolven.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.
© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

 

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Wat ze je vooraf niet vertellen over je zwangerschap, bevalling en kraamtijd…

zwanger_buik_rood_schoentjesZodra je zwanger bent, gaat er ineens een hele nieuwe wereld voor je open. Je hebt natuurlijk al vaker zwangere vrouwen gezien en misschien al een paar ervaringen van hen gehoord, maar hoe het nou echt is om zwanger te zijn, dat ervaar je pas als je het zelf bent. En pas dan kom je er achter dat er behoorlijk wat dingen zijn, die je van te voren echt niet wist of waar je nog nooit bij stil gestaan hebt…

Ik heb een aantal mama’s gevraagd, waar zij tijdens hun zwangerschap, bevalling of kraamtijd zelf zo verbaasd over waren. Iets wat ze vooraf niet wisten… Iets wat hen vooraf niet verteld was… Naar aanleiding van die vraag kwamen ze allemaal met hun eigen leuke, grappige, ludieke, maar ook serieuze en vervelende ervaringen. Die heb ik voor jou onder elkaar gezet en kun je in dit artikel lezen.

Uiteraard is de kans heel klein dat dit allemaal bij jou gebeurt, maar je krijgt wel een idee van wat er zoal kan gebeuren. En zo weet je ook dat het best normaal is dat het gebeurt. Soms zijn het echt heel vreemde dingen, maar horen ze er wel bij. Ik hoop van harte dat ik je met dit artikel wat kan geruststellen, dat je nóg beter voorbereid bent op wat er allemaal staat te gebeuren en dat er af en toe een glimlach op je gezicht verschijnt van al die ludieke situaties, waar je als aanstaande of kersverse mama zomaar in verzeild kunt raken. Je bent in ieder geval echt niet de enige mama, die het overkomt…

⇒ Laat je me weten welke ervaringen jij herkent of wat jij uit jouw eigen ervaringen nog zou willen toevoegen…? Ik hoor het heel graag.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 


Wat ze me vooraf niet verteld hebben over de zwangerschap…

the_seven_dwarfs_of_pregnancy

– Ik had niet verwacht dat er best wel veel kwaaltjes zijn, waar ik voor m’n zwangerschap het bestaan niet eens van wist.
De mama’s noemden o.a. grote vermoeidheid, kramp in de benen, rusteloze benen tijdens het in slaap vallen, brandend maagzuur, veel meer afscheiding dan anders, schimmelinfectie (vagina), misselijkheid ’s nachts, een zwangerschapsmasker, bandenpijn.

Dat er zoveel mensen ongevraagd aan m’n buik zouden zitten. Waarom doen mensen dat? Je kunt het op z’n minst even vragen…

Dat ik aan het begin van m’n zwangerschap al last had van ‘nesteldrang’. Ik vond het ineens heel nodig dat de plastic plantjes, die we in huis hadden, afgestoft en schoongemaakt werden. Niet iets wat ik normaalgesproken erg belangrijk vind… 😉 Uiteindelijk kwam er nog heel veel meer op m’n ‘to do’-lijstje; en dat moest (!) natuurlijk allemaal af voordat de baby er was. Vond ik toen…

Dat je tijdens je zwangerschap behoorlijk veel last kunt hebben van ‘flatulentie’: windjes laten…

Dat de zwangerschapsmisselijkheid ook ’s avonds kon optreden. Ik dacht dat dat echt alleen ’s ochtends was…

– Dat de zwangerschap niet alleen maar rozengeur en maneschijn is; dat dacht ik van te voren eerlijkgezegd wel, afgaande op alle verhalen en tijdschriften. Je emoties gaan bijvoorbeeld alle kanten op. Je wordt boos of geirriteerd om niks. En als iemand daar iets over zei…

– Dat ik soms emotioneel kon worden zonder reden. Gewoon huilen als je kittens, puppy’s of een kindje op tv voorbij zag komen…

– Dat ik me – na de kwaaltjes van de eerste paar weken – me zo goed zou voelen en lekker in m’n vel zou zitten. Ik was heel blij met mijn mooie, groeiende zwangere buik en kreeg ook veel complimentjes van anderen dat ik er zo goed uitzag en straalde.

– Dat ik discussies kreeg met andere mama’s over wat ik wel en niet kon eten tijdens m’n zwangerschap. Iemand zei dan dat ik iets best kon eten: ‘toen ik zwanger was, heb ik dat gewoon gegeten’ of ‘de alcohol is eruit als het verhit is geweest’. Dat vond ik niet zo fijn…

– Dat het uiteten tijdens m’n zwangerschap niet altijd even handig was. Ik had het idee dat ik steeds alert moest zijn op wat me voorgeschoteld werd. Ik heb zelf steeds trouw de richtlijnen van het Voedingscentrum gevolgd. Thuis eten viel dan weer heel erg mee, want dan maakten we gewoon gerechten die ik met een gerust hart kon eten.

– Dat ik tijdens m’n zwangerschap (maar ook na m’n bevalling) van iedereen tips kreeg. Ook heel ouderwetse: ‘wij deden dat vroeger zo…’. Het was soms nog best lastig om gewoon de adviezen van de verloskundige aan te houden en om me niet te laten leiden door de (goedbedoelde) adviezen van anderen…

zwanger_echo_ziekenhuis

– Dat je bij een (zwangerschaps)echo bij de verloskundige / in het ziekenhuis soms moet springen om de baby goed in beeld te laten komen… Ha, ha!

– Dat de placenta aan de voorkant (in je buik) kan liggen en dat je daardoor de baby helaas niet zo goed voelt bewegen. Ook de vlindertjes, die je helemaal aan het begin kunt voelen (als de baby in je buik beweegt), voelde ik pas veel later… Dat was wel jammer.

– Dat ik soms kon vergeten dat ik zwanger was. Toen ik zwanger was van de 3e, had ik al 2 kinderen rondlopen. Ik kon soms dus – zeker in het begin, maar zelfs nog toen de buik al duidelijk zichtbaar was – helemaal vergeten dat ik zwanger was en dat er nu weer een kindje in m’n buik groeide. Echt raar!

– Dat ik vergat om de auto op een ruimere plek te parkeren, zodat ik – als ik het portier opende – er toch nog enigszins uitkwam… Die inschattingsfoutjes maakte ik ook wel vaker in een smal gangpad of als ik achter iemand aanliep. Gewoon vergeten dat die buik er zat…

– Dat je tijdens de zwangerschap al zoveel voor je kindje moest regelen, zoals wat je allemaal nodig hebt voor de baby, de kraamzorg en de kinderopvang. Je moet daar dan ook samen over nadenken en het er eens over worden. Je moet dingen geregeld hebben op je werk, evt. met je ouders als ze een dagje gaan oppassen. Er komt wat dat betreft best veel op je af.

– Dat ik – naarmate de zwangerschap vorderde – steeds makkelijker werd in het uittrekken van m’n broek of shirt waar anderen bij waren. En dat terwijl ik van mezelf vind dat ik eigenlijk best wel ‘preuts’ ben. Op een gegeven moment maakte me dat gewoon niks meer uit…

– Dat ik met m’n ‘zwangerschapsdementie’ te laat was om me aan te melden voor ‘Moeders voor Moeders’. Ik wist duidelijk dat ik graag mee wilde doen aan ‘Moeders voor Moeders’, maar ik wist niet dat de termijn om je aan te melden ruim vóór 12 weken lag. Bij m’n eerste zwangerschap was ik daardoor helaas te laat. Stom van mij! Dat heb ik bij m’n andere zwangerschappen gelukkig weer ‘ingehaald’.

– Dat je tijdens een zwangerschap heel veel kilo’s kon aankomen… Toen ik ruim 25 kilo was aangekomen, ben ik gewoon gestopt met mezelf wegen. Ik wist nu wel dat ik heel veel was aangekomen… 😉

zwanger_buik_handen

– Dat ik m’n andere kinderen op een gegeven moment niet meer mocht optillen. Ze waren toen 5 en 3 jaar, dus ze waren niet heel klein meer, maar toch nog heel knuffelbaar. Ook even lekker op schoot zitten werd steeds moeilijker naarmate m’n buik groter werd. Ik merkte dat ik dat steeds meer ging missen, want dat ‘even optillen’ of ‘even op schoot zitten’ was voor mij toch even een kort knuffelmomentje.

– Dat zo iets als je ‘glucose’ te hoog kan zijn en dat dat gevaarlijk kan zijn voor je baby. Bij m’n 3e zwangerschap was m’n glucosewaarde te hoog en moest ik – na een ‘heerlijke’ (lees: afschuwelijke) suikertest – m’n suikerinname drastisch verminderen. Daar kon ik me gelukkig vrij goed aan houden – alles voor het goede doel natuurlijk – maar het was niet makkelijk. Ik ben nl. een echte zoetekauw…

– Dat je tijdens je zwangerschap ook ’s nachts vaker naar de wc moet. Je slaapt al niet zo goed met zo’n dikke buik, maar als je dan ook nog eens er uit moet om te plassen, is dat voor je slaap en rust niet zo bevorderlijk.

– Dat er zoveel ‘standaard’ opmerkingen zijn, die ik steeds maar weer van anderen hoorde. Zoals ‘er is er nog nooit een blijven zitten’, ‘geniet er maar van’, ‘hoe is het, nog rond en gezond?’, ‘zit ‘ie nog hoog en droog?’ en ‘weet je al wat het wordt?’. Ik kon er niet altijd meer even vriendelijk en spontaan op reageren…

– Dat mensen heel vriendelijk aan me vroegen hoe het met de baby (in de buik) ging, maar ‘vergaten’ te vragen hoe het met mij ging. Daardoor voelde ik me soms een broedmachine op benen…

– Dat het nog best lastig was om zwangerschapskleren te kopen. Ik had me er op verheugd om samen met m’n moeder gezellig een dagje te gaan shoppen, maar het aantal ‘fysieke’ winkels dat zwangerschapskleding verkoopt, viel echt wel tegen. Bij ons in de buurt was dat alleen de Noppies, H&M en Prenatal. De rest kon ik alleen via internet kopen. Helaas toch minder gezellig om samen te doen…

– Dat het kopen van zwangerschapskleren voor lange mensen echt een ‘crime’ kan zijn. Ik ben zelf vrij lang en ik merkte dat het voor mij best lastig was om goed passende zwangerschapskleren te kopen. Ik heb broeken moeten verlengen; skinnies pasten me gewoon niet. Ook de shirts waren vaak te kort in de rug. Als ik dan een zwangerschapsbroek droeg met een grijze band eraan, leek het net alsof ik ‘oma-ondergoed’ droeg onder m’n ‘te korte’ shirt…

– Dat zo’n klein hummeltje al zoveel spullen nodig heeft. En die staan al allemaal klaar nog voordat ‘ie geboren is.

– Dat alle (nieuwe) babyspulletjes zo duur waren. Net als met het trouwen werd er overal met een ‘factor 2’ gerekend. Dat had ik me vooraf niet gerealiseerd… Dan is het wel heel fijn als je spullen via familie, vrienden of Marktplaats kunt krijgen.

zwanger_buik_streep

– Dat je tijdens je zwangerschap een streep over je buik (boven en/of onder je navel) kunt krijgen. Geen idee dat dat kon gebeuren en dat dat normaal was…
– Dat kussens heel belangrijk voor me waren. Tijdens het slapen gebruikte ik ze op een gegeven moment best veel. En als ik me dan moest omdraaien, moesten al die kussens ook weer opnieuw gerangschikt worden…

– Dat je tijdens je zwangerschap veel last kunt hebben van vocht in je benen en handen, zeker op het eind. Dat voelde voor mij best zwaar aan en leek veel druk te geven. Het advies was dan ook om steunkousen aan te trekken. Nou, probeer dat maar eens met een dikke buik… 😉

– Dat – als je zwangerschap wat verder gevorderd is – je echt niet meer op een normale manier je benen kunt scheren. De buik zit dan gewoon te veel in de weg…

– Dat je buik op een gegeven moment ook in de weg zit als je gewoon iets van de grond wil oprapen. Dan moet je dus helemaal door je knieën. Ik vroeg ook wel vaker m’n kinderen om me even te helpen; gelukkig wilden ze dat meestal wel graag doen.

– Dat je ook echt wel een beetje last kunt krijgen van ‘zwangerschapsdementie’: ik las een heel boek voor de 2e keer, terwijl ik dat totaal niet doorhad. Er was tijdens het lezen geen enkel moment van herkenning…

– Dat je door je verloskundige voor een controle (gewoon voor de zekerheid) naar het ziekenhuis wordt gestuurd en dat je daar dan echt moet blijven. Je hebt geen verzorgingsspulletjes bij je, je hebt je vluchtkoffer nog niet ingepakt, je bent nog totaal niet voorbereid op een bevalling (kleertjes waren nog niet gewassen, geboortekaartjes nog niet uitgezocht, geen afscheid genomen van de huisdieren ed.). Dat was even schrikken…

– Dat het niet altijd handig is om je uitgerekende datum tegen anderen te zeggen. Ik had dat wel gewoon gedaan en kreeg dus op een gegeven moment allemaal berichtjes met de vraag of de baby er nog niet was, of ze nog weg konden in het weekend of ze zeiden: ‘het duurt nu wel lang, he’ of ‘het wordt nu wel heel spanend, he’.

 


ouderschap_baby04

Heb jij vragen over je baby of je prille ouderschap?
Lijkt je baby vaker ontroostbaar of slaapt je baby weinig? Wil je leren welke signalen je baby je allemaal geeft, zodat je goed op zijn behoeftes kunt aansluiten? Heb je andere vragen over je baby of je ouderschap, waar je graag persoonlijk advies van Joyce over zou willen krijgen?
Lees dan hier op welke manier Joyce jou zou kunnen helpen.

Wil je regelmatig nieuws en (realistische) tips ontvangen over zwangerschap, baby’s, de kraamtijd en meer? Volg dan ‘Blije baby Blije ouders’ op Facebook.


 

Wat ze me vooraf niet verteld hebben over de bevalling…

ouders_bevalling_ziekenhuis_arts

– Ik had niet verwacht dat m’n eigen bevalling zo onvoorspelbaar kon zijn. Op zich had ik wel een vermoeden dat een bevalling anders zou verlopen dan in films, maar hoe het dan wél ging, daar kon ik me maar moeilijk een voorstelling van maken. Als het je eerste bevalling is, kun je je er eigenlijk ook niet echt op voorbereiden. Je weet niet hoe je er zelf op reageert, je weet niet hoe je partner reageert, je weet niet precies wat er allemaal om je heen gaat gebeuren. Ik merkte rondom de bevalling dat ik de controle echt uit handen moest geven.

– Dat het gevoel dat je moet poepen betekent dat de baby er aan komt.

– Dat het normaal is om ook echt te poepen tijdens de bevalling.

– Dat het nog best lastig bevallen is als je oor dichtzit… Vlak voor m’n bevalling had ik ineens één oor dicht zitten. Dat had verder niks met m’n bevalling te maken, maar tijdens m’n bevalling had ik dat ook nog, waardoor ik echt minder goed hoorde en harder praatte. M’n man zei achteraf dat de verloskundige tegen iedereen uitlegde wat er aan de hand was. Blijkbaar praatte ik wel heel erg hard…

– Dat het inknippen tijdens je bevalling best mee kan vallen. Ik werd tijdens één van m’n bevallingen ingeknipt. Ik las overal dat dat je daar achteraf veel last van kon hebben, maar dat was helemaal niet het geval. De pijn viel reuzemee, het is netjes geheeld en weer helemaal goed gekomen.

baby_pas_geboren

– Dat je na je bevalling nog niet klaar bent met ‘bevallen’… Toen m’n baby’tje net geboren was, moest natuurlijk ook nog de nageboorte eruit. En dat voelde ik nog best behoorlijk. Ik dacht eigenlijk dat ik klaar was, moest ik toch nog gaan persen… Auw!

– Dat ik ineens klaar was met bevallen, terwijl m’n baby er nog niet was… Vlak voordat m’n kindje geboren werd, wilde ik niet meer. Het ging ineens allemaal zo snel. Ik blokkeerde zo ongeveer. Heel gek! Zeker omdat het niet m’n eerste bevalling was; ik wist toch wat er ging gebeuren…? Toen heeft de gynaecologe echt even op me in moeten praten om vooral toch door te gaan. Gelukkig ging het daarna weer en werd m’n zoontje snel geboren.

– Dat ik kort na de geboorte even aan m’n baby moest wennen. Ik vond m’n baby zo kort na de geboorte helemaal niet zo mooi of schattig. Ik vond het echt een verfrommeld wezentje met allemaal viezigheid en bloed op zich. Toen m’n baby’tje wat meer ‘uit de plooi’ was en lekker schoon, vond ik het al snel de schattigste baby ter wereld. 😉 Maar dus echt niet meteen vanaf het begin…

– Dat je van het ziekenhuis ineens met z’n drietjes naar huis rijdt en dat je tegen je partner zegt: ‘We kregen ‘m gewoon mee naar huis.’ Toen realiseerde ik me pas echt dat ik mama geworden was…

– Dat je na de bevalling met je kersverse kindje in de auto naar huis rijdt en dat jij ineens – à la Hyacinth Bucket – overal voetgangers ziet oversteken (‘mind that pedestrian, dear…’) en je je partner iedere seconde maant om nu toch echt eens wat rustiger te rijden. Het angstzweet klotste in m’n oksels. Ik was zo bang dat we onderweg een ongeluk of zo zouden krijgen. Dat korte, allereerste ritje naar huis was zo ongeveer het meeste spannende ritje dat ik ooit in onze eigen auto heb beleefd…

 


baby_ingbakerd_hydrofiele_doek

Workshop ‘Blije baby & Blije ouders’
Joyce geeft regelmatig workshops, waarin ze je leert hoe je op een positieve en fijne manier omgaat met je baby en dan vooral als je baby’tje moeilijk slaapt en/of veel huilt. Deze workshops heten ‘Blije baby & Blije ouders’.

Klik hier om te lezen of Joyce binnenkort een workshop bij jou in de buurt geeft.


 


Wat ze me vooraf niet verteld hebben over de kraamtijd…

ouders_baby_kraamverzorgster_kraamtijd

– Dat de eerste paar nachten, waarin je je baby moet voeden, qua vermoeidheid eigenlijk best te doen waren. Maar daarna – aangezien de baby best een lange tijd ’s nachts gevoed wil worden – is het zo ontzettend vermoeiend. ‘Moe zijn’ was echt even een andere dimensie. Dat had ik me niet gerealiseerd!

– Dat het belangrijk is om te rusten tijdens de kraamtijd. Tenminste, dat advies kreeg ik natuurlijk van alle kanten. Alleen: Hoe dan? Wanneer dan…? Er is op zich natuurlijk niks mis met het advies, maar in praktijk – zeker in de weken na de kraamtijd – is het behoorlijk lastig op te volgen.

– Dat je met een duf hoofd omdraait in de slaapkamer en dat je schrikt dat daar een baby’tje ligt. En dat dat van jou is!

– Dat je borsten al beginnen te lekken (of spuiten!) nog voordat je je baby aangelegd hebt.

– Dat als je tijdens je bevalling te veel bloed hebt verloren, je dan nog meerdere dagen erna heel rustig aan moet doen. Ik moest verplicht heel rustig aan doen van m’n kraamverzorgster; zo min mogelijk traplopen en zo veel mogelijk in bed blijven. Naar de badkamer lopen was al een ware uitputtingsslag. In het begin vroeg ik ook aan m’n kraamverzorgster of ze er voor de zekerheid bij kon blijven als ik ging douchen, voor het geval ik van m’n stokje zou gaan…

– Dat je de kraamtijd niet perse rozengeur en maneschijn is. Voordat ik ging bevallen, had ik een heel rooskleurig idee over hoe het zou zijn wanneer de baby er was. Als je echter te vroeg bevalt, als er tijdens de bevalling iets gebeurt of als je kindje te licht (of te groot) is bij de geboorte, dan gebeurt er daarna van alles met jou en je kindje dat je niet echt kunt voorzien. Dat kan soms best heftig en beangstigend zijn. Daardoor was de kraamtijd voor mij helaas niet echt een rose wolk…

– Dat we minder met ons baby’tje konden knuffelen dan we vooraf hadden gedacht. Onze baby werd te vroeg geboren en moest dus in de couveuse liggen. Dat betekende ook dat we ons kindje (relatief) heel weinig mochten vasthouden. Uiteraard in het belang van haar, maar dat stel je je van te voren toch heel anders voor.

– Dat je – zodra het kindje er eenmaal is – zo weinig tijd hebt in een dag.

– Dat je verwacht na de bevalling weer ineens je onafhankelijke, fitte zelf te zijn. Oh boy, was I wrong! Na een week moest ik een klein stukje naar de stad rijden en terug; daar moest ik serieus de rest van de dag van bijkomen…

– Dat je vaker ’s nachts wakker wordt, badend in het zweet. Zo erg, dat je het liefst meteen het hele bed wil verschonen. (Dit wordt trouwens ‘nachtzweten’ genoemd.)

moeder_baby_borstvoeding

– Dat de borstvoeding in het begin – tijdens de eerste paar dagen – echt heel erg pijnlijk aanvoelde bij het aanhappen. Ik moest dan ong. een minuut op m’n tanden bijten, rustig uitademen en dan was het weer over. Jeetje, wat was dat een vervelend gevoel, zeg! Gelukkig werd dat ook weer minder en was dat na een tijdje helemaal weg.

– Dat het ook mogelijk is om geen kraamtranen te krijgen na de bevalling. Ik wist dat je kraamtranen kon krijgen na de bevalling. Bij alle drie m’n kinderen zat ik er dan ook op te wachten (en de kraamverzorgende met mij), maar ze zijn totaal niet gekomen. Ik vond het zo opmerkelijk om te ervaren dat ik dus geen kraamtranen heb gehad. Ik wist niet dat dat óók kon.

– Dat er zo iets bestaat als ‘kraamwanen’ (*): je staat onder de douche en je hoort je baby’tje huilen. Zodra je het water uitzet, is het huilen ‘spontaan’ voorbij. Heel gek! 😉
(*) Nee hoor, niet echt, want dit is geen officiële term; maar door dit zo te noemen weet je wel wat ik ongeveer bedoel… Je hoort iets dat er helemaal niet is.

baby_poep_in_luier

– Dat je baby echt al heel behoorlijk kan poepen, ook als ze nog heel klein zijn. En als ze dan flink poepen, kan het zo maar eens voorkomen dat ze gewoon overal poep hebben, zelfs tot in hun nek. En dan is het handig dat je weet dat je een romper naar beneden kunt uittrekken, en dat het dus helemaal niet over het hoofdje uit hoeft…

– Dat je het gevoel krijgt dat je geleefd wordt door allerlei instanties. Mijn agenda was nog nooit zo vol met afspraken met de gynaecoloog, kinderarts, consultatiebureau, verloskundige, bloedprikken. En daar kwamen ook nog regeldingetjes bij als verzekering, geboortekaartjes etc. O ja, en je hebt ook nog een huishouden en er komt allerlei kraamvisite. Dan zijn de dagen met de kraamhulp ineens heel snel voorbij…

– Dat je soms het gevoel hebt dat de muren op je afkomen en dat je blij bent dat je weer eens naar buiten kunt.

– Dat je bang kunt zijn om te poepen. Ik was in de dagen na m’n bevalling heel bang om te poepen. Ik had een totaalruptuur gehad en was bang dat ik alle hechtingen – door alle extra druk – kapot zou duwen. Gelukkig kreeg ik extra vezels zodat de ontlasting niet te hard werd. Maar het heeft echt even geduurd voordat ik weer zonder vrees kon poepen…

– Dat je zo gewend bent aan je dikke buik, dat je ook na de bevalling nog steeds zo beweegt alsof je baby er nog zit. Ook nu je buik steeds kleiner wordt, kun je af en toe nog raar zitten om je sokken en schoenen aan te trekken. Oh wacht, nu kan het weer op een gewone manier…

– Dat je na je bevalling na veel nabloedingen kunt hebben. Die worden – als het goed is – natuurlijk steeds minder. Maar om het bloed goed op te vangen, heb je wel speciaal maandverband. Gewoon maandverband is te klein of te snel vol door die hoeveelheid bloed, die je nu verliest. Dus ook al denk je van te voren: ‘dat kraamverband doe ik écht niet om’… Je merkt al gauw dat het toch gewoon handiger is om het maar wel om te doen… En dan heb je ook nog eens zo’n mooi ‘netbroekje’ erbij om aan te doen. Charmant! 😉

 

En nog een paar andere dingen in de categorie ‘dat hebben ze me van te voren niet verteld…’:

moeder_baby_zittend_laptop

– Dat je begrijpt waar het gezegde ‘zo zacht als een babyhuidje’ vandaan komt.

– Dat de belangstelling van de buitenwereld per kind afneemt. Bij het eerste kindje is iedereen heel benieuwd, krijg je veel kaartjes en veel kraamvisite. Naarmate je meer kinderen krijgt, wordt dat steeds minder. Raar, maar (helaas) waar…

– Dat je op één arm je kindje vasthoudt om te wiegen of te voeden en dat je met je andere hand probeert je warme – nou ja, zeg maar lauwe – eten probeert op te eten…

– Dat je iets in je armen houdt en dat je er – op de automatische piloot – mee staat te wiegen. Maar dat je baby dus in de box ligt…

– Dat een traphekje vaak handig is, maar niet altijd. Op een avond had ik m’n handen vol met allerlei dingen én had ik m’n baby vast. Ik moest naar beneden om snel een paar spullen te gaan halen (er was er nl. eentje ziek geworden), maar toen kreeg ik het traphekje niet open…

– Dat je ENORM trots kunt zijn op zo’n klein kindje, bijvoorbeeld als je baby’tje voor het eerst zelf het speentje in de mond doet.

– Dat je het leuk vindt om naar de supermarkt te gaan, alleen al om met je baby te pronken.

– Dat het echt moeilijk is om de eerste kleertjes, die te klein geworden zijn, weg te doen.

– Dat je naar je werk gaat en er ineens ‘onverklaarbare’ witte vlekken op je shirt of trui zitten… En die ontdek je natuurlijk pas vlak voor of tijdens die ene belangrijke vergadering…

– Dat je pas op je werk ontdekt dat je – in alle hectiek van de ochtend – maar één oog hebt opgemaakt…

– Dat je baby al veel sneller kan omrollen dan jij denkt. En dan rollen ze dus ook zo maar ineens van het bed af… (Help!!)

– Dat de eerste keer seks na de bevalling best spanend is. Ik had nog altijd wel het idee dat m’n ‘onderkant’ moest herstellen. Dat was niet heel fijn dus. Ik moest er echt weer even aan wennen.

– Dat je je kindje ’s nachts gevoed hebt en je hem teruglegt in zijn bedje. Oei, daar ligt al een baby. O ja, je hebt een tweeling…

moeder_kolven_ontspannen_benen_omhoog

– Dat ‘melk kolven op je werk’ voor collega’s best een dingetje kan zijn. Toen ik na m’n verlof weer aan het werk ging, moest ik de melk voor m’n zoontje kolven. Sommige collega’s trokken echt vieze gezichten wanneer ze de gekolfde melk in de koelkast zagen staan (de melk moet nou eenmaal gekoeld bewaard worden). Terwijl ik de melk in goed afsluitbare potjes deed en die dan ook nog eens in een aparte plastic bak bewaarde. Er kon dus absoluut niemand in aanraking komen met die melk en lekken was nagenoeg onmogelijk. Toch was het idee alleen al vrij lastig voor sommigen om mee om te gaan…

– Dat als je een nieuwe bril gaat kopen, ze je die liever niet verkopen omdat de sterkte van de bril niet goed te bepalen is binnen 9 maanden na de bevalling…

– Dat het gezegde ‘9 maanden op, 9 maanden af’ niet echt opgaat. Maak er maar 15 maanden van. Of 23…

– Dat het – ook een hele tijd na de bevalling – nog altijd niet handig is om te niezen op het moment dat je heel erg naar de wc moet…

moeders_babys_picknicken

Dankjewel aan alle mama’s, die met me mee dachten over dit thema. Samen hebben we behoorlijk wat ludieke en serieuze onderwerpen in de categorie ‘dat zeggen ze je van te voren niet’ bij elkaar verzameld.


Ontbreken er volgens jou nog thema’s, die echt onder deze categorie vallen?

Laat me dat dan vooral weten. Zet jouw bijdrage onder deze post of zet het in een mailtje (info@aksecoaching.nl), dan voeg ik het anoniem voor jou toe.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

 
joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 


Lees meer artikelen van Joyce over gerelateerde thema’s:

– ‘Waarom huilt mijn kindje toch zo? Over: Hoe je huilen bij baby’s vermindert.’ Klik hier.
– ‘Wat je echt moet weten over het huilen, troosten en slapen van baby’s.‘ [Interview met onderzoeker dr. Roos Rodenburg.]
– ‘Ik ga in het ziekenhuis bevallen en neem mee…?’ Een lijst met onmisbare dingen voor in je vluchtkoffer.‘.
– ‘Ode aan de hydrofiele doek – Waarom juist deze doek zo onmisbaar is als je jonge kinderen hebt.
– ‘Wat zit er in je kolftas?’ – Lijst met onmisbare dingen voor als je buitenshuis gaat kolven.’ Klik hier.
– ‘Borstvoeding geven, kolven en werken: Hoe was dat voor mij? (Een persoonlijk verhaal)’. Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 
© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

 

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching –Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.


Wist jij dit al over opvoeding en ouderschap…? Uitgebreide interviews met toonaangevende experts.

Er wordt al jarenlang veel wetenschappelijk onderzoek gedaan naar opvoeding, ouderschap en kinderen. Het is natuurlijk ontzettend belangrijk dat dat gedaan wordt, want ondanks dat we al veel over deze thema’s weten, is er ook nog veel dat we niet weten.

Ik vind het persoonlijk erg belangrijk om in mijn werk als opvoedcoach & psycholoog uit te gaan van informatie, die gebaseerd is op wetenschappelijk onderzoek. Daardoor weet ik dat de adviezen, die ik ouders geef, goed werken als ze naar behoren worden uitgevoerd.

Daarnaast zie ik helaas nog te veel adviezen, die misschien wel goed aanvoelen (zg. ‘opvoedmythes’), maar waarvan niet aangetoond is dat ze daadwerkelijk werken op de manier zoals ouders graag zagen dat ze werken. Je wil heel graag voorkomen dat dergelijke adviezen averechts uitpakken, waardoor je als ouder nog verder van huis bent…

Ik zag dan ook graag dat de informatie uit wetenschappelijk onderzoek zo veel als mogelijk bij de ouders zelf terechtkwam. Hier draag ik dan ook graag mijn steentje aan bij. Dat doe ik o.a. aan de hand van het interviewen van onderzoekers en experts; dat zijn allemaal professionals met een universitaire achtergrond. In de interviews vraag ik de professionals niet alleen naar uitgebreide achtergrondinformatie, maar ook naar praktische tips, die je als ouder thuis meteen kunt toepassen. In 2019 ben ik gestart met het interviewen van onderzoekers en experts.

Om je er een mooi overzicht van te geven, heb ik nu alle interviews voor je in deze blogpost verzameld. Zo zie je in één oogopslag welk artikel voor jou het meest relevant is. Zodra ik weer een nieuw interview heb gehouden, zal ik deze post uiteraard updaten. ⇒ Dus scroll snel naar beneden om het artikel met dat thema uit te zoeken, waar jij graag meer over wilt weten.

Ik wens je veel leesplezier en natuurlijk veel mooie inzichten!

Met vriendelijke groet,
dr. Joyce Akse

P.s.: Ondersteun jij ook het idee om zo veel mogelijke wetenschappelijke kennis en inzichten over opvoeding & ouderschap bij ouders ‘thuis’ te krijgen?
⇒ Deel dan dit artikel, zodat ook de ouders en opvoeders uit jouw vriendenkring deze informatie kunnen lezen én er thuis mee aan de slag kunnen gaan. Alvast ontzettend bedankt hiervoor! 


.

meisje_leest_in_boek(9) NIEUWHeeft mijn kind dyslexie of niet? Wat je er als ouder of leerkracht over moet weten‘ (1-8-2020)
Interview met drs. Kim Huiskamp; Regionaal Instituut Dyslexie.

(8) ‘Overgewicht bij kinderen: Wat is het precies en wat kun je er aan doen?‘ (1-7-2020)
Interview met dr. Jessica Gubbels; Universiteit Maastricht.

vader_praat_met_zoon(7) ‘Heeft mijn kind autisme of niet? Wat je er als ouder of leerkracht over moet weten.‘ (1-10-2019)
Interview met drs. Stephanie Voncken – Spierts; MosaLira.

(6)Wat je echt moet weten over het huilen, troosten en slapen van baby’s.‘ (1-9-2019) 
Interview met dr. Roos Rodenburg; Universiteit van Amsterdam.

(5)Samen opvoeden na scheiding: Hoe doe je dat?‘ (1-8-2019) 
Interview met dr. Inge van der Valk; Universiteit Utrecht.

(4)Als je de balans kwijt raakt. | Hoe houd je alle ballen in de lucht zonder stress?‘ (1-7-2019) 
Interview met drs. Agathe Hania-Akse; Expeditie Werkplezier.

moeder_dochter_lachend_bij_elkaar(3) ‘Mijn kind eet zo slecht. Moet ik me zorgen maken?‘ (1-6-2019) 
Interview met drs. Eline de Haan; SeysCentra.

(2) ‘Wat vertel je je kind als het een dierbare verliest?‘ (1-5-2019)
Interview met dr. Mariken Spuij; Universiteit Utrecht

(1) ‘Ruzie tussen broers en zussen: Zo los je het op!‘ (1-4-2019)
Interview met dr. Kirsten Buist; Universiteit Utrecht

 


Ken jij een onderzoeker of professional, expert op een gebied binnen opvoeding & ouderschap, die ik echt zou moeten interviewen?
Laat me dat dan weten. Je kunt via deze link contact met me opnemen


 

 

joyce_rosegrijs_staand_cOpvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie (Facebook).


Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

logo_akse_coaching_klein_nieuw
Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

 

 

Welke afspraken maak je met je kind of tiener over gamen en telefoongebruik?

kinderen_gamen_op_grond‘Je kind* vindt haast niks leuker dan spelletjes doen op de tablet, op jouw smart phone of op jullie computer. En als hij even niet aan het gamen is, dan gaat hij wel appen met vrienden. Het liefst is hij er iedere vrije minuut mee bezig. Gek word je ervan.
Natuurlijk weet je kind ook wel dat hij niet continu kan gamen of appen, maar hij probeert het wel. Als jij zegt dat hij ermee moet stoppen, bijv. omdat hij huiswerk moet maken of omdat jullie gaan eten, dan leidt dat steevast tot flinke discussies. Nou ja, eerst reageert hij helemaal niet op je verzoek. Als je voet bij stuk houdt, reageert hij brutaal en pas een hele tijd later voldoet hij onder luid protest aan je verzoek: hij komt aan tafel. Gelukkig maar. Alleen is de sfeer aan tafel dan wel om te snijden. De spaarzame momenten, waarop jullie met jullie gezin samen kunnen zijn, worden er zo niet gezelliger op…’
* Kind en/of tiener.

 

jongen_gamet_onder_dekenOp zich is er helemaal niks mis mee als je kind gamet of vaker in de weer is met een smart phone. Zoals je vast wel weet, staan of vallen deze activiteiten met de afwisseling met andere activiteiten. En daar zit vaak precies het probleem; niet voor jou, maar voor je kind. Je kind is namelijk zo bezig met die ene game (‘nog één level’ / ‘ik ben er bijna!’) of lekker aan het appen met vriend(inn)en (‘ik moet dit gesprek echt even afmaken’ / ‘ik ben zo klaar!’) dat het de tijd helemaal vergeet en niet meer aan die andere dingen denkt. Andere dingen als huiswerk maken of eten zijn dan echt niet meer belangrijk…

Zoals hierboven in het voorbeeld aangehaald werd, gaat het stoppen met gamen of ophouden met de telefoon vaak gepaard met discussies. Je kind zal vast ook wel eens tegen jou gezegd hebben: ‘ik mag hier ook nooit wat’, ‘anderen mogen altijd veel langer op de WII / Playstation / smart phone’, ‘ik ben de enige die zijn telefoon niet mee naar z’n kamer mag nemen’, ‘ik heb de telefoon ook nodig voor m’n huiswerk’ of ‘al mijn vrienden hebben wel al een eigen telefoon’. En als de discussie nog even verder gaat, dan merk je al gauw dat je kind gefrustreerd is, boos wordt of brutaal tegen je doet.

 

⇒ In dit artikel wil ik je graag tips aandragen over hoe je die discussies kunt verminderen en hoe je kunt voorkómen dat het apparaatgebruik echt problematisch wordt.
Onderaan het artikel lees je ook nog eens wat ‘problematisch apparaatgebruik’ precies is. 

 


(1) Maak duidelijke afspraken met je kind.

meisje_kijkt_op_smartphone_liggendHoe ouder je kind wordt, hoe groter de kans dat je kind wil gaan gamen, appen ed. Ook jonge kinderen vinden het vaak heerlijk vinden om filmpjes te kijken of spelletjes te doen op de tablet of telefoon van papa of mama. Dat is niet erg.

Alleen is het wel belangrijk dat je daar als ouder wel grenzen aan stelt. Om die grenzen goed te kunnen bewaken, is het belangrijk om duidelijke afspraken met je kind te maken. Die afspraken maak je niet alleen voor je peuter of met je schoolgaande kind, maar ook met je tiener. En dan ook nog eens met de nadruk op ‘met’.

moeder_dochter_gesprek_aan_tafelVooral bij tieners is het belangrijk om de afspraken samen te maken en niet alleen maar op te leggen (uiteraard mag je als ouder wel de beslissende stem hebben, maar zorg ervoor dat je kind zich op z’n minst gehoord voelt). Ga daarom samen met je kind om tafel zitten en pak zijn weekplanning erbij. Zodra je met je kind in kaart gebracht hebt, hoeveel tijd hij realistisch gezien over heeft om te kunnen gamen, appen ed., maak je de duur concreet. Dat kan ook best per dag wat verschillen.

Uiteraard is het goed om in je achterhoofd te houden dat je kind de resterende tijd niet alleen maar hoeft te vullen met gamen, appen ed. Er zijn nog altijd genoeg andere dingen die je kind ook nog kan doen op een dag. De afwisseling met die andere activiteiten is juist zo belangrijk!

Hier lees je welke duur aangeraden wordt per leeftijdsgroep (door MediaOpvoeding.nl):
baby_papa_kijken_naar_tablet– tot 2 jaar: 5 min. per dag samen tv-kijken en een paar keer per week samen surfen;
– 2 – 4 jaar: 5 à 10 min. per keer, tot max. 30 min. per dag;
– 4 – 6 jaar: 10 à 15 min. per keer, tot maximaal 1 uur per dag;
– 6 – 8 jaar: max. 1 uur per dag, verdeeld over periodes van max. 30 min.;
– 8 – 10 jaar: max. 1 à 1½ uur beeldschermtijd per dag;
– 10 – 12 jaar: max. 2 uur beeldschermtijd per dag;
– 12 jaar en ouder: max. 3 uur beeldschermtijd per dag.
Uiteraard zijn deze indicaties niet in steen gebeiteld en is het niet erg als je kind een keer wat meer achter een beeldscherm zit; een andere keer is het nl. ook wel eens minder. Dit overzicht geeft jou als ouder wel meteen een goede indicatie van hoe het er op dit moment met jouw kind voorstaat.

=> Zit je kind nog binnen de geadviseerde schermtijd? Prima. Houden zo!
=> Zit je kind langer dan de geadviseerde schermtijd achter een beeldscherm? Dan is het tijd om actie te ondernemen, o.a. door duidelijke afspraken te maken.

Het maken van afspraken gaat niet alleen maar om wanneer je kind wel mag gamen of wel op zijn telefoon mag kijken; het is ook goed om af te spreken wanneer je kind dat niet mag.

Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat je kind niet mag gamen of op zijn telefoon mag kijken:
(1) Tijdens het eten
(2) Als hij in bed ligt om te (gaan) slapen
(3) Als hij zijn huiswerk maakt (of je spreekt af dat hij dan alleen die apps mag gebruiken die hij daadwerkelijk nodig heeft om zijn huiswerk goed te kunnen maken. De meldingen van de andere apps zet je dan uit).
Uiteraard gelden deze afspraken niet alleen voor je kind, maar ook voor alle andere gezinsleden… 😉

 

 


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(2) Houd je aan de gemaakte afspraken.
meisje_stiekem_op_telefoon_moederAfspraken maken is één ding, maar je hebt alleen wat aan een afspraak als je je er ook daadwerkelijk aan houdt. Sommige kinderen houden zich direct goed aan dergelijke afspraken. Andere kinderen gaan uitproberen wanneer een afspraak precies geldt (en wanneer niet), hoe ze een afspraak kunnen oprekken, wat ze kunnen doen om er onder uit te komen etc. Het is op zich geen probleem dat kinderen dat gaan proberen, het hoort er allemaal bij, maar het kan wel voor de nodige discussies zorgen. Zelfs zo’n discussies dat de gezellige sfeer in huis ver te zoeken is.

Maar goed, ook al ontstaat er onenigheid of discussie over een afspraak, het is toch belangrijk om je ook dan nog steeds aan de afspraken te houden. Anders leert je kind dat hij ‘alleen maar’ boos, gefrustreerd, brutaal of verongelijkt op jou hoeft te reageren en de afspraak verandert al.

Kortom, als je afgesproken hebt dat je kind per dag één uur spelletjes mag spelen op de computer, dan is het ook echt één uur.
Let op: Vooral in het begin is het belangrijk om je strikt aan jullie afspraken te houden. Een uur duurt dan ook echt 60 minuten en geen 58 of 63. 😉 Als je merkt dat je kind zich er goed aan houdt en de afspraak na een tijdje nog maar weinig discussies of ruzies oplevert, dan mag je de teugels natuurlijk best eens laten vieren.

⇒ Houd jij je echter niet aan jullie afspraak, dan is de afspraak nog maar weinig waard en had je ‘m net zo goed niet hoeven te maken…

jongen_laptop_weggetrokkenZoals ik hierboven al aangaf, kunnen er wel best heftige discussies ontstaan als je kind moet stoppen met gamen. Om die te voorkomen, is het goed om je kind 5 minuten voordat de tijd om is, even te ‘waarschuwen’. Je hoeft dan alleen maar te zeggen: ‘nog 5 minuutjes en dan is de tijd om. Begin dus maar met afronden.’. Zorg er wel voor dat je kind je hoort als je dit tegen hem zegt; het is het beste om naar je kind toe te gaan en even een hand op zijn schouder te leggen. Als je dan ook nog eens zijn naam noemt, weet je zeker dat je kind je hoort. Dit kun je één minuut voordat de tijd om is, nog eens herhalen. Als de tijd helemaal om is, dan zeg je dat duidelijk. Je mag dan verwachten dat je kind de tablet, computer of telefoon uitzet en evt. aan je meegeeft (of op een plek legt waar hij op dat moment niet is). Daarna kan hij iets anders gaan doen.

Als je kind heftig protesteert of brutaal wordt, dan is het belangrijk dat jij rustig blijft. Je herhaalt gewoon de afspraak en blijft voet bij stuk houden. Als je alle stappen van hierboven hebt doorlopen, weet je dat je kind precies weet wat de bedoeling is (want dat hebben jullie allemaal uitvoerig met elkaar besproken) en dat er geen reden is om boos te worden. Herhaal de afspraak nog eens en zeg tegen je kind wat het hem kan opleveren (zie ook punt 3).
Is je kind vaker brutaal tegen je? Lees dan ook eens m’n artikel ‘Doe het lekker zelf!’ | Wat je kunt doen als je kind brutaal tegen je is.’.

 

(3) Bedenk samen gepaste consequenties.
moeder_dochter_mag_niet_op_telefoonDe volgende stap is ook onmisbaar: als je kind zich onverhoopt niet aan de afspraak houdt, dan zal er een consequentie moeten volgen. Het gaat dan altijd om een passende consequentie, die je op zeer korte termijn kunt toepassen; dat zijn consequenties die iets te maken hebben met het gedrag waar de afspraak over gaat.
Bijvoorbeeld: ‘Als je kind zich vandaag niet aan de afspraak houdt m.b.t. gamen, dan mag hij morgen niet gamen.’

De meeste ouders weten goed hoe ze deze consequenties kunnen bedenken en toepassen. Ook bij het bedenken van de gevolgen van het ‘niet aan de afspraak houden’ is het echter goed om je kind te betrekken. Kinderen kunnen soms met verrassende consequenties komen; consequenties waar je zelf nog niet aan gedacht had, maar die toch bijzonder goed kunnen werken.

gezin_op_bed_apparatenEchter, er is nog een andere manier om ervoor te zorgen dat je kind zich aan jullie afspraken houdt. En dat is door je kind een extraatje te geven als hij zich een groot deel van de week aan jullie afspraken heeft gehouden (in de eerste week kan dat 4 van de 7 dagen zijn, de tweede week 5 van de 7, in de derde week 6 van de 7 dagen). Het beste is om samen een extraatje te bedenken waar je kind ook echt warm voor loopt; hij wil er dus echt voor werken om dat te krijgen. Het liefst zoek je het dan in een extraatje dat jullie samen kunnen doen én dat niks tot weinig kost.

Bedenk je maar eens wat je kind graag samen met jou doet. Dat kan iets zijn als samen een fietstocht maken, samen picknicken in het bos, naar een grote speeltuin of bioscoop gaan, logeren bij een neefje / nichtje dat wat verder weg woont etc. Maar het kan ook een extraatje zijn dat je bij jullie thuis kunnen organiseren, zoals een filmavond met z’n 2-en, waarbij je kind de film mag uitzoeken. Laat ook hier je kind weer meedenken over mogelijke opties. Zo’n extraatje heeft namelijk het grootste effect als je kind er graag voor wil werken.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 


(4) Zorg dat je kind andere leuke activiteiten heeft. 

kinderen_jeugdorkest_les_jeunesOm te voorkómen dat je kind steeds meer of langer gaat gamen of met zijn telefoon in de weer is, is het belangrijk dat je kind genoeg andere activiteiten heeft om zich mee bezig te houden. Daardoor leert hij hoe hij zich ook op een andere manier kan bezighouden.

Zeker als je kind nog op de basisschool zit, maar ook nog op een latere leeftijd, is het goed om samen na te denken over hobby’s. Wat vindt je kind leuk om te doen? Waar loopt hij warm voor? Als je kind het lastig vindt om dat zelf te bedenken, kun je altijd eens langsgaan bij een aantal sport- of muziekverenigingen om te gaan kijken wat ze precies doen; misschien mag je kind zelfs een keertje meedoen.

Voor oudere kinderen wordt het namelijk steeds belangrijker om ergens bij te horen. Het sociale contact met leeftijdsgenootjes is daarin ontzettend belangrijk. Dat kun je natuurlijk via de telefoon bewerkstelligen of door contacten te leggen met anderen binnen een game, maar als je lid bent van een sport- of muziekvereniging dan heb je dat contact vrij gemakkelijk IRL (= ‘in real life’).

 


(5) Toon interesse in wat je kind online doet. 

moeder_gamet_met_zoon_bankHet blijft belangrijk dat je als ouder weet waar je kind mee bezig is. Dat geldt niet alleen voor jonge kinderen, maar ook voor tieners. Daarbij wil je als ouder graag weten waar je kind ‘in real live’ is en met wie hij dan afspreekt, dus waarom zou je dat niet willen weten als hij ‘online’ is? Ook dan is het belangrijk dat jij als ouder op de hoogte bent van wat je kind daar allemaal doet.

Ga dan ook eens bij je kind zitten en kijk met hem mee. Toon dan vooral interesse in wat hij aan het doen is, hoe hij bepaalde dingen moet doen, hoe hij verder kan komen etc. Probeer zijn game te begrijpen of vraag eens hoe een bepaalde app, die je kind ook gebruikt, werkt. Voorkom dat je hem gaat veroordelen of dat je kind het idee heeft dat je het allemaal maar niks vindt.
Kortom, toon oprecht interesse in de online activiteiten van je kind.

 


Als gamen problematisch wordt… 

Er komen steeds meer mensen die gameverslaafd zijn, zowel onder jongeren als onder volwassenen. Een gameverslaving lijkt op een gokverslaving. Men is zo bezig met het gamen dat andere aspecten van het leven ondergesneeuwd raken. Dit wordt ook ‘compulsief gamen’ genoemd. Compulsief gamen leidt o.a. tot afhankelijkheid, preoccupatie met het gamen, verstoring van relaties en matig functioneren op school of werk.

Problematisch gamen komt bij 3% van de basisschoolleerlingen en bij 4% van de leerlingen in het voortgezet onderwijs voor; bij jongens komt het veel vaker voor dan bij meisjes. In het basisonderwijs heeft 5% van de jongens en 1% van de meisjes problematisch gamegedrag. In het voortgezet onderwijs gaat het om respectievelijk 7% en 1%.

Symptomen, die duiden op problematisch game-gedrag zijn o.a. het moeilijk vinden om te stoppen met gamen, slaaptekort door gamen, zich onrustig of geïrriteerd voelen als er niet gegamed kan worden en het liever gamen dan tijd met anderen doorbrengen.

In de praktijk blijkt dat echt problematische gamers, die in hun puberteit vastlopen op dat gedrag, helemaal opnieuw moeten leren om leuke ervaringen op te doen in het gewone leven.

Bronnen: NJi, MediaOpvoeding.nl.


 


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel: 
– ‘Kind aan de smartphone? Zes tips om daar als ouder mee om te gaan.’ [ https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/kind-aan-de-smartphone-zes-tips-om-daar-als-ouder-mee-om-te-gaan~bda2ef92/ ]
– ‘Gamen’. [ https://www.nji.nl/nl/Databank/Cijfers-over-Jeugd-en-Opvoeding/Cijfers-per-onderwerp/Gamen ]
– Hoe zorg ik dat mijn kind minder gaat gamen? (6 jr) [ https://www.mediaopvoeding.nl/vragen/_/vraag/hoe-zorg-ik-dat-mijn-kind-minder-gaat-gamen/%5D

 


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Klik hier.
– ‘Mijn kind kan niet zonder zijn smart Phone. – Hoe je het smart phone-gebruik van je kind in goede banen leidt.’ Klik hier.
– ‘Zit nou toch NIET stil! – Over: Hoe je je kind stimuleert om MEER te bewegen.’ Klik hier.
– ‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

Ruzie over de opvoeding: Zo los je het op!

Couple having dispute in front of their upset daughter sitting in kitchen at home‘Waren jullie het maar wat vaker eens over de opvoeding van jullie kinderen… Jullie kinderen zijn nu 12 en 9 jaar en al van jongs af aan lijken jullie het nergens over eens te worden. Als jij verzucht dat je graag wil dat ze wat beter naar je luisterden, dan zegt hij ‘ach, laat ze toch, het is belangrijk dat ze een eigen mening hebben.’. Als hij om 20.00 uur tegen de kinderen zegt: ‘zo, zullen we samen een film kijken?’ dan ontplof jij zo ongeveer, want jij hebt het liefst dat ze iedere avond lekker op tijd in bed liggen. ‘Het is toch vakantie…’, hoor je hem nog zeggen. Je loopt dan maar gauw even naar de keuken om te voorkomen dat jullie er weer woorden over krijgen. Je weet dat het niet goed is om ruzie te maken waar de kinderen bij zijn, maar het lijkt wel alsof je het steeds moeilijke kunt verkroppen. Het lijkt wel alsof jullie ideeën over de opvoeding steeds verder uit elkaar komen te liggen. Het zou zo fijn zijn als jullie op dit gebied wat meer op één lijn lagen!’


Alle ouders herkennen het wel: je partner en jij zijn het niet eens over bepaalde aspecten van de opvoeding.
Dat komt in elke relatie voor en dat is heel normaal.

Voor je kinderen is het ook niet erg als jullie het niet over alles eens zijn; dat begrijpen kinderen echt wel. Ze weten ook dat niet iedereen hetzelfde is en dat mensen anders over iets kunnen denken.

Echter, wat je echt graag wil voorkomen, is dat jullie heftige ruzies maken, waar de kinderen bij zijn. Als je merkt dat dat toch wel vaker op de loer ligt, dan is het goed om dat eens rustig met elkaar te bespreken. Alleen op die manier kun je meer begrip voor elkaars situatie krijgen, kun je verwachtingen naar elkaar uitspreken én kun je duidelijke afspraken met elkaar maken. Want dat heb je wel nodig als je ruzies over de opvoeding wil voorkomen.

 

⇒ In dit artikel geef ik je 5 stappen, die je de komende tijd vaker kunt doorlopen om meer overeenstemming en wederzijds begrip te krijgen in jullie manier(en) van opvoeding.

 

STAP 1: Denk na wat je zelf belangrijk vindt in jouw manier van opvoeden.
vrouw_schrijft_in_boekje_koffie_telefoonIedereen heeft ideeën over de opvoeding van zijn kind(eren). Sommige ideeën zijn heel duidelijk en bewust, andere liggen wat meer onder de oppervlakte. Maar die zijn er natuurlijk ook. Dat merk je bijvoorbeeld als je iemand anders ziet omgaan met zijn/haar kind. Als je zo’n situatie observeert, dan vind je er iets van, daar voel je iets bij. Soms kun je het daar helemaal mee eens zijn of zelfs denken ‘hoe doen ze dat toch?’ of ‘kon ik dat ook maar zo…’; in andere situaties zie je ouders op hun kind reageren op een manier waar je helemaal niet achter staat en zoals je zelf nooit met je kind om zou willen gaan. En dan heb je natuurlijk nog situaties waarin jezelf op je kind reageert, waarin je tevreden bent over jezelf óf waarin je totaal niet tevreden bent over jezelf…

⇒ Schrijf van al deze situaties eens een aantal voorbeelden op voor jezelf. Wanneer dacht je ‘kon ik dat ook maar’ (welke reacties van ouders op hun kind vind je fijn of effectief, kun je achter staan) en wanneer dacht je juist ‘die aanpak past niet bij mij’ (welke reacties van ouders op hun kind vond je onprettig of leken jouw ineffectief, kon je niet achter staan). Als je de voorbeelden voor jezelf hebt opgeschreven, loop je ze allemaal nog eens langs. Als je goed oplet, kun je er waarschijnlijk een rode draad in ontdekken. Benoem die rode draad en formuleer ‘m expliciet voor jezelf. Zo kun je er achterkomen wat je zelf belangrijk vindt in hoe jij het liefst je kinderen wil opvoeden. Je partner doorloopt deze aanpak natuurlijk ook.

Misschien kom je er zo wel achter dat je een heel andere opvoedstijl hebt dan je partner. Daar lees je in dit artikel meer over.

 


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind dat niet goed slaapt, eet of naar je luistert? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(2) Je kunt het niet altijd met elkaar eens zijn. 
man_vrouw_in_gesprekZoals je ook wel weet, kun je het niet altijd met elkaar eens zijn. Hoe graag je dat misschien wel zou willen, dat lukt je niet. Accepteer dat ook.
Het is dus echt niet erg om er andere ideeën over de opvoeding van je kind op na te houden dan je partner. Het is echter wel belangrijk om dat van elkaar te weten én om afspraken met elkaar te maken over hoe jullie daar mee om gaan.

Ondanks dat je het niet over alles eens kunt zijn, is het wel goed om het eens te worden over een aantal basisonderwerpen. Als je kind namelijk weet waar jullie als ouders voor staan en wat jullie belangrijk zijn dan geeft dat duidelijkheid, vertrouwen en een gevoel van veiligheid.

Dat zijn onderwerpen als:
–  Luisteren: Wat doen we als ons kind niet naar ons luistert? Praten we eerst met hem (zodat hij het opnieuw kan proberen), geven we hem meteen een waarschuwing (zodat hij weet wat er gebeurt als hij het nog eens doet) of geven we hem dan direct straf?
–  Slapen: Wat verwachten we van ons kind rondom het slapen? Hoe laat brengen we hem naar bed? Wat doen we als hij niet wil gaan slapen? Wat doen we als hij ons ’s avonds roept? Wat doen we als hij ’s nachts wakker wordt? Leggen we hem dan bij ons in bed of troosten we hem even maar blijft hij wel in zijn eigen bed?
–  Eten: Wat verwachten we van ons kind rondom het eten? Eten we allemaal samen? Eten we aan de eettafel of ergens anders? Hoe laat eten we ongeveer? Blijven we na het eten op elkaar wachten totdat iedereen klaar is of mag iedereen van tafel zodra hij zelf klaar is met eten?

⇒ Als je het over deze onderwerpen eens kunt worden en als je je er beiden goed aan houdt, dan scheelt dat dagelijks veel strubbelingen én levert het je kind veel duidelijkheid op.

 


(3) Ga op zoek naar jullie overeenkomsten.

gezin_pratend_op_bankAls ouders hebben jullie (min.) één gezamenlijk belang: jullie willen allebei het beste voor jullie kind(eren). Dat is meteen jullie grootste overeenkomst. Het is belangrijk om dat goed voor ogen te houden.

Als je van elkaar weet wat je belangrijk vindt in de opvoeding, dan kun je doorgaans ook beter begrip voor elkaar opbrengen. Je begrijpt dan waarom de ander zo reageert zoals hij/zij dat doet. Uiteraard is het wel belangrijk om elkaar te wíllen begrijpen en dat je je openstelt voor opvattingen die anders zijn dan die van jou. Meestal is het niet zo dat één van jullie 100% gelijk heeft; doorgaans ligt de waarheid in het midden…

Als je beiden op zoek gaat naar waar je het samen eens over kunt worden, waar je op de gulden middenweg uit kunt komen én waar je je moet aanpassen aan de wens van je partner, dan ben je al een heel eind. Ook in jullie opvoedaanpak zul je namelijk op sommige punten water bij de wijn moeten doen.

 


(4) Ga met elkaar in gesprek 

man_vrouw_koffieUiteraard is het belangrijk om onderwerpen zoals de opvoedaanpak goed met elkaar te bespreken. Soms doen ouders dat al voordat ze kinderen hebben, maar ook als je al kinderen hebt, is het verstandig om dit thema vaker de revue te laten passeren.

Ga daarom eens rustig tegen over elkaar zitten, pak een lekker kopje koffie / thee erbij en geef elkaar om de beurt de tijd om zijn/haar eigen verhaal te doen. Tijdens dit gesprek mag je aangeven wat je zelf belangrijk vindt in de opvoeding van jullie kinderen. Vertel eens over hoe je je eigen opvoeding ervaren hebt en wat je daar fijn of vervelend aan vond. Wat wil je graag van je eigen opvoeding overnemen en wat juist niet? Je kunt tijdens zo’n gesprek nog met elkaar bepreken hoe je je kind(eren) over 10 jaar voorstelt: wat zijn het dan voor personen geworden? En hoe zou jij er als ouder aan bij willen dragen dat ze de beste versie van zichzelf worden? Welke onderdelen in jullie opvoeding kunnen daar volgens jou aan bijdragen?

Bespreek tijdens jullie gesprek ook één situatie (per gesprek), die je zelf lastig of moeilijk vindt. Dus in welke situatie vind jij het zelf lastig om op een goede, positieve manier op je kind te reageren. Vraag aan je partner hoe hij in die situatie zou reageren en waarom hij het op die manier zou aanpakken.

Omdat het om een gevoelig onderwerp gaat en je graag wil voorkomen dat de emoties hoog oplopen, is het belangrijk om een duidelijke structuur aan te houden in het gesprek. Om elkaar steeds de tijd en ruimte te geven om je eigen verhaal te doen, kun je het beste werken met een timer. Die zet je bijv. steeds op 2 of 3 minuten per beurt. De een begint te praten; de ander stelt zich in die tijd alleen maar luisterend op. Zo lang de een vertelt, is de ander stil en reageert niet (in ieder geval niet inhoudelijk).

Dat betekent niet alleen dat je een luisterende houding aanneemt, je partner aankijkt en inhoudelijk niks zegt, maar ook dat je niet non-verbaal gaat reageren. Je gaat dus ook niet zuchten of met je ogen rollen als je iets hoort waar je het niet mee eens bent of waar je je al tijden aan ergert. Luister zo onbevangen en open mogelijk.

Tijdens zo’n gesprek is het belangrijk om je steeds te verplaatsen in je partner. Probeer de standpunten, ideeën en gedachten van je partner te begrijpen en veroordeel ze niet.

Zodra het belletje van de timer gaat, wisselen jullie van rol en is de ander aan de beurt om zijn verhaal te doen. Als jullie je beiden aan deze gespreksafspraken houden, dan heb ik er alle vertrouwen in dat het een prettig en leerzaam gesprek gaat worden.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 

(5) Maak duidelijke afspraken met elkaar.
gezin_baby_mama_kijkt_papa_laptopOok als je het niet met elkaar eens bent over het omgaan van een specifieke opvoedsituatie, kun je duidelijke afspraken met elkaar maken. De afspraak moet duidelijk zijn voor jullie beiden; jullie moeten je er beiden aan kunnen houden.

Eén van de afspraken, die jullie samen kunnen maken, is dat wanneer één van jullie een lastige situatie heeft met jullie kind, dan handelt die persoon ook de situatie helemaal af. De ander komt er dus niet tussen en bemoeit zich er niet mee. Ook al ben je het op dat moment misschien totaal niet eens met de aanpak van je partner, je zegt er niks over, je reageert er niet op (ook nu weer niet non-verbaal). Je laat het dus helemaal aan je partner om de lastige opvoedsituatie op te lossen.

Als je het lastig vindt om op zo’n moment niet te reageren, loop dan rustig naar een andere ruimte. Zo kun je letterlijk afstand nemen van de situatie. Dat voorkomt dat je op dat moment onenigheid krijgt over de situatie en misschien wel over jullie verschillende opvoedaanpak waar de kinderen bij zijn. Dat wil je namelijk ten allen tijde voorkomen.

Uiteraard is het wel goed om er op een later (rustig) moment op terug te komen en het er dan wel samen over te hebben. Dat kun je bijv. doen als de kinderen in bed liggen of als ze niet thuis zijn. Doe dat dan ook op de manier zoals hierboven beschreven, zodat de kans op conflicten of een heftige ruzie klein is.

 


banner_joyce_coaching_verticaal⇒ Komen jullie er toch niet naar tevredenheid uit? Kunnen jullie samen onvoldoende overeenstemming bereiken
over jullie opvoedaanpak? En merk je dat de lastige opvoedsituatie blijft bestaan?
Dan kan dat een goede reden zijn om advies in te winnen bij een opvoedcoach. Een opvoedcoach zal o.a. navragen wat er precies gebeurt tijdens die lastige opvoedsituatie(s) waar jullie op dit moment samen niet uitkomen. Wellicht is één van jullie aanpakken inderdaad handiger dan de andere, of zijn aspecten van beide aanpakken goed om toe te passen of is er zelfs nog een hele andere manier waarop je het beste met die lastige opvoedsituatie(s) kunt omgaan. Misschien is het dus niet een kwestie van de ene of de andere aanpak volgen, maar juist om de aanpakken op een slimme manier te combineren of om een 3e aanpak – waar jullie je beiden in kunnen vinden – uit te rollen. Een opvoedcoach zal samen met jullie een plan van aanpak opstellen; een aanpak waar jullie je beiden grotendeels in kunnen vinden en achter kunnen staan. Dat laatste vind ik persoonlijk erg belangrijk; dat is m.i. namelijk een belangrijke voorwaarde om het plan van aanpak ook in praktijk / bij jullie thuis te laten slagen.

Wil je weten hoe ik je hierbij kan helpen? Klik dan hier.

 


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij als eerste Joyce’ waardevolle OpvoedTips ontvangen? 
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding ontvang je het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als welkomstcadeau. Ook helemaal gratis en vrijblijvend.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel:
– ‘Ouders niet op één lijn‘. J/M Ouders.
– ‘Oneens over opvoeding: In een vaste bedtijd gelooft hij niet.’ RTLNieuws.


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Klik hier.
– ‘Laat dat nou! | 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt.’ Klik hier.
– ‘Doorbreek het taboe: Opvoeden is niet altijd leuk en makkelijk.’ Klik hier.
– ‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier.
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

logo_akse_coaching_klein_nieuw

 

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

‘Mijn kind eet zo slecht. Moet ik me zorgen maken?’ [Interview met eetexpert drs. Eline de Haan]

Joyce Akse maakt een serie artikelen, waarin ze onderzoekers interviewt over hun eigen onderzoek. Het doel van deze serie is om resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vertalen naar praktische tips voor ouders, waar ze thuis direct mee aan de slag kunnen. Deze thema’s hebben natuurlijk te maken met het ouderschap, met opvoeding en/of met de ontwikkeling van kinderen (0-12 jaar). 

jongen_wil_niet_eten_broccoli


Als je kind slecht eet, kun je je daar als ouder grote zorgen over maken.
Als het een keertje voorkomt natuurlijk nog niet zo zeer, maar wel als het vaker gebeurt of als het van kwaad tot erger lijkt te worden. De strijd aan tafel met je kind is alles behalve gezellig. En jij wil zo graag dat je kind goed eet. In het ideale geval zag je natuurlijk het liefst dat je kind gezond en gevarieerd at, maar de laatste tijd ben je al blij als je kind íets binnenkrijgt. Hoe zorg je er nou voor dat je kind beter gaat eten? Wat kun je dan doen en wat beter niet? En wanneer moet je je echt zorgen gaan maken? Wanneer zet je je zorgen om in actie?

⇒ In dit artikel geeft Eline de Haan (behandelcoördinator bij SeysCentra en cognitief gedragstherapeut VGCt) antwoord op deze veelvoorkomende vragen van ouders.

 


Eline, je bent expert op het gebied van eetproblemen / voedselweigering bij kinderen. Hoe ben je bij dit onderwerp gekomen en wat spreekt jou er persoonlijk zo in aan? 

‘Ik heb orthopedagogiek gestuurd aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Tijdens mijn stage kwam ik voor het eerst in contact met het behandelcentrum. Toen daar later een vacature vrijkwam als behandelaar heb ik direct gesolliciteerd. Wat mij aansprak aan SeysCentra was het gedragstherapeutisch werken en het heel intensief met het kind en ouders bezig zijn. Daar ligt echt mijn hart.

Eerst werkte ik in het team zindelijkheidsproblematiek. Later werd ik behandelcoördinator op onze locatie in Malden (bij Nijmegen), waar wij kinderen met een selectieve/restrictieve voedselinnamestoornis (afgekort vanuit het Engels met ARFID) behandelen. ARFID is een relatief nieuwe diagnose in de DSM-5, het handboek voor de classificatie van psychische stoornissen. Vanuit SeysCentra behandelen wij deze kinderen. Dat deden we al ver voor de nieuwe term ARFID bekend werd.

Het mooie van het thema vind ik dat voeding en eten zo’n basale onderdelen van ons bestaan zijn. Het gaat echt om de eerste levensbehoefte. Daarnaast is het natuurlijk een essentieel onderdeel van ouderschap om je kind te kunnen voeden. Dat maakt dat we zowel nauw met de kinderen als hun ouders samenwerken. De cliënten, die bij SeysCentra komen, hebben een leeftijd van 2 tot 18 jaar.

meisje_wil_niet_eten5We zien o.a. kinderen, die problemen hebben met slikken of kauwen, die weinig interesse hebben in eten, die een sensorische overgevoeligheid hebben (bijv. ze vinden structuren, smaak, temperatuur, consistentie of geur van voeding zeer onprettig en/of niet te verdragen), die bang zijn voor mogelijk negatieve gevolgen van eten (bijv. verslikken, stikken, braken, buikpijn krijgen). De kinderen die wij zien, eten of weinig in hoeveelheid of heel erg selectief; een combinatie van beide komt ook voor.

Vaak zie je dat kinderen vanaf de geboorte al moeite hebben met voeding: ze hebben aan de beademing gelegen, ze hebben altijd moeite met voeding gehad, ze waren te vroeg geboren en/of te licht bij de geboorte, ze hadden last van ernstige reflux en/of een vertraagde maagontlediging (waardoor de voeding langer dan normaal in de maag blijft). Hierdoor ontwikkelt het kind een grote weerstand en/of angst voor voeding en het eten ervan. Uiteraard kunnen er ook andere oorzaken zijn dat kinderen ‘problematische eters’ worden; daarover hieronder meer.

Ik werk niet alleen met de kinderen zelf maar vaak ook met hun ouders. We leren dus niet alleen de kinderen om op een andere manier te eten, maar ook hoe de ouders anders om kunnen gaan met hun nu nog problematisch etende kind. Het direct kunnen werken met het kind én zijn ouder maakt mijn werk zo bijzonder en mooi.’

 


eline_de_haan
‘In het artikel ‘Mijn kind eet zo slecht. Moet ik me zorgen maken?’ is gedragswetenschapper Eline de Haan aan het woord. Momenteel werkt ze als behandelcoördinator bij SeysCentra in Malden. Eline heeft Pedagogische Wetenschappen gestudeerd aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en is cognitief gedragstherapeut VGCt.

SeysCentra is gespecialiseerd in de behandeling van ARFID (selectieve/restrictieve voedselinnamestoornis) en zindelijkheidsproblematiek. Hun aanpak is altijd op maat en seyscentra_logoin samenspraak met ouders. Het streven is om vanuit kennis en ervaring het probleem zo goed mogelijk te behandelen. De behandeling is wetenschappelijk onderbouwd en effectief bij kinderen en jongeren, met en zonder verstandelijke beperking.’


 

Alle kinderen maken wel eens een periode door, waarin ze niet zo goed eten. Meestal komt het dan binnen afzienbare tijd wel weer goed, waarna het kind weer beter eet. Toch kunnen ouders zich dan al behoorlijke zorgen maken. Wat zijn in jouw ogen de meest voorkomende redenen waarom kinderen een periode niet goed eten?

jongen_huilt_tijdens_voeren_moeder‘De belangrijkste reden waarom kinderen slechter gaan eten is de ‘peuterpuberteit’. Als kinderen 2-3 jaar zijn, treedt ‘autonomie-ontwikkeling’ op. Ze leren dan o.a. om ‘nee’ te zeggen, dat ze iets anders kunnen vinden dan hun ouders, dat ze invloed uit kunnen oefenen op hun omgeving en daarbij ook keuzes willen maken. Op het gebied van eten merken ze dat ook: ze bepalen zelf wat ze in hun mond stoppen. Dat hoort trouwens allemaal bij een gezonde, normale ontwikkeling; het gaat dus om kinderen die in de basis ‘goede eters’ zijn. Bijna alle kinderen maken zo’n fase door.

Tijdens de peuterpubertijd zegt een kind vaak nee tegen van alles; het gaat dan niet per se om het eten. Belangrijk is dan om niet te veel een strijd van het eten te maken. Uiteraard is het als ouder wel belangrijk om duidelijke kaders te schetsen. Je kunt je kind bijvoorbeeld keuzes geven binnen de grenzen die jij aangeeft. Daar horen dus ook goede afspraken bij. Soms kun je je kind zelf laten kiezen, maar niet altijd.

Ook bij oudere kinderen, die slechter gaan eten, kan het meer ontwikkelen van autonomie een rol spelen. Ze hebben dan bijv. bij een vriendje gezien dat er thuis vegetarisch wordt gegeten, waardoor ze zelf ook gaan nadenken over het eten en bijv. minder / geen vlees meer gaan eten. Kinderen willen hierin zelf keuzes maken. Ook dit hoeft niet zorgelijk te zijn.’

 

Als kinderen niet goed eten, zijn ouders al vrij snel ongerust en proberen ze hun kind te stimuleren om toch wat te eten. Wat vinden ouders in zo’n situatie het lastigste of moeilijkste? Zijn er ook dingen die ouders – onbewust– ‘verkeerd’ aanpakken, waardoor ze onbedoeld de kans groter maken dat hun kind slechter blijft eten of nóg slechter gaat eten?

jongen_walgt_van_soep‘Ouders vragen vaak aan hun kind: ‘Waarom vind je het niet lekker?’ en proberen dan iets aan het eten te veranderen, waardoor het kind het wellicht lekkerder vindt. Op die manier ga je te veel aandacht richten op het eten en bevestigen dat het mogelijk niet lekker is. Het ‘lekker vinden’ is eigenlijk niet zo belangrijk, maar een kind kan wel leren dat eten niet zo onprettig is als van tevoren voorgesteld wordt.

Andere ouders blijven hun kind maar stimuleren om toch nog wat te eten (bijv. blijven aansporen, ‘eet nou eens door’, ‘neem nog een hapje’). Dat heeft op een gegeven moment helemaal geen effect meer.

Ook eten ‘verstoppen’ (bijv. broodbeleg tussen brood) kan averechts werken. Vooral als je kind ineens totaal onverwacht iets in zijn eten vindt dat hij niet lekker of prettig vindt. Je kind kan daar echt van schrikken, hij raakt het vertrouwen in zijn eten kwijt. Hij dacht dat het eten veilig was, maar dat blijkt niet zo te zijn.

Het is dus belangrijk om open en eerlijk te zijn over het eten dat je je kind geeft. Bied het vooral aan zoals het er uit ziet. Dan leert het kind ook de smaak beter kennen.

Ook onderhandelen komt aan de eettafel vaak voor, alhoewel het niet echt een handige strategie is. Beter is het om je kind een gekaderde keuze te geven: als jij graag wil dat je kind min. 5 boontjes eet, dan vraag je ‘wil 5 of 7 boontjes?’. Je kind zal dan waarschijnlijk 5 boontjes kiezen. Stel ook vooral eisen waarvan je weet dat je ze als ouders kunt volhouden. Denk hierbij in kleine stappen.’

 

Eetstoornissen komen de laatste tijd steeds vaker in beeld door diverse programma’s op tv. Die bewustwording is natuurlijk hartstikke goed. Een mogelijk nadeel zou kunnen zijn dat ouders zich sneller zorgen maken over dat hun kind mogelijk een eetstoornis ontwikkelt. Kun je aangeven welke factoren kunnen wijzen op een beginnende eetstoornis?

meisje_kijkt_bedenkelijk_naar_paprika‘Je ziet verschillen tussen gewone ‘lastige eters’ en de ‘problematische eters’, waarbij de diagnose ARFID echt van toepassing is. De lastige eters eten een paar dagen per week niet goed, maar dan weer een dag wel. Sommige dingen eten ze niet, maar andere dingen weer wel. Dat gaat dus meer in golfbewegingen. De lastige eters komt meestal geen voedingsstoffen tekort en heeft een normaal gewicht.

Kinderen, waarbij de diagnose ARFID van toepassing is, eten veel te weinig, te weinig gevarieerd of slechts heel selectief. Soms krijgen ze wel genoeg calorieën binnen, maar dat ligt dan eerder aan de voeding die ze eten, dan aan de hoeveelheid. Vaak missen ze veel voedingsstoffen en hebben een te laag gewicht. Voor deze kinderen is eten dagelijks een probleem.

Eén van die factoren, die kan duiden op een eetstoornis, is als het veel te weinig of heel selectief eten langere tijd aanhoudt of dat je een duidelijk verschil ziet met hoe andere kinderen eten. Als ouder voel je dat vaak goed aan en merk je ook dat je je er al langere tijd zorgen over maakt. Bespreek dit altijd met het consultatiebureau of je huisarts.

kinderfeestje_high_teaBij oudere kinderen kan het zorgelijk zijn als ze in ‘sociale gelegenheden’ moeite hebben met eten, bijv. traktaties op school weigeren of ze zien heel erg op tegen het eetmoment op een verjaardagsfeestje (terwijl ze goed begrijpen dat het sociaal verwacht wordt dat ze dan toch iets eten).

Als je je zorgen maakt om het ‘slecht eten’ van je kind is het goed om eens bij te houden wat je kind ongeveer eet. Dat kun je doen door een week een eetdagboek bij te houden, maar dat kan ook door op te schrijven welke groentes je kind precies eet. Na een paar maanden houd je het opnieuw bij en vergelijk je de registraties van beide periodes met elkaar. Als je merkt dat je kind toch langzaam maar zeker stappen in de goede richting heeft gemaakt en je het vertrouwen hebt dat je kind beter leert eten, dan is het goed. Zo niet, dan is het belangrijk om aan de bel te trekken. Overleg je zorgen ook altijd met je huisarts of het consultatiebureau.

TIP: Kijk eens op de website van het Voedingscentrum om te checken wat kinderen van een specifieke leeftijd geadviseerd wordt om dagelijks te eten.’

 

Wat kunnen ouders zélf doen om de kans op het ontwikkelen van een eetstoornis bij hun ‘problematische eter’ te verkleinen? En wat kunnen ze beter achterwege laten?

‘Je kunt als ouder helaas niet altijd voorkómen dat je kind een eetstoornis ontwikkelt. Toch kun je gelukkig een aantal dingen doen om die kans zo klein mogelijk te maken:

  • Vaak zie je dat ‘problematische eters’ of kinderen met de diagnose ARFID een angst hebben ten aanzien van voeding. Het is dan goed om angsten van je kind te doorbreken en hem soms iets te laten doen wat hij een beetje spannend vindt. Ga de angst dus niet uit de weg, maar ga ‘m – in kleine stappen – aan.
  • gezin_samen_aan_tafel_lachenProbeer om alle gezinsleden aan tafel te laten zitten, dus ook je problematische eter die liever niet eet. Door samen aan tafel te zitten, leert je kind dat het eetmoment een gezellig, sociaal moment is. Je maakt dan de afspraak dat je kind niet perse iets hoeft te eten (mag natuurlijk wel), maar dat je wel verwacht dat hij gewoon met iedereen aan tafel zit.
  • Blijf eten dat je kind nu niet lust toch aanbieden. Herhalen is het devies.
  • Het is belangrijk om je kind te stimuleren om steeds een stapje verder te zetten. Als hij nu één hapje ergens van eet, kan hij ook twee hapjes eten. Zo kun je de hoeveelheid, van wat je kind eet, langzaam opbouwen. Denk daarbij in kleine stapjes.’

 


Tenslotte, wat is het belangrijkste advies dat je aan alle ouders, van een kind dat op dit moment niet goed eet, zou willen geven?

ouders_in_gesprek_met_professional‘Een kind dat nu slecht eet, en al lange tijd niet goed eet, gaat niet ineens goed eten; dat is nog niet zo snel opgelost. Heb dus geduld en denk in kleine stapjes. Heb ook vertrouwen op je eigen gevoel en je kundigheid als ouder.

En natuurlijk ook: als je je zorgen maakt, vraag dan om hulp. Betrek er mensen bij die met je mee kunnen denken. Probeer dat eerst laagdrempelig door je zorgen voor te leggen aan de huisarts of bij het consultatiebureau. Zij denken graag met je mee.’

 


tip_gezinWil jij als eerste Joyce’ waardevolle OpvoedTips ontvangen? 
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


 

Wil je graag reageren op dit artikel? Dat mag!
Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

joyce_rosegrijs_staand_c
Heb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.


K
lik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle opvoedtips:
– ‘Vind ik niet lekker!’ (Over jouw rol aan tafel en hoe jij er voor kunt zorgen dat je kind beter eet.)’. Klik hier.
– ‘Help, mijn kind is een lastige eter! Wat nu?’ | 5 do’s & don’ts (Interview op L1 Radio). Klik hier
– ‘Aan tafel!’ (1) ‘Hoe maak je het weer gezellig aan tafel als je kind niet goed eet?’.
Klik hier
– ‘Snoep, snoep en nog eens snoep’ – Hoe je een eind maakt aan het gezeur over snoep.’ Klik hier

Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

logo_akse_coaching_klein_nieuw
Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

‘Vind ik niet lekker!’ (Over jouw rol aan tafel en hoe jij er voor kunt zorgen dat je kind beter eet.)

We'd rather go on a hunger strikeJe hebt net een hele tijd in de keuken gestaan om voor je gezin een lekkere maaltijd klaar te maken. Je roept ‘we kunnen eten’ en na een tijdje zit iedereen aan tafel. Zodra je de deksels van de eerste pan af haalt, hoor je het je kinderen alweer zeggen: ‘Getver, dat vind ik niet lekker. Dat ga ik echt niet eten!’.


schijf_van_5_voor_kinderenJe hebt het gevoel dat er maar weinig is dat je kinderen lekker vinden.
De ‘p- gerechten’ (pasta, patat, poffertjes, pannenkoeken en pizza) gaan er meestal wel in, vlees ook wel, maar zodra het ook maar iets weg heeft van aardappels of – en dat is vaak nog het allerergste – groente, dan wordt het problematisch. Nou goed, ze eten wel erwtjes en wortels uit blik, maar dat is dan ook haast het enige dat ze qua groente willen eten. En hoewel je je vroeger ook voorgenomen had om absoluut niet apart te gaan koken, begin je daar nu toch langzaam over te twijfelen. Jij en je partner willen graag wat meer afwisseling in jullie maaltijden en dus niet alleen maar erwtjes en worteltjes eten, maar dan heb je wel iedere keer gezeur en commentaar aan tafel.
De ‘Schijf van 5 volgens de meeste kinderen’ is afkomstig van de ‘Club van Relaxte Moeders’. 

 

Hoe zorg je er nou voor dat dat commentaar achterwege blijft én dat je kinderen wat gevarieerder gaan eten…?

⇒ In dit artikel geef ik je 5 tips, waar je thuis direct mee kunt starten.

(1) Reageer niet op negatieve opmerkingen over het eten. 
jongen_schuift_kommetje_pasta_wegKinderen zeggen soms iets zonder duidelijke reden, gewoon om eens uit te proberen wat er gebeurt als ze het zeggen. Als je kind dus nog eens iets zegt als: ‘vind ik niet lekker’, dan reageer je hooguit met ‘ok’. Je laat op die manier horen dat je je kind gehoord hebt, maar je gaat verder niet in op de opmerking.

Ook als je kind doorgaat en andere opmerkingen over het eten maakt, dan ga je er niet op in; je gaat lekker door met koken (of iets anders waar je mee bezig was). Uiteraard reageer je wel weer gewoon op je kind als het iets anders zegt. Op alle opmerkingen die je kind over het eten maakt, reageer je kort en neutraal.

 


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind dat niet goed eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

 

(2) Wees je er van bewust hoe jij zelf met het eten omgaat. 
Wees je bewust van hoe jij met eten omgaat en hoe jij je gedraagt aan tafel. En dan heb ik het nog niet over jouw tafelmanieren en of je netjes met bestek eet, maar wat je doet tijdens het eten. Je kind leert namelijk veel van wat jij doet. Hij kijkt naar je en ziet jou als voorbeeld. Dat geldt natuurlijk ook aan tafel. Hieronder geef ik je 3 specifieke voorbeelden, die je misschien bekend voorkomen:

vrouw_vindt_eten_niet_lekker* Als je kind jou opmerkingen hoort maken over het eten, dan leert je kind dat het normaal is om iets van het eten te vinden en om er iets over te zeggen. Dus als jij iets zegt als ‘Waarom heb je nou weer paprika in de saus gedaan? Je weet toch dat ik dat niet lekker vind.’, dan merkt je kind dat je iets van het eten mag vinden en er iets over mag zeggen. Jouw boodschap is dan (onbedoeld): je mag commentaar geven op het eten dat klaargemaakt is.

* Dat geldt ook voor hoe jij als ouder omgaat met het eten. Als je uitjes, champignons of stukjes tomaat uit het eten haalt, dan is het voor je kind heel gewoon om iets uit het eten te halen. Jouw boodschap is dan (onbedoeld): je hoeft niet alles te eten van wat je voorgeschoteld wordt. Je hoeft alleen maar dat te eten wat je echt lekker vindt.

* En nog een stapje verder: als de ‘kok(kin) des huizes’ iets anders klaarmaakt voor zijn/haar partner dan dat de rest eet, dan geef je daar (onbedoeld) de boodschap mee af dat je niet hoeft te eten wat de pot schaft. Je kind leert dan dat als je aangeeft dat je iets niet lekker vindt of iets niet graag eet, dat er dan wel iets anders voor jou klaar gemaakt wordt dat je wel lekker vindt.

Deze opmerkingen of handelingen zul je vast niet bij iedere maaltijd maken/doen, maar toch is het belangrijk om je er heel bewust van te zijn. Kinderen horen en zien vaak meer dan je denkt. En vooral als je merkt dat je kind de laatste tijd (ook) steeds opmerkingen maakt over het eten, iets uit zijn eten peutert of het liefst iets anders wil eten dan dat er klaargemaakt wordt, dan is het goed om je eigen handelen aan tafel goed onder de loep te nemen.

 

(3) Maak duidelijke afspraken met je kind 
gezin_eet_samen_aan_tafel2Ook aan tafel is het belangrijk dat je kind weet waar hij aan toe is. Kinderen zijn op alle gebieden gebaat bij duidelijkheid; dat geeft hen meer grip op de wereld om hen heen. Ze weten dan beter wat er van hen verwacht wordt en dat geeft een stukje rust en vertrouwen.

Dat geldt ook aan tafel. Je kent vast wel afspraken die je specifiek voor aan tafel kunt maken, zoals ‘we eten met ons bestek’, ‘tijdens het eten blijven we rustig aan tafel zitten’, ‘als je van tafel wil, dan vraag je dat eerst’ of ‘we gaan pas van tafel als iedereen klaar is met eten’.

De afspraken, die ik in de vorige alinea als voorbeeld gaf, gaan allemaal over hoe je netjes kunt eten en daar mag je uiteraard je eigen ideeën over hebben. Je hoeft ze niet allemaal thuis toe te passen, als je er niet achter staat.

Als je wil dat je kind meer gevarieerd gaat eten, dan kun je daar o.a. met de volgende afspraken voor zorgen:
aardappel_groente_vlees_op_bord2– Spreek af dat je kind altijd proeft van wat je klaargemaakt hebt.
– Concreet betekent dat dat je kind min. één hap proeft van wat er in alle pannen zit. En proeven houdt weer in dat je kind de hap in de mond doet, er op kauwt en vervolgens doorslikt.
Maak je ‘aardappelen – groente – vlees’ (3 pannen) dan krijgt je kind 3 verschillende happen; maak je een eenpansgerecht, zoals nasi of pasta, dan proeft je kind één hap.
Als je kind een hap geproefd heeft, dan is het belangrijk dat je daar heel positief op reageert. Zo weet je kind dat het goed bezig is, dat je waardeert wat het doet en dat maak de kans groter dat hij het daarna (of bij de volgende maaltijd) weer zal proberen.

Uiteraard gelden deze afspraken niet alleen voor je kind dat op dit moment nog niet goed eet, maar ook voor je kind dat doorgaans wél goed eet, voor papa en voor mama… Dus ook papa en mama gaan een hap proeven van alles wat op tafel staat; ook van wat ze niet (zo) lekker vinden… Ook hier komt dus weer het ‘goede voorbeeld’ om de hoek kijken. Niemand zei dat opvoeden altijd makkelijk was… 😉 

 

Hieronder volgen nog twee belangrijke tips, die je niet wil missen.

 


fb_basiscursus_eetmetplezier_20190604_VVK
Joyce organiseert regelmatig haar basiscursus ‘Eet met Plezier’. Deze cursus is speciaal voor ouders, die willen leren hoe ze hun kind gezonder, gevarieerder en genoeg kunnen laten eten.

Kijk in de online Agenda op haar website of ze deze cursus binnenkort opnieuw – evt. bij jou in de buurt – geeft.


 

(4) Blijf nieuwe gerechten klaarmaken
meisje_wijst_gezonde_producten_aanOm ervoor te zorgen dat je kind gevarieerd leert eten, is het belangrijk om ook ‘nieuwe’ ingrediënten of gerechten te leren eten. Blijf dus niet hangen in de gerechten, die je kind nu nog maar eet en bereid het ‘aanbod’ stap voor stap uit.

Goed om te weten: Om een gerecht of ingrediënt te leren eten, kan soms wel 10-15 keer proeven / nuttigen nodig zijn. Daarom is het proeven ook zo belangrijk: dat telt namelijk mee bij die 10-15 keer.

Maar dat betekent ook meteen dat je als ouder een lange adem nodig hebt om je kind iets te leren eten. Dat leg ik je uit in het volgende voorbeeld.

Stel: je kind vindt bloemkool op dit moment niet lekker. Doorgaans maak je hooguit één keer per week hetzelfde gerecht. Laten we er dus voor het gemak even van uit gaan dat je vanaf nu 1x per week een gerecht met bloemkool maakt. Dat zou betekenen dat je kind – door het gerecht iedere week te proeven – uiteindelijk 10-15 weken nodig heeft om de bloemkool te leren eten en te leren waarderen. En als je niet iedere week bloemkool eet, dan duurt het langer. Dat is ook meteen de reden waarom het zo lang kan duren voordat je kind een gerecht leert eten. Je kind kan het dus zeker leren (zeker weten!), maar je hebt er geduld, doorzettingsvermogen en een lange adem nodig. 

bloemkool_handenO ja, en aan het einde van die 10-15 weken heeft je kind het ingrediënt of gerecht (in dit geval de bloemkool) leren waarderen; dat betekent dat het het zonder veel gemopper zal eten. Dat wil echter nog niet zeggen dat je kind het gerecht nu ineens ontzettend lekker vindt. Het heeft het dan wel leren eten, het is gewend aan de smaak, textuur, gevoel in de mond etc. en dat is precies waar het blijven aanbieden voor zorgt. Uiteraard mag je kind andere gerechten nog steeds lekkerder vinden dan bloemkool. De winst zit ‘m erin dat je kind de bloemkool nu zonder veel gemopper gewoon eet.

 

Hieronder volgt nog één laatste tips, die je niet mag missen. 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 

(5) Je kunt je eten gewoon eten.
gezin_ontbijt_keukenHet is belangrijk om je kind uit te leggen dat er niks mis is met het eten dat je klaargemaakt hebt, dat het veilig is om te eten en dat het eetbaar is. Je hoeft het dus niet lekker te vinden om het toch te kunnen eten.

Verder is het heel normaal om iets niet echt lekker te vinden, maar dat wil dus niet zeggen dat je het niet kunt eten. Zo lang het goed klaargemaakt is, is er namelijk niks aan de hand en is het eerder een kwestie van ‘wennen’ dan ‘lekker vinden’ of ‘lusten’.

Dit herken je misschien ook wel van bij jezelf. Jij vindt zelf waarschijnlijk ook niet alles even lekker, maar je eet het toch. En dat is helemaal prima! Je mag dus best eens – zonder steek onder water – tegen je kind zeggen: ‘ik hou eigenlijk niet zo van boerenkoolstamppot, maar ik eet het toch.’ Daardoor hoort je kind enerzijds dat het niet de enige is die iets niet lekker vindt (dat is normaal!) en anderzijds dat je het toch kunt eten ondanks dat je het niet lekker vindt. Dat kan voor je lastige eter een heel waardevolle boodschap zijn.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 

 


tip_gezinWil jij als eerste Joyce’ waardevolle OpvoedTips ontvangen? 
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_c
Heb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 


K
lik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle opvoedtips:
– ‘Mijn kind eet zo slecht. Moet ik me zorgen maken? [Gastbijdrage van eetexpert Eline de Haan] Klik hier
– ‘Help, mijn kind is een lastige eter! Wat nu?’ | 5 do’s & don’ts (Interview op L1 Radio). Klik hier
– ‘Aan tafel!’ (1) ‘Hoe maak je het weer gezellig aan tafel als je kind niet goed eet?’. Klik hier.
– ‘Snoep, snoep en nog eens snoep’ – Hoe je een eind maakt aan het gezeur over snoep.’ Klik hier.

Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.