Heeft mijn kind dyslexie of niet? Wat je er als ouder of leerkracht over moet weten. [ Interview met dyslexie-expert drs. Kim Huiskamp ]

Joyce Akse maakt een serie artikelen, waarin ze experts interviewt over hun eigen onderzoek of werkveld. Het doel van deze serie is om resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vertalen naar praktische tips voor ouders, waar ze thuis direct mee aan de slag kunnen. Deze thema’s hebben natuurlijk te maken met het ouderschap, opvoeding en/of de ontwikkeling van kinderen (0-16 jaar). 

 

jongen_schrijven_handen_in_haarZodra je kind naar school gaat, komt hij al snel in aanraking met taal. In de kleutergroepen wordt er voorzichtig aandacht aan besteed en vanaf groep 3 begint het echte werk. Bij de meeste kinderen verloopt de taalontwikkeling zonder veel problemen; bij sommige kinderen zie je echter dat het lezen en spellen moeizamer gaat. Dat komt vaak in groep 3 en 4 naar boven. Bij deze kinderen zou er sprake kunnen zijn van dyslexie.

Over het onderwerp ‘dyslexie’ interviewde ik drs. Kim Huiskamp. Zij werkt als diagnosticus en behandelaar bij het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht.

In dit artikel vertelt ze uitgebreid wat dyslexie precies is (en wat niet), hoe je dyslexie bij jouw kind kunt herkennen, waarom het belangrijk is om de taalontwikkeling van je kind goed in de gaten te houden en – indien nodig – op tijd te starten met behandeling. Daarnaast vertelt ze welke mythes en vooroordelen er soms nog bestaan over dyslexie, waar dyslexie wel eens mee verward wordt en wat je als ouder kunt doen om het leesplezier van je kind te stimuleren.

 

Je bent expert op het gebied van dyslexie en leesvaardigheid. Hoe ben je bij dit onderwerp gekomen en wat spreekt jou er persoonlijk zo in aan? 
meisje_wil_niet_lezen‘Ik ben eigenlijk toevallig met dyslexie in aanraking gekomen. Aan het einde van mijn opleiding psychologie heeft mijn stagebegeleidster mij in contact gebracht met prof. dr. Leo Blomert, expert op het gebied van dyslexie. Hij zocht mensen om een vakgroep te vormen om het dyslexieprotocol op poten te krijgen en dat wilde ik graag doen. Op die manier kon ik dus bij toeval in zijn werkgroep aan de slag. Daardoor kwam ik ook in aanraking met wetenschappelijk onderzoek naar dyslexie. Het onderwerp trok mij erg aan, maar ik merkte dat ik liever in een klinische setting werkte dan in een wetenschappelijke. Via Leo Blomert werd ik toen voorgesteld aan Patty Gerretsen, toentertijd directeur wetenschap van het RID. Zo ben ik uiteindelijk bij het RID terechtgekomen en daar werk ik nu al 15 jaar. Wat ik zo prettig vind aan werken met mensen met dyslexie is dat je echt iets voor iemand kunt betekenen. Iedereen in onze maatschappij krijgt te maken met lezen en schrijven en als je dyslexie hebt, kun je flinke problemen ondervinden op school, op je werk of zelfs privé. Met een gerichte behandeling en concrete tools, kun je kinderen (en volwassenen) met dyslexie echt helpen hun situatie te verbeteren. Het geeft me enorm veel voldoening dat ik op deze manier iets kan betekenen voor de kinderen, die bij ons komen.’

 


Curriculum Vitae
kim_huiskamp_fotoDrs. Kim Huiskamp studeerde neuro– en ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Maastricht. Daarna werkte ze een jaar als psycholoog / onderzoeksassistent aan dezelfde universiteit. Vervolgens maakte ze de overstap naar het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht. Ze werkte er een tijd als hoofd behandeling en vestigingsmanager; momenteel als diagnosticus en behandelaar.


 

Kun je uitleggen wat dyslexie precies is?
hersenen_kwabben‘Als je dyslexie hebt, dan heb je moeite met lezen en/of spelling. Sommige kinderen hebben alleen moeite met lezen, andere alleen met spellen en weer andere met allebei. De grootste groep van de kinderen met dyslexie heeft moeite met allebei.

In onze maatschappij maken we gebruik van het alfabetische schrift. Onze woorden zijn opgebouwd uit klanken. Als je het woord wil leren lezen en schrijven, dan zul je het woord moeten opdelen in klanken. Je gaat dan als het ware de klankstructuur van woorden ontcijferen.

In de hersenen zit een gebiedje (temporaal kwab*) dat de klankstructuur van woorden verwerkt, het helpt je met het in stukjes hakken van woorden. Dat gaat automatisch, onbewust.
*: Meer specifiek, de superieure temporale sulcus (STS) en planum temporale (PT) zijn betrokken bij de integratie van de letter-klank-koppeling. De visual word form area (VWFA) is betrokken bij directe woordherkenning.

Bij dyslexie is dat gebiedje wat minder goed toegerust om de klankinformatie te ontwarren. Die informatie loopt dan een beetje door elkaar. Je spreekt woorden misschien soms net een beetje verkeerd uit.
Bijvoorbeeld: Je hebt het dan niet over ‘doelwit’ maar over ‘doellid’.

En dat is eigenlijk nog maar het begin. Kinderen (of volwassenen) met dyslexie hebben er dus moeite mee om de klanken van elkaar te onderscheiden. De volgende stap is dat je de klanken gaat koppelen aan een letter, dus de klanken van losse letters. In groep 3 begin je daarmee: je leert welke klank bij welke letter hoort (bijv. ‘Dit is de letter ‘L’ en die klinkt zo…’).

Die letter-klank-koppeling zit weer in een ander gebiedje van die temporaal kwab. Dat gebiedje koppelt als het ware de auditieve (klank, die je hoort) en visuele informatie (letter, die je ziet) aan elkaar. Dat ‘koppelproces’ duurt eigenlijk jaren. Van groep 3 naar groep 8 maken kinderen daarin een stijgende lijn door. Die integratie duurt dus echt jaren en kan alleen optreden met onderwijs. Pas daarna wordt het een automatisch proces. Op het moment dat het automatisch is, kun je het zien van een letter niet meer als niet-letter zien. Op latere leeftijd gebeurt dat zelfs met hele woorden. Maar daar heb je dus wel training voor nodig. Een beginnende lezer kan dat nog niet met hele woorden. Daarom begin je op school eerst met het leren van de letters met bijbehorende klanken.’

 

Hoe ‘ontstaat’ dyslexie? 
loesje_dyslexie‘Je wordt met dyslexie geboren; het ontstaat dus eigenlijk niet echt. Het is ook erfelijk, wat betekent dat het vaker binnen families voorkomt.

Bij dyslexie zijn twee vaardigheden of processen verstoord: aan de ene kant is dat de klankverwerking (fonologische verwerking), aan de andere kant is dat de letter-klankkoppeling.

In groep 3 leren kinderen om te ‘decoderen’ oftewel om te ‘hakken & plakken’.
Bijvoorbeeld: ze leren dat het woord ‘kip’ uit 3 klanken bestaat: k – i – p.

In de hersenen gaat dat dan nog niet automatisch. De kinderen zullen er energie in moeten steken om dat goed te leren. Ze hebben op dat moment ook nog minder bronnen om het woordbeeld in hun geheugen op te slaan.

Als je het hele proces van het lezen en spellen hebt doorlopen, dan is het eindstation dat je een heel woord ziet en herkent. Je herkent het omdat het opgeslagen is in het ‘mentaal lexicon’. Hoe meer je daarin opgeslagen hebt, hoe automatischer het lezen en spellen gaat. Dat automatisme kun je trouwens ook krijgen als je dyslexie hebt. Maar omdat de basis van het aanleren lastiger is, duurt het langer om bij dat eindstation te komen.’

 

Hoe kunnen ouders dyslexie bij hun kind herkennen? 
jongen_in_klas_juffrouw_geen_zin‘Je kunt dyslexie eigenlijk pas echt herkennen vanaf dat je kind een tijdje in groep 3 zit, dus als je kind echt onderwijs krijgt op het gebied van lezen en schrijven. Bij kleuters zie je ook al wel eens dat ze moeite hebben met klankverwerking. Ze hebben dan bijv. moeite met het leren / benoemen van de kleuren, met links en rechts, ze hebben moeite met rijmen, ze vinden het lastig om de namen van klasgenootjes te onthouden of ze vinden het moeilijk om nieuwe liedjes te leren. Dat zijn allemaal dingen waarbij ze iets moeten doen op het gebied van klankverwerking. Een deel van de kinderen, dat hier moeite mee heeft, kan later moeite krijgen met lezen en schrijven. Dat hoeft echter niet perse. Het zijn dus geen harde criteria, eerder een aanwijzing om het goed in de gaten te houden. Andersom geldt dat ook: als je kind hier als kleuter geen moeite mee heeft, dan wil dat niet zeggen dat hij geen dyslexie kan hebben. Het kan op dyslexie wijzen, maar dat is niet één op één.

In groep 3 kijk je of leerlingen moeite hebben met het leren van letters, met het hakken en plakken, met het op tempo lezen van woorden en of leerlingen fonetisch blijven schrijven (= letterlijk schrijven van wat je hoort).

Het mag dus duidelijk zijn dat je lezen en spellen echt moet leren. Wil je dyslexie kunnen aantonen, dan moet je dus onderwijs hebben gehad. Als school merkt dat een kind moeite heeft met lezen en spellen, dan moet het ook extra onderwijs en aandacht op dat gebied aanbieden. Halverwege groep 3 kom je er misschien achter dat een leerling zich wat trager ontwikkelt op het gebied van taal en spelling. Dan is het belangrijk om uit te filteren waar dat door komt; een probleem op het gebied van lezen en spelling hoeft nl. niet altijd op dyslexie te wijzen. Basisscholen hebben daar een protocol voor.
Als school bijvoorbeeld op basis van de citoscores (bij score D of E) merkt dat het lezen van een leerling achterblijft, dan wordt er extra aandacht aan die leerling gegeven; bijv. door de leerling in een apart groepje te zetten en/of extra aandacht te geven op het gebied van lezen en/of spelling. Als de leerling dat een half jaar of heel jaar heeft gehad en dat blijkt onvoldoende effect te hebben gehad, dan kun je pas echt gaan onderzoeken of dyslexie een mogelijke oorzaak is.

Het is belangrijk om na te gaan wat precies de oorzaak is van de problemen die een leerling heeft op het gebied van lezen en spellen. Juist om te weten of het dyslexie kan zijn of niet. Een leerling kan bijvoorbeeld ook een algemeen leerprobleem hebben of er speelt iets anders dat hem belemmert in zijn leerproces. Denk bijvoorbeeld aan een trauma in de familie (bv. echtscheiding en daardoor verlies van motivatie om te leren of goed mee te doen op school). Dan kan een kind dus wel moeite met lezen en/of spelling hebben, maar niet door een onderliggende dyslexie. Vandaar dat het enerzijds zo belangrijk is om goed te onderzoeken wat precies de reden is dat een kind moeite heeft met lezen en/of spelling. Anderzijds is het daarom goed om een breder leerprofiel mee te nemen en om te beoordelen of de één-op-één-hulp in de klas goed genoeg heeft gewerkt. Uiteraard kunnen de lees- en spelmoeilijkheden ook nog andere oorzaken hebben of samenhangen met andere stoornissen.’
Daarover bij een volgende vraag meer.

 


Heb je het idee dat kinderen hun dyslexie kunnen verdoezelen, waardoor het voor ouders of leerkrachten lastig wordt om het te herkennen? 
meisje_juffrouw_samen_lezen‘Eerlijkgezegd lijkt het me voor een kind bijna niet te doen om dyslexie te verdoezelen. Ze kunnen wel verschillende strategieën laten zien om met hun lezen of spelling om te gaan. Ze trappen bijvoorbeeld op de rem en gaan heel langzaam lezen. Of ze gaan juist heel snel lezen en raden dan wat er staat. Kinderen met dyslexie hebben moeite met het technische leesproces; dat betekent in dit geval dat het ten koste gaat van de snelheid of van de nauwkeurigheid van het lezen.

Bij kinderen met veel compensatiemogelijkheden zien we wel eens dat ze met tekst lezen een hoger niveau behalen dan met woordlezen. Ze hebben dan steun aan de semantiek van de tekst; de inhoud en betekenis van de tekst helpt hen om de woorden in tekstverband te lezen.

Bij hoog-functionerende volwassenen zien we wel eens dat ze vooral vastlopen bij het lezen van onzinwoorden. Zij hebben door de jaren heen al zoveel woorden geleerd en opgeslagen (in hun mentaal lexicon), dat ze al veel woorden en teksten gewoon goed kunnen lezen.

Bij de beoordeling of een kind dyslexie heeft, weegt het lezen trouwens zwaarder dan spelling of schrijven. Lezen is namelijk een ‘puurdere’ maat van dyslexie vanwege het automatische proces. Daarom geeft het lezen meer de doorslag bij de beoordeling van dyslexie. Bij spelling is altijd gerichte aandacht nodig en kunnen dus ook weer andere dingen spelen, waarom kinderen er moeite mee hebben (denk aan motivatie en taakgerichtheid).’

 

Vanaf welke leeftijd kun je dyslexie laten onderzoeken? 
jongen_vrouw_huiswerk_maken‘Vanaf de leeftijd van ongeveer 8 jaar, dus pas bij kinderen in groep 4, kun je dyslexie betrouwbaar onderzoeken. Dus nog niet echt vanaf groep 3. Je moet kinderen namelijk de kans geven om het lees- en spelproces op gang te laten komen.

Merk je dat het kind al last heeft op dit gebied vanaf de kleuterklas (zie hierboven), dan zou je een leerling van groep 3 eventueel wel al kunnen laten onderzoeken. Maar dat zijn eerlijkgezegd wel de uitzonderingen.’

 

Waarom is het belangrijk om het op jonge leeftijd te laten onderzoeken?
meisje_vrouw_schrijven‘Als je van groep 3 naar groep 8 kijkt, dan worden de normen steeds strenger. Als jij je op een trager tempo ontwikkelt vergeleken met je groepsgenoten, zal het verschil daarom steeds groter worden. Dan ga je dus steeds meer achterlopen ten opzichte van de andere kinderen.

In de hogere groepen wordt ook steeds meer gebruik gemaakt van taal. Zo heb je in groep 4 nog wel het ‘kale’ rekenen, maar vanaf groep 5 komen ook steeds vaker verhaaltjessommen aan bod. Dan is het ook bij vakken als rekenen belangrijk om goed te kunnen lezen. En bij de hogere groepen komt alleen nog maar meer (talige) informatie op de leerling af. Ze hebben dan een bepaald functioneel leesniveau nodig om alles op een goede manier te kunnen verwerken en te begrijpen. Dat is niet alleen nodig bij vakken als begrijpend lezen en redactiesommen, maar ook bij vakken als geschiedenis of aardrijkskunde.
Het is misschien goed om in dit kader te weten dat het onderdeel ‘begrijpend lezen’ één van de onderdelen is, waarop bepaald wordt welk niveau van voortgezet onderwijs je aankunt. Als jij het technisch leesniveau hebt van iemand van groep 3 en je moet lezen op het niveau van eind groep 7, dan is het lastiger om de inhoud van tekst er op een goede manier uit te pikken, zeker als je al zo worstelt met de tekst die je leest. (Als de tekst je voorgelezen wordt, kan het natuurlijk weer anders zijn.)

Om op een goede manier te kunnen laten zien, wat er aan vaardigheden en kennis in je zit, is het dus belangrijk dat het gat tussen je leesniveau en je vaardigheden niet te groot is. Als dat wel het geval is, dan wordt het een stuk lastiger om te laten zien wat je kunt.’

 

Kun je van dyslexie genezen? 
meisje_leest_boek_MLP‘Helaas kun je niet van dyslexie genezen. Je zult altijd meer moeite met lezen en spellen blijven hebben dan anderen zonder dyslexie.

Ondanks dat gegeven kun je het gebiedje in de hersenen wel trainen, waardoor het lezen en spellen beter gaat. Dyslexie is dus niet te genezen, maar je kunt je lees- en spelvaardigheden wel verbeteren. En dat is goed nieuws.

Het is goed om te accepteren dat het lezen en spellen moeilijk voor je is en zal blijven. Je ziet dat sommige kinderen heel opgelucht zijn met diagnose (‘gelukkig, ik kan er niks aan doen’); er valt een last van hun schouders. Andere kinderen voelen zich er juist vervelend door; ze krijgen het gevoel dat ze anders zijn dan anderen, dat ze niet normaal zijn of dat ze niet meer degene zijn die ze waren. Kinderen, die moeite hebben om te accepteren dat ze dyslexie hebben, kunnen baat hebben bij ‘psycho-educatie’. Bij het RID geven we hen o.a. een boekje mee dat ze samen met hun ouders kunnen lezen: ze gaan dan samen vragen beantwoorden, thema’s bespreken en ze kunnen wat meer gerustgesteld worden. De inhoud van dit boekje komt dan ook in de behandeling aan bod. Ook is het goed om te weten dat heel beroemde of intelligente mensen dyslexie hadden (denk maar eens aan Einstein). Door dyslexie zo positief mogelijk te benaderen, proberen we kinderen er een andere mind-set over te geven.

Nadat je een dyslexiebehandeling hebt gehad, kan de dyslexie toch weer de kop op steken, bijvoorbeeld als je een nieuwe taal gaat leren. Daar hebben leerlingen met dyslexie doorgaans meer moeite mee. Het blijft een zwakkere plek.’

 


EXTRA
Drs. Kim Huiskamp raadt de volgende boeken aan om (evt. samen met je kind) over dyslexie te lezen.

Informatieve boeken voor ouders:
boeken_MPL_dyslexie‘Kinderen met dyslexie, een gids voor ouders’ – T. Braams
‘Houvast bij leesproblemen en dyslexie op de basisschool, leidraad voor ouders’ – A. Paternotte en J. Buitelaar
‘Mijn kind & Dyslexie’ – R. Krijnen
‘Mijn kind heeft dyslexie’ – M. Ceyssens

Informatieve boeken voor kinderen: 
‘Dyslexie’ – Z. van Mersbergen (Informatiereeks 3, nummer 54)
‘Een 2 voor dictee. Een verhaal over dyslexie’ – J. Breeman
‘Letters op de snelweg. Boekje over dyslexie’ – K. Terlouw
‘Ik heb dyslexie, nou en!’ – L. de Groot

Leesboeken geschikt voor dyslectische kinderen:
http://www.makkelijklezenplein.nl (informatie over leesboeken voor dyslectici)
http://www.zwijsen.nl (serie Zoeklicht)
http://www.inktvis.nl (serie Kokkel-reeks)

Leesboeken over dyslexie voor kinderen: 
‘Ik ben niet bom!’- M. van de Coolwijk
‘Schatkasten’ – H. van der Werff
‘Pudding Tarzan’ – O.L. Kirkegaard
‘De smoezenkampioen’– C. Slee
‘Heksie. Hoe vang je een heks? – M. Snoeij


 

Waar wordt dyslexie wel eens mee verward? 
meisje_dromend_aan_tafel‘Als kinderen zich bij ons aanmelden om te onderzoeken of er sprake is van dyslexie, dan wordt er niet alleen gekeken naar hoe het met lezen en spelling gaat, maar we kijken ook naar andere schoolvakken. Kinderen kunnen namelijk in het algemeen moeite hebben om nieuwe vaardigheden aan te leren of ze kunnen een algemeen leerprobleem hebben. Dan heb je een heel andere benadering nodig om het kind verder te helpen.

Soms kunnen kinderen een taalontwikkelingsstoornis (TOS) hebben. Ze hebben dan moeite met taal in het algemeen; niet alleen moeite met lezen en schrijven, maar ook moeite met taalbegrip, met de taalproductie (uitspraak) en/of ze hebben een lage woordenschat. Bij kinderen met TOS is er dus meer aan de hand; ze hebben een breder taalprobleem.

Verder is het goed om aandacht te hebben voor andere stoornissen, zoals AD(H)D. Een kind dat bijvoorbeeld moeite heeft om de aandacht ergens bij te houden, kan daardoor in de klas informatie of instructie mislopen. Ook kan een kind met een aandachtsprobleem het ene vak wel leuk vinden en het andere niet; dan heeft het bijvoorbeeld minder aandacht voor taal en dus minder oefening om het goed te ontwikkelen. Dat wil echter nog niet zeggen dat er sprake is van dyslexie.

Sommige kinderen lopen een ‘didactische achterstand’ op: ze liggen achter op de groep, maar dat kan komen omdat ze minder effectief onderwijs hebben genoten dan andere kinderen. Ook dat hoeft dus niet door een mogelijk onderliggende dyslexie te komen.

Hier blijkt in ieder geval uit hoe complex het geheel kan zijn. Dyslexie kan ook nog eens samen voorkomen bij één van deze stoornissen (comorbiditeit), maar dat hoeft natuurlijk niet. Het is ook mogelijk dat de lees- en spelproblemen, die je opmerkt, door een ander onderliggend probleem veroorzaakt worden dan door dyslexie.’

 

Welke mythes, onjuistheden of vooroordelen bestaan er over dyslexie? 
meisje_leest_in_boek‘Er bestaan wel een aantal mythes of vooroordelen over dyslexie:

(1) Dyslexie ontstaat door een zuurstoftekort bij de geboorte of door slecht samenwerkende hersenhelften.
Vroeger werd wel gedacht dat dyslexie kwam door een zuurstoftekort bij de geboorte, maar we weten inmiddels dat dat niet zo is. Er werd ook wel gedacht dat de twee hersenhelften niet goed samenwerkten. Dan moesten de kinderen evenwichtsoefeningen doen, waardoor de helften wel beter gingen samenwerken. Beide ideeën zijn inmiddels ontkracht door wetenschappelijk onderzoek en niet waar gebleken.

(2) Kinderen met dyslexie kunnen niet goed zien of horen.  
Als je kijkt naar de gebieden in de hersenen die bij klankverwerking betrokken zijn, dan zitten die min of meer tussen de auditieve en visuele cortex in. De informatie die in de auditieve cortex terechtkomt (klank), wordt gecombineerd met de informatie die in de visuele cortex terecht komt (letter). Bij kinderen met dyslexie gaat die verwerking ervan moeizamer. Een kind met dyslexie kan dus zowel goed horen als zien, alleen het verwerken van de combinatie klank en letter gaat moeizamer. Je kunt dyslexie dus niet oplossen door een bril of een hoorapparaat te dragen.

(3) ‘Mijn kind heeft niet zo’n zin in lezen en spelling en moet gewoon wat beter zijn best doen.’ 
Ouders kunnen soms de overtuiging hebben dat hun kind niet gemotiveerd is en gewoon wat beter zijn best zou moeten doen. Maar ik leg dan altijd uit dat kinderen niet ongemotiveerd worden geboren; het kind beslist niet bewust of actief dat het geen zin heeft om te leren. Als een kind geen zin heeft om te lezen, om huiswerk te maken of om iets te doen voor school, dan komt dat door een bepaalde wisselwerking met iets anders. Dingen die je lastig vindt of waar je moeite mee hebt, vind je gewoon niet zo leuk om te doen. De berg wordt dan te hoog. Gelukkig kun je de berg lager maken, zodat het te behalen doel niet meer onbereikbaar lijkt. Het kind krijgt dan het gevoel dat hij het misschien toch kan.

We zien ook wel eens kinderen, die voordat ze bij ons komen, al een heel traject hebben afgelegd. Ze zijn dan al op zoveel plekken geweest en hebben al zoveel onderzoeken gehad, dat ze al bijna geen zin meer hebben om nóg een onderzoek of behandeling te ondergaan. Deze kinderen zou je ‘behandelmoe’ kunnen noemen. Dat wil echter niet zeggen dat ze niet geholpen kunnen worden; ook bij deze kinderen kan dyslexie vastgesteld worden en ook zij kunnen nog steeds geholpen worden.

(4) ‘Laat maar, er is toch niks aan te doen.’ 
Sommige ouders denken: ‘het is dyslexie, er is niks aan te doen’. Dat is echter niet het geval. Ook kinderen met dyslexie kun je met de juiste begeleiding beter laten lezen en spellen. Het is daarbij vooral belangrijk om voor ogen te houden wat je kind wel nog kan ontwikkelen en wat er nog wel mogelijk is. Ga na welk doel je kunt stellen. Daarbij is belangrijk om juist de inspanning, die je kind doet, te belonen (growth mindset) en niet het resultaat (fixed mindset).’

 

Wat kunnen ouders doen als ze het vermoeden hebben, dat hun kind dyslexie heeft? 
voorlezen_vader_dochter_lachend‘Als ouders vermoeden dat hun kind moeite heeft met lezen of spellen of zich er zorgen over maken, dan is het belangrijk om dat aan te kaarten bij de leerkracht. Het is goed om het zelf ook in de gaten te houden. Bespreek het, zodat de leerkracht er aandacht voor heeft.

School heeft dan – indien nodig – mogelijkheden om extra hulp aan leerlingen te bieden. Citotoetsen helpen bij het signaleren ervan. Daarna kan een leerling doorverwezen worden voor extra zorg; dat zou evt. naar het RID kunnen. Daar wordt onderzocht of er wel / geen sprake is van dyslexie en indien dat inderdaad het geval is, kan de dyslexiebehandeling plaatsvinden.

Over het algemeen is het belangrijk dat ouders met een kind met dyslexie een omgeving creëren, waarin lezen een plek heeft. Creëer een omgeving waarin regelmatig gelezen wordt en waarin dat ook beloond wordt. Denk dan in termen van ‘quality time’: lekker samen op de bank zitten en een boekje (voor)lezen. Maak (voor)lezen dus een normaal onderdeel van je eigen levenssituatie.

Uiteraard kan het voor ouders nog best lastig zijn om het lezen voor hun kind weer leuk te maken. Ga dan op zoek naar de intrinsieke motivatie van je kind. Dat kun je doen door vooral boeken uit te zoeken die je kind zelf heel leuk, interessant of boeiend vindt. Laat de boeken aansluiten op de belevingswereld en interesses van je kind. Als je kind bijvoorbeeld fan is van dinosaurussen, dan lees je daar samen boeken over. Bij drukke gezinnen kan zo’n één-op één-momentje, waarin je aan je kind (voor)leest, zelfs een uitkomst zijn. Door het samen te doen, wordt het lezen alleen maar leuker. Hiermee kun je de leesmotivatie en het leesplezier van je kind absoluut stimuleren.

Geef het dus niet op en ga vooral door met lezen. Lezen onder dwang, bijv. tot huilens toe, is natuurlijk het andere uiterste. Dat laatste vergroot alleen maar de weerstand bij je kind. In de plaats daarvan is het beter om je kind zelf zijn boeken uit te laten kiezen. Ga samen naar de bibliotheek en maak er daarna samen een gezellig leesmoment van.
Goed om nog te weten is ook dat het geen probleem is om kinderen naar luisterboeken te laten luisteren of om software te gebruiken om boeken te laten voorlezen. Het is dan wel belangrijk dat kinderen het boek erbij houden en zelf meelezen. In de bibliotheek heb je ook een Makkelijk Lezen Plein, waar je boeken kunt vinden voor kinderen die wat meer moeite hebben met lezen.

 


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend.
 Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?
Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
Wist jij dit al over opvoeding en ouderschap…? Uitgebreide interviews met toonaangevende experts.’ 
– ‘11 tips om samen (voor)lezen nóg leuker te maken.
– ”Nog een keer lezen, nog een keer’- 5 eenvoudige tips om samen (voor)lezen met je kind nóg leuker te maken.
– ‘Waarom worden kinderen en tieners toch zo boos?‘. 
‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

Peuterpuberteit: 10 domeinen om samen met je kind te overwinnen.

meisje_lachend_peuterToen je kindje nog een baby (0-1 jaar) was, ging het allemaal eigenlijk heel gemakkelijk.  Af en toe waren er wel wat dingetjes waar je even wat mee moest, zoals de hapjes die je baby niet meteen wilde eten of het doorslapen dat niet meteen wilde lukken, maar over het algemeen viel het reuze mee. Ook als dreumes (1-2 jaar) had je weinig met je kindje te stellen. Je kindje deed over het algemeen wel wat je zei, hij vond het fijn om je te helpen, om met je te kletsen, om me je te spelen en hij knuffelde je graag. Het was echt een lieverd!

Nu je kindje echter de peuterleeftijd (2-3 jaar) heeft bereikt, lijkt alles ineens heel anders. Natuurlijk is je kindje nu ook nog wel lief, maar sommige situaties zijn echt een stuk lastiger. Het is niet vanzelfsprekend meer dat je kindje meteen naar je luistert. Hij kan ook soms om onverklaarbare redenen een driftbui krijgen. Hij huilt soms heel hard, terwijl je niet goed begrijpt wat er nou aan vooraf ging. Verder wil hij op de gekste momenten van alles ‘zelluf’ doen, terwijl hij dat nog helemaal niet kan. Als je aanbiedt om te helpen, dan mag dat echt niet. Maar ondertussen is hij wel enorm gefrustreerd als het hem inderdaad niet lukt. Wat is er toch met hem aan de hand…?

De kans is groot dat je kind midden in de peuterpuberteit zit.

Op deze jonge leeftijd gebeurt er ontzettend veel met je kindje en daar staan we als ouder vaak helemaal niet bij stil. Je kindje ontwikkelt zich op allerlei gebieden en dat gaat in rap tempo. Je kunt je misschien wel voorstellen dat het voor je kindje ook niet allemaal even makkelijk is.

⇒ Hieronder vind je een overzicht van wat je kindje allemaal leert en wat daar voor je kindje (en jou) lastig aan is. Per domein geef ik je steeds één praktische tip om direct thuis toe te passen én geef ik je één leestip voor als je verder wil lezen over dat specifieke onderwerp. Onderaan het artikel geef ik je nog 5 extra opvoedtips. Op basis van deze informatie én tips leer je je peuter en zijn frustratie, boosheid en emoties niet alleen beter begrijpen, maar kun je er ook op een positieve manier op reageren. Daar komen ze…

 

(1) De sociale ontwikkeling van je peuter:
kinderen_spelen_op_grond_leidstersKinderen vinden het doorgaans heel fijn om met andere kinderen te spelen. Bij jonge peuters is dat vaak nog niet echt ‘samen’ spelen, maar eerder naast elkaar spelen. Naarmate je kindje ouder wordt, zal hij ook steeds meer echt samen spelen met andere kindjes.
Kinderen leren van het omgaan met anderen, van volwassenen én van andere kinderen.  Kinderen kijken naar elkaar, imiteren elkaar en leren zo nieuwe vaardigheden of nieuwe spelletjes. Vandaar dat het voor de sociale ontwikkeling van je kind belangrijk is om hem van jongs af aan met andere kinderen te laten spelen.

TIP: Wacht niet om je kindje met andere kinderen te laten spelen totdat hij naar de basisschool gaat. Spreek nu al regelmatig af met ouders van jonge kinderen uit de buurt, met vrienden die zelf ook jonge kinderen hebben of meld je kind aan voor de kinder- of peuteropvang. Op die manier krijgt je kindje de kans om te leren samen spelen.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Hoe leer je je kind om rekening te houden met anderen?‘.

 

(2) Egocentrisme: Je peuter is bijzonder egocentrisch ingesteld.
kinderen_maken_ruzie_om_xylofoon_ouders_op_bankJonge kinderen zien de wereld vooral vanuit hun eigen standpunt. Ze zijn heel erg egocentrisch ingesteld en kunnen zich nog niet verplaatsen in het standpunt van een ander. Voor je peuter betekent dat wanneer hij iets wil, hij dat onmiddellijk wil. Hij houdt er geen rekening mee of het op dat moment kan en of jij dat als ouder wel goed vindt. Hij wil het hebben (of doen) en hij wil het nu!
Je kindje kan ook nog niet inschatten dat een ander iets zou ‘kunnen willen’. Je peuter denkt echt alleen nog maar vanuit zichzelf: ‘ik wil dat speeltje nu’ en houdt er geen rekening mee dat het andere kindje al een tijdje heel leuk met dat speeltje aan het spelen is en het vervelend kan vinden dat hij het van hem afpakt. Met alle gevolgen van dien…

TIP: Ga bij je kindje zitten als het samen met een ander kindje speelt  en leg uit wat er gebeurt; ‘ondertitel’ het, als het ware. Leg uit dat je kind niet zo maar iets mag afpakken, maar dat hij het wel eerst kan vragen. Als het kindje het dan afgeeft, dan mag hij het hebben. Zo niet, dan moet hij wachten totdat het kindje ermee klaar is. Doe voor wat ‘om de beurt’ is en wat ‘samen spelen’ precies inhoudt.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Samen spelen, samen delen‘.

 

(3) Je peuter wordt langzaam maar zeker zindelijk. 
jongen_zit_op_potje_02Veel kinderen worden als peuter zindelijk. Dat betekent dat ze actieve controle krijgen over hun eigen blaas en darmen. Natuurlijk gebeuren er ook wel eens ongelukjes, die tot frustratie en boosheid kunnen leiden; niet alleen bij je kind, maar ook bij jou als ouder. Realiseer je dat alle kinderen in hun eigen tempo zindelijk worden. Het is nergens voor nodig om het te overhaasten. Ook jouw kindje zal na verloop van tijd zindelijk zijn.

TIP: Stel je tijdens en na de zindelijkheidstraining in op ongelukjes. Ga er van uit dat ze gaan gebeuren. Dat is helemaal niet erg en ze horen er echt bij. Het ene kind heeft er meer last van dan het andere. Zorg er voor dat je als ouder niet boos, maar er juist rustig op reageert. Bij een ontspannen aanpak zonder strijd leert je kindje op een fijne manier om zijn blaas en darmen te beheersen en om op zichzelf te vertrouwen.

Verder lezen: Wil je graag checken of je kindje wel / niet klaar is om zindelijk te worden? Klik dan hier om een korte test te doen.
Wil je graag starten met het stimuleren van de zindelijkheid van je kind of merk je dat het nog best moeilijk is om je kindje zindelijk te maken (of te houden)? Lees dan meer over mijn cursus ‘Tijd voor Zindelijkheid’.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


(4) De spraak- / taalontwikkeling van je peuter: 

peuter8Gemiddeld genomen zeggen kinderen rond hun eerste jaar hun eerste woordje. Meestal is dat ‘papa’ of ‘mama’. Ze leren daarna steeds meer woordjes. Je ziet dat ze op deze leeftijd ook nog regelmatig gebruik maken van non-verbale communicatie; door te wijzen of een bepaalde gezichtsuitdrukking weet je als ouder vaak al wat je kindje bedoelt.

TIP: Om de taal- / spraakontwikkeling van je kindje te stimuleren kun je bijvoorbeeld steeds benoemen wat je doet, benoemen wat je pakt of benoemen wat je aan je kindje geeft. Op die manier leert je kind steeds beter wat de klanken die hij van jou hoort betekenen en koppelt hij ze aan voorwerpen, kleuren, vormen ed. Daarna zal hij het ook steeds vaker zelf proberen te zeggen.

Verder lezen: Lees het artikel ‘5 tips om nóg beter met je baby, dreumes en peuter te communiceren‘ (gastbijdrage van Esther Sluijsmans).

 

(5) Motorische ontwikkeling van je peuter: Lekker bewegen.
Werk in opdrachtOok op dit gebied zet je kindje letterlijk en figuurlijk grote stappen. Hij begint met een paar losse stapjes en dat worden er langzaam maar zeker steeds meer. Hij leert ook te springen, te rennen, met een bal te gooien en te vangen, tegen een bal te schoppen of zijn evenwicht te bewaren. Als je kindje wat ouder is, leert hij ook te hinkelen, huppelen of koprollen. Je kunt hem op dit gebied doorgaans goed stimuleren en aanmoedigen. Kijk wat je kindje kan / wil doen en probeer hem er – indien nodig – bij te helpen of doe het hem vaker voor.

TIP: Geef je kindje de mogelijkheid om veel te bewegen en om lekker actief te spelen. Juist door te doen, leert je kindje op deze leeftijd enorm veel. Laat je kindje ook dagelijks buitenspelen (bij voorkeur 2 uur per dag). Dat kan in je eigen tuin of in een speeltuin bij jou in de buurt. Aangezien peuters nog geen gevaar zien, is het wel belangrijk om een oogje in het zeil te houden.

Verder lezen: Lees ook m’n artikel ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen? (Interview op L1 Radio)‘.

 

(6) Emotionele ontwikkeling van je peuter: Driftbuien. 
jongen_driftbui_achteroverJe kind leert steeds beter wat zijn emoties zijn. Hij gaat er ook – onbewust – steeds meer mee experimenteren. Hij zal meer momenten hebben van groot verdriet en heftig huilen; ook merk je nu dat je kind soms ineens heel bang kan zijn (denk aan bang voor honden, spoken, monsters, heksen etc.).
Ook boosheid kan op deze leeftijd in alle heftigheid voorbijkomen. Vooral tussen 15 maanden en 3 jaar hebben de meeste kinderen last van ongecontroleerde uitbarstingen, de zg. driftbuien. Wat je dan aan je peuter merkt of ziet, is dat hij plots ongeduldig wordt, geen teleurstelling kan verdragen of geen ‘nee’ van jou kan horen. Met andere woorden: je peuter zou het liefst zijn eigen gang gaan, maar dat kan op dat moment niet. Als reactie barst je kindje in woede (of tranen) uit en gaat flink tegen je te keer. Sommige peuters gaan dan schreeuwen, krijsen, slaan, schoppen of houden een tijdje hun adem in (‘breath holding spells’).

TIP: Op het moment van een driftbui heeft je kind jou nodig om zijn emoties onder controle te krijgen en om tot bedaren te komen. Daarom is het ontzettend belangrijk dat jij rustig blijft op het moment dat je kind een driftbui heeft. Houd hem dan in de gaten (evt. op een afstandje), zodat hij zichzelf niet (onbedoeld) pijn gaat doen.

Verder lezen: In m’n  artikel ‘M’n kind heeft vaker driftbuien. Wat nu?’ lees je meer praktische tips over hoe je met een driftbui omgaat.

 

(7) Eten: Bang voor nieuwe dingen
peuter3Jonge kinderen kunnen soms bang zijn / worden voor nieuwe dingen; dat noemen we ‘neofobie’. Ze willen dan ineens niet meer eten; ze weigeren dan bijvoorbeeld om iets te eten dat ze niet kennen. Als je daar als ouder te veel in meegaat of als je je kind niet op een positieve manier stimuleert, dan zie je vaak dat kinderen steeds meer eten gaan weigeren. De maaltijd mondt uit in een machtsstrijd tussen ouder en kind. De gezelligheid aan tafel is dan ver te zoeken.

TIP: Voorkom dat je je kind gaat dwingen om toch iets te eten. Dwingen werkt helaas averechts. Houd oog voor wat je kind wél goed doet aan tafel en benoem dat. Als je kind weet wat hij goed doet, dan is de kans groter dat hij dat opnieuw of vaker zal gaan doen.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips)’.

 


fb_cursus_help_mijn_kind_luistert_niet
Cursus ‘Help, mijn kind luistert niet!?’
Wil je graag weten hoe je ervoor zorgt dat je kind beter én sneller naar je luistert?
Op een positieve, liefdevolle en constructieve manier.

=> Dan is deze cursus precies wat je zoekt.
=> Vraag nu GRATIS Les 1 van deze cursus aan.

Lees hier wat je allemaal van deze cursus mag verwachten.


 


(8) Slapen: Dutjes & monsters

meisje_huilend_uit_bedSlapen is op alle leeftijden heel belangrijk, dus ook voor je peuter. Ook op dit gebied van slaap verandert er van alles voor je kind: je jonge peuter gaat van twee naar één dutje en je oudere peuter gaat van één naar geen middagslaapje. Kort na zo’n verandering zal je kindje eraan moeten wennen dat hij wat minder slaap krijgt. Dat betekent niet alleen dat je kindje sneller of vroeger moe is, maar ook dat je kindje minder kan verdragen of prikkelbaarder is. Een mogelijk gevolg is dat een drift- of huilbui sneller kan optreden.
Daarbij is het voor je peuter nog bijna onmogelijk om feit en fictie uit elkaar te halen. Het heeft nog zo’n levendige fantasie dat het echt gelooft dat er een krokodil onder zijn bed ligt of dat er monsters / heksen op zijn kamer zijn. Je kind kan daar echt heel erg bang van worden.

TIP: Het heeft geen zin om te zeggen dat je kind zich ‘niet moet aanstellen’ of dat monsters / heksen niet bestaan. Voor je kindje bestaan ze namelijk wel en zijn ze echt. Hij gelooft er echt in (‘magisch denken‘). Neem daarom de zorgen van je peuter serieus, ga echter niet mee in zijn angst en stel hem uiteraard gerust. Kijk bijvoorbeeld samen onder zijn bed, zodat hij zeker weet dat daar niks ligt of jaag alle monsters met speciale ‘Monsterspray’ zijn kamer uit.

Verder lezen: In m’n artikel ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)‘ lees je of je peuter er klaar voor is om het middagdutje over te slaan en hoe je dat kunt aanpakken. In m’n artikel ‘Ga nou toch lekker slapen, liefje! – 5 tips om je kind te leren slapen‘ lees je hoe je er voor zorgt dat je kindje ’s avonds rustig in slaap valt.

 

(9) Cognitieve ontwikkeling van je peuter: 
voorlezen_moeder_kind_op_bedMet de cognitieve ontwikkeling van je peuter bedoel ik zijn leervermogen. Hij leert allerlei nieuwe vaardigheden: hij leert steeds beter te begrijpen wat er om hem heen gebeurt, hij kan zijn geheugen steeds beter gebruiken en leert om kleine problemen aan te pakken en op te lossen. Ook kan hij steeds langer ergens zijn aandacht bij houden en zich langer op een taakje concentreren.

TIP: Om de cognitieve ontwikkeling van je peuter te stimuleren is het goed om dagelijks met je kindje te lezen. In de bibliotheek vind je allerlei (prenten)boeken, die uitermate geschikt zijn voor jonge kinderen. De thema’s in deze boeken sluiten vaak heel mooi aan op de belevingswereld van je kindje. Daarbij is samen lezen een mooie, gezellige één-op-één-activiteit, die kinderen doorgaans heel fijn vinden om samen met papa of mama te doen. Samen lezen vergroot ook nog eens zijn aandachtspanne en concentratievermogen en stimuleert zijn taal- / spraakontwikkeling. Dus door regelmatig voor te lezen, sla je heel makkelijk een aantal vliegen in één klap.

Verder lezen: Lees ook m’n artikel ‘Nog een keer lezen, nog een keer’- 5 eenvoudige tips om samen (voor)lezen met je kind nóg leuker te maken‘.

 

(10) Grote zus of broer worden: 
ouderschap_zwangere_buik_oudste_dochter2Veel kinderen worden op deze leeftijd ineens grote broer of grote zus. Dat is voor henzelf een grote omslag. Ineens moeten ze de aandacht, die ze altijd van papa en mama kregen, delen met een ander kindje. Het ene kindje gaat makkelijker met deze verandering om dan het andere.

TIP: Bereid je peuter goed voor op de komst van zijn broertje of zusje. Laat hem waar mogelijk helpen met de veranderingen in huis. Als hij bijvoorbeeld in een andere kamer gaat slapen, kan hij zelf zijn knuffels naar de nieuwe kamer verhuizen. Als hij in een ander (groter) bed gaat slapen, dan kan hij zelf een mooi dekbedovertrek uitzoeken. Laat je peuter ook helpen met de inrichting van de babykamer. Als de baby er eenmaal is, kun je je kindje een cadeautje geven ‘namens de baby’.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Hoera, er komt een kindje bij! – 5 tips over hoe je je oudste voorbereidt op een broertje of zusje.‘.

 

Wat kun je nog meer doen als ouder om de frustraties, boosheid en heftige emoties van je peuter het hoofd te bieden? 

[A] Bewaar je rust, ook in uitdagende opvoedsituaties. 
moeder_meisje_lachend_bosProbeer zo veel als mogelijk rustig op je kindje te reageren, ook tijdens een pittige of heftige opvoedsituatie. Je kindje mag best aan jou merken dat een grens is bereikt en dat je niet altijd zo maar meegaat in wat je kindje wil. Het is belangrijk om hem dat op een rustige manier duidelijk te maken.

[B] Geef je kind duidelijkheid: ‘zeg wat je doet, doe wat je zegt’. 
Als je in allerlei situaties op dezelfde manier op je kindje reageert, dan weet hij steeds beter wat hij van jou kan verwachten en wat de bedoeling is. Dat vinden kinderen fijn; dat geeft hen rust en vertrouwen. Houd je vast aan de uitdrukking ‘zeg wat je doet, doe wat je zegt’: leg uit wat je gaat doen of wat je van je kindje verwacht en zorg er – op een fijne, liefdevolle manier voor – dat dat ook gebeurt.

[C] Geef je kind voldoende positieve aandacht. 
Speel met je kind, zodat je je kind voldoende positieve aandacht kunt geven. Alle kinderen hebben dat nodig. Probeer dan aan te sluiten bij wat je kind op dat moment aan het doen is. Uiteraard is dat ook een mooie gelegenheid om je kind iets nieuws te leren. Als je kind met de duplo aan het spelen is, kun je samen een ‘superhoge’ toren; zo hoog mogelijk (totdat hij omvalt). Of je probeert samen een puzzel te maken; eerst eentje die past bij zijn leeftijd en dan – afhankelijk van hoe het je kindje afgaat – maak je de puzzel wat makkelijker of juist wat moeilijker. Zo kun je je peuter stimuleren, op een manier en op het niveau dat goed bij hem past.
Ook als iets bij het spelen niet meteen lukt of als het je kindje niet zo leuk lijkt te vinden, hoeft dat niet te betekenen dat hij dat nooit meer gaat doen. Juist door het toch nog eens klaar te leggen, door het vaker te doen of door het regelmatig samen te oefenen, gaat het hem steeds beter af én is de kans groot dat hij het steeds leuker gaat vinden.

[D] Accepteer dat het de ene dag beter gaat dan de andere. De peuterpuberteit kan voor ouders best een heftige periode zijn. Onderschat het niet. Maar wees ook realistisch: er zijn niet alleen dagen waarop het niet lekker loopt, er zitten ook hele fijne dagen tussen. En bedenk: liep het vandaag niet zo lekker? Begin dan morgen weer met frisse moed en een schone lei.

[E] Vergeet niet dat je kindje nog altijd heel lief kan zijn en op momenten heel fijn is in de omgang. Ook als hij nu regelmatig een driftbui heeft of veel huilt, zijn er nog altijd momenten waarop je veel plezier aan hem beleeft en hij jou veel liefde geeft. Geniet van deze momenten. Laat die fijne momenten niet overschaduwen door de lastige(re) opvoedmomenten.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Referenties van gebruikte literatuur voor dit artikel: 
– Voorkom myopie bij jouw kind, met het gratis myopie-pakket. [ Klik hier. ]
– Woolfson, R. (2001). De pientere peuter. Uitgeverij Cantecleer: Baarn.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).
– ‘10 basistips om je baby, kind of tiener lekker te laten slapen.
– ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)
– ‘Boos zijn kun je leren! | 6 stappen om je kind te leren zijn boosheid te beheersen.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).

jongen_wil_niet_eten_spaghettiAlle kinderen hebben wel eens geen zin om te eten, jouw kind vast ook. En er zijn altijd wel dingen die je kind eet, dus dat is niet meteen een reden om je grote zorgen te maken.

Je ziet wel duidelijke verschillen tussen kinderen: het ene kind eet bijvoorbeeld gezonder, gevarieerder of meer dan het andere. Dat is niet erg, zo lang je kind maar goed groeit, zich goed ontwikkelt en jij je er geen zorgen om maakt. Zodra je kind niet goed groeit, zich niet goed ontwikkelt of jij je er wel zorgen over maakt, dan zorgt dat voor spanningen aan tafel. En die spanningen komen het eten van je kind helaas niet ten goede.

Om ervoor te zorgen dat de kans groter wordt dat je kind beter eet, heb ik 10 basistips voor je op een rijtje gezet. Als je die basistips thuis toepast, dan merk je dat de sfeer aan tafel gezelliger wordt én dat je kind beter gaat eten.

⇒ In dit artikel lees je dan ook mijn 10 basistips, die er samen voor zullen zorgen dat je kind beter gaat eten.

 

LET OP: Deze basistips zijn niet alleen van toepassing op kinderen, die moeilijk of slecht eten, maar zorgen in het algemeen voor een positieve eetopvoeding van kinderen. Ze zijn ook geschikt bij een vegetarische eetopvoeding of als je kind volgens een bepaald dieet moet eten.

(1) Zorg voor vaste eetmomenten. 
gezin_samen_aan_tafel2Het is belangrijk om door de dag vaste momenten te hebben waarop jullie eten. Begin met een ontbijt, neem dan een tussendoortje*, dan volgt de lunch, dan kun je weer een tussendoortje pakken en vervolgens sluit je de dag (op eetgebied) af met de avondmaaltijd.
*: Bij voorkeur een stuk fruit of rauwe groente. Beperkt snoepjes en koekjes tot een ‘soepmoment’ per dag (bijv. tijdens het tussendoortje ’s middags).

Door een vast ritme aan te houden, zorg je ervoor dat je kind regelmatig eet; het eet dus niet de hele dag door of meteen op het moment dat het een beetje trek krijgt of honger heeft. Nee, je kind eet op de momenten waarop je dat als ouder aangeeft.

Hierbij hoort ook dat je de momenten waarop je kind (te) weinig eet, niet gaat inhalen. Bij het volgende eetmoment mag je kind natuurlijk weer gewoon eten, maar niet tussen de aangegeven eetmomenten door.

TIP: Als je merkt dat je kind bij het avondeten nog maar weinig trek / honger heeft, dan heeft je kind door de dag waarschijnlijk al genoeg of misschien zelfs te veel gegeten. Let dan op de portiegroottes van de eetmomenten, die vóór het lastige eetmoment komen. Maak die porties evt. wat kleiner.

(2) Voorkom dat je kind te veel drinkt.

Glass Of WaterVoldoende drinken is belangrijk, ook voor je kind. Maar, als je kind te veel drinkt, dan gaat dat ten koste van zijn eetlust. Dus: als je kind voor het eten te veel drinkt, dan heeft hij minder honger. Zeker als je kind dan ook nog eens graag drankjes met suiker drinkt, want die zorgen voor een groter verzadigd gevoel.

Dit heeft je kind dagelijks nodig aan drinken (volgens het Voedingscentrum)
– Kind van 4-8 jaar: dagelijks 1 tot 1,5 liter drinken (waarvan 300 ml zuivel).
– Kind van 9-12 jaar: dagelijks 1 tot 1,5 liter drinken (waarvan 450 ml zuivel).

Praktische handvaten: 
(A) Wil je de komende tijd goed in de gaten houden of je kind voldoende drinkt? Zet dan ’s ochtends een karaf met water op het aanrecht met de totale hoeveelheid drinken dat je kind officieel nodig heeft. Als de karaf aan het eind van de dag leeg is, dan heeft je kind (bij benadering) voldoende gedronken.

(B) Probeer er zoveel mogelijk voor te zorgen dat je kind tijdens de maaltijden of tussendoortjes gaat drinken (maar ook dan weer niet te veel). Uiteraard zijn er altijd uitzonderingen: bij warm weer of grote lichamelijke inspanning mag je kind natuurlijk meer of vaker tussendoor drinken.

(C) Laat je kind vooral water, (afgekoelde) thee of zuivel drinken. Dat zijn allemaal drankjes zonder (of met een beperkte hoeveelheid) suiker. Dit zijn doorgaans de beste dorstlessers.

(D) Wanneer je het idee hebt dat je kind te veel drinkt of door het drinken te weinig eet, dan kun je het drinken van je kind op het aanrecht laten staan. Daardoor heeft je kind zijn beker niet steeds bij zich en moet hij meer moeite doen om te gaan drinken. Ga op zoek naar een goede balans, zodat je kind voldoende drinkt, maar niet onnodig veel.

 

(3) Eet als gezin zoveel mogelijk samen aan tafel.
gezin_samen_aan_tafelDeze tip ken je waarschijnlijk wel: zorg ervoor dat je als gezin zoveel mogelijk samen aan tafel eet. Alleen is dat vaak helemaal niet haalbaar. Vandaar dat ouders vaak denken: dat gaat ons toch niet lukken, dus laat maar…

Uiteraard is het niet realistisch om te verwachten dat je vanaf nu bij alle maaltijden met het hele gezin aan tafel moet gaan zitten. Als jij (of je partner) overdag werkt, als jullie onregelmatige werktijden hebben of als je (oudere) kind lid is van een muziek- / sportvereniging, dan is het gewoonweg onmogelijk om iedere dag samen aan tafel te zitten. Dat lukt eenvoudigweg niet.

⇒ Als dat bij jullie ook het geval is, zoals bij zoveel gezinnen, dan zit er niks anders op dan om met iedereen, die wel thuis is rond etenstijd, samen te eten.

Het voordeel van ‘samen aan tafel eten’ is dat je op die manier beter de rust kunt bewaren. Als je tijdens het eten namelijk een gevoel van onrust of stress ervaart, dan vermindert je eetlust. Dus ook onrust en stress zijn niet bevorderlijk voor een gezonde eetopvoeding.

TIP: Hebben jullie als gezin een heel druk schema, waardoor jullie bijna nooit samen aan tafel kunnen eten? Ga dan op zoek naar eetmomenten, waarop jullie wél allemaal samen aan tafel kunnen zitten. Spreek af dat er op die momenten niks anders gepland wordt dan jullie eetmoment, zodat jullie er samen voor zorgen dat jullie toch een paar keer per week als gezin samen kunnen eten.

 

(4) Laat alle afleidingen aan tafel achterwege.
kind_huilt_aan_tafel_tabletWat doorgaans dus wel haalbaar is, is om aan tafel te gaan zitten tijdens het eten. Als je de tv aan hebt staan, als je steeds op je telefoon kijkt of als er speelgoed op tafel ligt, dan zorgt dat voor afleiding. En afleiding zorgt er weer voor dat je niet merkt hoeveel je precies eet. Je eet dan meer op de ‘automatische piloot’ en je staat niet stil bij je ‘hongergevoel’.

Vooral kinderen moeten leren om op hun hongergevoel af te gaan om zelf te leren beoordelen of ze nog wat willen eten of dat ze al genoeg hebben gehad. Dat leren ze het beste als ze hun aandacht bij het eten kunnen houden en ze dus niet door allerlei zaken afgeleid worden.

Concreet betekent dat dat je tijdens het eten de tv uitzet en alle apparaten (incl. telefoons) en speelgoed van tafel gaan. Alleen op die manier heb je aandacht voor het eten.

Bijkomend voordeel is ook nog eens dat je op die manier meer aandacht hebt voor elkaar en op die manier samen een gesprek kunt voeren. Want dat is wat je – naast dat iedereen lekker eet – het liefste zou willen bewerkstelligen. Toch…?

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(5) Wennen aan (nieuw) eten kost tijd.

groente_fruit_appelvorm.jpgWist je al dat het soms tot wel 10-15 keer aanbieden kan duren voordat je kind een ingrediënt of gerecht leert waarderen? Dat betekent in de praktijk dat – stel je maakt dat gerecht, dat je kind nu niet lekker vindt, 1x per week – het 10-15 weken duurt voordat je kind het zonder mopperen gaat eten.

Je hebt als ouder dus echt een lange adem nodig om je kind iets nieuws te leren eten of om je kind iets te laten eten wat het nu niet wil eten. Bij sommige ingrediënten of gerechten kan het wat langer duren, bij andere duurt het juist minder lang. In het laatste geval gaat het meestal om zoete of vette voeding.

Kortom: om ervoor te zorgen dat je kind leert om nieuwe ingrediënten of gerechten te eten, blijf je dat gerecht of dat ingrediënt met regelmaat aanbieden. Laat je kind dan ook iedere keer een hapje proeven. Als je de gerechten of ingrediënten, die je kind nu niet lekker vindt, helemaal niet meer aanbiedt en je kind er dus geen hapje van laat eten, dan zal je kind ook niet leren om het toch te eten.

 

(6) Kook voor iedereen hetzelfde. 
aardappel_groente_vlees_op_bord_ei.pngIk hoor vaker van ouders dat het klaarmaken van de warme maaltijd zo veel tijd kost. Niet omdat ze dan één gerecht klaarmaken voor hun gezin, maar omdat ze meerdere dingen klaarmaken, zodat iedereen aan tafel wat kan eten.

Bijvoorbeeld:
Ze maken voor een deel van het gezin een gerecht dat bestaat uit aardappelen, groente, vlees. Maar omdat dochter dat vlees niet lekker vindt, maken ze ook nog een stukje ander vlees klaar. En omdat zoon liever geen gekookte aardappelen eet, maar wel gebakken aardappeltjes, worden er ook nog een paar aardappels gebakken. En omdat papa liever geen bloemkool eet, wordt er ook nog een pan met worteltjes klaargemaakt.

Je begrijpt wel dat je dat als ouder niet alleen enorm veel energie kort om het klaar te maken, maar het zorgt er ook voor dat niemand, die aan tafel zit, leert om met de pot mee te eten. Er wordt met iedereen rekening gehouden. En ik snap heel goed dat je als ouder rekening wilt houden met iedereen, dat je dat met de beste bedoelingen doet, maar het is toch belangrijk om voor iedereen aan tafel hetzelfde klaar te maken. Want alleen op die manier geef je je kind te proeven van iets wat hij nu nog eet en leer je iedereen aan tafel te eten ‘wat de pot schaft’. 

(7) Dwing je kind niet om te eten.
Young Hispanic Family Enjoying Meal At HomeSoms kan een maaltijd zo frustrerend zijn: je wil als ouder zo graag dat je kind een hap proeft van wat je hebt klaargemaakt. Je weet dat het goed en veilig is klaargemaakt en dat er eigenlijk geen reden is om het niet te eten. Toch protesteert je kind en wil je kind het niet. Dat kan voor een groot gevoel van frustratie, boosheid of misschien wel woede zorgen.

Je bent dan misschien wel geneigd om je kind steeds aan te moedigen om een hapje te nemen, om je kind bij de les te houden en steeds op het eten te wijzen. Op een gegeven moment ga je je kind misschien zelfs de hapjes maar weer voeren, terwijl je weet dat je kind het gewoon zelf kan.

Je probeert je kind te stimuleren om toch nog wat te eten. Alleen wordt dat stimuleren al heel snel ‘dwingen’. De grens tussen stimuleren en dwingen is nou eenmaal heel dun. En dwingen werkt helaas averechts. Het kan een negatieve associatie met eten opleveren. Vandaar dat het belangrijk is om het dwingen tijdens het eten ten allen tijde te voorkomen.

In mijn opvoedcoaching zie ik het vaak gebeuren: hoe meer ouders hun kind dwingen om toch nog wat te eten, hoe meer het kind zijn hakken in het zand zet en weigert om nog wat te eten. Als ouder raak je nog meer gefrustreerd en in je achterhoofd blijf je maar steeds horen ‘ze heeft nog niet genoeg gehad’ of ‘hier kan hij toch niet goed op groeien’. En je probeert het nog een keer; wat directiever deze keer. Maar hoe meer jij aandringt, hoe meer je kind protesteert. Jullie zijn in een vicieuze spiraal terechtgekomen…

TIP: Om te voorkomen dat je je kind gaat dwingen om te eten, is het belangrijk om je kind max. 3x per maaltijd aan te moedigen om nog een hapje te eten.

 


GRATIS Online cursus ‘Stop de Strijd aan Tafel’
fb_cursus_stop_de_strijd_aan_tafelIn deze waardevolle online cursus leer ik je in 3 lessen hoe je er als ouder zelf voor zorgt dat je kind gezond, gevarieerd en genoeg leert eten.
Want dat kan echt!
In die 3 lessen leer ik je aan de hand van 10 belangrijke ingrediënten én 15 praktische tips hoe je de strijd aan tafel stopt én hoe je je kind beter laat eten.
Alle tips kun je direct thuis toepassen.
Deze cursus bestaat uit ruim 40 minuten aan videomateriaal; enorm waardevol dus!

⇒ Vraag deze online cursus eenvoudig aan door een mailtje te sturen naar info@aksecoaching. Zet dan ‘Online cursus Stop de Strijd aan Tafel’ in de onderwerpregel. Helemaal GRATIS!


(8) Laat je kind dagelijks voldoende bewegen.
kinderen_buiten_spelen_vliegtuigjeAls je kind actief is, veel lichaamsbeweging heeft en lekker veel buiten speelt, dan is de kans veel groter dat je kind een goede eetlust heeft dan wanneer het een lekker luie dag heeft gehad. Dus voldoende beweging wekt de eetlust op.

TIP: Als je kind nu niet goed of genoeg eet, dan is het goed om de lichaamsbeweging van je kind te vergroten. Denk dan aan minstens een uur van matig inspannende activiteit per dag.

(9) Laat je kind voldoende slapen.
meisje_slaapt_op_knuffelDe relatie tussen eten en slapen wordt in het dagelijks leven vaak weinig gelegd, toch is die duidelijk aanwezig. We weten namelijk dat kinderen, die (te) weinig slapen, meer kans hebben op overgewicht. Te weinig slaap leidt namelijk tot een toenemend hongergevoel.

Door slaaptekort raken hormonen uit balans, waardoor je kind minder duidelijk voelt wanneer hij verzadigd is en wanneer hij honger heeft. Daarnaast heeft je kind meer eetmomenten op een dag als hij minder slaapt, omdat de dag dan eenvoudigweg langer duurt.

TIP: Zorg ervoor dat je kind voldoende slaapt, zodat hij beter aanvoelt wanneer hij verzadigd is en wanneer nog niet.
Is je kind geen goede slaper? Lees dan hier wat je daaraan kunt doen.

(10) Focus op wat er goed gaat aan tafel.
gezin_aan_tafel_tienersAls je kind op dit moment niet goed eet, dan merk je al snel dat dat negatieve gevolgen heeft voor de sfeer en gezelligheid aan tafel. Hoe meer jij bezig bent met het slechte eten van één van je kinderen, hoe groter de kans is dat jij gefrustreerd, boos of kwaad wordt. En jouw negatieve reactie op je kind komt ook de band met je kind niet ten goede.

TIP: Neem een ondersteunende en stimulerende houding aan en focus op wat er goed gaat. Ook je kind dat nu slecht eet, doet dingen aan tafel die wel goed of prettig zijn. Benoem dat, heel concreet en specifiek. Dit geeft je kind zelfvertrouwen en zorgt ervoor dat de sfeer aan tafel goed blijft.

 

Ook jouw kind kan beter gaan eten!
moeder_dochter_samen_bakkenAls je aan deze 10 basisvoorwaarden hebt voldaan, dan ben ik ervan overtuigd dat je kind beter gaat eten. Uiteraard werken deze voorwaarden niet van vandaag op morgen en is het belangrijk dat je er de komende weken 2-3 consequent mee aan de slag gaat.

 

Merk je daarna nog geen of onvoldoende verbetering in het eetgedrag van je kind?
Neem dan contact met me op, zodat we samen kunnen gaan kijken hoe we je kind beter gaan leren eten. Naast deze basisvoorwaarden, die je hierboven las, zijn er veel mogelijkheden om je kind beter te leren eten, minder te laten zeuren over het eten, vaker te laten proeven etc. Zeker als je merkt dat jij en/of andere gezinsleden ook last hebben van de negatieve sfeer aan tafel of het slechte eetgedrag van je kind is het belangrijk om nu actie te ondernemen. Wacht dan ook niet langer en neem contact met me op.

⇒ Jij wilt toch ook dat je kind gezond, gevarieerd en genoeg leert eten?
Onderneem daarom nu actie, in het belang van je kind.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Gebruikte literatuur, websites ed. voor het schrijven van dit artikel: 
– ‘Wat geef ik mijn kind te drinken? (4-13 jaar)’. Voedingscentrum. Klik hier.
– ‘Richtlijn: Voeding en eetgedrag (2013, aanpassing 2017)‘. Nederlands Centrum Jeugdgezondheid. Klik hier.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘Vind ik niet lekker!‘ (Over jouw rol aan tafel en hoe jij er voor kunt zorgen dat je kind beter eet.).
– ‘Mijn kind eet zo slecht. Moet ik me zorgen maken?‘ [Interview met eetexpert drs. Eline de Haan].
– ‘Help, mijn kind is een lastige eter! Wat nu?‘ | 5 do’s & don’ts  (Interview op L1 Radio).
– ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen?‘ (Interview op L1 Radio)
– ‘Laat dat nou! | 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt‘.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

 

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Leuke, eenvoudige activiteiten voor in huis: Inspiratie voor jou en je kind

meisjes_liggen_verveeld_op_grondVindt jouw kind het soms ook lastig om te bedenken waar hij nu weer mee kan spelen? Weet hij vaak niet wat hij kan gaan doen? Verveelt je kind zich snel?

⇒ Dan heb ik nu een mooie oplossing voor je: de Anti-Verveelpot.

Zoals de naam van deze pot al zegt, zorgt hij ervoor dat je kind zich niet meer zo snel verveelt en heel makkelijk ideeën krijgt om iets te gaan doen. Hieronder leg ik je precies uit hoe je – samen met je kind – aan de slag kunt om de Anti-Verveelpot te gaan maken én om ‘m meteen in gebruik te nemen.

O ja, nog even terug naar dat ‘vervelen’…
Alle kinderen vervelen zich wel eens en dat is helemaal niet erg. Het lijkt er zelfs op dat kinderen, die zich vervelen, creatiever worden. Laat ze zich dus maar lekker vervelen, zou je zo zeggen. Toch kan het best onhandig zijn als je kind zich verveeld, want hij/zij kan dan ook zomaar ineens anderen gaan vervelen. En dat is natuurlijk weer níet de bedoeling…
Herken je dat van bij jou thuis? Lees dan gauw verder.

potten_anti_verveling_01

Wat heb je nodig?
– Een glazen pot, plastic / houten doosje.
– Kleine papiertjes (alle kleuren zijn goed).
– Een pen.

⇒ Pak dan onderstaand lijstje erbij om je kind een aantal ideeën te geven.

TIP
Schrijf alles wat je kind thuis / binnenshuis* kan doen op kleine briefjes en doe al die briefjes bij elkaar in een mooie pot. Uiteraard mag je kind ook zelf briefjes schrijven; dan heb je al meteen de eerste activiteit te pakken. Hieronder vind je een mooie lijst met allerlei ‘gewone’ activiteiten ter inspiratie.
* Voor dit artikel ligt de focus op activiteiten binnenshuis. Buitenshuis zijn natuurlijk ook veel leuke dingen te doen, dus als je wil, mag je die zelf aan de briefjes toevoegen.

⇒ En dan is het eigenlijk heel simpel:
Als je kind even niet weet wat hij kan doen, dan grabbelt hij een briefje uit de pot. Hij leest welke activiteit erop het briefje staat en gaat dat doen.

Het is overigens wel goed om een aantal afspraken te maken. Afspraken zijn eigenlijk altijd wel belangrijk, zeker om discussies te voorkomen, dus ook bij de Anti-VerveelPot… 😉

Denk dan aan de volgende afspraken:
– Per keer trek je één briefje.
– De activiteit, die je op het briefje leest, ga je in de volgende 15 minuten gewoon doen (dus je grabbelt niet nog eens als je de activiteit niet leuk vindt).
– Als die tijd om is en je weet dan ook niet wat je kunt gaan doen, dan mag je weer een briefje grabbelen.
In het begin is het natuurlijk hartstikke leuk om te grabbelen en verrast te worden door de activiteit die je leest, maar dat is geen probleem.
– Spreek van te voren af welke activiteiten je kind op dat moment wel / niet kan doen of hoeveel tijd hij max. voor een activiteit heeft (bijv. een film duurt al gauw zo’n 1,5 uur; die tijd heb je niet altijd). Als er specifieke voorwaarden aan een activiteit kleven, dan is het goed om dat meteen op het briefje erbij te zetten.

 


thumbnail_anti_verveelpot_video

KLIK HIER om de video te bekijken, die ik over de Anti-VerveelPot opnam.


 


kind_speelt_met_blokkenHieronder vind je een overzicht van allerlei activiteiten, die je op de briefjes kunt zetten.
Uiteraard noteer jij of je kind alleen die activiteiten, die je kind redelijkerwijs (samen / alleen) thuis kan uitvoeren. Dat is afhankelijk van zijn leeftijd, ontwikkelingsniveau of – heel praktisch – van de spullen en het speelgoed dat je in huis hebt. En als je zelf nog meer ideeën hebt, dan mag je die natuurlijk gewoon aanvullen, zodat de Anti-VerveelPot zo goed mogelijk aansluit bij jullie eigen situatie.

Samen spelen met je kind:

  • gezin_kussengevecht_in_bedBord- / gezelschapsspelletjes
  • Verstoppertje spelen door het hele huis
  • Verstoppertje spelen door het hele huis (in het donker)
  • Verstop een knuffeltje of ander speelgoed en laat je kind er naar zoeken.
  • Samen een hut bouwen in de woonkamer.
  • Zakdoekje leggen
  • Stoelendans
  • Maak een ‘parcours’ in de woonkamer, waar je kind kan klimmen, kruipen, springen, tijgeren, koprollen, hinkelen, achterlopen etc.
  • Handwerken (denk aan breien, haken, vingerhaken, punniken, borduren etc.)
  • Meehelpen met koken.
  • Bak een lekkere cake of cupcakes (alleen als de ingrediënten in huis zijn).
  • Met de poppenkast spelen.
  • Een boek voorlezen door … (vul in met wie je kind dat gaat doen)
  • Houd een kussengevecht met … (vul in met wie je kind dat gaat doen)
  • Laat papa of mama jou een hoofdstuk voorlezen uit je favoriete boek.
  • Vraag aan je mama of papa welk klusje je kunt doen.
  • Sluit aan bij wat je broertje / zusje aan het doen is en speel met hem/haar mee.
  • Jouw eigen ideeën, namelijk …

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


Wanneer je kind
alleen gaat spelen:

  • meisje_speelt_met_vliegtuigjeMaak een schatkaart voor in huis met een echte ‘schat’ (oftewel een speurtocht in huis).
  • Met je (speelgoed)keukentje of werkbank.
  • Met de plastic kommen uit de keuken (van papa / mama).
  • Een hut bouwen in de woonkamer (met stoelen & dekens).
  • Met de duplo, lego of andere blokken (denk aan houten blokken, kapla).
  • Luister naar een sprookje / verhaaltje (bijv. luister-cd, luisterboek, Lekturama)
  • Dans op je lievelingsmuziek en/of zet een dansstudio op van jouw favoriete muziekgroep.
  • Verzin een verhaal en schrijf het op.
  • Speel een spelletje op de laptop, iPad, telefoon, tablet (max. 15 min.).
  • Oefen op je muziekinstrument.
  • Lees een boek.
  • Tekenen of kleuren.
  • Stickeren of stempelen.
  • Nagels lakken of ‘make-up-en’.
  • Knutselen of kleien.
  • Met de rubix’s kubus (of maak een andere lastige puzzel / breinbreker).
  • Puzzelen.
  • Met de kralen spelen (bijv. strijkkralen of kralen om een ketting mee te maken).
  • TV kijken. (max. 15 min.).
  • Met de k’nex spelen.
  • Zoek een film uit en kijk ‘m. (Alleen als de planning dat op dat moment toelaat.)
  • Met de poppen of Barbies spelen.
  • Met de auto’s of trein spelen.
  • Met de dino’s spelen.
  • Met de Playmobil spelen.
  • Verkleden.
  • Maak alvast een verlanglijstje voor je verjaardag, Sinterklaas of de kerstman.
  • Geef iemand anders een compliment.
  • Geef je mama / papa / broertje / zusje een dikke knuffel. 😉
  • Jouw eigen ideeën, namelijk …

 


Extra voordeel van de Anti-VerveelPot:
Je kind speelt waarschijnlijk ook weer eens met speelgoed dat hij allang vergeten was…


 


Activiteiten, die je kind met / voor anderen, die niet bij jullie in huis wonen, kan doen:

  • Woman Videochatting With Family On LaptopJe mag even met iemand (beeld)bellen (bijv. opa, oma, tante, oom, vriendinnetje, vriendje)
  • Schrijf een lief kaartje voor iemand en doe ‘m op de brievenbus.
  • Bedenk wie binnenkort jarig is en maak een leuke tekening voor hem / haar.
  • Maak een tekening voor je neefje of nichtje en stuur ‘m als verrassing via de post op.
  • Jouw eigen ideeën, namelijk …


Meedenken mag!

Als je zelf nog ideeën hebt, die je aan deze lijstjes toe kunt voegen, dan hoor ik die graag. Plaats ze onder dit bericht en dan neem ik ze misschien wel over in dit artikel.

⇒ Ik wens jou en je kind in ieder geval veel plezier met de Anti-VerveelPot!

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!


kinderen_voetballen_buiten_op_grasEXTRA TIPS: Ben je ook op zoek naar tips om je kind lekker BUITEN te laten spelen? 
⇒ Lees dan één van deze artikelen:
– ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen?
– ‘Zit nou toch NIET stil! | Over: Hoe je je kind stimuleert om MEER te bewegen.


 

Merk je dat je het lastig vindt om je kind of tiener naar je te laten luisteren, dat hij minder goed eet of slaapt?
Neem dan contact met me op. Ik heb meerdere manieren om ervoor te zorgen dat jouw opvoedaanpak weer positief, fijn én effectief wordt én dat jouw kind binnen enkele weken al beter naar je luistert, beter eet en/of beter slaapt. Je leest er hier meer over.

 

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘Mama, ik verveel me…‘ | Pak de verveling in de vakantie aan.’
– ‘Ik mag hier ook nooit iets!‘ | Hoe je je kind of tiener steeds wat meer vrijheid geeft.
– ‘Boos zijn kun je leren!‘ | 6 stappen om je kind te leren zijn boosheid te beheersen.
– ‘Welke afspraken maak je met je kind of tiener over gamen en telefoongebruik?
– ‘Stop met schreeuwen!‘ (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind)
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuw

Ga (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Zo wordt schoolwerk kinderspel! [incl. GRATIS downloads]

moeder_zoon_werk_schoolwerkNou ja, kinderspel wordt het misschien niet, maar je kunt het jezelf wel makkelijker maken. O.a. door een dagschema* voor je kind te gebruiken.
* Of dagstructuur, dagindeling, dagprogramma. Je snapt wel wat ik bedoel… 😉

He bah, een dagschema, denk je misschien… Wellicht ben jij één van de ouders, die totaal niet van de structuur is. Je hebt liever de vrijheid om te zien wat er gebeurt en daar kun je doorgaans goed op inspelen. En dat mag!
Voor de ouders, die structuur van nature al fijn vinden: dit is helemaal je ding.


Toch weten we uit onderzoek dat alle kinderen baat hebben bij structuur en duidelijkheid.
Dat geldt voor kinderen van alle leeftijden, dus zowel voor basisschoolleerlingen, voor tieners in het voortgezet onderwijs als voor kinderen die nog niet naar school gaan.En zeker nu de normale dagstructuur van naar school of de opvang gaan, weggevallen is én ze wellicht hier en daar ook de onzekerheid meekrijgen over het corona-virus, is het belangrijk om thuis een duidelijke structuur aan te brengen.

Als kinderen namelijk weten waar ze aan toe zijn, dan heeft dat niet alleen als voordeel dat ze zich vertrouwd en veilig voelen, maar ook dat je thuis minder discussies hebt over wat ze wanneer mogen doen.
gezin_eet_ontbijt_samen

Waarschijnlijk heb je vast al wel een bepaalde structuur in huis. Denk maar eens aan de eetmomenten. Doorgaans zul jij ook wel de volgende eetmomenten aanhouden: ontbijt, tussendoortje (’s ochtends), lunch, tussendoortje (’s middags) en avondeten.

Je kind is waarschijnlijk goed gewend aan deze vaste eetmomenten, zeker op de dagen dat het naar school gaat. Dus ook in deze situatie, waarin je kind zijn schoolwerk niet op school maar thuis maakt, is het goed om deze vaste momenten aan te blijven houden.

Tussen de eetmomenten door kun je natuurlijk heel goed allerlei andere activiteiten inplannen. Normaalgesproken doe je dat waarschijnlijk wat meer ‘uit de losse pols’, maar nu is het handig om de tijden beter in de gaten te houden. Op die manier zorg je er namelijk voor dat er voldoende afwisseling zit in de dagindeling van je kind. Zo heeft je kind niet alleen voldoende tijd om zijn schoolwerk te maken, maar heeft hij ook voldoende tijd om te bewegen en te spelen. Want ook die laatste twee componenten blijven belangrijk.

Laten we nu eens kijken naar hoe zo’n dagschema er precies uit kan zien. Hieronder zie je een voorbeeld van een dagschema voor basisschoolleerlingen.

Dagschema voor basisschoolleerlingen:

  • 08.00u: Ontbijt
  • 08.30u: Schoolwerk (bijv. boek lezen, taal, rekenen)
  • 10.00u: Tussendoortje
  • 10.15u: Samen bewegen / Buiten spelen
  • 10.30u: Schoolwerk (bijv. spelling, schrijven) en/of klusjes doen
  • 12.00u: Lunch
  • 13.00u: Samen bewegen / buitenspelen
  • 13.30u: Schoolwerk (bijv. nieuwsbegrip, wereldoriëntatie, Engels) en/of klusjes doen
  • 15.00u: Tussendoortje
  • 15.30u: Vrij spelen
  • 17.30u: Avondeten
  • Vanaf 18.00u: Avondprogramma & Naar bed

 


PRINT dit dagschema uit.fb_houd_je_kind_aan_een_duidelijk_dagritme

Dit dagschema heb ik speciaal voor jou in een mooi jasje gegoten en kun je nu ook downloaden. Hang het vervolgens op op een duidelijk zichtbare plek (bijv. in de keuken, in de woonkamer), in ieder geval op de plek waar je kind meestal zijn schoolwerk doet. Zo ziet je kind zelf ook precies wanneer hij wat gaat doen.

Dit schema vergroot op die manier niet alleen zijn zelfstandigheid (hij kan de planning nl. al enigszins zelf in de gaten houden), maar hij weet daardoor ook beter waar hij precies aan toe is.

Klik hier om het dagschema te downloaden, zodat je het thuis kunt gebruiken.


 


Schoolwerk: De vakken & onderwerpen

Probeer er achter te komen wat de dagindeling op school is, dus in welke volgorde de vakken op school aangeboden worden. Kinderen weten dat vaak wel, dus vraag het gewoon aan je kind. Als je die dagindeling weet, dan kun je die thuis ook aanhouden. Dat is waarschijnlijk alleen maar fijn voor je kind. Zo is je kind ook niet de hele tijd met hetzelfde bezig en kan het de vakken regelmatig afwisselen.
Op het schema dat je hierboven ziet, heb ik de indeling van de vakken aangehouden zoals m’n eigen kinderen ze nu – min of meer – in hun eigen klas aanhouden (groep 4 en 6).

Klusjes
gezin_huishoudelijke_klusjes_samenWaarschijnlijk zal het schoolwerk minder tijd in beslag nemen dan de tijd dat je kind op school is. Je kind zal dus dagelijks best wat tijd over hebben. Die tijd kan je kind goed besteden aan klusjes; denk dan aan z’n eigen bed opmaken, pyjama / vuile kleding opruimen, slaapkamer opruimen, tafel dekken (en afruimen), vaatwasser inruimen (of uitruimen), een kamer afstoffen etc. Bij het uitkiezen van de klusjes kijk je uiteraard wel goed naar wat je kind redelijkerwijs op een goede manier kan uitvoeren.
Het is prima om je kind klusjes in huis te laten doen; kinderen vinden het vaak fijn om een handje mee te helpen in huis. Als klusjes echter echt te moeilijk zijn, dan werkt dat alleen maar (onnodige) frustraties in de hand en die wil je graag voorkomen.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


Spelen & Bewegen
gezin_werk_prive_balansJe ziet dat het schoolwerk in dit schema regelmatig afgewisseld wordt met bewegen & buiten spelen. Dat is ook hard nodig. Je mag nl. niet van je kind verwachten dat hij/zij de hele tijd stil op een stoel blijft zetten en rustig aan één stuk door al zijn werk maakt. Dat is echt niet realistisch! Sterker nog, dat gebeurt op school ook niet. Vandaar ook dat het heel belangrijk is om het ‘denkwerk’ af te wisselen met beweging en (buiten) spelen.

Avondprogramma
Na het avondeten heb ik het dagschema ‘los gelaten’. Uiteraard geldt dat eigenlijk ook al voor het tijdstip waarop jullie ’s avonds gaan eten. Dat mag je uiteraard helemaal zelf weten.
Het verdere avondprogramma – na het avondeten – zal vooral afhankelijk zijn van de leeftijd van je kind(eren). Jonge kinderen gaan doorgaans vlak na het eten naar bed; kinderen op de basisschool zullen nog even iets anders kunnen doen en gaan dus wat later naar bed. Uiteraard zullen tieners na het avondeten nóg meer tijd hebben om andere dingen te doen voordat ze daadwerkelijk gaan slapen. Vandaar dat ik het deel na het avondeten verder niet heb gespecificeerd.

Voor tieners
meisje_moe_denkt_aan_bed_tieerVoor tieners verandert het slaappatroon heel duidelijk. Dat kun je dus al merken vanaf groep 6-7. Daardoor zijn ze in de avond later moe en – logischerwijs – ’s ochtends later wakker of – als ze toch bijtijds uit bed moeten – gewoon moe. Het is dan ook niet zo vreemd om met je tiener af te spreken dat zijn dagschema een uurtje later start en dat hij dus een uurtje later aan zijn schoolwerk mag beginnen. Uiteraard gaat het schema dan ook een uurtje langer door.
Kijk even of dat realistisch gezien mogelijk / haalbaar is. Als dit onenigheid met de andere kinderen in huis in de hand werkt of als er andere onoverkomelijke problemen door ontstaan, dan kun je deze optie beter achterwege laten en de gewone schooltijden aanhouden.
Ook de vakken, die ik in het voorbeeld-dagschema hierboven noemde, gelden natuurlijk niet meer voor tieners. Aangezien zij al iets beter – dan basisschoolleerlingen – hun planning kunnen maken, kunnen zij best hun eigen vakken in dit schema inpassen; maar ook dan kan het nog steeds fijn zijn als jij als ouder om af en toe een handje hulp biedt.
In dit artikel lees je meer over (o.a.) het veranderende slaappatroon van tieners.

fb_zo_voorkom_je_dat_je_kind_de_hele_dag

Jonge kinderen
Net als oudere kinderen gaan ook baby’s, dreumesen en peuters nog steeds niet naar de kinder- of peuteropvang of naar hun gastouder. Jouw kindje waarschijnlijk ook niet…

Daarbij komt nog dat jij (en/of je partner) waarschijnlijk thuis moeten werken. En dat terwijl je kindje veel aandacht van je vraagt.

Misschien ben je wel geneigd om je kindje wat langer – dan je eigenlijk lief is – tv te laten kijken. Of misschien wil jouw kindje nu zelf wel heel graag tv kijken of een computerspelletje doen, terwijl jij weet dat er heel veel ander speelgoed is waar je kindje leuk mee kan spelen.

Uiteraard is het niet erg als je kindje per dag even tv kijkt of even een computerspelletje speelt. Dat mag best! Het is alleen belangrijk dat het niet te lang aan één stuk is én dat het goed afgewisseld wordt met andere activiteiten.
Om ervoor te zorgen dat er voldoende afwisseling in de dag van jouw kleintje zit, kun je het schema aanhouden dat ik bij deze alinea heb geplaatst.
KLIK HIER om de ‘kindversie’ van dit schema GRATIS te downloaden.

Hoe je dat verder precies met je dreumes of peuter aanpakt, lees je hier
.

jongens_dreumes_spelen_afpakken


O ja: en is je kind eerder klaar met zijn schoolwerk dan het dagschema aangeeft?

Dan mag daar natuurlijk meteen ‘vrij spelen’ – of iets anders dat je kind leuk vindt – voor in de plaats komen. 😉


Merk je dat je het lastig vindt om je kind of tiener naar je te laten luisteren?

Neem dan contact met me op. Ik heb meerdere manieren om ervoor te zorgen dat jouw opvoedaanpak weer positief, fijn én effectief wordt. Je leest er hier meer over.


Wil je graag reageren op dit artikel?

Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘Ik mag hier ook nooit iets!‘ | Hoe je je kind of tiener steeds wat meer vrijheid geeft.
– ‘Boos zijn kun je leren!‘ | 6 stappen om je kind te leren zijn boosheid te beheersen.
‘Ik moet het mijn kind eerst 10x vragen…‘ – Hoe je je kind in 5 stappen leert om beter naar je te luisteren.
– ‘Welke afspraken maak je met je kind of tiener over gamen en telefoongebruik?
– ‘Stop met schreeuwen!‘ (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind)
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuw

Ga (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Weg met die poepluier! 10 tips om je (jonge) kind op de wc te laten poepen.

Je kind heeft nu nog een luier om tijdens het poepen, maar je wil graag dat hij/zij binnenkort op de wc (of op het potje) poept. Het plassen gaat gelukkig al vrij goed: je kind geeft je een seintje, je helpt hem even en dan valt het plasje in de wc.
Plast je kind nog niet op de wc (of het potje) en wil je graag weten of hij/zij er klaar voor is om dat eens te gaan proberen? Wil je graag checken of je aan de slag kunt met het stimuleren van de zindelijkheid van je kind? Doe dan hier de GRATIS test

jongen_op_wc_mama_blijMet de ontlasting is dat echter een heel ander verhaal. Een tijdje geleden poepte je kind wel eens op de wc (of op het potje), maar dat was meer toeval dan opzet. Hij bleef er toen heel rustig onder; hij was zelfs wel trots op zijn creatie. Maar hoe je kind nu reageert, is echt een ander verhaal. Op dit moment wil je kind namelijk ABSOLUUT NIET op de wc (of op het potje) poepen. Zodra jij merkt dat hij moet poepen, wil je hem naar de wc brengen; je kind schreeuwt dan echter moord en brand. Hij reageert dus best heftig, maar je begrijpt niet goed waarom. Je vraagt je af hoe je het voor elkaar krijgt om hem binnenkort toch op de wc (of op het potje) te laten poepen…

 

Hieronder vind je maar liefst 10 tips, die je moet weten als je je zoon / dochter wil stimuleren om op het potje of op de wc te gaan poepen: 
In de tekst hieronder zal ik steeds beschrijven hoe je je kind ‘op de wc’ zet; uiteraard geldt hetzelfde voor ‘op het potje’. Om de tekst leesbaar te houden, heb ik het hieronder alleen nog maar over ‘op de wc’. 

moeder_helpt_dochter_op_wc2

 

(1) Blijf zelf rustig.
Jouw emoties of gemoedstoestand zijn ‘besmettelijk’; rust en kalmte ook. Als je graag wil dat je kind rustig blijft tijdens het hele proces, dan is het belangrijk dat jij voordoet hoe je rustig kunt blijven. Houd dat de hele tijd vol, hoe moeilijk dat soms ook kan zijn…

 

(2) Je kind hoeft niet dagelijks te poepen.
jongen_badkamer_wc_moederHet is belangrijk om te weten dat je kind niet iedere dag hoeft te poepen. Eén keer in de 3-4 dagen is vaak al voldoende. Het is goed om te weten wat je mag verwachten, zodat je ook goed de rust kunt bewaren.

 

(3) Dwing je kind niet om op de wc te gaan zitten.
kind_handen_voor_gezicht_op_potjeZodra je je kind gaat dwingen of forceren om naar de wc te gaan, bijv. door hem/haar er resoluut op te zetten, terwijl hij heel duidelijk aangeeft dat hij dat niet wil, dan heeft dat een averechts effect. Je kind wordt daardoor alleen maar bevestigd in het idee dat poepen niet fijn is en zal op deze manier alleen maar een nog grotere aversie tegen het poepen krijgen. Voorkom dus ten allen tijde dat je je kind gaat dwingen om op de wc te poepen.

 


Oudercursus ‘Tijd voor Zindelijkheid’, incl. Poeptraining. 

fb_oudercursus_tijd_voor_zindelijkheid‘In deze cursus lees je alles wat je nodig hebt om je kind op een positieve manier te stimuleren om zindelijk te worden. Je leest o.a. wat zindelijkheid precies is, hoe je kunt nagaan of je kind er klaar voor is om met een zindelijkheidstraining te beginnen, op welke manier je kunt starten, hoe je ervoor zorgt dat je kind droog blijft en hoe je omgaat met ongelukjes (overdag en ’s nachts). Je krijgt een duidelijk stappenplan, waar je mee aan de slag kunt, incl. aanvullende tips om het proces van zindelijk worden extra te stimuleren. Daarnaast krijg je vele extra’s bij deze cursus; o.a. checklists, registratieformulieren, gedragskaart en een boekenlijst.’

Thema’s: zindelijkheid, luier uit, poeptraining, bedplassen, ongelukjes & terugval.


 


(4) Stimuleer je kind om op de wc te gaan zitten. 

moeder_bij_dochter_op_potjeHoewel dwingen averechts werkt, werkt positief stimuleren juist heel goed. Dat doe je op een manier zoals een goede sportcoach dat ook zou doen; hij/zij geeft je het vertrouwen dat je het kunt, hij/zij begeleidt je stap voor stap naar het einddoel en moedigt je onderweg steeds aan. Hierdoor groeit je zelfvertrouwen en ineens durf je toch de volgende stap te zetten. Zo werkt dat hetzelfde met je kind.

 

(5) Probeer er achter te komen waarom je kind niet op de wc wil zitten. 
jongen_klampt_zich_vast_aan_benen_moederAls je kind absoluut niet op de wc wil gaan zitten, dan heeft hij daar een reden voor. Denk niet te makkelijk dat jij weet welke reden je kind heeft om er niet op te willen zitten; vraag het aan je kind. Kinderen van een jaar of 2-3 kunnen je dat doorgaans al best uitleggen. Misschien is je kind nl. wel bang dat hij in het gat van de wc valt, is hij geschrokken van het geluid van het doorspoelen of denkt hij dat hij met de poep mee weggespoeld wordt (of misschien is er nog wel een heel andere reden). Lach die reden niet weg, maar neem ‘m serieus. Leg uit hoe het wel zit en laat je kind – onder jouw rustige begeleiding – zien dat er niks gebeurt. Herhaal dat indien nodig.

 

(6) Laat je kind weten wat hij goed doet. 
meisje_geeft_high_five_aan_moederZodra je kind ook maar iets doet wat jij fijn vindt én wat hij van te voren niet deed, dan benoem je dat meteen. ‘Wat goed dat je zo rustig met me meeloopt.’ of ‘Wat goed dat je even op de wc probeert te zitten.’ Je geeft je kind een compliment, een high five, een box, een kus, een knuffel; net wat je kind het fijnst vindt. Het is heel belangrijk dat je kind specifiek weet wat hij goed gedaan heeft; daardoor wordt de kans alleen maar groter dat hij het nóg een keer gaat proberen.

 


Oudercursus ‘Tijd voor Zindelijkheid’, incl. Poeptraining. 

fb_oudercursus_tijd_voor_zindelijkheid‘In deze cursus lees je alles wat je nodig hebt om je kind op een positieve manier te stimuleren om zindelijk te worden. Je leest o.a. wat zindelijkheid precies is, hoe je kunt nagaan of je kind er klaar voor is om met een zindelijkheidstraining te beginnen, op welke manier je kunt starten, hoe je ervoor zorgt dat je kind droog blijft en hoe je omgaat met ongelukjes (overdag en ’s nachts). Je krijgt een duidelijk stappenplan, waar je mee aan de slag kunt, incl. aanvullende tips om het proces van zindelijk worden extra te stimuleren. Daarnaast krijg je vele extra’s bij deze cursus; o.a. checklists, registratieformulieren, gedragskaart en een boekenlijst.’

Thema’s: zindelijkheid, luier uit, poeptraining, bedplassen, ongelukjes & terugval.


 


(7) Lekker ontspannen op de wc

jongen_leest_boekje_op_mini_wcZorg dat je kind tijdens het plassen & poepen lekker op de wc kan zitten en zich lekker kan ontspannen. Zorg evt. voor een wc-verkleiner en een voetenbankje. Blijf bij je kind zitten en lees hem/haar (bijvoorbeeld) een boekje voor. Er zijn veel boekjes die over het thema ‘zindelijkheid’ gaan en die goed aansluiten bij de leefwereld van dreumesen, peuters en kleuters.
Denk maar eens aan ‘Bumba op het potje’ (Studio 100), ‘Op de grote WC’ (Kathleen Amant) en ‘Kas op het potje’ (Pauline Oud).

 

(8) Zorg voor een gezonde leefstijl 
meisje_eet_groente_lachendZorg ervoor dat je kind gezond eet, d.w.z. vezelrijke voeding. Het liefst dus volkoren brood, volkoren pasta, volkoren rijst etc. Ook voldoende groente en fruit zijn belangrijk voor een gezonde stoelgang.
Maar niet alleen gezonde voeding is belangrijk, ook voldoende drinken én voldoende beweging mogen niet ontbreken. Deze aspecten zorgen ervoor dat de darmen goed op gang blijven.

 

(9) Las een pauze in.
kinderen_voetballen_buiten_op_grasHeb je voor je gevoel alle punten al ter harte genomen en zie je nog geen vooruitgang? Las dan de komende 2-3 weken een pauze in. Je doet in die tijd helemaal niks aan de poeptraining. Uiteraard laat je alle andere dingen, die je kind wél doet op het gebied van zindelijkheid, gewoon doorlopen. Dus als je kind wel gewoon op de wc plast, dan blijf je dat wel gewoon doen. Het gaat dus alleen om een pauze omtrent het poepen.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


kinderen_duim_omhoog2
(10) Begin met een schone lei.

Als de pauze van 2-3 weken voorbij is, start je met een schone lei. Je komt dan niet meer terug op wat er voorheen is gebeurd. Gun je kind een nieuwe, frisse start.

⇒ Merk je dat je kind het – na de ingelaste pauze – toch nog lastig vindt om op de wc te gaan poepen?
Geen paniek! Bestel dan m’n cursus ‘Tijd voor Zindelijkheid’, zodat je alles te weten komt over hoe je je kind op een positieve manier kunt stimuleren om op de wc te poepen, zindelijk te worden, ongelukjes te voorkómen etc.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!


tip_gezinWil jij ook Joyce’ nieuwste OpvoedTips lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’. Je leest er hier meer over.


Een tijdje geleden werd ik geinterviewd voor Dagblad Trouw over dit thema. Het artikel ‘Wat moet je met een zoon die alleen wil ‘luier-poepen’?‘ (geschreven door M. van de Wier) verscheen op 22-5-’19 in die krant. 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?
Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees meer artikelen van Joyce boordevol waardevolle OpvoedTips:
– ‘Waarom plas je nou weer in bed?’ – Zet deze 3 stappen en voorkom bedplassen.
– ‘Mijn peuter heeft een driftbui! Wat nu?’ | Minder driftbuien in slechts 5 stappen.
– ‘Stop met schreeuwen! (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind)‘.
– ‘Super. Goed gedaan, zeg!’ (over: Hoe je waardevolle complimenten geeft aan je kind)‘.
– ‘Sturing & verbinding: Waarom beide aspecten onmisbaar zijn in de opvoeding van jouw kind.
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

Positief opvoeden: Start je opvoeding goed met deze 5 stappen.

http://www.dreamstime.com/-image19219686Positief opvoeden, je ziet het op veel plaatsen voorbij komen. Het klinkt op zich goed, maar wat is het eigenlijk? Moet je je kind dan de hele tijd complimentjes geven en mag je dan geen regels meer hebben? Of mag je dan niet meer boos worden op je kind en moet je maar alles goed vinden wat hij doet? En waarom is het belangrijk om op een positieve manier op te voeden?

Om deze vragen al meteen te beantwoorden: door middel van positief opvoeden kun je je manier van opvoeden en het communiceren met je kind leuker en gemakkelijker maken. Je leert hoe je op een fijne manier omgaat met gewenst én ongewenst gedrag van je kind; en dat op zo’n manier dat je kind mag zijn wie hij is, maar leert welk gedrag hij wel/niet kan laten zien. Door je kind op een positieve manier op te voeden, kan je kind zich optimaal ontwikkelen op een manier die het beste bij hemzelf past.

Positief opvoeden is gebaseerd op 5 basiselementen, die ik je hieronder kort zal uitleggen: 

1. Bied je kind een veilige en stimulerende omgeving.
gezin_vm3k_2
Kinderen, die lekker bezig zijn en lekker spelen, vervelen zich niet en gaan zich daarom minder snel vervelend gedragen. Ze lopen ook minder kans om gedragsproblemen te ontwikkelen. Als je kind speelgoed heeft, dat past bij zijn eigen ontwikkeling en interesse, dan is dat extra stimulerend voor je kind om lekker mee bezig te zijn.
Als je daarnaast dan ook nog eens je huis en alle speelplekken op een veilige manier inricht, hoef je je kind minder te verbieden en kun je je kind met meer rust laten spelen.

 

2. Geef je kind veel positieve aandacht.
mamma_speelt_met_peuter_meisjeJe kind vindt het ontzettend fijn om samen met jou bezig te zijn. Ga een paar keer per dag kort met je kind meespelen en sluit dan aan bij wat je kind doet. Uiteraard mag je je kind aanmoedigen of een complimentje geven als hij iets goed doet. Dat vindt iedereen fijn om te horen en daardoor motiveer je je kind nog meer om nieuwe dingen te leren en om zich te ontwikkelen. Ook een kusje, knuffel of aai over de bol geven zijn belangrijk voor je kind. Je kunt je kind niet verwennen met positieve aandacht, dus geef je kind er voldoende van.

 


joyce_grijs_aanjou_1
Luistert je kind niet goed naar je? Eet of slaapt je kind niet goed? Of heb een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier hoe ik jou kan helpen of neem direct contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

3. Maak duidelijke afspraken over wat je van elkaar verwacht.
gezin_overleg_thuis_aan_tafelSpreek duidelijk met elkaar af wat je van elkaar verwacht. Houd daarbij goed rekening met wat je kind wel/niet kan; wees daar dus realistisch in. Dat betekent ook dat je kind weet wat hij van jou kan verwachten als hij zich niet aan jullie afspraken houdt. Uiteraard heb je in dezen een belangrijke voorbeeldfunctie: afspraken die voor je kind gelden, gelden ook voor jou (denk dan bijv. aan ‘niet schreeuwen’).

 

4. Wees realistisch in wat je van je kind mag verwachten.
vader_helpt_zoon_huiswerk_schrijven
Alle kinderen zijn uniek en ontwikkelen zich op hun eigen manier en in hun eigen tempo. Sommige kinderen ontwikkelen zich eerder op motorisch gebied, andere juist op het gebied van taal en spraak. Dat is helemaal niet erg.
Daarnaast zullen alle kinderen wel eens iets fout doen, maar dat doen ze niet met kwade opzet. Ze bedoelen het doorgaans goed, net zoals jij dat ook doet.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een inspirerende thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Of wil je Joyce graag uitnodigen om een inspirerende thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 

5. Zorg goed voor jezelf.
moeder_leest_boek_kind_huiswerkHet is belangrijk om goed voor jezelf te blijven zorgen. Zorg voor je eigen rustmomenten en voor momenten waarbij jij je batterij voldoende kunt opladen. Doe dan iets dat jij fijn vindt. Als jij goed voor jezelf zorgt, kun je ook beter voor anderen zorgen.

Positief opvoeden gaat dus niet om de hele dag complimentjes geven, alleen maar aardig zijn voor je kind of om alles goed te vinden wat je kind zegt of doet. Het gaat om veel meer dan dat!

gezin_happyMet positief opvoeden benader je je kind wel zo veel mogelijk op een fijne, positieve, constructieve manier, waarbij je duidelijke en realistische afspraken met elkaar maakt. Uiteraard mag jij nog steeds boos worden, net zoals je kind dat mag; we zijn namelijk allemaal maar mensen en emoties horen daarbij. Met positief opvoeden leer je je kind wel hoe hij die boosheid in goede banen kan leiden. Uiteraard speel jij daar als ouder een belangrijke rol in.

Ik ben ervan overtuigd dat iedereen kan leren om op een positieve manier op te voeden. En je zult vast aspecten van positief opvoeden herkennen, die je van nature al doet. Andere aspecten zijn misschien nieuw voor je of vind je lastig om te doen. Die zullen dan wat meer oefening van je vergen, maar ook die aspecten kun je goed onder de knie krijgen!

 

 

Wil je graag meer weten over ‘positief opvoeden’ en/of heb je een kleine of grote opvoedvraag? Blijf daar dan niet mee rondlopen en neem contact met me op via info@aksecoaching.nl.
Je leest hier wat je precies van mijn opvoedcoaching mag verwachten.


Wil je reageren op dit artikel?
Ga dan naar m’n Facebook-pagina en laat daar een bericht achter.

 


Wil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen? tip_gezin
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.




Ik hoop van harte dat je met deze informatie op een goede manier thuis aan de slag kunt.

Heb je hier vragen over, wil je meer weten over dit thema of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op. Je vindt m’n contactgegevens hieronder.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2018-2019. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Link naar artikel.
– Stop met schreeuwen! (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind.). Link naar artikel
– ‘De time out: Hoe werkt die eigenlijk?’ (over: De time out in 5 stappen). Link naar artikel
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 

logo_triple_p2Triple P: Positief Pedagogisch Programma
Dit artikel is gebaseerd op de ‘5 belangrijke aspecten van Positief Opvoeden – Triple P’.
Klik hier voor meer informatie over Triple P in Nederland.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

 

Hoe leer je je kind om rekening te houden met anderen? (5 tips om sociale vaardigheden te stimuleren)

kinderen_overleggen_luisteren_naar_elkaarVoor kinderen kan het soms best lastig zijn om met andere kinderen om te gaan, om samen te spelen en om dan ook nog eens rekening te houden met de ander. Deze vaardigheden vallen natuurlijk onder de noemer ‘sociale vaardigheden’. Gelukkig zijn sociale vaardigheden over het algemeen goed aan te leren en kun je er als ouder je steentje aan bijdragen om je kind ook op dit gebied het een en ander te leren.
Als je met onderstaande tips aan de slag gaat, verwacht dan geen wonderen (op te korte termijn). Je kind heeft voldoende tijd nodig om deze nieuwe vaardigheden aan te leren. Dat gaat nou eenmaal met vallen en opstaan. Gun je kind die tijd.
Als ik het heb over sociale vaardigheden, die kinderen vaak nog moeten leren, dan bedoel ik:
– Vriendelijk zijn, bijv. iemand gedag zeggen
– Anderen helpen (en dan ook geduld uitoefenen)
– Iemand aankijken (en naar hem luisteren) als hij met je praat
– Even wachten met praten als je ziet dat de ander bezig is of met iemand anders praat
– Aandacht hebben voor de gevoelens van anderen
– Op je beurt wachten als je een spelletje speelt
– Vragen wat de ander graag zou willen (in plaats van doen of opleggen wat je zelf wilt)
Etc.
kindjes_spelen_jongen_zwaait
Bij deze ‘sociale vaardigheden’ zitten onderliggende vaardigheden, namelijk perspectief nemen, je inleven in de ander, je kunnen verplaatsen in de ander. Jonge kinderen kunnen zich soms wel al in de ander inleven, maar nog lang niet altijd. En voor sommige kinderen – ook oudere – is het vaak nog onmogelijk om op die vaardigheid te kunnen handelen. Kinderen, die naar de basisschool gaan, leren langzaam maar zeker steeds beter om hiermee om te gaan.

Om rekening te kunnen houden met anderen, is het dus nodig dat je je inleeft in de gevoelens en behoeften van anderen. Als je dat naar je kind vertaalt, dan moet hij:

– Gevoelens van zichzelf begrijpen (inzicht hebben in zijn eigen gevoel en kunnen vertellen hoe hij zich voelt).
– Gevoelens van andere kinderen begrijpen (zien hoe de ander zich voelt en hierop kunnen reageren).
– Begrijpen dat zijn gedrag invloed heeft op hoe de ander zich voelt (een klasgenoot wil niet met hem spelen als hij alleen doet wat hij zelf wil).
– Begrijpen waarom een ander kind zo doet in een bepaalde situatie (een kind dat niet mee mag doen, is daar verdrietig over en loopt boos weg).

jongens_vechten_met_elkaar_bank


Bij kinderen, die dit moeilijk vinden, zie je vaker problemen op sociaal gebied:
ze hebben weinig vrienden, worden vaker afgewezen en zijn minder populair bij hun leeftijdsgenoten.

⇒ Vandaar dat het goed is om je kind hierbij te helpen, zodat je kind er zo min mogelijk problemen mee heeft.

 


logo_groot_paars

Heb je een kleine of grote opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil? Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.




Hoe kun je er nou concreet voor zorgen dat je kind meer rekening houdt met andere kinderen of volwassenen?
Start met deze 5 tips.

1. Benoem zelf goede dingen van andere mensen.

moeder_zoon_knuffelWe praten allemaal wel eens over andere mensen. Daarmee bedoel ik trouwens niet per se roddelen of kwaadspreken. Je kunt namelijk heel feitelijk vertellen wat iemand gedaan of gezegd heeft.

Om je kind een positief beeld van andere mensen te geven, is het goed om op een positieve manier over andere mensen te praten. Je kunt je kind er bijv. attent op maken dat iemand iets goeds of aardigs gedaan heeft.
Bijv. ‘Ik zag dat Kees vandaag de hond uitliet van de buurvrouw. Ze is ziek, dus ze kan die hulp goed gebruiken. Wat aardig dat Kees dat voor haar doet.’

In het verlengde hiervan ligt natuurlijk dat je probeert te voorkómen dat je zelf veel kritiek levert op anderen. Wanneer je in het bijzijn van je kind steeds kritische, sarcastische of negatieve opmerkingen maakt over anderen, dan krijgt je kind het idee dat het normaal is om op die manier over anderen te praten. Benoem dan ook vooral de goede eigenschappen van andere mensen of zeg iets positiefs over wat de ander gedaan heeft.
Bijv. ‘Ik zag dat Emma een nieuwe jurk aan had vandaag. Die stond haar leuk.’

2. Geef je kind de mogelijkheid om iets voor iemand anders te doen.
meisje_doet_was_in_wasmachineIn en om het huis zijn er altijd genoeg klusjes te doen. Je kind kan er meestal al goed aan meehelpen. Zo kan je zoon of dochter mooi een steentje bijdragen aan het huishouden. Je kind leert ook hierdoor om op een goede manier samen te werken en bij te dragen aan een groter geheel.
Bijv. Jonge kinderen kunnen in de herfst bijv. goed blaadjes in een doos of mand verzamelen en samen met jou naar de bladkorf brengen. Oudere kinderen kunnen meehelpen met het dekken of leegruimen van de tafel, met het vouwen van de was. Kinderen van nagenoeg alle leeftijden kunnen hun eigen speelgoed opruimen; soms natuurlijk het liefst met een beetje hulp.
Je kunt ook stimuleren dat je kind iets voor iemand anders (buiten het gezin) doet. Als je kind iets van iemand heeft gekregen, kunnen jullie samen nadenken over hoe hij iets terug kan doen. Als hij ergens is waar hij iets krijgt, kun je hem er aan herinneren dat hij misschien kan vragen om ook iets voor zijn vriend(innet)je mee te nemen. Uiteraard zeg je dit op een vriendelijke manier tegen je kind.
Bijv. ‘Kijk, die meneer is appels uit aan het delen. Als je wil, mag je best gaan vragen of je er ook eentje mag. Misschien mag je er zelfs één voor Jaap meenemen?’

3. Laat je kind merken dat je vriendelijkheid en behulpzaamheid op prijs stelt.

moeder_geeft_dochter_een_kusOp het moment dat je merkt dat je kind vriendelijk is tegen iemand anders of een ander helpt, dan is het goed om daar wat van te zeggen. Geef aan dat je het fijn vindt dat hij zo aardig is of dat hij de ander helpt. Dat zal er voor zorgen dat je kind dat vaker gaat doen. Op die manier merkt je kind ook dat hij een ander blij kan maken door iets voor hem/haar te doen.
Bijv. Kinderen vinden het fijn om je te helpen als je je niet zo lekker voelt. Als je kind je dan wat drinken komt brengen, zeg dan ‘Wat fijn dat je me wat drinken komt brengen nu ik me niet zo lekker voelt. Ik vind het fijn dat je aan me gedacht hebt.’

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.



4. Maak je kind bewust van de gevoelens van anderen.
Het is belangrijk voor je kind om zich bewust te zijn van de gevoelens van anderen. Maak je kind bewust van wat het effect van zijn woorden of handelingen kan hebben voor een ander. Als je hoort dat iemand iets onaardigs tegen iemand anders zegt, kun je dat (evt. op een later tijdstip) met je kind bespreken.
Bijv. Ik hoorde dat Pim tegen Stijn zei: ‘Als je niet m’n veters voor me strikt, dan speel ik nooit meer met je. Als iemand dat tegen jou zou zeggen, hoe zou jij je dan voelen?’.

meisje_buitengesloten_pesten

Je kunt je kind ook leren dat hij bepaalde gedragingen beter achterwege kan laten, juist in verband met het effect dat het op de ander kan hebben.
Bijvoorbeeld: een ander uitlachen, benadrukken dat de ander iets niet kan (en jij wel), de ander ongevraagd op zijn fouten wijzen etc.
Leer je kind dat het niet erg is om fouten te maken; je kunt juist veel van je fouten leren. Én je kunt iemand – die een foutje maakte of zich vergiste – natuurlijk altijd (op een fijne manier) helpen.
LET OP: Hoewel het belangrijk is dat je kind leert om rekening te houden met de gevoelens van anderen, hoeft hij zijn eigen gevoelens natuurlijk niet helemaal weg te cijferen. Probeer daar een goede modus in te vinden.

5. Stimuleer je kind om het weer goed te maken.

Er zal altijd wel eens iets gebeuren, waardoor je kind iets bij een ander doet wat niet goed was. Je kind zal een ander kind wel eens pijn doen, iets afpakken of ruzie maken. Deze handelingen hebben natuurlijk gevolgen en het is belangrijk dat je kind dat leert. En natuurlijk óók dat hij iets van die gevolgen leert.
jongen_sorry_op_papier.jpg

Als je kind iets verkeerd gedaan heeft, willen we vaak het liefst dat hij sorry zegt. Sorry zeggen werkt echter alleen als je kind het meent en als hij doorheeft dat hij iets verkeerd heeft gedaan waardoor hij de ander onrecht heeft aangedaan. Toch merk je in praktijk dat dat vaak wat teveel gevraagd is voor je kind.

Je ziet echter vaker dat kinderen zich in zo’n situatie gaan terugtrekken; ze durven bijna niks meer te zeggen, laat staan dat ze ‘sorry’ zeggen. Je kind heeft dan waarschijnlijk wel spijt van wat hij gedaan heeft en hij voelt zich er op dat moment absoluut niet prettig bij, schaamt zich er misschien wel voor óf hij is geschrokken van de (boze) reactie uit de omgeving.

Wat in zo’n geval vaak beter helpt, is om aan je kind te vragen op welke manier hij het weer met de ander kan goedmaken, dus hoe hij de situatie kan oplossen. Als je kind dan voorstelt om ‘over de pijn te aaien’ of ‘het speelgoed weer terug te geven’ dan zijn dat ook al goede alternatieven die je kunt inzetten in de plaats van het (gedwongen) ‘sorry zeggen’. Je kind zegt dan niet ‘sorry’ met woorden, maar met daden.

gezin_happy2Als je kind in zo’n situatie wél sorry zegt, dan kan dat soms onbevredigend aanvoelen. Het ligt namelijk helemaal aan de toon waarop je kind ‘sorry’ zegt. Als je kind alleen maar ‘sorry’ zegt omdat het van jou moet, dan komt het er vaak geforceerd uit, maar helaas niet gemeend…
Wat je in zo’n situatie eigenlijk graag wil, is dat je kind het niet nog eens doet en het liefst hoor je dan ook een oprecht: ‘sorry, ik zal het niet meer doen.’

TIP: Ga eens bij jezelf na of je tevreden bent met het ‘sorry zeggen’ van je kind. Is het oprecht? Meent je kind het in die situatie? Zo ja, blijf dat dan vooral doen. Zo niet, dan is het voor je kind waarschijnlijk beter (of prettiger) om je kind ‘in daden’ sorry te laten zeggen.

Rond het goed af
kinderen_maken_ruzie_om_xylofoon_ouders_op_bankKom wel nog – op een later moment, waarop je kind weer rustig is – terug op het voorval en leg dan uit dat we ‘met z’n allen hebben afgesproken dat je in zo’n situatie sorry zegt’ en dat je graag ziet dat je kind dat ook doet. Als je dat op een neutrale manier kunt uitleggen zonder dat je het je kind oplegt, dan is de kans groot dat je kind dat de volgende keer gaat proberen. Lukt dat niet, dan is het prima ook je kind het ‘in daden’ te laten oplossen.
Lees hier meer over ‘sorry zeggen’.


Wil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen?
tip_gezinHelemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


Wil je graag reageren op dit artikel? Dat mag!
Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

Heb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op. Je vindt m’n contactgegevens hieronder.
joyce_rosegrijs_staand_c

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2017-2018. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.
Geschreven door Joyce Akse van Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies.

Lees verder over gerelateerde thema’s:
– ‘Hoe verbeter je het zelfvertrouwen van je kind?’ (Over: 4 ingrediënten voor een gezonde dosis zelfvertrouwen.) Lees dit artikel.
– Help, mijn kind liegt. Wat nu? (Over: Hoe je je kind leert om eerlijk tegen je te zijn.) Lees dit artikel.
– Samen spelen, samen delen? – 5 tips om je kind te leren om met andere kinderen te spelen. Lees dit artikel.
– ‘Ik zei toch sorry!’ (Over: Hoe je je kind oprecht sorry leert zeggen.) Lees dit artikel.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel:
– Sanders, M.R., Markie-Dadds, C., & Turner, K.M.T. (2007). Tipsheet ‘Zelfvertrouwen en sociale vaardigheden bij kinderen stimuleren’. The University of Queensland: Australia.
– Schollaart, D. Hoe leer ik mijn kind rekening te houden met anderen? Apetrotse kinderen. Lees dit artikel.
– van Thiel, N. Rekening houden met de ander. J/M Ouders. Lees dit artikel.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Is het erg als kinderen niet buiten spelen? (Interview op L1 Radio)

kinderen_spelen_buiten_beekOp uitnodiging van L1 Radio mocht ik een tijdje geleden in het programma van Ruud en Kris vertellen over het belang van buiten spelen en hoe je voorkomt dat je kind te veel bezig is op de computer.

Hieronder probeer ik de essentie van het radio-interview samen te vatten en waar nodig uit te breiden met aanvullende informatie (o.a. gebaseerd op wetenschappelijk onderzoek).
Onderaan dit blog vind je de verwijzing naar de websites, die ik voor de informatie van dit blog heb gebruikt.

logo_radio_l1_live
Joyce gaf een interview op L1 Radio over dit thema. De link naar dat interview vind je onderaan dit artikel.



kinderen_buiten_lezen_ereaderTHEMA: Vakantie, je kind heeft zeeën van tijd. De computer biedt voldoende mogelijkheden om die tijd in te vullen. Alleen… jij hebt altijd geleerd dat buiten spelen zo goed is… Is dat zo en wat is een gezonde verhouding tussen binnen en buiten spelen? 

In het artikel hieronder heb ik het – in verband met de leesbaarheid – steeds over het kind, hij, hem en zijn. Maar ik heb het uiteraard net zo goed ook over meisjes. Kortom: waar je de ‘mannelijke verwijzing’ tegenkomt, kun je net zo goed ook zij of haar lezen.

De computer is niet meer weg te denken uit onze samenleving. Onze kinderen groeien er mee op en vinden het heel normaal dat de computer – net als de tv, de tablet of smart phone – er is. Aangezien ook scholen de computer en tv inzetten in hun lesprogramma’s en ze dus vooral educatief gebruiken, is het gebruik van deze apparaten niet alleen negatief. Er zijn allerlei educatieve programma’s en apps waar kinderen iets van opsteken of waarbij kinderen aangezet worden om redelijk (lichamelijk) actief te zijn. Het punt is alleen dat je je kunt afvragen of kinderen deze programma’s of apps ook thuis gaan aanzetten…

Uit onderzoek blijkt dat als kinderen thuis achter de computer kruipen, dat allerlei effecten kan hebben:
jongen_laptop_weggetrokken– De aandachtspanne van kinderen (en volwassenen) wordt korter;
– De ontwikkeling van taal, sociale vaardigheden, motoriek en sensorische vaardigheden wordt er niet (tot weinig) mee gestimuleerd en dat hebben kinderen juist heel erg nodig;
– Voor de ontwikkeling van kinderen is het belangrijk om in een stimulerende omgeving op te groeien. Er moeten niet te weinig (maar ook weer niet te veel) prikkels binnenkomen, zodat ze voldoende gestimuleerd worden.
– Het langdurig gebruik en dan met name het lang in dezelfde (voorovergebogen) houding blijven zitten, levert lichamelijke klachten op. Denk maar aan de ‘tablet nek’ of ‘game boy rug’;
– Kinderen, die veel achter een beeldscherm zitten, krijgen te weinig lichamelijke beweging.

 


logo_groot_paars

Heb je een kleine of grote opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil? Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

En met name over de gevolgen van ‘te weinig beweging’ is al vrij veel bekend: ILLUSTRATIE-OBESITAS-GAMEN– Kinderen, die te weinig bewegen, hebben een grotere kans op overgewicht. Beeldschermgebruik is hierin één van de bepalende factoren. Uit onderzoek blijkt bijv. dat als het beeldschermgebruik afneemt, de BMI (Body Mass Index) ook afneemt.
– Jonge kinderen met overgewicht hebben een grotere kans om op latere leeftijd.  ook overgewicht te hebben.
– Overgewicht zorgt voor een grotere kans op hart- en vaatziekten. Gelukkig kunnen deze aandoeningen goed tegengegaan worden door voldoende te bewegen.

Buiten spelen heeft eigenlijk allerlei factoren in zich, die bij het computeren of tv kijken grotendeels ontbreken. Hieronder zet ik de voordelen van buiten spelen voor je op een rij:
kinderen_spelen_buiten– Je kind is veel in beweging.
– Buiten spelen stimuleert zowel de sensorische als motorische ontwikkeling van je kind.
– Je kind moet z’n fantasie gebruiken en z’n creativiteit aanboren om op een leuke manier te kunnen spelen.
– Als je kind samen met andere kinderen speelt, is dat goed voor zijn sociale vaardigheden. Hij leert daardoor om op een leuke manier samen te spelen, hij leert om compromissen te sluiten en hoe je kunt samenwerken.
– Buiten spelen vermindert de kans op angst en depressie en geeft je kind juist meer zelfvertrouwen.

Maar hoe zorg je er nou voor dat je kind ook daadwerkelijk buiten gaat spelen?
Allereerst is het belangrijk om afspraken met je kind te maken. Je kind mag best iedere dag een tijdje op de computer spelen of tv kijken; je hoeft het dus niet te verbieden. Maar het gaat natuurlijk om de afwisseling in de dag. Dat kun je als volgt aanpakken:

Spreek met je kind af dat hij eerst een aantal andere dingen gedaan moet hebben voordat hij op de pc mag of voordat de tv aangaat. Denk daarbij aan activiteiten als met zijn speelgoed spelen, lezen, buiten spelen, een klusje doen, een ander helpen, speelgoed opruimen, maar ook aan ontbijten, aankleden en jezelf verzorgen. Als je weet dat je kind al deze activiteiten heeft gedaan, kun je hem ook met een gerust hart achter de pc laten of tv laten kijken.
In dit artikel lees je een uitgebreid plan van aanpak met meerdere handvaten om het plan goed uit te kunnen voeren.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 

Andere dingen, die je kunt doen om de beeldschermtijd te beperken:
gezin_samen_aan_tafel– Spreek af dat je kind per dag max. 2 uur schermtijd heeft. (Dat is dus inclusief computer, tv, laptop, tablet, telefoon etc.)
– Spreek af dat er tijdens het eten en vlak voor het slapengaan geen apparaten meer worden gebruikt.
– Leg de apparaten, die je kind graag gebruikt zo veel mogelijk uit het zicht. Ruim ze steeds op (of laat je kind dat na gebruik zelf doen).
– Leg ander speelgoed juist in het zicht, zodat het gemakkelijker en aantrekkelijker voor je kind wordt om ermee te gaan spelen.
– Geef zelf het goede voorbeeld: beperk – waar mogelijk – je eigen schermtijd.

 

Daarnaast is het goed om het buiten spelen meer te promoten en om je kind meer te laten bewegen. Dat kun je als volgt aanpakken:
kinderen_spelen_met_bal– Leg buiten in de tuin alvast speelgoed klaar (zoals een fiets, step, bal), zodat jullie tuin uitnodigt om lekker in te spelen.
– Maak een (klein) parcours voor je kind in de tuin. Daarvoor kun je alles gebruiken wat er ook maar in jullie tuin voorhanden is. Zo kan je kind afwisselend springen, glijden, rennen, met een bal gooien en ga zo maar door.
– Ga samen naar buiten en doe samen spelletjes als verstoppertje, tikkertje, hutten bouwen, rennen, klauteren etc. Kinderen vinden het hartstikke leuk om samen met (één van) hun ouders te spelen.
– Maak samen een hinkelparcours op de stoep voor je huis.
Laat je kind oude of ‘speciale’ buitenspeelkleren aan doen, zodat hij zich geen zorgen hoeft te maken over  het vies worden van zijn kleren en dus lekker vrij en onbezorgd kan spelen.
– Nodig een vriendje uit om met je kind (buiten) te spelen. Andere kinderen spelen weer op een andere manier, zien andere dingen in jullie tuin, waardoor de creativiteit van beide kinderen aangesproken wordt.
Zet af en toe (buiten)speelgoed weg en haal ander speelgoed weer te voorschijn. Zo wordt het ‘nieuwe’ speelgoed (dat je kind wel kent, maar gewoon een tijdje niet gezien heeft) opnieuw interessant en is de kans grote r dat het er weer mee gaat spelen.
– Dans samen op de favoriete muziek van je kind en maak er bijv. een spelletje van (wie kan het langst op de muziek blijven dansen?; of zet de muziek af en toe stop en de ander moet dan stokstijf blijven staan en mag niet bewegen, totdat de muziek weer aan gaat…).
– Doe samen klusjes in en om het huis. Laat je kind meehelpen met de auto poetsen, onkruid uithalen, ramen wassen, hond uitlaten etc.
– Ga naar het bos om samen te wandelen. Laat je kind bepaalde ‘schatten’ zoeken (neem een emmertje mee waar je kind die schatten in kan doen) en/of vertel iets over de bomen, planten, dieren die je ziet.
– Loop of fiets samen naar een speeltuin in de buurt. Kies ook eens een andere speeltuin uit of neem wat lekkers mee om te gaan picknicken.
– Laat de auto wat vaker staan en neem je kind te voet of op de fiets mee naar de winkel of naar school. Laat je kind dan zo veel mogelijk zelf lopen of fietsen.
– Zoek samen een sportvereniging uit, waar je kind lid van wordt.
– Geef zelf het goede voorbeeld: als je kind ziet / merkt dat jij het fijn vindt om te bewegen, dan zal je kind dat ook eerder gaan doen.
In dit artikel lees je nog meer tips om je kind meer te laten bewegen.

 

Hoe lang moet je dagelijks bewegen?  Hoe lang mag je max. achter de computer?
Er zijn diverse instantie, die zowel op het gebied van beweging als schermtijd een bepaalde minimale of maximale duur adviseren.
– Beweging: Laat je kind iedere dag 60 minuten bewegen.
Schermtijd: Laat je kind iedere dag max. 2 uur achter een beeldscherm zitten. (Het advies voor kinderen jonger dan 3 jaar is zelfs om ze helemaal niet aan een beeldscherm te zetten.)

 


Wil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen? tip_gezinHelemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.



logo_radio_l1_live
Joyce gaf een interview op L1 Radio over dit thema.

Klik hier om naar het interview te gaan.

 

Heb je vragen of opmerkingen over dit thema?
Mail die dan vrijblijvend naar info@aksecoaching.nl of plaats je reactie onder dit bericht.

Alvast veel succes met deze tips!

Mvg, Joyce Akse

 

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2016-2018. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.
Geschreven door Joyce Akse van Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies.

Joyce gebruikte o.a. de volgende referenties voor dit artikel:
Website ‘MediaOpvoeding’.
Website ‘Jantje Beton’.
– Website ’30 minuten bewegen’.
– Croonen, H. (2014). Beeldscherm maakt kind dik en ongelukkig’. Medisch Contact. Link naar artikel.
– van Loon, Grotenhuis, Weinans, & Soeterbroek. (2013). Gameboy-generatie verleert gezonde houding. Medisch Contact. Link naar artikel.

 

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
– ‘Welke afspraken maak je met je kind over gamen en telefoongebruik?‘.
– ‘Zit nou toch NIET stil!’ (Over: Hoe je je kind stimuleert om meer te bewegen.).
– ‘Mama, ik verveel me…’ (Pak de verveling in de vakantie aan.).
– ‘Hoe voed je je kind op met de nieuwe media? 10 praktische tips én meer!
Hoe voorkom je dat een beeldscherm je nieuwe oppas wordt? (Tips om het apparaatgebruik van je kind binnen de perken te houden.).
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over (niet) luisteren, eten of slapen.

 

Luister naar L1 Radio.

logo_akse_coaching_groot_nieuw

 

Ga (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

‘Super. Goed gedaan, zeg!’ (over: Hoe je waardevolle complimenten geeft aan je kind.)

kinderen_groep_duim_omhoogComplimentjes geven is fijn, complimentjes ontvangen ook. Als jij je kind een complimentje geeft, krijgt je kind daar een positief gevoel van. Het voelt zich fijn en misschien wel trots op zichzelf.

Een belangrijke reden om je kind een compliment te geven is om te laten weten dat je het fijn vindt wat je kind doet of heeft gedaan. Als je kind weet wat jij fijn vindt, dan is de kans groter dat hij dat nog eens zal doen. Je mag er namelijk van uit gaan dat je kind jou graag wil helpen en jou blij wil maken (ook al voelt dat misschien niet altijd zo…). Door het geven van complimentjes kun je je kind dus stimuleren om iets (vaker) te doen van wat jij fijn vindt.

Het ene compliment is echter het andere niet. Een goed compliment is duidelijk, specifiek en oprecht. Je kind moet begrijpen waar het compliment over gaat en wat hij precies goed heeft gedaan. Je kind voelt vaak heel goed aan of je het compliment wel/niet meent.

Je hoort vaak ouders tegen hun kind zeggen ‘goed gedaan’ of ‘super’. En dat is natuurlijk altijd wel fijn om te horen, maar daar leert je kind niet veel van. Het nadeel van dergelijke algemene uitspraken is dat je kind dan nog steeds niet weet wat hij precies goed gedaan heeft of wat jij precies super vindt. Vandaar dat een goed compliment ook altijd een korte uitleg of beschrijving bevat.

 

Hieronder volgt een aantal voorbeelden van complimenten, die specifiek, duidelijk  en concreet zijn:
moeder_geeft_meisje_dikke_duim– ‘Wat eet je netjes met mes en vork.’
– ‘Wat heb je die zon mooi rond getekend.’ of ‘Ik zie dat je goed je best gedaan hebt om binnen de lijntjes te kleuren. Dat ziet er heel netjes uit zo.’
– ‘Wat knap dat je je sok al aangetrokken hebt.’
– ‘Wat fijn dat je de tafel al hebt gedekt. Nu kunnen we allemaal nog sneller aan tafel.’
– ‘Wat goed van je om al te beginnen met het opruimen van je speelgoed. Dan vallen we er tenminste niet over.’
De oprechtheid van het compliment zit ‘m natuurlijk in de manier waarop je het tegen je kind zegt. Het is – ook bij een compliment geven – de toon die de muziek maakt!

Ik realiseer me heel goed dat de kans groot is dat dit niet de manier is waarop jij gewend bent om je kind een compliment te geven. Misschien heb jij er sowieso wel eens moeite mee om complimenten te geven, laat staan dat je het ook nog eens op zo’n ‘gekunstelde’ manier zou moeten doen (als je complimenten geven inderdaad nog best lastig vindt, dan vind je onderaan dit artikel extra tips). Je vindt het misschien niet nodig of overdreven of misschien voel je je er zelf gewoon onprettig bij en dan lijkt dit een grote omweg om te laten merken dat je iets fijn vindt. Het voelt voor jou dan onnatuurlijk aan. Wellicht helpt het je om deze complimenten anders te zien: wat je met deze manier van complimenten geven eigenlijk doet, is het fijne gedrag dat je kind laat zien expliciet benoemen. Je wijst hem expliciet op dat prettige gedrag, zodat hij weet wat hij goed doet. Daardoor stimuleer je hem om ermee door te gaan en maak je de kans groter dat hij het in de nabije toekomst nóg een keer zal doen.

moeder_piekert_kind_met_knuffelAls je voor je gevoel (te) vaak met je kind in de clinch ligt, discussies hebt of ruzie maakt, dan is het soms nog knap lastig om iets positiefs of goeds aan je kind te ontdekken. Toch doet iedereen altijd wel iets goed, dus jouw kind ook. Zorg er daarom voor dat jou dat fijne gedrag opvalt en zeg het meteen tegen je kind. Daardoor vergroot je de kans dat jouw kind dat fijne, positieve en gewenste gedrag vaker laat zien.

TIP: Heb je er moeite mee om de positieve kanten van je kind te zien? Ga er dan eens een week lang extra goed op letten en schrijf iedere dag min. één positieve eigenschap, vaardigheid of handeling op. Dat kan in het begin iets heel kleins zijn, zoals ‘je hebt meteen toen ik het vroeg de tafel gedekt’, ‘je hebt maar liefst een half uur zelf met de Knex gespeeld’ of ‘je had de slappe lach samen met je zusje’.

Uit onderzoek blijkt dat complimenten effectief kunnen zijn om er o.a. voor te zorgen dat je kind beter naar je luistert. Toch zijn niet alle complimenten alleen maar positief; sommige complimenten kunnen zelfs een negatief effect hebben op de interne motivatie van je kind. Als je te grote of opgeblazen complimenten geeft aan je kind, dan is de kans groot dat je kind uitdagingen juist eerder uit de weg gaat of eerder opgeeft (‘het lukt me nu toch niet meer om m’n ouders zo trots op me te maken als toen…’).

Er komen dan ook steeds meer aanwijzingen waaruit blijkt dat het echt uitmaakt wat voor soort compliment je precies aan je kind geeft. Hieronder lees je op welke manier je juist wel complimenten kunt geven.

Goede complimenten voldoen aan een aantal specifieke kenmerken:

(1) Wees oprecht.
kinderen_duim_omhoogGeef alleen een compliment als je het echt meent. Je kind merkt dat aan je; waarschijnlijk niet bewust, maar hij kan er wel een fijn of juist vervelend gevoel van krijgen.
Als je namelijk niet oprecht bent bij het geven van een compliment, kan je kind het gevoel krijgen dat je hem zielig vindt, hem probeert te manipuleren of dat je hem niet begrijpt. Ook dat zijn juist weer punten waardoor het geven van een compliment averechts kan werken.

(2) Wees specifiek en beschrijf op een realistische manier wat je kind (goed) gedaan heeft.
Zeg dus liever ‘Wat knap dat jij je veters helemaal zelf hebt gestrikt!’, ‘Wat goed dat je alvast uit jezelf naar boven bent gegaan om je om te kleden.’ en niet ‘Goed gedaan!’ of ‘Ik heb nog nooit iemand zo mooi piano horen spelen als jij!’.

(3) Geef liever een compliment over het gedrag van je kind dan over z’n persoon.
Als je een compliment geeft over het gedrag van je kind, dan zeg je iets over datgene wat je kind doet (bijv. tekenen, spelen, fietsen, rennen). Geef je een compliment over de persoon van je kind, dan zeg je iets over eigenschappen van je kind, bijv. over zijn karakter, persoonlijkheid, intelligentie (bijv. ‘wat ben je toch mooi’, ‘wat ben je toch slim’). Als je te vaak complimenten geeft over je kind als persoon, dan kan je kind daar juist erg onzeker van worden en daardoor juist gaan onderpresteren. Probeer dus te voorkomen dat je te vaak iets zegt over eigenschappen van je kind en geef liever een compliment over zijn gedrag.
En natuurlijk mag je af en toe toch nog wel eens tegen je kind zeggen dat je hem mooi, lief of slim vindt, maar (gezien de mogelijke negatieve effecten) voorkom dat je dat te vaak doet of overdrijft…

vader_zoon_high_fiveHet gaat er hierbij juist om dat je je kind (stimu)leert om zich op een positieve manier te gedragen en dus dat je laat weten wat jij positief gedrag vindt. Wat dat betreft werkt het ook nog eens goed om gedrag te benoemen dat nog kan veranderen of wat je kind nog kan ontwikkelen (bijv. de moeite die hij ergens voor gedaan heeft of de strategieën die je kind gebruikt).

Er zijn veel onderzoeken gedaan naar het effect van het geven van complimenten. Als je hier verder over wilt lezen, dan vind je onderaan dit artikel een aantal links en referenties, die ik voor dit artikel heb gebruikt en waar je verder in kunt lezen.

 


M’n vaste e-zine-abonnees lazen in dit artikel ook nog wanneer je juist beter géén complimenten kunt geven, wat je kunt doen als je het zelf lastig vindt om complimenten te geven en als je merkt dat je kind het lastig vindt om complimentjes te ontvangen.

tip_gezinWil jij ook graag alle opvoedtips van Joyce lezen?
Meld je dan aan voor het GRATIS e-zine, dat ze 1x per maand naar haar abonnees stuurt. Haar e-zine (digitaal magazine) staat boordevol praktische en waardevolle opvoedtips, steeds over een ander belangrijk opvoedthema.
Kort na je aanmelding ontvang je alvast haar GRATIS E-boek ‘5×5 OpvoedTips – Nóg meer genieten van je kind’ in je mailbox, zodat je meteen met de eerste praktische tips kunt beginnen.
Het e-zine verstuurt ze op de 1e dag van de maand. Zowel het e-zine als het e-boek ontvang je helemaal GRATIS, vrijblijvend  én zonder verdere verplichtingen.
Klik hier om meer te lezen over Joyce’ e-zine, bijv. welke thema’s je zoal mag verwachten.


Ik hoop van harte dat je met één (of meerdere) van deze tips aan de slag gaat. Het zal er aan bijdragen dat je je kind (nòg) meer stimuleert om ‘gewenst’ gedrag te laten zien en jullie relatie (nog) fijner wordt. Laat je me weten hoe het gegaan is?

Heb je vragen of opmerkingen over dit thema?
Mail die dan vrijblijvend naar info@aksecoaching.nl of plaats je reactie onder dit bericht.

Veel succes!
Mvg, Joyce Akse

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

Geschreven door Joyce Akse van Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies.
© 2016. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

cropped-logo_akse_coaching_klein_nieuw.pngGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Wil je weten hoe opvoedcoach Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’ jou kan helpen om meer rust thuis en in je gezin te geven, zodat je (nóg) meer van je kind(eren) kunt genieten?
Ga dan naar www.aksecoaching.nl en/of neem contact met haar op via onderstaande contactgegevens.

Lees verder over gerelateerde thema’s: 
– ‘Ik zeg het nou nog één keer…! (of: Hoe voorkom je dat je kind niet naar je luistert.)’. Klik hier.
– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Klik hier.
– ‘In 5 stappen naar minder stress én positiever opvoeden.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel:
– Brummelman, E. (2013). Sommige complimenten kunnen averechts werken bij kinderen met lage zelfwaardering. Lees het artikel.
– Dewar, G. (2008). The effects of praise: What scientific studies reveal about the right way to praise kids. Parenting Science. Lees het artikel.
– Nationale Zorggids. (2014). Kind niet altijd gebaat bij veel complimenten. Lees het artikel.
– Sanders, M.R., Markie-Dadds, C., & Turner, K.M.T. (2007). Tafeldraaiboek. The University of Queensland: Australia.