Heeft mijn kind dyslexie of niet? Wat je er als ouder of leerkracht over moet weten. [ Interview met dyslexie-expert drs. Kim Huiskamp ]

Joyce Akse maakt een serie artikelen, waarin ze experts interviewt over hun eigen onderzoek of werkveld. Het doel van deze serie is om resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vertalen naar praktische tips voor ouders, waar ze thuis direct mee aan de slag kunnen. Deze thema’s hebben natuurlijk te maken met het ouderschap, opvoeding en/of de ontwikkeling van kinderen (0-16 jaar). 

 

jongen_schrijven_handen_in_haarZodra je kind naar school gaat, komt hij al snel in aanraking met taal. In de kleutergroepen wordt er voorzichtig aandacht aan besteed en vanaf groep 3 begint het echte werk. Bij de meeste kinderen verloopt de taalontwikkeling zonder veel problemen; bij sommige kinderen zie je echter dat het lezen en spellen moeizamer gaat. Dat komt vaak in groep 3 en 4 naar boven. Bij deze kinderen zou er sprake kunnen zijn van dyslexie.

Over het onderwerp ‘dyslexie’ interviewde ik drs. Kim Huiskamp. Zij werkt als diagnosticus en behandelaar bij het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht.

In dit artikel vertelt ze uitgebreid wat dyslexie precies is (en wat niet), hoe je dyslexie bij jouw kind kunt herkennen, waarom het belangrijk is om de taalontwikkeling van je kind goed in de gaten te houden en – indien nodig – op tijd te starten met behandeling. Daarnaast vertelt ze welke mythes en vooroordelen er soms nog bestaan over dyslexie, waar dyslexie wel eens mee verward wordt en wat je als ouder kunt doen om het leesplezier van je kind te stimuleren.

 

Je bent expert op het gebied van dyslexie en leesvaardigheid. Hoe ben je bij dit onderwerp gekomen en wat spreekt jou er persoonlijk zo in aan? 
meisje_wil_niet_lezen‘Ik ben eigenlijk toevallig met dyslexie in aanraking gekomen. Aan het einde van mijn opleiding psychologie heeft mijn stagebegeleidster mij in contact gebracht met prof. dr. Leo Blomert, expert op het gebied van dyslexie. Hij zocht mensen om een vakgroep te vormen om het dyslexieprotocol op poten te krijgen en dat wilde ik graag doen. Op die manier kon ik dus bij toeval in zijn werkgroep aan de slag. Daardoor kwam ik ook in aanraking met wetenschappelijk onderzoek naar dyslexie. Het onderwerp trok mij erg aan, maar ik merkte dat ik liever in een klinische setting werkte dan in een wetenschappelijke. Via Leo Blomert werd ik toen voorgesteld aan Patty Gerretsen, toentertijd directeur wetenschap van het RID. Zo ben ik uiteindelijk bij het RID terechtgekomen en daar werk ik nu al 15 jaar. Wat ik zo prettig vind aan werken met mensen met dyslexie is dat je echt iets voor iemand kunt betekenen. Iedereen in onze maatschappij krijgt te maken met lezen en schrijven en als je dyslexie hebt, kun je flinke problemen ondervinden op school, op je werk of zelfs privé. Met een gerichte behandeling en concrete tools, kun je kinderen (en volwassenen) met dyslexie echt helpen hun situatie te verbeteren. Het geeft me enorm veel voldoening dat ik op deze manier iets kan betekenen voor de kinderen, die bij ons komen.’

 


Curriculum Vitae
kim_huiskamp_fotoDrs. Kim Huiskamp studeerde neuro– en ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Maastricht. Daarna werkte ze een jaar als psycholoog / onderzoeksassistent aan dezelfde universiteit. Vervolgens maakte ze de overstap naar het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht. Ze werkte er een tijd als hoofd behandeling en vestigingsmanager; momenteel als diagnosticus en behandelaar.


 

Kun je uitleggen wat dyslexie precies is?
hersenen_kwabben‘Als je dyslexie hebt, dan heb je moeite met lezen en/of spelling. Sommige kinderen hebben alleen moeite met lezen, andere alleen met spellen en weer andere met allebei. De grootste groep van de kinderen met dyslexie heeft moeite met allebei.

In onze maatschappij maken we gebruik van het alfabetische schrift. Onze woorden zijn opgebouwd uit klanken. Als je het woord wil leren lezen en schrijven, dan zul je het woord moeten opdelen in klanken. Je gaat dan als het ware de klankstructuur van woorden ontcijferen.

In de hersenen zit een gebiedje (temporaal kwab*) dat de klankstructuur van woorden verwerkt, het helpt je met het in stukjes hakken van woorden. Dat gaat automatisch, onbewust.
*: Meer specifiek, de superieure temporale sulcus (STS) en planum temporale (PT) zijn betrokken bij de integratie van de letter-klank-koppeling. De visual word form area (VWFA) is betrokken bij directe woordherkenning.

Bij dyslexie is dat gebiedje wat minder goed toegerust om de klankinformatie te ontwarren. Die informatie loopt dan een beetje door elkaar. Je spreekt woorden misschien soms net een beetje verkeerd uit.
Bijvoorbeeld: Je hebt het dan niet over ‘doelwit’ maar over ‘doellid’.

En dat is eigenlijk nog maar het begin. Kinderen (of volwassenen) met dyslexie hebben er dus moeite mee om de klanken van elkaar te onderscheiden. De volgende stap is dat je de klanken gaat koppelen aan een letter, dus de klanken van losse letters. In groep 3 begin je daarmee: je leert welke klank bij welke letter hoort (bijv. ‘Dit is de letter ‘L’ en die klinkt zo…’).

Die letter-klank-koppeling zit weer in een ander gebiedje van die temporaal kwab. Dat gebiedje koppelt als het ware de auditieve (klank, die je hoort) en visuele informatie (letter, die je ziet) aan elkaar. Dat ‘koppelproces’ duurt eigenlijk jaren. Van groep 3 naar groep 8 maken kinderen daarin een stijgende lijn door. Die integratie duurt dus echt jaren en kan alleen optreden met onderwijs. Pas daarna wordt het een automatisch proces. Op het moment dat het automatisch is, kun je het zien van een letter niet meer als niet-letter zien. Op latere leeftijd gebeurt dat zelfs met hele woorden. Maar daar heb je dus wel training voor nodig. Een beginnende lezer kan dat nog niet met hele woorden. Daarom begin je op school eerst met het leren van de letters met bijbehorende klanken.’

 

Hoe ‘ontstaat’ dyslexie? 
loesje_dyslexie‘Je wordt met dyslexie geboren; het ontstaat dus eigenlijk niet echt. Het is ook erfelijk, wat betekent dat het vaker binnen families voorkomt.

Bij dyslexie zijn twee vaardigheden of processen verstoord: aan de ene kant is dat de klankverwerking (fonologische verwerking), aan de andere kant is dat de letter-klankkoppeling.

In groep 3 leren kinderen om te ‘decoderen’ oftewel om te ‘hakken & plakken’.
Bijvoorbeeld: ze leren dat het woord ‘kip’ uit 3 klanken bestaat: k – i – p.

In de hersenen gaat dat dan nog niet automatisch. De kinderen zullen er energie in moeten steken om dat goed te leren. Ze hebben op dat moment ook nog minder bronnen om het woordbeeld in hun geheugen op te slaan.

Als je het hele proces van het lezen en spellen hebt doorlopen, dan is het eindstation dat je een heel woord ziet en herkent. Je herkent het omdat het opgeslagen is in het ‘mentaal lexicon’. Hoe meer je daarin opgeslagen hebt, hoe automatischer het lezen en spellen gaat. Dat automatisme kun je trouwens ook krijgen als je dyslexie hebt. Maar omdat de basis van het aanleren lastiger is, duurt het langer om bij dat eindstation te komen.’

 

Hoe kunnen ouders dyslexie bij hun kind herkennen? 
jongen_in_klas_juffrouw_geen_zin‘Je kunt dyslexie eigenlijk pas echt herkennen vanaf dat je kind een tijdje in groep 3 zit, dus als je kind echt onderwijs krijgt op het gebied van lezen en schrijven. Bij kleuters zie je ook al wel eens dat ze moeite hebben met klankverwerking. Ze hebben dan bijv. moeite met het leren / benoemen van de kleuren, met links en rechts, ze hebben moeite met rijmen, ze vinden het lastig om de namen van klasgenootjes te onthouden of ze vinden het moeilijk om nieuwe liedjes te leren. Dat zijn allemaal dingen waarbij ze iets moeten doen op het gebied van klankverwerking. Een deel van de kinderen, dat hier moeite mee heeft, kan later moeite krijgen met lezen en schrijven. Dat hoeft echter niet perse. Het zijn dus geen harde criteria, eerder een aanwijzing om het goed in de gaten te houden. Andersom geldt dat ook: als je kind hier als kleuter geen moeite mee heeft, dan wil dat niet zeggen dat hij geen dyslexie kan hebben. Het kan op dyslexie wijzen, maar dat is niet één op één.

In groep 3 kijk je of leerlingen moeite hebben met het leren van letters, met het hakken en plakken, met het op tempo lezen van woorden en of leerlingen fonetisch blijven schrijven (= letterlijk schrijven van wat je hoort).

Het mag dus duidelijk zijn dat je lezen en spellen echt moet leren. Wil je dyslexie kunnen aantonen, dan moet je dus onderwijs hebben gehad. Als school merkt dat een kind moeite heeft met lezen en spellen, dan moet het ook extra onderwijs en aandacht op dat gebied aanbieden. Halverwege groep 3 kom je er misschien achter dat een leerling zich wat trager ontwikkelt op het gebied van taal en spelling. Dan is het belangrijk om uit te filteren waar dat door komt; een probleem op het gebied van lezen en spelling hoeft nl. niet altijd op dyslexie te wijzen. Basisscholen hebben daar een protocol voor.
Als school bijvoorbeeld op basis van de citoscores (bij score D of E) merkt dat het lezen van een leerling achterblijft, dan wordt er extra aandacht aan die leerling gegeven; bijv. door de leerling in een apart groepje te zetten en/of extra aandacht te geven op het gebied van lezen en/of spelling. Als de leerling dat een half jaar of heel jaar heeft gehad en dat blijkt onvoldoende effect te hebben gehad, dan kun je pas echt gaan onderzoeken of dyslexie een mogelijke oorzaak is.

Het is belangrijk om na te gaan wat precies de oorzaak is van de problemen die een leerling heeft op het gebied van lezen en spellen. Juist om te weten of het dyslexie kan zijn of niet. Een leerling kan bijvoorbeeld ook een algemeen leerprobleem hebben of er speelt iets anders dat hem belemmert in zijn leerproces. Denk bijvoorbeeld aan een trauma in de familie (bv. echtscheiding en daardoor verlies van motivatie om te leren of goed mee te doen op school). Dan kan een kind dus wel moeite met lezen en/of spelling hebben, maar niet door een onderliggende dyslexie. Vandaar dat het enerzijds zo belangrijk is om goed te onderzoeken wat precies de reden is dat een kind moeite heeft met lezen en/of spelling. Anderzijds is het daarom goed om een breder leerprofiel mee te nemen en om te beoordelen of de één-op-één-hulp in de klas goed genoeg heeft gewerkt. Uiteraard kunnen de lees- en spelmoeilijkheden ook nog andere oorzaken hebben of samenhangen met andere stoornissen.’
Daarover bij een volgende vraag meer.

 


Heb je het idee dat kinderen hun dyslexie kunnen verdoezelen, waardoor het voor ouders of leerkrachten lastig wordt om het te herkennen? 
meisje_juffrouw_samen_lezen‘Eerlijkgezegd lijkt het me voor een kind bijna niet te doen om dyslexie te verdoezelen. Ze kunnen wel verschillende strategieën laten zien om met hun lezen of spelling om te gaan. Ze trappen bijvoorbeeld op de rem en gaan heel langzaam lezen. Of ze gaan juist heel snel lezen en raden dan wat er staat. Kinderen met dyslexie hebben moeite met het technische leesproces; dat betekent in dit geval dat het ten koste gaat van de snelheid of van de nauwkeurigheid van het lezen.

Bij kinderen met veel compensatiemogelijkheden zien we wel eens dat ze met tekst lezen een hoger niveau behalen dan met woordlezen. Ze hebben dan steun aan de semantiek van de tekst; de inhoud en betekenis van de tekst helpt hen om de woorden in tekstverband te lezen.

Bij hoog-functionerende volwassenen zien we wel eens dat ze vooral vastlopen bij het lezen van onzinwoorden. Zij hebben door de jaren heen al zoveel woorden geleerd en opgeslagen (in hun mentaal lexicon), dat ze al veel woorden en teksten gewoon goed kunnen lezen.

Bij de beoordeling of een kind dyslexie heeft, weegt het lezen trouwens zwaarder dan spelling of schrijven. Lezen is namelijk een ‘puurdere’ maat van dyslexie vanwege het automatische proces. Daarom geeft het lezen meer de doorslag bij de beoordeling van dyslexie. Bij spelling is altijd gerichte aandacht nodig en kunnen dus ook weer andere dingen spelen, waarom kinderen er moeite mee hebben (denk aan motivatie en taakgerichtheid).’

 

Vanaf welke leeftijd kun je dyslexie laten onderzoeken? 
jongen_vrouw_huiswerk_maken‘Vanaf de leeftijd van ongeveer 8 jaar, dus pas bij kinderen in groep 4, kun je dyslexie betrouwbaar onderzoeken. Dus nog niet echt vanaf groep 3. Je moet kinderen namelijk de kans geven om het lees- en spelproces op gang te laten komen.

Merk je dat het kind al last heeft op dit gebied vanaf de kleuterklas (zie hierboven), dan zou je een leerling van groep 3 eventueel wel al kunnen laten onderzoeken. Maar dat zijn eerlijkgezegd wel de uitzonderingen.’

 

Waarom is het belangrijk om het op jonge leeftijd te laten onderzoeken?
meisje_vrouw_schrijven‘Als je van groep 3 naar groep 8 kijkt, dan worden de normen steeds strenger. Als jij je op een trager tempo ontwikkelt vergeleken met je groepsgenoten, zal het verschil daarom steeds groter worden. Dan ga je dus steeds meer achterlopen ten opzichte van de andere kinderen.

In de hogere groepen wordt ook steeds meer gebruik gemaakt van taal. Zo heb je in groep 4 nog wel het ‘kale’ rekenen, maar vanaf groep 5 komen ook steeds vaker verhaaltjessommen aan bod. Dan is het ook bij vakken als rekenen belangrijk om goed te kunnen lezen. En bij de hogere groepen komt alleen nog maar meer (talige) informatie op de leerling af. Ze hebben dan een bepaald functioneel leesniveau nodig om alles op een goede manier te kunnen verwerken en te begrijpen. Dat is niet alleen nodig bij vakken als begrijpend lezen en redactiesommen, maar ook bij vakken als geschiedenis of aardrijkskunde.
Het is misschien goed om in dit kader te weten dat het onderdeel ‘begrijpend lezen’ één van de onderdelen is, waarop bepaald wordt welk niveau van voortgezet onderwijs je aankunt. Als jij het technisch leesniveau hebt van iemand van groep 3 en je moet lezen op het niveau van eind groep 7, dan is het lastiger om de inhoud van tekst er op een goede manier uit te pikken, zeker als je al zo worstelt met de tekst die je leest. (Als de tekst je voorgelezen wordt, kan het natuurlijk weer anders zijn.)

Om op een goede manier te kunnen laten zien, wat er aan vaardigheden en kennis in je zit, is het dus belangrijk dat het gat tussen je leesniveau en je vaardigheden niet te groot is. Als dat wel het geval is, dan wordt het een stuk lastiger om te laten zien wat je kunt.’

 

Kun je van dyslexie genezen? 
meisje_leest_boek_MLP‘Helaas kun je niet van dyslexie genezen. Je zult altijd meer moeite met lezen en spellen blijven hebben dan anderen zonder dyslexie.

Ondanks dat gegeven kun je het gebiedje in de hersenen wel trainen, waardoor het lezen en spellen beter gaat. Dyslexie is dus niet te genezen, maar je kunt je lees- en spelvaardigheden wel verbeteren. En dat is goed nieuws.

Het is goed om te accepteren dat het lezen en spellen moeilijk voor je is en zal blijven. Je ziet dat sommige kinderen heel opgelucht zijn met diagnose (‘gelukkig, ik kan er niks aan doen’); er valt een last van hun schouders. Andere kinderen voelen zich er juist vervelend door; ze krijgen het gevoel dat ze anders zijn dan anderen, dat ze niet normaal zijn of dat ze niet meer degene zijn die ze waren. Kinderen, die moeite hebben om te accepteren dat ze dyslexie hebben, kunnen baat hebben bij ‘psycho-educatie’. Bij het RID geven we hen o.a. een boekje mee dat ze samen met hun ouders kunnen lezen: ze gaan dan samen vragen beantwoorden, thema’s bespreken en ze kunnen wat meer gerustgesteld worden. De inhoud van dit boekje komt dan ook in de behandeling aan bod. Ook is het goed om te weten dat heel beroemde of intelligente mensen dyslexie hadden (denk maar eens aan Einstein). Door dyslexie zo positief mogelijk te benaderen, proberen we kinderen er een andere mind-set over te geven.

Nadat je een dyslexiebehandeling hebt gehad, kan de dyslexie toch weer de kop op steken, bijvoorbeeld als je een nieuwe taal gaat leren. Daar hebben leerlingen met dyslexie doorgaans meer moeite mee. Het blijft een zwakkere plek.’

 


EXTRA
Drs. Kim Huiskamp raadt de volgende boeken aan om (evt. samen met je kind) over dyslexie te lezen.

Informatieve boeken voor ouders:
boeken_MPL_dyslexie‘Kinderen met dyslexie, een gids voor ouders’ – T. Braams
‘Houvast bij leesproblemen en dyslexie op de basisschool, leidraad voor ouders’ – A. Paternotte en J. Buitelaar
‘Mijn kind & Dyslexie’ – R. Krijnen
‘Mijn kind heeft dyslexie’ – M. Ceyssens

Informatieve boeken voor kinderen: 
‘Dyslexie’ – Z. van Mersbergen (Informatiereeks 3, nummer 54)
‘Een 2 voor dictee. Een verhaal over dyslexie’ – J. Breeman
‘Letters op de snelweg. Boekje over dyslexie’ – K. Terlouw
‘Ik heb dyslexie, nou en!’ – L. de Groot

Leesboeken geschikt voor dyslectische kinderen:
http://www.makkelijklezenplein.nl (informatie over leesboeken voor dyslectici)
http://www.zwijsen.nl (serie Zoeklicht)
http://www.inktvis.nl (serie Kokkel-reeks)

Leesboeken over dyslexie voor kinderen: 
‘Ik ben niet bom!’- M. van de Coolwijk
‘Schatkasten’ – H. van der Werff
‘Pudding Tarzan’ – O.L. Kirkegaard
‘De smoezenkampioen’– C. Slee
‘Heksie. Hoe vang je een heks? – M. Snoeij


 

Waar wordt dyslexie wel eens mee verward? 
meisje_dromend_aan_tafel‘Als kinderen zich bij ons aanmelden om te onderzoeken of er sprake is van dyslexie, dan wordt er niet alleen gekeken naar hoe het met lezen en spelling gaat, maar we kijken ook naar andere schoolvakken. Kinderen kunnen namelijk in het algemeen moeite hebben om nieuwe vaardigheden aan te leren of ze kunnen een algemeen leerprobleem hebben. Dan heb je een heel andere benadering nodig om het kind verder te helpen.

Soms kunnen kinderen een taalontwikkelingsstoornis (TOS) hebben. Ze hebben dan moeite met taal in het algemeen; niet alleen moeite met lezen en schrijven, maar ook moeite met taalbegrip, met de taalproductie (uitspraak) en/of ze hebben een lage woordenschat. Bij kinderen met TOS is er dus meer aan de hand; ze hebben een breder taalprobleem.

Verder is het goed om aandacht te hebben voor andere stoornissen, zoals AD(H)D. Een kind dat bijvoorbeeld moeite heeft om de aandacht ergens bij te houden, kan daardoor in de klas informatie of instructie mislopen. Ook kan een kind met een aandachtsprobleem het ene vak wel leuk vinden en het andere niet; dan heeft het bijvoorbeeld minder aandacht voor taal en dus minder oefening om het goed te ontwikkelen. Dat wil echter nog niet zeggen dat er sprake is van dyslexie.

Sommige kinderen lopen een ‘didactische achterstand’ op: ze liggen achter op de groep, maar dat kan komen omdat ze minder effectief onderwijs hebben genoten dan andere kinderen. Ook dat hoeft dus niet door een mogelijk onderliggende dyslexie te komen.

Hier blijkt in ieder geval uit hoe complex het geheel kan zijn. Dyslexie kan ook nog eens samen voorkomen bij één van deze stoornissen (comorbiditeit), maar dat hoeft natuurlijk niet. Het is ook mogelijk dat de lees- en spelproblemen, die je opmerkt, door een ander onderliggend probleem veroorzaakt worden dan door dyslexie.’

 

Welke mythes, onjuistheden of vooroordelen bestaan er over dyslexie? 
meisje_leest_in_boek‘Er bestaan wel een aantal mythes of vooroordelen over dyslexie:

(1) Dyslexie ontstaat door een zuurstoftekort bij de geboorte of door slecht samenwerkende hersenhelften.
Vroeger werd wel gedacht dat dyslexie kwam door een zuurstoftekort bij de geboorte, maar we weten inmiddels dat dat niet zo is. Er werd ook wel gedacht dat de twee hersenhelften niet goed samenwerkten. Dan moesten de kinderen evenwichtsoefeningen doen, waardoor de helften wel beter gingen samenwerken. Beide ideeën zijn inmiddels ontkracht door wetenschappelijk onderzoek en niet waar gebleken.

(2) Kinderen met dyslexie kunnen niet goed zien of horen.  
Als je kijkt naar de gebieden in de hersenen die bij klankverwerking betrokken zijn, dan zitten die min of meer tussen de auditieve en visuele cortex in. De informatie die in de auditieve cortex terechtkomt (klank), wordt gecombineerd met de informatie die in de visuele cortex terecht komt (letter). Bij kinderen met dyslexie gaat die verwerking ervan moeizamer. Een kind met dyslexie kan dus zowel goed horen als zien, alleen het verwerken van de combinatie klank en letter gaat moeizamer. Je kunt dyslexie dus niet oplossen door een bril of een hoorapparaat te dragen.

(3) ‘Mijn kind heeft niet zo’n zin in lezen en spelling en moet gewoon wat beter zijn best doen.’ 
Ouders kunnen soms de overtuiging hebben dat hun kind niet gemotiveerd is en gewoon wat beter zijn best zou moeten doen. Maar ik leg dan altijd uit dat kinderen niet ongemotiveerd worden geboren; het kind beslist niet bewust of actief dat het geen zin heeft om te leren. Als een kind geen zin heeft om te lezen, om huiswerk te maken of om iets te doen voor school, dan komt dat door een bepaalde wisselwerking met iets anders. Dingen die je lastig vindt of waar je moeite mee hebt, vind je gewoon niet zo leuk om te doen. De berg wordt dan te hoog. Gelukkig kun je de berg lager maken, zodat het te behalen doel niet meer onbereikbaar lijkt. Het kind krijgt dan het gevoel dat hij het misschien toch kan.

We zien ook wel eens kinderen, die voordat ze bij ons komen, al een heel traject hebben afgelegd. Ze zijn dan al op zoveel plekken geweest en hebben al zoveel onderzoeken gehad, dat ze al bijna geen zin meer hebben om nóg een onderzoek of behandeling te ondergaan. Deze kinderen zou je ‘behandelmoe’ kunnen noemen. Dat wil echter niet zeggen dat ze niet geholpen kunnen worden; ook bij deze kinderen kan dyslexie vastgesteld worden en ook zij kunnen nog steeds geholpen worden.

(4) ‘Laat maar, er is toch niks aan te doen.’ 
Sommige ouders denken: ‘het is dyslexie, er is niks aan te doen’. Dat is echter niet het geval. Ook kinderen met dyslexie kun je met de juiste begeleiding beter laten lezen en spellen. Het is daarbij vooral belangrijk om voor ogen te houden wat je kind wel nog kan ontwikkelen en wat er nog wel mogelijk is. Ga na welk doel je kunt stellen. Daarbij is belangrijk om juist de inspanning, die je kind doet, te belonen (growth mindset) en niet het resultaat (fixed mindset).’

 

Wat kunnen ouders doen als ze het vermoeden hebben, dat hun kind dyslexie heeft? 
voorlezen_vader_dochter_lachend‘Als ouders vermoeden dat hun kind moeite heeft met lezen of spellen of zich er zorgen over maken, dan is het belangrijk om dat aan te kaarten bij de leerkracht. Het is goed om het zelf ook in de gaten te houden. Bespreek het, zodat de leerkracht er aandacht voor heeft.

School heeft dan – indien nodig – mogelijkheden om extra hulp aan leerlingen te bieden. Citotoetsen helpen bij het signaleren ervan. Daarna kan een leerling doorverwezen worden voor extra zorg; dat zou evt. naar het RID kunnen. Daar wordt onderzocht of er wel / geen sprake is van dyslexie en indien dat inderdaad het geval is, kan de dyslexiebehandeling plaatsvinden.

Over het algemeen is het belangrijk dat ouders met een kind met dyslexie een omgeving creëren, waarin lezen een plek heeft. Creëer een omgeving waarin regelmatig gelezen wordt en waarin dat ook beloond wordt. Denk dan in termen van ‘quality time’: lekker samen op de bank zitten en een boekje (voor)lezen. Maak (voor)lezen dus een normaal onderdeel van je eigen levenssituatie.

Uiteraard kan het voor ouders nog best lastig zijn om het lezen voor hun kind weer leuk te maken. Ga dan op zoek naar de intrinsieke motivatie van je kind. Dat kun je doen door vooral boeken uit te zoeken die je kind zelf heel leuk, interessant of boeiend vindt. Laat de boeken aansluiten op de belevingswereld en interesses van je kind. Als je kind bijvoorbeeld fan is van dinosaurussen, dan lees je daar samen boeken over. Bij drukke gezinnen kan zo’n één-op één-momentje, waarin je aan je kind (voor)leest, zelfs een uitkomst zijn. Door het samen te doen, wordt het lezen alleen maar leuker. Hiermee kun je de leesmotivatie en het leesplezier van je kind absoluut stimuleren.

Geef het dus niet op en ga vooral door met lezen. Lezen onder dwang, bijv. tot huilens toe, is natuurlijk het andere uiterste. Dat laatste vergroot alleen maar de weerstand bij je kind. In de plaats daarvan is het beter om je kind zelf zijn boeken uit te laten kiezen. Ga samen naar de bibliotheek en maak er daarna samen een gezellig leesmoment van.
Goed om nog te weten is ook dat het geen probleem is om kinderen naar luisterboeken te laten luisteren of om software te gebruiken om boeken te laten voorlezen. Het is dan wel belangrijk dat kinderen het boek erbij houden en zelf meelezen. In de bibliotheek heb je ook een Makkelijk Lezen Plein, waar je boeken kunt vinden voor kinderen die wat meer moeite hebben met lezen.

 


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend.
 Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?
Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
Wist jij dit al over opvoeding en ouderschap…? Uitgebreide interviews met toonaangevende experts.’ 
– ‘11 tips om samen (voor)lezen nóg leuker te maken.
– ”Nog een keer lezen, nog een keer’- 5 eenvoudige tips om samen (voor)lezen met je kind nóg leuker te maken.
– ‘Waarom worden kinderen en tieners toch zo boos?‘. 
‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

Hoe overleef je de laatste weken vóór de zomervakantie?

Laatste schooldag voor zomervakantieVoordat de zomervakantie begint, moet er ineens van alles gebeuren. Als moeder vind ik dat persoonlijk één van de meest hectische periodes van het jaar (de week voor kerst staat trouwens met stip op één, maar dat even terzijde… 😉 ). De eerste jaren dat m’n oudste op de basisschool zat, overviel die periode me een beetje. Er kwam ineens zoveel voorbij; daar was ik me vooraf helemaal niet bewust van.

Zo kan er ineens een juffen- / meesterdag georganiseerd worden, waar je (samen met je kind) een knutselwerkje voor maakte (of een financiële bijdrage aan leverde i.v.m. een gezamenlijk cadeau van de klas), een cadeautje voor de leerkracht wil geven op de laatste schooldag (evt. met knutsel van je kind), een leuke jaarafsluiting van de clubjes waar je kinderen lid van zijn, je wil graag je eigen vakantie voorbereiden (koffers inpakken en zo), je wil je eigen werk zo goed mogelijk afronden en ga zo maar door. En zo is er vlak voor de zomervakantie ineens van alles dat er nog moet gebeuren… Help!

Inmiddels heb ik gelukkig wel een beetje door wat er zo voor het eind van het schooljaar allemaal gaat gebeuren (en zelfs dan kan het me nog wat overvallen, want momenteel heb ik 3 kinderen op de basisschool; dus dat is alle extra activiteiten maal 3…).

⇒ In dit artikel zet ik graag alles voor jou op een rijtje, zodat het jou niet (of in ieder geval wat minder) overvalt, je (kind) goed beslagen ten ijs komt en relaxt aan je zomervakantie kunt beginnen. Daar komen ze…

 

(1) Juffendag of Meesterdag: 
blond_hiep_hiep_hoera_vrouwDeze dag wordt steeds vaker op scholen georganiseerd en is min of meer in het leven geroepen om te voorkomen dat alle leerkrachten van een klas apart hun verjaardagen vieren. De kinderen gaan op zo’n dag samen met hun juffrouw of meester iets leuks doen; ze spelen spelletjes in de klas, gaan naar een speeltuin in de buurt of iets dergelijks. Vaak wordt er dan ook georganiseerd dat de kinderen samen iets leuks maken voor de leerkracht(en) of dat er geld bij elkaar wordt gelegd voor een gezamenlijk cadeau namens de klas.

⇒ Dat betekent voor jou als ouder dat je er aan moet denken om voor je kind(eren) op tijd het afgesproken bedrag over te maken naar de betreffende ouder óf dat je samen met je kind aan het knutselwerkje gaat werken. En dat klinkt misschien wel als een open deur en op zich is het best eenvoudig, maar als je dat op verschillende dagen voor verschillende kinderen moet doen (met de rest van al je activiteiten, zie ook hieronder), dan kan dat stiekem nog best een uitdaging zijn… 😉

Misschien wordt er op de school van jouw kinderen geen Juffen- of Meesterdag georganiseerd, maar wel een gezamenlijk cadeau geregeld voor bijv. de laatste schooldag. Of er wordt geen gezamenlijk cadeau geregeld en regelen alle ouders zelf iets voor de leerkracht. Of er is duidelijk afgesproken dat er geen cadeaus gegeven worden. Alle opties zijn helemaal goed! Kijk gewoon even wat precies de bedoeling is op de school van jouw kind. 

 


IDEE: Een gezamenlijk cadeau voor de juffrouw of meester.
bedankt_jufLaat alle leerlingen uit de klas van je kind dit formulier (A4-tje) invullen en bundel het tot een mooi persoonlijk afscheidscadeau van de klas. Iedereen doet zijn bijdrage, het is niet duur, maar het is wél een hele mooie én persoonlijke herinnering voor de leerkracht.

KLIK HIER om de A4-tjes GRATIS te downloaden en/of uit te printen:
A4-tje voor de juffrouwA4-tje voor de meester.




(2) Op school & in de klas: Het laatje opruimen
bureautjes_in_klas_schoolVoordat de vakantie begint, worden de klassen al enigszins opgeruimd. Alle kinderen maken beetje bij beetje hun laatjes (van hun eigen bureau) leeg en dus komen er met en met allemaal ‘spulletjes & prulletjes’ mee naar huis. Hier thuis waren dat soms een paar kleine dingen, die m’n kinderen bijvoorbeeld door het jaar mee naar school hadden genomen, en van de andere kant kwamen er allerlei volgeschreven werkboeken en mooie knutselwerkjes mee naar huis. Allemaal dingen die je kind(eren) aan het eind van het schooljaar mee naar huis mag nemen.

TIP: Doe standaard een plastic zak in de tas van je kind. Dan heeft je kind altijd een tas  bij zich om deze spulletjes mee naar huis te nemen. Zeker als de schooltas / rugzak van je kind niet zo groot is en er doorgaans al spullen als broodtrommel(s) en beker(s) in zitten.


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(3) De laatste schooldag (voor de zomervakantie): 
happy_last_day_of_schoolMeestal wordt er op de laatste schooldag echt geen les meer gegeven en mogen je kinderen van alles mee naar school nemen. Dat kan een gezelschapsspel zijn om samen spelletjes te doen, maar soms wordt er ook een heuse pyjamadag of picknick georganiseerd. Heel leuk natuurlijk, maar dat betekent wel dat jij (samen met je kind) nog gauw even van alles bij elkaar moet zoeken.
Dus houd er rekening mee dat je dan nog een pyjama, een picknickkleed, een spel en ga zo maar door bij elkaar moet gaan verzamelen. Ik kan me er dan zelf best nog zorgen over maken over of op zo’n laatste dag van het jaar ook weer alles terugkomt; ook dat houd ik in m’n achterhoofd als ik – samen met de kinderen – iets uitzoek om mee te nemen. 

Daarnaast is het leuk (maar zeker niet verplicht) om de leerkracht van je kind op de laatste schooldag een kleinigheidje te geven. Ik moet eerlijk zeggen dat ik daar altijd wel een beetje over twijfel: ik gun het de leerkracht zeker, maar in principe is daar ook de juffendag voor bedoeld (dacht ik…?), dus dan wordt het dubbelop…?
Maar goed, om het zekere voor het onzekere te nemen, geef ik mijn kinderen ook op de laatste schooldag iets mee. Inmiddels zitten ze dus alle drie op de basisschool en hebben ze alle drie 2 leerkrachten; dat betekent dus 6 presentjes. En probeer dan ieder jaar maar eens wat leuks, origineels, liefs te verzinnen… 😉

Pinterest is voor mij op zulke momenten echt een ‘life saver’. Daar vind je zulke leuke, originele dingen op. Ik heb zelf Pinterest-borden aangemaakt, waar ik leuke zelfgemaakte cadeautjes en  makkelijke (kinder)tractaties op bewaar. Het nadeel is alleen dat Pinterest best een beetje verslavend kan zijn en dat komt op zulke drukke momenten nou eenmaal niet zo goed uit. Dus zodra je iets gevonden hebt dat je goed kunt gebruiken, kun je het beste Pinterest maar meteen weer uitzetten… 😉 En dan gauw weer door!

 

(4) Clubjes ronden het jaar af. 
kinderen_hoorn_muziek_lesAls je oudere kinderen hebt, dan zijn ze misschien wel lid van een leuke sport- of muziekvereniging. De lessen, trainingen of repetities worden vlak voor de zomervakantie meestal wel afgerond, maar toch willen verenigingen graag aan het eind van het schooljaar iets extra’s organiseren. Misschien wordt er dus ook voor jouw kind(eren) in deze periode nog wel een extra datum geprikt om samen op pad te gaan of samen een gezellige middag / avond te houden.

=> TIP: Probeer de dagen voor de zomervakantie wat minder in te plannen. Jouw agenda vult zich namelijk ‘als vanzelf’ met allerlei extra activiteiten. 😉


(5) Je eigen werk afronden: 

De meeste mensen willen voor hun vakantie graag alles – voor zover mogelijk – afronden om zo met een fijn gevoel de vakantie te kunnen starten. Als jij dat ook het liefste doet, dan is de kans groot dat daar toch een gevoel van stress bij komt kijken. En nou is (kortdurende) stress op zich niet zo erg en juist goed om lekker aan de slag te gaan, maar als het te veel wordt of als je het gevoel hebt dat het allemaal niet gaat lukken, dan is dat niet fijn.
In m’n artikel ‘Omgaan met stress | 5 praktische tips om je stressgevoel aan te pakken.‘ lees je wat je kunt doen om langdurige stress te voorkomen en/of ermee om te gaan. 

TIP: Het is handig om in de laatste werkweek voor je vakantie steeds minder (tot geen) afspraken in te plannen. Misschien lukt het je zelfs om de afspraken (bijv. op de laatste twee werkdagen) helemaal achterwege te laten. Op die manier heb jij voldoende ruimte en tijd om je eigen werk rustig afronden. Stel op je laatste werkdag je ‘afwezigheidsassistent’ al in, zodat je vanaf dat moment niet meer de druk voelt om nog op binnenkomende mails, vragen of opdrachten te reageren.


(6) Je eigen vakantie voorbereiden: 

vrouw_zit_op_kofferAls je meteen aan de start van de zomervakantie op vakantie gaat, dan ben je waarschijnlijk tijdens de laatste schoolweek al aan het pakken. Wat moet er allemaal mee, wat heb je perse nodig (en wat niet) en wat past er überhaupt nog allemaal in het koffer. Ook dat is doorgaans niet de meest rustgevende activiteit…

=> TIP: Maak ruim voordat je op vakantie gaat een handige vakantiechecklist, zodat je zeker weet dat je niks vergeet mee te nemen.

fb_zomerboek_voor_ouders_2020Ga goed voorbereid op vakantie en vraag nu het ‘Zomerboek voor Ouders‘ bij me aan; je ontvangt het helemaal gratis en vrijblijvend. Er zit o.a. een handige én uitgebreide vakantiechecklist in met allemaal items, die je nodig hebt als je met je kinderen op vakantie gaat. Met deze checklist weet je zeker dat je alle onmisbare spullen bij je hebt.
Klik hier om te lezen hoe je dit Zomerboek GRATIS kunt aanvragen

⇒ Ben ik in dit artikel nog iets vergeten te noemen, dat ook vaak ‘nog even’ moet in de laatste weken voor de zomervakantie? 
Laat me dat dan hieronder weten. Ik hoor dus graag van jou wat dat is en wat dus zeker niet aan dit lijstje mag ontbreken. Dankjewel alvast!

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Referenties van gebruikte literatuur voor dit artikel:
– ‘Tips tegen vakantiestress’. Gezond Idee. Gezond leven. MUMC+. Klik hier.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle opvoedTips:
– ‘Als je kind moeilijk in slaapt valt op vakantie… | 7 praktische tips om dat snel te verbeteren (incl. BONUStips)
– ‘Hoe overleef je een vliegvakantie met je kind…? | Een ontspannen vlucht in 5 stappen.
– ‘Stop het gezeur, geruzie en gedoe op de achterbank – 4 handige tips voor onderweg.
– ‘Zo slaapt je kind wél bij zomerse temperaturen! [over: Makkelijker in slaap vallen als het warm is.]
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Hoe kom je deze Corona-tijd op een positieve manier door…? Speciaal voor ouders en opvoeders.

fb_zo_bewaar_je_thuis_de_rust_in_coronatijdWe zitten nu al een aantal weken thuis, binnen, in huis. Door alle Corona-maatregelen mogen we namelijk niet meer naar buiten (behalve voor boodschappen en een frisse neus) en mogen we niet meer naar ons werk (m.u.v. vitale beroepen).

Deze verandering kan behoorlijk veel impact op je hebben: je dagelijkse dagindeling of weekstructuur is zo maar ineens overhoop gegooid en er wordt van je verwacht dat je je aanpast en je een nieuwe dagindeling of structuur eigen maakt. Dat is behoorlijk ingrijpend en dat gaat voor de meeste mensen echt niet vanzelf. Zoals je misschien zelf ook wel gemerkt hebt, kunnen deze veranderingen niet alleen ingrijpend maar ook behoorlijk frustrerend zijn. Die gevoelens van frustratie en onrust neem je ook mee in de reactie naar de mensen om je heen, zoals je partner en je kinderen, en in hoe je met bepaalde situaties omgaat.

Daarbij wordt niet alleen van ons verwacht dat we thuiswerken, maar hebben we nu ook 24/7 onze kinderen (en evt. partner) om ons heen; uiteraard hebben zij onze aandacht nodig. Onze kinderen krijgen bijv. opdrachten van school, die de ene dag beter gaan dan de andere. Dat heeft enerzijds te maken met hun eigen motivatie en concentratie, anderzijds met evt. technische problemen (denk maar aan het vastlopen van de computer, de wifi die eruit ligt, documenten die plots verdwijnen of websites die niet meer toegankelijk zijn). Dat kan oplopen tot behoorlijk frustrerende situaties. En die komen meestal op het moment dat jij net lekker bezig bent met je eigen werk. Help!

⇒ Hoe kun je er nou voor zorgen dat je thuis op een goede manier je werk kunt doen zonder te veel frustraties over en weer…? Daar geef ik je in dit artikel een aantal waardevolle en praktische tips voor.
Houd je bij het uitvoeren en toepassen van deze tips natuurlijk wel aan alle Corona-maatregelen.

 

1. Maak duidelijke afspraken met elkaar.
gezin_aan_tafel_keuken_papierenSpreek met elkaar af wanneer jullie werken (voor school, voor je werk) en wanneer jullie andere dingen kunnen doen. Het is handig om samen een dagschema af te spreken, zodat voor iedereen duidelijk is wat er door de dag gebeurt. Voor kinderen voelt het fijn en vertrouwd als ze zoveel mogelijk dezelfde dagstructuur hebben als die ze gewend zijn. Uiteraard is de structuur nu zeker niet hetzelfde als wanneer ze naar school zouden gaan, maar je kunt die structuur wel zo veel mogelijk nabootsen.
In m’n artikel ‘Zo wordt schoolwerk kinderspel!‘ lees je hoe je je kind die structuur kunt bieden. 

Maak afspraken over wanneer je kinderen jou om hulp kunnen vragen; mag dat de hele tijd tussendoor of wil je liever dat ze meerdere vragen bij elkaar verzamelen, misschien zelfs even opschrijven en die dan in één keer aan je stellen. Je kunt ook met je kind afspreken dat jij ieder half uur bij je kind gaat kijken om te vragen hoe het met zijn schoolwerk gaat en je dan eventuele vragen kunt beantwoorden. Zorg er in ieder geval voor dat je vaak genoeg beschikbaar bent voor je kind, zodat je kind zijn vragen kan stellen. Dat voorkomt frustratie van beide kanten.

Maak afspraken over de momenten waarop je echt niet gestoord mag worden, bijv. wanneer je met collega’s, cliënten of opdrachtgevers belt of wanneer je een belangrijke deadline hebt. Zorg dat je vlak voor die afspraak alle vragen van je kind(eren) hebt beantwoord en zorg dat ze een tijdje vooruit kunnen met hun werk. Je kunt er ook voor kiezen om je kind(eren) dan even pauze te geven en juist dan iets te gaan doen wat ze ontzettend leuk vinden en graag een tijdje mee spelen.

gezin_helpen_met_huiswerkAls je partner ook thuis werkt, dan stem je deze werkzaamheden bij voorkeur af met het werk van je partner. Het is het fijnste als jullie het begeleiden van het schoolwerk onderling verdelen, bijv. de een aan het begin van de ochtend, de ander aan het eind van de ochtend. Op die manier weet je zelf wanneer je de werkzaamheden kunt doen waar je niet bij gestoord mag worden én weten de kinderen dat jij op die momenten niet beschikbaar bent (en je partner kan hen op dat moment begeleiden met hun schoolwerk).

Maak afspraken over hoe jullie met elkaar omgaan. Bijv. ‘Als we het niet met elkaar eens zijn (of als we iets niet fijn vinden), dan zeggen we dat op een rustige manier tegen elkaar’ (i.p.v. niet schreeuwen). Geef in zo’n afspraak altijd aan wat je verwacht dat je kind doet, zodat je kind weet wat hij wél kan doen.
Merk je dat jij veel tegen je kind schreeuwt? Lees dan in m’n artikel ‘Stop met Schreeuwen’ hier hoe je dat vermindert en/of vraag m’n gratis e-book ‘Stop met Schreeuwen’ aan. 

Normaalgesproken zou je op je werk natuurlijk niet bezig zijn met het helpen van je kind(eren) en gaat het helpen nu ten koste van je werktijd. Het is goed om voor jezelf in te plannen wanneer je evt. nog een uurtje (of langer) je werk ‘inhaalt’. Denk dan bijv. aan een uurtje ’s avonds doorwerken. Als je voor jezelf weet dat je je werk kunt inhalen, dan geeft je dat overdag meer rust en dat zorgt er ook weer voor dat je je kind(eren) op een fijnere manier – namelijk met meer rust – kunt helpen.

Evalueer na een week hoe het gaat met alle nieuwe afspraken, die jullie (samen) gemaakt hebben. Als jullie hebben gemerkt dat de afspraken op punten niet goed werken, dan pas je ze aan op een manier waarop ze wel voor jullie werken. Werk dan weer 3-4 dagen volgens de nieuwe afspraken. Verander de afspraken dus niet te snel, want jullie hebben allemaal een aantal dagen nodig om aan de nieuwe afspraken te wennen en om ze in praktijk goed toe te passen. 

vrouw_bank_notitieboekje_theeTIP: Merk je dat het overdag toch nog niet al te best gaat? Schrijf dan aan het einde van de dag 3 dingen op die er die dag wél goed gingen. Als je dat iedere dag doet, heb je na een week maar liefst 21 dingen genoteerd. Zo word je heel bewust van de positieve dingen, die in je gezin gebeuren en kun je steeds meer met een positieve bril naar je thuissituatie kijken. Wat er nu thuis gebeurt, is namelijk niet alleen kommer en kwel; er gaan ook dingen goed en er zijn ook iedere dag fijne, positieve momenten. Het is goed om je daar bewust van te zijn en om daar bij stil te staan.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed naar je luistert, niet goed slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil? 
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


2. Zorg voor voldoende beweging & ontspanning. 

gezin_fietsen_door_bosHet is goed om dagelijks voor voldoende ontspanning en beweging te zorgen. Gelukkig mogen we als gezin wel nog naar buiten om een frisse neus te halen, dus dat betekent dat we dagelijks een wandelingetje mogen maken of een stukje mogen fietsen. Dat kun je heel goed samen met je kinderen doen.

Voor kinderen zijn er nu veel mogelijkheden om thuis te bewegen; er zijn behoorlijk wat tv-programma’s en video’s op YouTube met oefeningen voor kinderen. Ook lekker buiten spelen draagt natuurlijk bij aan voldoende beweging.
In m’n artikelen ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen?‘ en ‘Zit nou toch NIET stil!‘ lees je hoe je het buiten spelen van je kind kunt stimuleren. 

Je kunt jullie gezamenlijke wandeling als ontspanning zien, maar je kunt daarbij nog voor extra momenten van ontspanning zorgen. Denk dan aan iedere avond in je boek lezen, een warm bad nemen, wat langer douchen, naar je favoriete muziek luisteren, beeldbellen met vriend(inn)en, een feelgood-film kijken etc. Het maakt niet uit wat je precies doet, als jij er maar van kunt ontspannen.

Het is het handigste om deze activiteiten op een vast moment op de dag te doen. Bijv. meteen na het ontbijt, na de lunch of vlak na het avondeten. Op die manier komt deze activiteit het gemakkelijkste in je nieuwe patroon en lukt het je beter om het dagelijks te doen.

TIP: Loop iedere dag een ‘Daily Mile‘ en laat één van je kinderen een route uitzetten van ong. 1,5 km (zo’n 3000 stappen) bij jullie in de buurt. Met een stappenteller-app op je telefoon kun je bijhouden of je tijdens je wandeling voldoende stappen hebt gezet. Dat laatste kun je ook heel goed aan je (oudere) kind overlaten. 

 


3. Zorg voor voldoende slaap.
gezin_lachend_in_bedJe merkt waarschijnlijk wel dat het momenteel een behoorlijk belastende en vermoeiende periode is. Er wordt veel van je gevraagd op alle gebied: niet alleen kost het aanpassen naar een nieuw ritme veel energie (waar je de balans inmiddels misschien toch al wel in hebt gevonden), maar je hebt nu ook de hele tijd mensen om je heen, die meer en een langere tijd van je vragen dan anders. Daarbij heb je misschien het gevoel dat je minder af krijgt voor je werk of raak je sneller afgeleid door alles wat er om je heen gebeurt. Dat is geen fijn gevoel.

Om voldoende energie te hebben, voldoende je rust te kunnen bewaren en je goed te kunnen concentreren, heb je voldoende slaap nodig. Neem dus voldoende rust, ga op tijd naar bed en slaap voldoende uren. Dat komt jou, je gezin en je werk overdag alleen maar ten goede.
Heb je zelf moeite met slapen? Lees dan m’n artikel ‘Slapen voor gevorderden [1]: 7 tips om makkelijker in slaap te vallen én meer te slapen‘ voor waardevolle informatie en praktische tips om direct thuis toe te passen.

Ook voor kinderen is het belangrijk om voldoende slaap te krijgen. Probeer voor je kind zoveel mogelijk dezelfde bedtijden ’s avonds aan te houden; het liefst sta je ook ’s ochtends op hetzelfde tijdstip op. Zorg daarbij o.a. voor een duidelijk en herkenbaar bedritueel.
In m’n artikel ‘10 basistips om je baby, kind of tiener lekker te laten slapen.‘ lees je wat je nog meer kunt om de kans zo groot mogelijk te maken dat je kind goed en voldoende slaapt. 

 


4. Zorg voor voldoende tijd alleen. 

meisje_leest_in_slaapkamer_alleenNu je 24/7 bij elkaar op de lip zit, is de kans groter dat er irritaties over en weer ontstaan. Niet omdat je elkaar nu ineens niet meer aardig vindt, maar simpelweg omdat je meer van elkaar ziet en meer bij elkaar in de buurt bent. Vandaar dat het goed is om per dag even wat afstand van elkaar te nemen. En dan heb ik het niet over 1,5 meter ;-), maar over je even van elkaar afzonderen. Reserveer daar het liefst ook een vast moment van de dag voor, bijv. na de lunch. Heeft niet iedereen een eigen slaapkamer of heb je niet voldoende kamers in huis waar iedereen alleen kan zitten, spreek dan af waar ieders vaste plekje wordt. Dat plekje kun je leuk aankleden door er kussens of dekens te leggen, zodat het ook voor je kind aantrekkelijk wordt om er even lekker te zitten of te gaan liggen.

⇒ Spreek met elkaar af dat je op een vast moment op de dag allemaal even in een andere ruimte iets voor jezelf doet. Kinderen kunnen die tijd heel goed invullen door dan even een half uurtje in hun boek te lezen. 

 


5. Zorg voor gezonde voeding. 

groente_fruit_appelvorm.jpgOm je goed te voelen en je weerstand op peil te houden, is het belangrijk dat jij en je gezin gezond eten. Dat betekent niet alleen dat je ervoor zorgt dat jullie dagelijks voldoende fruit, groente en vezelrijke voeding binnenkrijgen, maar ook dat jullie regelmatig eten. Houd daarvoor dezelfde eetmomenten aan als anders, zoals een ontbijt, lunch, avondeten en 2x een tussendoortje per dag. Als je gezonde voeding in dezelfde hoeveelheden en op dezelfde eetmomenten aanhoudt als dat je voorheen deed, dan voorkom je allerlei ongezonde eetgewoontes.

 


Goed om te weten: Door gezond te eten, genoeg te slapen en regelmatig te bewegen, blijft je weerstand zo hoog mogelijk. Met een goede weerstand is je lichaam beter in staat om ziekmakende bacteriën en virussen te bestrijden en word je vaak minder snel of hevig ziek. Mocht je toch ziek worden, dan herstel je meestal sneller. (Voedingscentrum)


 


Merk je dat je het lastig vindt om je baby, kind of tiener goed te laten slapen, goed te laten eten of goed naar je te laten luisteren?

Neem dan contact met me op. Ik heb meerdere manieren om ervoor te zorgen dat jouw opvoedaanpak weer positief, fijn én effectief wordt én dat jouw kind binnen enkele weken al beter naar je luistert, beter eet en/of beter slaapt. Hierdoor zal ook de band met je kind verder verbeteren. Je leest hier informatie over mijn opvoedcoaching.
Ook online opvoedcoaching behoort tot de mogelijkheden. 


Wil je graag reageren op dit artikel?

Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Literatuur en websites gebruikt voor dit artikel: 
– ‘Coronavirus & voeding’. (2020). Voedingscentrum. Klik hier.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘Zo wordt schoolwerk kinderspel! [incl. GRATIS downloads]
– ‘Je kind en het coronavirus: Hoe praat je samen over alle veranderingen?‘.
– ‘Als je kind teleurgesteld is… | 5 stappen om je kind te leren met teleurstellingen om te gaan.
‘Ik moet het mijn kind eerst 10x vragen…‘ – Hoe je je kind in 5 stappen leert om beter naar je te luisteren.
– ‘Welke afspraken maak je met je kind of tiener over gamen en telefoongebruik?
– ‘Stop met schreeuwen!‘ (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind)
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Zo wordt schoolwerk kinderspel! [incl. GRATIS downloads]

moeder_zoon_werk_schoolwerkNou ja, kinderspel wordt het misschien niet, maar je kunt het jezelf wel makkelijker maken. O.a. door een dagschema* voor je kind te gebruiken.
* Of dagstructuur, dagindeling, dagprogramma. Je snapt wel wat ik bedoel… 😉

He bah, een dagschema, denk je misschien… Wellicht ben jij één van de ouders, die totaal niet van de structuur is. Je hebt liever de vrijheid om te zien wat er gebeurt en daar kun je doorgaans goed op inspelen. En dat mag!
Voor de ouders, die structuur van nature al fijn vinden: dit is helemaal je ding.


Toch weten we uit onderzoek dat alle kinderen baat hebben bij structuur en duidelijkheid.
Dat geldt voor kinderen van alle leeftijden, dus zowel voor basisschoolleerlingen, voor tieners in het voortgezet onderwijs als voor kinderen die nog niet naar school gaan.En zeker nu de normale dagstructuur van naar school of de opvang gaan, weggevallen is én ze wellicht hier en daar ook de onzekerheid meekrijgen over het corona-virus, is het belangrijk om thuis een duidelijke structuur aan te brengen.

Als kinderen namelijk weten waar ze aan toe zijn, dan heeft dat niet alleen als voordeel dat ze zich vertrouwd en veilig voelen, maar ook dat je thuis minder discussies hebt over wat ze wanneer mogen doen.
gezin_eet_ontbijt_samen

Waarschijnlijk heb je vast al wel een bepaalde structuur in huis. Denk maar eens aan de eetmomenten. Doorgaans zul jij ook wel de volgende eetmomenten aanhouden: ontbijt, tussendoortje (’s ochtends), lunch, tussendoortje (’s middags) en avondeten.

Je kind is waarschijnlijk goed gewend aan deze vaste eetmomenten, zeker op de dagen dat het naar school gaat. Dus ook in deze situatie, waarin je kind zijn schoolwerk niet op school maar thuis maakt, is het goed om deze vaste momenten aan te blijven houden.

Tussen de eetmomenten door kun je natuurlijk heel goed allerlei andere activiteiten inplannen. Normaalgesproken doe je dat waarschijnlijk wat meer ‘uit de losse pols’, maar nu is het handig om de tijden beter in de gaten te houden. Op die manier zorg je er namelijk voor dat er voldoende afwisseling zit in de dagindeling van je kind. Zo heeft je kind niet alleen voldoende tijd om zijn schoolwerk te maken, maar heeft hij ook voldoende tijd om te bewegen en te spelen. Want ook die laatste twee componenten blijven belangrijk.

Laten we nu eens kijken naar hoe zo’n dagschema er precies uit kan zien. Hieronder zie je een voorbeeld van een dagschema voor basisschoolleerlingen.

Dagschema voor basisschoolleerlingen:

  • 08.00u: Ontbijt
  • 08.30u: Schoolwerk (bijv. boek lezen, taal, rekenen)
  • 10.00u: Tussendoortje
  • 10.15u: Samen bewegen / Buiten spelen
  • 10.30u: Schoolwerk (bijv. spelling, schrijven) en/of klusjes doen
  • 12.00u: Lunch
  • 13.00u: Samen bewegen / buitenspelen
  • 13.30u: Schoolwerk (bijv. nieuwsbegrip, wereldoriëntatie, Engels) en/of klusjes doen
  • 15.00u: Tussendoortje
  • 15.30u: Vrij spelen
  • 17.30u: Avondeten
  • Vanaf 18.00u: Avondprogramma & Naar bed

 


PRINT dit dagschema uit.fb_houd_je_kind_aan_een_duidelijk_dagritme

Dit dagschema heb ik speciaal voor jou in een mooi jasje gegoten en kun je nu ook downloaden. Hang het vervolgens op op een duidelijk zichtbare plek (bijv. in de keuken, in de woonkamer), in ieder geval op de plek waar je kind meestal zijn schoolwerk doet. Zo ziet je kind zelf ook precies wanneer hij wat gaat doen.

Dit schema vergroot op die manier niet alleen zijn zelfstandigheid (hij kan de planning nl. al enigszins zelf in de gaten houden), maar hij weet daardoor ook beter waar hij precies aan toe is.

Klik hier om het dagschema te downloaden, zodat je het thuis kunt gebruiken.


 


Schoolwerk: De vakken & onderwerpen

Probeer er achter te komen wat de dagindeling op school is, dus in welke volgorde de vakken op school aangeboden worden. Kinderen weten dat vaak wel, dus vraag het gewoon aan je kind. Als je die dagindeling weet, dan kun je die thuis ook aanhouden. Dat is waarschijnlijk alleen maar fijn voor je kind. Zo is je kind ook niet de hele tijd met hetzelfde bezig en kan het de vakken regelmatig afwisselen.
Op het schema dat je hierboven ziet, heb ik de indeling van de vakken aangehouden zoals m’n eigen kinderen ze nu – min of meer – in hun eigen klas aanhouden (groep 4 en 6).

Klusjes
gezin_huishoudelijke_klusjes_samenWaarschijnlijk zal het schoolwerk minder tijd in beslag nemen dan de tijd dat je kind op school is. Je kind zal dus dagelijks best wat tijd over hebben. Die tijd kan je kind goed besteden aan klusjes; denk dan aan z’n eigen bed opmaken, pyjama / vuile kleding opruimen, slaapkamer opruimen, tafel dekken (en afruimen), vaatwasser inruimen (of uitruimen), een kamer afstoffen etc. Bij het uitkiezen van de klusjes kijk je uiteraard wel goed naar wat je kind redelijkerwijs op een goede manier kan uitvoeren.
Het is prima om je kind klusjes in huis te laten doen; kinderen vinden het vaak fijn om een handje mee te helpen in huis. Als klusjes echter echt te moeilijk zijn, dan werkt dat alleen maar (onnodige) frustraties in de hand en die wil je graag voorkomen.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


Spelen & Bewegen
gezin_werk_prive_balansJe ziet dat het schoolwerk in dit schema regelmatig afgewisseld wordt met bewegen & buiten spelen. Dat is ook hard nodig. Je mag nl. niet van je kind verwachten dat hij/zij de hele tijd stil op een stoel blijft zetten en rustig aan één stuk door al zijn werk maakt. Dat is echt niet realistisch! Sterker nog, dat gebeurt op school ook niet. Vandaar ook dat het heel belangrijk is om het ‘denkwerk’ af te wisselen met beweging en (buiten) spelen.

Avondprogramma
Na het avondeten heb ik het dagschema ‘los gelaten’. Uiteraard geldt dat eigenlijk ook al voor het tijdstip waarop jullie ’s avonds gaan eten. Dat mag je uiteraard helemaal zelf weten.
Het verdere avondprogramma – na het avondeten – zal vooral afhankelijk zijn van de leeftijd van je kind(eren). Jonge kinderen gaan doorgaans vlak na het eten naar bed; kinderen op de basisschool zullen nog even iets anders kunnen doen en gaan dus wat later naar bed. Uiteraard zullen tieners na het avondeten nóg meer tijd hebben om andere dingen te doen voordat ze daadwerkelijk gaan slapen. Vandaar dat ik het deel na het avondeten verder niet heb gespecificeerd.

Voor tieners
meisje_moe_denkt_aan_bed_tieerVoor tieners verandert het slaappatroon heel duidelijk. Dat kun je dus al merken vanaf groep 6-7. Daardoor zijn ze in de avond later moe en – logischerwijs – ’s ochtends later wakker of – als ze toch bijtijds uit bed moeten – gewoon moe. Het is dan ook niet zo vreemd om met je tiener af te spreken dat zijn dagschema een uurtje later start en dat hij dus een uurtje later aan zijn schoolwerk mag beginnen. Uiteraard gaat het schema dan ook een uurtje langer door.
Kijk even of dat realistisch gezien mogelijk / haalbaar is. Als dit onenigheid met de andere kinderen in huis in de hand werkt of als er andere onoverkomelijke problemen door ontstaan, dan kun je deze optie beter achterwege laten en de gewone schooltijden aanhouden.
Ook de vakken, die ik in het voorbeeld-dagschema hierboven noemde, gelden natuurlijk niet meer voor tieners. Aangezien zij al iets beter – dan basisschoolleerlingen – hun planning kunnen maken, kunnen zij best hun eigen vakken in dit schema inpassen; maar ook dan kan het nog steeds fijn zijn als jij als ouder om af en toe een handje hulp biedt.
In dit artikel lees je meer over (o.a.) het veranderende slaappatroon van tieners.

fb_zo_voorkom_je_dat_je_kind_de_hele_dag

Jonge kinderen
Net als oudere kinderen gaan ook baby’s, dreumesen en peuters nog steeds niet naar de kinder- of peuteropvang of naar hun gastouder. Jouw kindje waarschijnlijk ook niet…

Daarbij komt nog dat jij (en/of je partner) waarschijnlijk thuis moeten werken. En dat terwijl je kindje veel aandacht van je vraagt.

Misschien ben je wel geneigd om je kindje wat langer – dan je eigenlijk lief is – tv te laten kijken. Of misschien wil jouw kindje nu zelf wel heel graag tv kijken of een computerspelletje doen, terwijl jij weet dat er heel veel ander speelgoed is waar je kindje leuk mee kan spelen.

Uiteraard is het niet erg als je kindje per dag even tv kijkt of even een computerspelletje speelt. Dat mag best! Het is alleen belangrijk dat het niet te lang aan één stuk is én dat het goed afgewisseld wordt met andere activiteiten.
Om ervoor te zorgen dat er voldoende afwisseling in de dag van jouw kleintje zit, kun je het schema aanhouden dat ik bij deze alinea heb geplaatst.
KLIK HIER om de ‘kindversie’ van dit schema GRATIS te downloaden.

Hoe je dat verder precies met je dreumes of peuter aanpakt, lees je hier
.

jongens_dreumes_spelen_afpakken


O ja: en is je kind eerder klaar met zijn schoolwerk dan het dagschema aangeeft?

Dan mag daar natuurlijk meteen ‘vrij spelen’ – of iets anders dat je kind leuk vindt – voor in de plaats komen. 😉


Merk je dat je het lastig vindt om je kind of tiener naar je te laten luisteren?

Neem dan contact met me op. Ik heb meerdere manieren om ervoor te zorgen dat jouw opvoedaanpak weer positief, fijn én effectief wordt. Je leest er hier meer over.


Wil je graag reageren op dit artikel?

Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘Ik mag hier ook nooit iets!‘ | Hoe je je kind of tiener steeds wat meer vrijheid geeft.
– ‘Boos zijn kun je leren!‘ | 6 stappen om je kind te leren zijn boosheid te beheersen.
‘Ik moet het mijn kind eerst 10x vragen…‘ – Hoe je je kind in 5 stappen leert om beter naar je te luisteren.
– ‘Welke afspraken maak je met je kind of tiener over gamen en telefoongebruik?
– ‘Stop met schreeuwen!‘ (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind)
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuw

Ga (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Een surprise maken: Broodnodige inspiratie voor de last-minute knutselaars.

sint_surprise_stressNu Sinterklaas in het land is en we weer volop in het Sinterklaasfeest zitten, is ook de tijd van surprises aangebroken. Misschien heeft jouw kind ook wel een lootje getrokken in de klas of doe je zelf mee aan surprise op het werk.

En misschien ben jij ook wel iemand die niet zo van knutselen houdt en dit soort klusjes het liefst tot het laatste moment bewaart…? Of je had in deze periode zo veel te doen dat het niet anders kon dan op het laatste moment die surprise te maken…

Speciaal voor alle ‘last-minute surpriseknutselaars’ – oud én jong – heb ik meer dan 15 leuke én makkelijke surprises voor je  op een rijtje gezet.
En helemaal onderaan geef ik je alvast een paar tips voor volgend jaar… 😉 

⇒ Laat je me weten welke surprise je hebt uitgekozen? 

 

Wat heb je voor deze surprises (meestal) nodig: 
– 1 of 2 schoenendozen
– lege wc-rolletjes of lege rolletjes keukenpapier
– schaar, plaksel / lijm, plakband
– gekleurd papier
– (kleur)potloden, (kleur)stiften
– evt. een computer met (kleuren)printer

 

sint_surprise_paard_schimmel

(1) Het paard van Sinterklaas

 

 

 

 

20181203_222457(2) Het grote boek van Sinterklaas 

 

 

 

 

sint_surprise_stoomboot

(3) De stoomboot van Sinterklaas 

 

 

 

sint_surprise_taart
(4) Verjaardagstaart / Feesttaart

 

 

 

 

sint_surprise_koffer
(5) ‘We gaan op reis’-koffer

 

 

 

 

 

(6) Voor de sporters:

sint_surprise_tennisbaan– De echte tenniskampioen!

 

 

 

 

 

 

 

sint_surprise_voetbalveld– Voor de voetballiefhebbers

 

 

 

sint_surprise_minion
(7) Voor de Minion-fan

 

 

 

 

sint_surprise_unicorn
(8) Voor de Unicorn_fan

 

 

 

 

 

sint_surprise_LOL
(9) Een ‘L.O.L.-surprise’-surprise

 

 

 

 

sint_surprise_open_haard
(10) Je handjes warmen aan de open haard

 

 

 

 

 

sint_surprise_haai
(11) Dieren: 

– Haai:

 

sint_surprise_hond
– Hond:

 

 

 

sint_surprise_krokodil
– Krokodil:

 

 

 

 

sint_surprise_gitaar
(12) Muziek: 

– Gitaar:

 

 

 

20191204_161601– Muziek- / geluidsboxen:

 

 

 

sint_surprise_lego
(13) Lego: 

 

 

 

sint_surprise_minecraft
(14) Minecraft: 

 

 

 

 

 

sint_surprise_kasteel
(15) Ridder- of prinsessenkasteel: 

 

 

 

 

 

Laat je me weten welke surprise je het leukste vond en/of welke je hebt uitgekozen om zelf te maken? Ik ben heel benieuwd!

En dan nu nog 5 tips, die je mee kunt nemen voor volgend jaar: 

(1) Zorg dat je steeds 2-4 lege schoenendozen in huis hebt. Dan heb je vaak de basis van een mooie surprise al klaar.

(2) Naast schoenendozen is het handig om lege wc-rolletjes en lege rollen van het keukenpapier in huis te hebben. Begin daar op tijd mee te sparen, zodat je ze eind november op voorraad hebt.
En wil je niet je hele huis vol hebben liggen met knutselspullen? Bewaar die dan in de schoenendozen, die je toch al ging bewaren… 😉 

(3) Zoek leuke plaatjes op met behulp van Google Afbeeldingen of Pinterest en print die uit. Dat scheelt je weer een hoop tekenwerk…

(4) Varieer met de kleuren: is er op de afbeelding een zwarte gitaar en een rode Lego-blok te zien, maar heb je die kleuren (papier) niet in huis? Pak dan gewoon een andere kleur (papier), die je wel in huis hebt. Ook met een andere kleur kun je namelijk nog steeds hele leuke surprises van maken. Zo makkelijk kan het dus zijn!

(5) Maar ja, nu ben je dus in alle stress, die ene superleuke maar makkelijke surprise aan het uitzoeken… Je merkt al: dat levert je stress op. En zeg nou zelf, het was toch eigenlijk fijner geweest als je eerder was begonnen. Toch?
Begin volgende keer dan ook gewoon wat eerder. Plan het in en houd je aan je planning. Dan heb jij volgend jaar de allermooiste, meest originele en super netjes afgewerkte surprise van de hele klas of van de hele afdeling. Moet lukken! 😉

 

Heb je toch nog niet genoeg aan deze tips? Of kun je toch nog wat meer inspiratie gebruiken? Bekijk dan ook de volgende pagina’s voor meer inspiratie:
– ’50 leuke en makkelijke Sinterklaassurprises’. Klik hier.
– ‘Sinterklaas surprise maken? Check deze 25 leuke & makkelijke surprise ideeën.’ Klik hier.
– En niet te vergeten: kijk op Pinterest en gebruik heel eenvoudige trefwoorden als ‘Sinterklaas’, ‘surprise’, ‘boot’ etc.

 

sint_surprise_meisje_eet_pepernoot.jpgWil je graag reageren op dit artikel? Dat mag!
Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 



tip_gezinWil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen?
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over. 


joyce_rosegrijs_staand_c

 

Heb je vragen over je kind die niet goed naar je luistert en/of die niet wil eten of slapen? Of heb je misschien een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op of lees hier wat ik voor je zou kunnen betekenen.

Ik wens je iedereen in ieder geval een fijn Sinterklaasfeest met mooie surprises en een gezellige Pakjesavond!

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

 

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor je dagelijkse portie OpvoedInspiratie.

Kijk ook eens op Pinterest voor meer overheerlijke inspiratie. 

 

Lees ook andere artikelen van Joyce over ‘SinterKerstenNieuw’ boordevol waardevolle opvoedtips: 
– ‘Hoe houd je het Sinterklaasfeest leuk, voor je kind én voor jezelf? (4 handige tips, 4 dringende vragen, 1 vrolijke Sinterklaas Aftelkalender)‘.
– De magie van Sinterklaas (over: Waarom je kind in Sinterklaas gelooft; of de kerstman, de Paashaas, sprookjes…). Klik hier.
– De decembermaand: Gezellig met het hele gezin en toch niet duur?!. Klik hier.
– Pakjesstress in de drukke Decembermaand [Joyce te gast bij L1mburg Centraal]. Klik hier.
– Druk, druk, druk…? (Praktische adviezen over hoe je tijdens drukke periodes rust én overzicht houdt.). Klik hier. 
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

cropped-logo_akse_coaching_groot_nieuw.pngGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Yes, mijn kind is introvert! (En waarom dat helemaal niet erg is.)

Heeft jouw kind dit ook wel eens…?
Je bent jarig en je hebt een paar familieleden uitgenodigd om samen met jullie je verjaardag te vieren. Eén voor één bellen ze aan. Je zoon (4) loopt met je mee om de deur open te maken. Opa en oma komen als eersten. Ze feliciteren jou en willen daarna meteen je zoontje een knuffel geven, maar hij kruipt gauw achter je benen. Zo kan oma niet meer bij hem komen. Pas als opa & oma een tijdje bij jullie op bezoek zijn, gaat hij naar hen toe om hen een knuffel te geven.

Of: Terwijl je jongste twee kinderen lekker samen spelen, gaat je oudste (8) naar zijn kamer om daar in alle rust een boek te lezen. Hij vindt lezen hartstikke leuk, soms zelfs leuker dan met andere kinderen spelen.

Of: Je hebt van de juffrouw gehoord dat je dochter (10) in de klas heel rustig is. Ze luistert aandachtig als de juffrouw aan het woord is en ze maakt netjes de opdrachten als de juf dat aangeeft. De juffrouw spoort haar regelmatig aan om vaker haar zegje te doen in de klas. Zodra je kind thuis is, is ze hartstikke moe, huilerig en kan ze nog maar weinig hebben.

⇒ Dit zouden zo maar eens beschrijvingen kunnen zijn van drie introverte kinderen.


Is jouw kind misschien ook introvert…?

jongen_leest_boek_op_bedMisschien weet je het nu nog niet zeker, maar na het lezen van dit artikel weet je het vast wel. In dit artikel ga ik je namelijk uitleggen wat ‘introversie’ precies is. Uiteraard houd ik het niet bij een definitie, want er is nog veel meer over dit onderwerp te vertellen. Ik geef ook aan welke vooroordelen er bestaan over introverte kinderen, welke voor- en nadelen er voor je kind aan zitten om introvert te zijn en wat het verschil is tussen introversie en verlegenheid. Tenslotte geef ik je handige tips voor als je het idee hebt dat je kind het behoorlijk lastig vindt om introvert te zijn.


Vooroordelen over introverte kinderen

Voordat ik je uitleg wat introversie precies is, ga ik je eerst uit de doeken doen welke vooroordelen er zoal bestaan over kinderen die introvert zijn. Je vindt de vooroordelen in het volgende rijtje.

meisje_speelt_niet_met_andere_kinderenIntroverte kinderen… 
– zijn onzeker.
– praten niet graag.
– vinden het eng om een kamer binnen te stappen, waar andere kinderen of volwassenen zijn.
– zijn stille en saaie muurbloempjes.
– zijn verlegen of antisociaal.
– zijn altijd ‘eenkennig’ gebleven.
– hebben een psychologische aandoening, die wat weg heeft van sociale angst.
– zijn kinderen zonder gevoel voor humor.

⇒ Gelukkig zijn vooroordelen doorgaans niet waar en dat is nu ook het geval. In de juiste omstandigheden zijn introverte kinderen namelijk helemaal niet onzeker over zichzelf, praten ze honderduit, hebben ze diepgaande gesprekken met anderen, gaan ze zonder problemen af op een groep mensen, vinden ze het fijn om activiteiten met een ander te ondernemen en hebben ze een geweldig gevoel voor humor.

Deze omschrijvingen passen dus niet per definitie bij introverte kinderen en kunnen we dan ook gauw naar het land der fabelen verwijzen… 😉

 

Maar wat is introversie dan wel? Dat lees je hieronder.


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


Maar wat is introversie dan wél…?

meisjes_lachen_op_stoepjeIntroversie is een aspect van je persoonlijkheid. Je kent misschien ook wel andere persoonlijkheidskenmerken, als extraversie (tegenovergestelde van introversie), vriendelijkheid, zorgvuldigheid, emotionele stabiliteit en openheid voor nieuwe ervaringen; de zg. Big Five-persoonlijkheidfactoren. De persoonlijkheid van jouw kind (of van jou zelf) is een specifieke combinatie van deze persoonlijkheidskenmerken / -factoren.

Introverte kinderen zijn kinderen, die over het algemeen de voorkeur geven aan een rustige omgeving met weinig prikkels. Ze zijn graag op zichzelf en denken graag veel en goed na. Ze krijgen energie van alleen zijn of van spelen met een klein groepje kinderen. Ze vinden het echter niet erg om bij andere kinderen te zijn, maar het kost hen wel energie. Een drukke sociale situatie kan voor een introvert kind vermoeiend zijn en het kan er sneller overprikkeld door raken.

Zoals je hierboven al las, is extraversie een andere persoonlijkheidseigenschap en wel het tegenovergestelde van introversie. Kinderen, die extravert zijn, vinden sociale situaties en het bijzijn van andere kinderen juist heerlijk. Extraverte kinderen halen juist energie uit de omgang met en het bijzijn van anderen.

 

Kortom: een introvert kind raakt geleidelijk aan energie kwijt tijdens sociaal contact (en zoekt daarna de stilte op om die energie bij te tanken), terwijl een extravert kind juist energie krijgt van sociaal contact.

 


Wist je dat zo’n 30% van alle mensen introvert is…?


 


Verschil tussen introverte en verlegen kinderen

meisje_verlegen_naast_boomSoms worden de termen ‘verlegenheid’ en ‘introversie’ als synoniem gebruikt, maar ze betekenen toch echt iets anders. Ik zal het verschil hieronder voor je uiteenzetten.

Het gedrag dat je bij een verlegen kind ziet, komt vaak voort uit angst. Een verlegen kind is bang om veroordeeld of beoordeeld te worden en het is nerveuzer van aard. Het zou het liefst uitbundiger willen zijn, maar kan dat niet opbrengen. Een verlegen kind schaamt zich voor zichzelf en denkt bij voorbaat al dat alles wat hij/zij zegt of doet (in het bijzijn van anderen) vervelend of stom is.

Introverte kinderen zijn op zich helemaal niet bang aangelegd. Ze zijn stil en op zichzelf, omdat ze merken dat ze dat fijn vinden. Ze kiezen er zelf voor om zich terug te trekken en die keuze is niet gebaseerd op angst; ze houden eenvoudigweg van alleen zijn. Tegelijkertijd hechten ze niet al te veel waarde aan de mening van anderen en zijn niet bang om hun eigen mening uit te drukken. Sociale situaties hoeven ook niet problematisch te zijn, want ze kunnen net zo goed een goed gesprek hebben met goede vrienden; het gesprek gaat dan alleen niet over koetjes en kalfjes, maar veel meer over diepgaande thema’s.

Introversie is ook geen psychologische of psychiatrische aandoening (zoals sociale fobie / angst wel is) of een ‘uit de kluiten gewassen’ eenkennigheid. 

 


Wist je dat er ook veel beroemde personen introvert zijn?
Denk maar eens aan Abraham Lincoln, Albert Einstein, Rosa Parks,
Mahadma Gandhi,  Bill Gates, Meryl Streep, J.K. Rowling,


 

 

De voordelen van introvert zijn
Je zou kunnen stellen dat de maatschappij over het algemeen meer gericht is op extraverte kinderen dan introverte kinderen. Er wordt bijv. van jongs af aan verwacht dat kinderen met andere kinderen spelen, dat kinderen assertief zijn en voor zichzelf opkomen. Terwijl een introvert kind er soms juist voor kiest om even niet met andere kinderen te spelen of om even niks te zeggen.

Sterker nog, kinderen die introvert zijn, hebben hele mooie eigenschappen en sterke kanten.

 

Hieronder vind je een overzicht van waar jouw introverte kind allemaal goed in is:

jongen_ligt_op_grond_vliegtuigje

– Hij vindt het niet erg om alleen te zijn en kan zichzelf goed vermaken / bezighouden. Hij verveelt zich niet snel.

– Hij kiest ervoor om wat meer op zichzelf te zijn. Hij is ingetogen en niet bang om buiten de boot te vallen.

– Hij heeft waarschijnlijk geen grote vriendengroep, maar met de vrienden die hij heeft, heeft hij wel een hechte band. Ze kunnen samen diepgaande gesprekken voeren.

– Hij is zelfstandig en onafhankelijk. Als hij een probleem heeft, dan probeert hij het eerst zelf op te lossen.

– Hij is van het kaliber ‘eerst denken, dan doen’. Dat betekent dus eerst observeren, dan informatie verzamelen, dan nadenken over de gevolgen en dan pas doen.

– Hij kan goed reflecteren op zichzelf. Hij is aanvankelijk misschien niet heel open over zijn gevoelens, maar zodra je zijn vertrouwen hebt gewonnen, is hij goed in staat om zijn gevoelens te uiten.

– Hij is bedachtzamer en stiller dan extraverte kinderen; hij zal dan ook niet snel primair reageren. Echter, als hij iets zegt, dan is het wel van belang. Dat maakt een introvert ook communicatief sterk, omdat hij goed luistert en nadenkt voordat hij iets zegt.

– Hij hoeft niet in het middelpunt van de belangstelling te staan en zal dan ook niet de aandacht van anderen trekken.

TIP: Bekijk deze mooie TED-lezing van Susan Cain over
‘De kracht van Introversie
‘.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 

Uiteraard zijn er ook nadelen, die introverte kinderen kunnen ervaren. Die vind je hieronder:

meisje_in_klas_saai– Ze kunnen het gevoel hebben dat ze zich anders moeten gedragen dan dat ze uit zichzelf doen (bijv. ze horen dat ze meer met andere kinderen moeten spelen of meer van zich moeten laten horen) of ze krijgen opmerkingen over hun gedrag (bijv. Wat ben je maar stil?, Ben je je tong verloren?). Hierdoor kunnen ze het gevoel krijgen dat ze anders dan anders of niet goed genoeg zijn.

– Alle kinderen gaan naar school en dat is per definitie een ‘sociaal gebeuren’. Je hebt dan een groot deel van de dag met anderen (zoals klasgenoten en leerkracht) te maken. En nou is dat op zich geen probleem voor introverte kinderen, maar we zagen wel al dat sociale situaties voor introverte kinderen energie kosten. Ze hebben dus ook op school tijd nodig om zich soms even terug te trekken of om alleen te kunnen werken.

=> In dit kader is het goed om groepsopdrachten wat meer te beperken en voldoende af te wisselen met individuele opdrachten.

=> Als je kind thuis komt van school kan een momentje rust of alleen zijn al fijn zijn om zijn batterij weer op te laden.

 

Maar – ook al zijn er bij iedere persoonlijkheidseigenschap nadelen te benoemen – over het algemeen is het helemaal niet erg als je kind introvert is. 

 

Als je kind last heeft van zijn eigen introversie… 
Het wordt natuurlijk een heel ander verhaal als je merkt dat je kind zelf last heeft van zijn introversie en zich daardoor anders gaat voordoen of misschien wel bepaalde situaties of personen gaat vermijden. Dan is het goed om je kind te helpen en te ondersteunen.
Bijv. je kind is vaker verdrietig omdat hij het gevoel heeft dat hij meer vriendjes zou moeten hebben. Of: hij gaat liever niet meer naar school omdat er maar steeds op gehamerd wordt dat hij in de klas vaker van zich moet laten horen. 

 

Hoe kun je je kind of leerling hierbij helpen?

boek_matilda_dahl(1) Neem je kind serieus en accepteer hem zoals hij is. 
Je kind moet weten dat hij goed is zoals hij is en dat hij zich niet anders voor hoeft te doen dan dat hij is. Bespreek met je kind wie er nog meer introvert is, wellicht een naaste, en bespreek samen hoe die persoon met bepaalde situaties omgaan.
Boekentip: Laat je kind het boek ‘Mathilda’ van Roald Dahl lezen (of lees het voor). 

Als je merkt dat je kind bepaalde situaties lastig vindt, dan kun je die samen voorbereiden. Als je kind het bijvoorbeeld lastig vindt om naar een feestje te gaan (Met wie moet ik dan spelen? Wat kunnen we dan doen? En als het andere kind dan iets anders wil doen?), dan kun je vooraf samen bedenken hoe je kind die situatie kan aanpakken. Je kind wil de situatie misschien eerst even observeren; dat kunnen jullie ook samen doen. Bespreek wat je ziet en wat je kind allemaal kan gaan doen. Je kunt aangeven dat je kind niet de hele tijd met andere kinderen hoeft te spelen; het mag best even alleen spelen, een boekje lezen of rustig bij jou komen zitten. Op die manier kan hij ook weer even zijn batterij opladen, zodat hij daarna terug kan gaan om weer met de andere kinderen te gaan spelen.

(2) Bespreek de momenten of situaties die lastig zijn voor je kind. 
In het verlengde van tip 1 is het goed om te weten wat je kind lastig vindt, bijv. in sociale situaties. Vindt je kind het lastig om de hele tijd met een ander kind te spelen (zoals hierboven) of heeft het eerder last van de drukte? Afhankelijk van het antwoord van je kind kun je samen bedenken hoe je kind er op een fijne manier mee om kan gaan.
Als je kind dan bijv. toch met een ander kind speelt, terwijl hij aangaf dat hij daar best wel tegenop zag, benoem dat dan en laat weten dat je het knap vindt dat je kind het toch gedaan heeft. Dat geeft je kind vertrouwen in eigen kunnen en zal maken dat die stap de volgende keer weer wat kleiner is.
Blijf wel steeds voor ogen houden dat je kind kleine stappen kan zetten om soms iets te doen wat het niet prettig vindt, maar het hoeft natuurlijk niet totaal te veranderen. 


(3) Bespreek de persoonlijkheid van je kind met zijn leerkracht. 

Het is goed om de leerkracht van je kind te laten weten dat je kind introvert is. In een klas met veel leerlingen kan een leerkracht een introvert kind (onverhoopt) verkeerd inschatten en wellicht labelen als lui, ongeïnteresseerd of zelfs arrogant. Nou vind ik het persoonlijk sowieso niet wenselijk om een kind te labelen (bijv. als ‘introvert’), maar het is niet verkeerd om een ander, die veel met je kind te maken heeft, inzicht te geven in het karakter van je kind.

 

Tot slot
kinderen_lachen_samenMet dit artikel heb ik duidelijk willen maken dat er helemaal niks mis is met kinderen, die introvert zijn. Het is dan ook voor introverte kinderen helemaal prima om te zijn wie ze zijn. De ene persoonlijkheidseigenschap is nou eenmaal niet beter dan de andere; het maakt dus helemaal niks uit of je kind nou introvert of extravert is. 

⇒ Dit is dan ook meteen een pleidooi voor iedereen om zichzelf te accepteren zoals ze zijn en om zich niet anders voor te doen dan ze zijn. Je hoeft je als introvert dus niet extravert(er) te gaan gedragen; andersom ook niet. Je bent goed zoals je bent!


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel:
– ‘Wanneer is iemand introvert?’. Klik hier
– ‘Verlegen zijn heeft twee kanten’. Klik hier
– ‘9x waarom een introvert kind bijzonder is’. Klik hier
– ‘Ik ben niet verlegen’. Klik hier.
– ’10 tips voor ouders van een introvert kind’. Klik hier

 


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘4 manieren om je kind te helpen met lastige emoties (+ 3 BONUSTIPS)’. Klik hier.
– ‘Waarom huil je nu alweer?’ (over: Hoe je ervoor zorgt dat je kind minder huilt.). Klik hier.
– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Klik hier.
– ‘Hoe leer je je kind om rekening te houden met anderen? (Over: 5 tips | Sociale vaardigheden).’ Klik hier.
– ‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

 

 

Heeft mijn kind autisme of niet? Wat je er als ouder en leerkracht over moet weten. [ Interview met orthopedagoge drs. Stephanie Voncken – Spierts ]

Joyce Akse maakt een serie artikelen, waarin ze experts interviewt over hun eigen onderzoek of werkveld. Het doel van deze serie is om resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vertalen naar praktische tips voor ouders, waar ze thuis direct mee aan de slag kunnen. Deze thema’s hebben natuurlijk te maken met het ouderschap, opvoeding en/of de ontwikkeling van kinderen (0-16 jaar). 


meisje_speelt_met_dinosVindt jouw kind het ook het fijnste om alles steeds zo veel mogelijk hetzelfde te houden?

Bijv. je kind wil het liefst altijd die ene broek aan of wil alleen maar uit die ene blauwe beker drinken.

Of is je kind wel eens helemaal uit zijn huisje als je van een bepaalde structuur afwijkt?
Bijv. Na het ontbijt gaat je kind niet naar school, zoals anders, maar naar de huisarts.

Of heeft je kind wel eens moeite om contact te maken met andere kinderen?
Bijv. Het heeft niet zoveel vriendjes en maakt best vaak ruzie met andere kinderen.

Of is je kind ook helemaal fan van één specifieke thema en wil hij met niks anders spelen dan met speelgoed dat binnen dat thema past?
Bijv. je kind is helemaal gek van dinosaurussen en precies welke naam bij welke dino hoort. Als hij ermee speelt, gaat hij er helemaal in op.

Dit zijn allemaal vragen over gedrag, die de meeste ouders (in meer of mindere mate) wel zullen herkennen van hun kind. Hier is ook eigenlijk helemaal niks mis mee; zowel ouders van een kind zonder autisme als met autisme zullen zich hierin herkennen. Je zou kunnen zeggen dat het gedrag, dat hierboven beschreven wordt, iets weg heeft van ‘autistisch trekjes’ en die hebben alle kinderen wel in bepaalde mate. Toch voldoen niet alle kinderen aan de kenmerken van autisme. Dat is o.a. afhankelijk van de mate waarin een kind aan bepaalde kenmerken voldoet, maar ook nog van andere factoren.

jongen_blokken_autismEn dat is precies waar dit artikel over gaat. Het gaat over de specifieke kenmerken van autisme bij kinderen – thuis en op school – en wat je als ouder of leerkracht kunt herkennen als een kind daadwerkelijk een vorm van autisme heeft (en wanneer dat niet het geval is).

Orthopedagoge drs. Stephanie Voncken – Spierts beantwoordt een aantal vragen over dit thema en legt het uitvoerig uit. Na het lezen van het artikel weet je wanneer je spreekt van ‘normaal’ gedrag, dat past bij de ontwikkeling van je kind en wanneer je kunt denken aan autisme. Ook lees je wat je thuis of op school kunt doen als je vermoedt dat je kind een vorm van autisme heeft en welke stappen je kunt ondernemen om je kind dan de juiste ondersteuning te bieden.

 


foto_stephanie_voncken_spierts_staandStephanie Voncken – Spierts heeft na haar universitaire opleiding ‘Pedagogische wetenschappen’ in Nijmegen gewerkt als intern begeleider, schoolconsultant en orthopedagoog. Ze volgde ook de opleiding tot orthopedagoog-generalist, rondde die met succes af en volgt sindsdien met regelmaat diverse nascholingscursussen en intervisiegroepen.

Op dit moment werkt ze als orthopedagoog / schoolconsultant bij vier reguliere basisscholen vanuit het bovenschools dienstencentrum van Stg. Mosalira (schoolbestuur in Limburg). Daarbij begeleidt ze voornamelijk leerkrachten en ouders in het vormgeven van passende zorg binnen school en thuis.

Stephanie is getrouwd en moeder van twee dochters: Julie (6) en Anne (4).


 


Je bent expert op het gebied van autisme bij kinderen. Hoe ben je bij dit onderwerp gekomen en wat spreekt jou er persoonlijk zo in aan?

‘Via mijn eerste baan ben ik terecht gekomen als intern begeleider (IB-er) bij een school voor speciaal onderwijs. Op die school werkte ik met kinderen die autisme hadden. Ik vond het altijd al een interessante groep en heb er altijd affiniteit mee gehad. Later werkte ik er ook als orthopedagoog. Via die functie heb ik autisme goed leren kennen. Binnen mijn werk vind ik het een uitdaging om bij iedere persoon een passende aanpak te vinden.

Later werkte ik bij IRIS en deed daar diagnostiek en begeleiding bij de kinderen zelf. Door de begeleiding die je de kinderen geeft, zie je ze groeien. Dat is altijd heel mooi om te zien.

boek_geef_me_de_vijf_colette_de_bruinBij het werken met deze kinderen gebruikten we veelal een bepaalde basisaanpak; dat was de methodiek ‘Geef me de vijf’ (referentie vind je onderaan dit artikel). Met deze methode let je heel goed op een duidelijke communicatie met het kind; je zegt bijv. niet alleen maar wie wat gaat doen, maar ook waar, wanneer en hoe. We weten namelijk dat het voor kinderen met autisme belangrijk is om die informatie steeds compleet aangeboden te krijgen. Op die manier geef je dus heel duidelijk aan wat je van het kind verwacht. Het ene kind heeft meer behoefte aan deze aanpak dan het andere; je bekijkt dus per kind wat het nodig heeft.
Bijvoorbeeld: Het ene kind vindt het fijn om gesorteerde mapjes in zijn bureau te hebben, voor een ander kind kan het fijn zijn om aparte bakjes te hebben.

Er zit uiteraard wel overlap in. De basisprincipes komen iedere keer terug; de praktische uitvoering ervan kan per kind verschillen. Je houdt steeds goed in de gaten wat een kind op dit moment nodig heeft om goed te functioneren. Dat heeft ook te maken met de mate van autisme; het ene kind heeft meer sturing nodig dan het andere. In de begeleiding streef je er naar om een kind zo min mogelijk afhankelijk te maken van één leerkracht of begeleider. Je probeert te stimuleren dat ze de structuur van meerdere personen / leerkrachten kunnen accepteren.’

 

Je merkt dat er vaker gezegd wordt dat een kind ‘autistische trekjes’ heeft terwijl dat nog lang niet betekent dat het kind dan ook daadwerkelijk de diagnose ‘autisme(spectrumstoornis)’ heeft. Welke verschillen zie je tussen kinderen met autisme en kinderen zonder autisme?

‘Iedereen van ons heeft wel bepaalde ‘autistische trekjes’. Je kent vast wel een kind dat moeite heeft met veranderingen, dat een kind het lastig vindt om van de ene situatie over te gaan naar een andere situatie of volwassenen die graag zien dat voorwerpen netjes recht liggen. Maar als je alleen maar een paar trekjes hebt, die je wellicht ‘autistisch’ kunt noemen, dan wil dat nog niet zeggen dat je ook daadwerkelijk voldoet aan de diagnose ‘autisme(spectrumstoornis)’. Je zult dan aan meer kenmerken moeten voldoen dan alleen maar het hebben van een paar trekjes.

Je kunt autisme zien als een continuüm. Kinderen zonder autisme zitten dan links op het spectrum bij ‘geen of weinig autistische trekjes’ terwijl kinderen met autisme op hetzelfde spectrum zitten maar dan meer aan de rechterkant bij ‘veel autistische trekjes’. En binnen dat continuüm heb je nog behoorlijk veel verschillen en variatie.

Als er bij een kind daadwerkelijk sprake is van een vorm van autisme, dan ervaart dit kind (1) beperkingen in de sociale communicatie en interactie en ziet men (2) repetitief gedrag en specifieke interesses. Naar de praktijk vertaalt, ervaart een kind dan op de volgende gebieden duidelijk moeilijkheden:

 

1) Sociale contacten
jongen_eet_appel_zit_bij_boomKinderen met autisme hebben moeite met het aangaan, begrijpen en onderhouden van sociale contacten. Zowel in bekende als onbekende situaties vinden kinderen met autisme het lastiger om contacten aan te gaan. Als ze wel al contact gelegd hebben, dan zie je vaker dat ze graag de regie willen houden, ze willen veel zelf bepalen. Dat maakt hen minder handig in het samen spelen met andere kinderen. Ze kunnen zich ook moeilijker verplaatsen in de ander en/of ze vinden het lastig om naar hun eigen aandeel in een lastige situatie te kijken, bijv. als er iets fout gaat of als er ruzie ontstaat met een ander kind. Kinderen met autisme zijn vaak geneigd de schuld buiten zichzelf te leggen en vinden het lastig om te zien wat ze zelf verkeerd deden. Ze vinden het ook vaak lastig om in te schatten hoe de ander zich voelt. Je kunt een kind met autisme dan wel vragen wat ze zelf zouden voelen in die situatie.

Goed om te weten:
Bij jonge kinderen (bijv. bij peuters en kleuters) zonder een vorm van autisme is dit gedrag trouwens ook nog regelmatig zichtbaar. Op jonge leeftijd is het dan ook bijzonder moeilijk om een duidelijk onderscheid te maken tussen kinderen zonder en met autisme. Bij oudere kinderen (vanaf een jaar of 8 jaar) is dit verschil duidelijker waarneembaar.
Uiteraard is het altijd goed om als ouder en leerkracht alert te zijn op bepaalde signalen. Jonge kinderen ontwikkelen zich sowieso nog op deze gebieden, dus het wil niet altijd zeggen dat jonge kinderen, die moeite hebben op deze vlakken, ook daadwerkelijk een vorm van autisme hebben; het kan op deze jonge leeftijd echt nog binnen de normale ontwikkeling vallen. Als je bij leerlingen van groep 3-4 (7-8 jaar) sterke aanwijzingen hebt dat het gedrag niet meer terug te voeren is op de ontwikkeling, dan is het vanaf die leeftijd wel goed te onderzoeken en te diagnosticeren.

 

2) Communicatie
meisjes_praten_met_elkaar_op_grondKinderen met autisme laten vaak een beperkte wederkerige communicatie zien. Dit wil zeggen dat ze het lastiger vinden om een over-en-weer-gesprek te houden. Een gesprek met een kind met autisme voelt vaker als eenrichtingsverkeer aan; de ander moet het gesprek op gang houden. Een kind zonder een vorm van autisme zal zelf initiatieven nemen om een gesprek op gang te houden door zelf ook vragen te stellen of door nieuwe informatie aan het gesprek toe te voegen. Bijv. door te vertellen wat ze nog meer op een dag gedaan hebben als de ander vraagt hoe het in de speeltuin was.

Verder nemen kinderen met autisme taal vaak letterlijk. Ze vinden het lastiger om figuurlijk taalgebruik en grapjes te begrijpen en om de boodschap achter de boodschap te horen. Ook non-verbale tekens (bijv. gebaren of knipoog) kunnen zij lastiger begrijpen. Dat kan soms tot verwarring leiden.

 

3) Overzien van de omgeving
meisje_zit_omgedraaid_op_blokKinderen met autisme kunnen problemen hebben bij het overzien van hun omgeving. Ze kunnen moeilijker een situatie inschatten en vinden het lastiger om te weten hoe ze in een situatie kunnen handelen. Ze zijn geneigd om op details / deelaspecten te reageren en niet zo zeer op de situatie in zijn geheel.
Bijv. een kind met autisme zal in een groep met andere kinderen minder gericht zijn op de andere kinderen, maar juist wel op details (bijv. aandachtig kijken naar een sticker op het raam).

Naar aanleiding hiervan houden kinderen met autisme sterk vast aan bepaalde routines en vinden ze herhaling prettig. Doordat ze hun omgeving moeilijk kunnen overzien en begrijpen, zorgen vaste routines/patronen en herhaling (bijv. veelvuldig herhalen van hetzelfde spel, herhaling van bepaalde woorden en bewegingen) voor rust en voorspelbaarheid. Kinderen met autisme hebben dan ook vaak een aantal specifieke interessegebieden waar ze sterk op gericht zijn (zoals dinosaurussen, computerspellen etc.).

Kinderen zonder autisme kunnen uiteraard ook veel interesse hebben in één specifiek onderwerp; echter, kinderen zonder autisme hebben dan over het algemeen toch een bredere interesse en hebben de vaardigheid om snel van de ene naar de andere activiteit te switchen. Je ziet duidelijk meer variatie in waar ze zich mee bezig willen houden.

 

4) Gevoeligheid voor prikkels
Buckle ButtonsTot slot hebben kinderen met autisme in vergelijking met kinderen zonder autisme vaker een onder- en/of overgevoeligheid voor zintuiglijke prikkels. Zo kunnen zij bijv. overgevoelig zijn voor geluid of pijn.
Denk bijv. maar aan etiketten in kleding, die ze vervelend kunnen vinden of bepaalde kleding, die niet lekker zit (bijv. strakke broeken).

Qua ondergevoeligheid kun je denken aan kinderen, die hard vallen (en waarvan je het idee hebt dat ze zich echt pijn gedaan moeten hebben), maar niet gaan huilen. Of die juist prikkels gaan opzoeken, zoals hard op trommels slaan, rollen ed.

Soms zoeken kinderen met autisme ook specifieke zintuiglijke prikkels op. Zo kunnen ze het bijv. prettig vinden om frequent aan bepaalde voorwerpen te ruiken en te voelen.

Overigens, het is wel belangrijk om goed in het achterhoofd te houden dat het pas mogelijk is om daadwerkelijk de diagnose ‘autismespectrumstoornis’ te stellen als er zowel op school, thuis als in de vrije tijd op meerdere vlakken problemen worden gesignaleerd. Het is namelijk van invloed op alle leefgebieden; dus niet alleen thuis maar ook bij verenigingen zul je merken dat je kind met autisme anders op dingen of situaties reageert dan kinderen zonder autisme.

Als een kind maar één deelaspect laat zien (bijv. het kind is gevoelig voor zintuiglijke prikkels, maar is verder heel sociaal en laat een brede interesse zien), dan lijken er onvoldoende aanwijzingen om aan een vorm van autisme te denken. Doorgaans zie je bij kinderen met autisme dat ze kenmerken hebben die passen bij meerdere deelaspecten.
Bij twijfels is het echter altijd goed om verder naar het gedrag te kijken.’

 

Als orthopedagoog werkte je o.a. met kinderen op basisscholen. In een klas kunnen uiteraard ook kinderen zitten met (een lichte) vorm van autisme. Welke situaties op school zijn voor deze kinderen lastig? En zijn er ook situaties waarin deze kinderen juist voordelen hebben ten opzichte van kinderen zonder autisme?

kinderen_juffrouw_in_klas‘Als een kind de diagnose autisme krijgt, dan wordt eerst op de eigen reguliere basisschool alle begeleiding ingezet, die nodig is voor het kind. De expertise op de reguliere basisscholen groeit natuurlijk ook op dit gebied. Wel is de grootte van de groepen in het reguliere onderwijs vaak een probleem. Dit zorgt voor veel prikkels, die ondanks alle inzet van school, toch moeilijk zijn te reduceren. Verder merk je in de bovenbouw dat leerlingen met autisme het vaker moeilijker krijgen. Er wordt dan meer zelfstandigheid van de leerlingen verwacht, terwijl leerlingen met een vorm van autisme dit juist lastiger vinden. Extra ondersteuning op dit vlak is dan ook zeer wenselijk. Als een leerling, ondanks alle hulp op school, overvraagd blijft en in de knel komt, wordt bekeken of speciaal onderwijs een optie is.

Kinderen met autisme ervaren zowel voor- als nadelen in het reguliere basisonderwijs. De nadelen waar je aan kunt denken, zijn bijv.:

  • Ze zijn gevoeliger voor prikkels in hun omgeving en reageren op diverse prikkels. Dat komt omdat ze moeilijk onderscheid kunnen maken in welke prikkel belangrijk is en welke niet. Ze verliezen zich vaak in details of onbelangrijke prikkels. Hierdoor zijn kinderen met autisme niet altijd gericht op de instructie van de leerkracht of krijgen ze maar flarden van de instructie mee.kinderen_handen_voor_ogen_knipoogOok kunnen ze belemmeringen ervaren bij het begrijpen van de taal. Met name figuurlijke betekenissen of onderliggende betekenissen van taal vinden ze lastiger om te begrijpen. Dit geldt ook voor het begrijpen van grapjes en non-verbale gebaren (bijv. knipoog). Het is dus als leerkracht van belang om zo concreet en helder mogelijk in de communicatie te zijn. Wees kort en bondig en vermijd figuurlijk taalgebruik of grapjes. Zorg er verder voor dat het kind zich op de juiste prikkel richt (bijv. gerichte luisterhouding vragen, bijsturen bij afdwalen).
  • pictogrammen_schoolKinderen met autisme vinden plotselinge wijzigingen of veranderingen niet prettig. Ze willen graag weten wat er gaat gebeuren en wat er van hen verwacht wordt. Deze kinderen hebben baat bij een gevisualiseerd dagprogramma (bijv. door middel van pictogrammen) en zijn erbij gebaat als veranderingen op tijd worden aangekondigd. Voor sommige leerlingen is het voldoende om dat klassikaal te doen; andere leerlingen hebben er juist meer behoefte aan om het ook op hun bankje te zien. Dan kun je de planning m.b.v. plaatjes op het bankje plakken. Uiteraard is het belangrijk om ook bij het kind te checken of het begrijpt wat een specifieke afbeelding / picto betekent en wat er dan van hem verwacht wordt. Maak ook dan opnieuw duidelijk wat je concreet van het kind verwacht (wat gaat hij doen en waar, voor hoelang, met wie en hoe).Ook ‘lege momenten’ (bijv. als je klaar bent met je werk) zijn vaak lastig voor kinderen met autisme. Dit soort momenten geven namelijk een gevoel van onrust. Geef ook in dit soort situaties aan wat hij/zij concreet kan doen. Hoe concreter, hoe beter.
  • kinderen_pesten_jongenOok het sociale verkeer op school kan lastig zijn voor kinderen met autisme. Ze vinden het bijv. moeilijker om aansluiting met andere kinderen te vinden en lopen vaker alleen rond op het schoolplein. We zagen al dat wanneer deze kinderen wel contacten weten te leggen, dan vaker conflictsituaties met anderen ervaren, omdat ze het lastiger vinden om hun eigen spoor los te laten en rekening te houden met de ander. Ook zagen we al dat ze het lastiger vinden om naar hun eigen aandeel in een situatie te kijken, waardoor ze vaak de schuld buiten zichzelf leggen.Het kan deze kinderen goed helpen om sociale situaties voor hen voor te structureren (bijv. wat ga je doen tijdens het buitenspel, met wie ga je spelen, welke regels en afspraken). Daarnaast blijft het voortdurend van belang om kinderen met autisme inzicht en overzicht in sociale situaties te bieden. Bespreek en verwoord concreet de eigen gevoelens en de gevoelens van de ander; leer hen hoe ze in specifieke sociale situaties kunnen handelen. Een kind met autisme heeft hier nog meer oefening en herhaling in nodig dan andere kinderen.

 

Ook kunnen kinderen met autisme voordelen ervaren op school:

Ze hebben een sterk analytisch vermogen. Vanwege hun sterke detailwaarneming zien ze vaak zaken die kinderen zonder een vorm van autisme niet zo snel waarnemen.

meisje_steekt_vingen_op_klasZe beschikken vaak over een sterke feitenkennis. Echter, zodra er een beroep wordt gedaan op hun vermogen om samenhangen en verbanden te zien, kost dit kinderen met autisme vaak meer moeite. Vakken, zoals begrijpend lezen en rekenen (met name redactiesommen) zijn vaak lastiger voor kinderen met autisme. Als leerkracht is het dus van belang je van bovenstaand gegeven bewust te zijn en zaken – waar nodig – te verhelderen. Belangrijk is nog om te weten dat een hoge intelligentie een beschermende factor kan zijn. Maar ook dan merk je dat hoe complexer en minder eenduidig de informatie voor het kind is, hoe moeilijker het wordt, dus ook als deze leerling meer begaafd is.

De overstap van basisonderwijs naar voortgezet onderwijs is natuurlijk een flinke overstap. Het is belangrijk dat leerlingen niet te afhankelijk zijn van een specifieke leerkracht, dat ze niet te veel beschermd zijn. Daar kun je gedurende de jaren op de basisschool gericht naar toe werken. Kinderen moeten namelijk ook zelf leren om structuur aan te brengen in hun werk, net als dat ze steeds zelfstandiger en zelfredzamer moeten (leren) worden.’

 

Het lijkt er vaak op dat kinderen met autisme duidelijk anders zijn dan andere kinderen, maar in de praktijk valt dat vaak nog helemaal niet zo op. Ook bestaat bijv. het idee dat een kind autisme heeft als het je niet of nauwelijks aankijkt. Bestaan er nog meer vooroordelen of mythes over autisme, die helemaal niet kloppen? En kun je aangeven hoe het dan wel zit?

jongen_voelt_aan_auto_autismeEr bestaan inderdaad vooroordelen rondom autisme (bijv. zeggen dat er sprake is van autisme als iemand je niet aankijkt of als hij/zij bepaalde herhaalde motorische bewegingen maakt, zoals heen en weer wiegen). Vaak komen dit soort gedragingen in meer of minder mate voor bij kinderen met autisme, maar een kind moet echt op meerdere vlakken en op alle leefgebieden opvallendheden laten zien (zie ook vraag 2 en 3) om aan autisme te kunnen denken. Het is dus altijd van belang om breed naar het gedrag van het kind te kijken en om te voorkomen dat je te veel inzoomt op enkele, specifieke gedragingen.
Bijv. Specifiek gedrag, zoals iemand niet aankijken, kan verschillende oorzaken hebben; denk maar aan angstproblematiek. 

‘Autisme ontstaat door een slechte opvoeding’
moeder_knuffelt_zoon_lachendWe weten van autisme dat er een grote erfelijkheidsfactor aan ten grondslag ligt, alleen is de biologische oorzaak op dit moment nog niet helemaal helder. Daar wordt wel uitgebreid wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. Verder weten we dat de hersenen van kinderen met autisme anders functioneren en dat de omgeving weinig tot geen invloed heeft op het ontstaan ervan. Tenslotte weten we dat autisme niet komt door een verkeerde opvoeding komt; net zoals dat ook geldt voor andere ontwikkelingsstoornissen, zoals ADHD.

‘Kinderen met autisme zijn allemaal heel goed in één specifieke vaardigheid.’
meisje_speelt_met_dinosEr zijn inderdaad kinderen met autisme, die heel goed zijn in één ding, maar dat is absoluut geen prototype. Dat is dus niet het standaardbeeld van kinderen met autisme. Je ziet vaak dat kinderen met autisme sterke routines hebben, dat ze van herhaling houden en dat ze geboeid kunnen zijn door één ding.’

 

Er zijn natuurlijk ouders die zich op dit moment zorgen maken over hun kind en zich afvragen of het gedrag dat hun kind laat zien past binnen een ‘autismespectrumstoornis’. Wat is belangrijk voor deze ouders om te weten? Welke stappen kunnen ze ondernemen om er achter te komen of hun kind daadwerkelijk autisme heeft?

Als ouders het vermoeden hebben of erover twijfelen dat hun kind autisme heeft, dan is het belangrijk om dit met anderen te bespreken. Ouders kunnen bijv. contact leggen met de huisarts, de praktijkondersteuner of met maatschappelijk werk.

jongen_moeder_leerkracht_in_gesprek_schoolOok kunnen ouders het gesprek met school aangaan. Door gesprekken met leerkracht en/of IB-er te hebben, krijg je een goed beeld van hoe het kind op school functioneert. Als er tijdens deze gesprekken duidelijke signalen voor (of symptomen van) autisme zijn, dan kan via de huisarts, praktijkondersteuner, schoolarts of gemeente verwezen worden om verder onderzoek te laten doen en/of om meer begeleiding aan te vragen.

Bij hele jonge kinderen (0-4 jaar) is het uiteraard nog ontzettend moeilijk om te bepalen of specifiek gedrag wel of niet op een vorm van autisme wijst. Als er echter duidelijke signalen zijn (bijv. sterke zintuiglijke overgevoeligheid, zeer moeizaam om contact / communicatie met het kind te krijgen, sterke reacties op veranderingen), dan is het ook op die leeftijd aan te raden om dit op het consultatiebureau alvast te benoemen. Vervolgens kunnen ouders dan samen met de jeugdarts of verpleegkundige bekijken of vervolgstappen wenselijk zijn.’

 

Tenslotte, wat is het belangrijkste advies dat je aan alle ouders, die vermoeden dat hun kind autisme heeft, zou willen geven?

‘Ouders, die bij hun kind het vermoeden hebben van autisme, is mijn advies dit te bespreken en op basis van dat gesprek te bepalen of het wenselijk is om onderzoek te laten doen.

Qua aanpak kan ik de volgende zaken aanbevelen:

kinderen_bouwen_toren_blokken– Bied je kind een voorspelbare, overzichtelijke omgeving. Visualiseer het dagprogramma (m.b.v. pictogrammen), zodat het kind duidelijk weet wat er gaat gebeuren en wat er van hem verwacht wordt. Maak daarbij ook gebruik van de volgende 5 punten; benoem steeds wie het doet, wat hij doet, waar / wanneer / hoe hij het doet.
Bijvoorbeeld: je gaat nu 5 minuten hier op het kleed met je broertje met de blokken spelen, daarna gaan we eten.

Als je één van de 5 onderdelen niet duidelijk aangeeft, dan kan het kind toch iets anders gaan doen (zonder dat het echt snapt wat het dan verkeerd doet).
Leg het niet alleen auditief uit, maar maak het ook visueel. Blijf die aanpak steeds herhalen, ook bij situaties die er erg op lijken maar toch iets anders zijn. Kinderen zonder autisme vertalen dat makkelijker naar andere situaties dan kinderen met autisme.

ochtendritueel2Ook thuis kun je deze aanpak goed toepassen. Visualiseer bijv. het dagprogramma of een specifiekere situatie (zoals de stappen van het aankleden, het wc-gebruik of het tandenpoetsen). Oefen dat eerst samen, zodat je zeker weet dat je kind de picto’s begrijpt. Ook al zou je dezelfde picotgrammen gebruiken als op school, dan wil dat niet zeggen dat het voor een kind duidelijk is dat het thuis ook op die manier werkt. Of andersom: als je thuis goed geoefend hebt met je kind om naar de wc te gaan, dan wil dat niet zeggen dat je kind dat ook kan omzetten naar wc-gebruik op school.

– Voorkom plotselinge veranderingen. Uiteraard zullen er toch eens veranderingen voorkomen; kondig die dan tijdig aan. Geef dan ook opnieuw concreet aan wat er gaat gebeuren en wat je van het kind verwacht.

– Wees je ervan bewust dat je kind prikkelgevoelig kan zijn en op andere prikkels kan reageren dan je normaliter zou verwachten. Probeer prikkels waar het kind overgevoelig voor is te reduceren. Daar waar het kind geneigd is op minder belangrijke prikkels te reageren, kan het helpend zijn het kind te verhelderen welke prikkels belangrijk en welke minder belangrijk zijn in bepaalde situaties. Help het kind om zich op de juiste prikkels te richten.

Uiteraard ontkom je er niet aan om je kind toch eens iets te laten doen wat hij niet fijn vindt of waar hij stress door ervaart. Pak dat dan stap voor stap aan en neem je kind erin mee.
Bijv. als je kind alleen maar wijde joggingbroeken aan wil en jij zag graag dat hij ook eens een jeansbroek aandeed, dan is het goed om je kind in dat proces mee te nemen. Je gaat je kind dus niet van het ene moment op het andere dwingen om een jeansbroek aan te trekken, maar je laat je kind eerst zelf een (wijde) jeansbroek uitzoeken. Die kan hij thuis eerst eens heel even aantrekken, de volgende keer iets langer en zo verleng je dat stap voor stap. Zo’n verandering heeft dus tijd nodig.

– Wees alert op misverstanden in de communicatie en bied, indien nodig, extra uitleg en verheldering. Gebruik concrete en heldere taal. Voorkom ook dat je te veel in één keer vertelt, waardoor ze de kern niet meer uit de ‘woordenbrij’ kunnen halen. Wees dus kort en bondig en vermijd figuurlijk / abstract taalgebruik.

vader_praat_met_zoonOndersteun je kind bij het aangaan, begrijpen en onderhouden van sociale contacten. Bespreek en verwoord de gevoelens van het kind en de gevoelens van de ander en leer het kind hoe hij concreet in specifieke sociale situaties kan handelen. Hoe concreter, hoe beter.

– Probeer het aantal activiteiten van je kind uit te breiden door hem hier stap voor stap mee bekend te maken. Doe zaken voor en laat het kind stap voor stap meekijken en meedoen. Geef echter ook ruimte om de eigen voorkeuren / interesses te verkennen.

Het is ook goed om je als ouder of leerkracht te realiseren dat er geen eenduidige aanpak is. Ieder kind met autisme is uniek en bij ieder kind zal een passende aanpak gezocht dienen te worden. Samenwerking en afstemming met school kan hierin zeer helpend zijn.

Daarnaast is het van belang goed te kijken wat je kind wel en niet aankan. Ga zaken niet forceren en wees je ervan bewust dat je kind (mogelijk) anders is; blijf oog houden voor de eigenheid van je kind.

⇒ Blijf je ondanks deze tips vastlopen, trek dan aan de bel.’ 

 

Ben je op zoek naar aanvullende informatie over dit onderwerp?
– Kijk eens op de website van Balans of van de NVA (Nederlandse Vereniging voor Autisme)
– Het boek van Collete de Bruin geeft goede uitleg over autisme, incl. concrete tips aan ouders [de Bruin, C. (2009). Geef me de vijf. Graviant Educatieve Uitgaven].’

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend.
 Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Stephanie Voncken – Spierts gebruikte de volgende literatuur voor dit interview:
– American Psychiatric Association. (2013). Diagnostisc Statistical Manual of Mental Disorders, Fifth Edition.

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
– ‘Samen spelen, samen delen? – 5 tips om je kind te leren om met andere kinderen te spelen’. Klik hier
– ‘Sturing & verbinding: Waarom beide aspecten onmisbaar zijn in de opvoeding van jouw kind.’ Klik hier.
– ‘Laat dat nou! | 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt.’ Klik hier.
‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

Welke afspraken maak je met je kind of tiener over gamen en telefoongebruik?

kinderen_gamen_op_grond‘Je kind* vindt haast niks leuker dan spelletjes doen op de tablet, op jouw smart phone of op jullie computer. En als hij even niet aan het gamen is, dan gaat hij wel appen met vrienden. Het liefst is hij er iedere vrije minuut mee bezig. Gek word je ervan.
Natuurlijk weet je kind ook wel dat hij niet continu kan gamen of appen, maar hij probeert het wel. Als jij zegt dat hij ermee moet stoppen, bijv. omdat hij huiswerk moet maken of omdat jullie gaan eten, dan leidt dat steevast tot flinke discussies. Nou ja, eerst reageert hij helemaal niet op je verzoek. Als je voet bij stuk houdt, reageert hij brutaal en pas een hele tijd later voldoet hij onder luid protest aan je verzoek: hij komt aan tafel. Gelukkig maar. Alleen is de sfeer aan tafel dan wel om te snijden. De spaarzame momenten, waarop jullie met jullie gezin samen kunnen zijn, worden er zo niet gezelliger op…’
* Kind en/of tiener.

 

jongen_gamet_onder_dekenOp zich is er helemaal niks mis mee als je kind gamet of vaker in de weer is met een smart phone. Zoals je vast wel weet, staan of vallen deze activiteiten met de afwisseling met andere activiteiten. En daar zit vaak precies het probleem; niet voor jou, maar voor je kind. Je kind is namelijk zo bezig met die ene game (‘nog één level’ / ‘ik ben er bijna!’) of lekker aan het appen met vriend(inn)en (‘ik moet dit gesprek echt even afmaken’ / ‘ik ben zo klaar!’) dat het de tijd helemaal vergeet en niet meer aan die andere dingen denkt. Andere dingen als huiswerk maken of eten zijn dan echt niet meer belangrijk…

Zoals hierboven in het voorbeeld aangehaald werd, gaat het stoppen met gamen of ophouden met de telefoon vaak gepaard met discussies. Je kind zal vast ook wel eens tegen jou gezegd hebben: ‘ik mag hier ook nooit wat’, ‘anderen mogen altijd veel langer op de WII / Playstation / smart phone’, ‘ik ben de enige die zijn telefoon niet mee naar z’n kamer mag nemen’, ‘ik heb de telefoon ook nodig voor m’n huiswerk’ of ‘al mijn vrienden hebben wel al een eigen telefoon’. En als de discussie nog even verder gaat, dan merk je al gauw dat je kind gefrustreerd is, boos wordt of brutaal tegen je doet.

 

⇒ In dit artikel wil ik je graag tips aandragen over hoe je die discussies kunt verminderen en hoe je kunt voorkómen dat het apparaatgebruik echt problematisch wordt.
Onderaan het artikel lees je ook nog eens wat ‘problematisch apparaatgebruik’ precies is. 

 


(1) Maak duidelijke afspraken met je kind.

meisje_kijkt_op_smartphone_liggendHoe ouder je kind wordt, hoe groter de kans dat je kind wil gaan gamen, appen ed. Ook jonge kinderen vinden het vaak heerlijk vinden om filmpjes te kijken of spelletjes te doen op de tablet of telefoon van papa of mama. Dat is niet erg.

Alleen is het wel belangrijk dat je daar als ouder wel grenzen aan stelt. Om die grenzen goed te kunnen bewaken, is het belangrijk om duidelijke afspraken met je kind te maken. Die afspraken maak je niet alleen voor je peuter of met je schoolgaande kind, maar ook met je tiener. En dan ook nog eens met de nadruk op ‘met’.

moeder_dochter_gesprek_aan_tafelVooral bij tieners is het belangrijk om de afspraken samen te maken en niet alleen maar op te leggen (uiteraard mag je als ouder wel de beslissende stem hebben, maar zorg ervoor dat je kind zich op z’n minst gehoord voelt). Ga daarom samen met je kind om tafel zitten en pak zijn weekplanning erbij. Zodra je met je kind in kaart gebracht hebt, hoeveel tijd hij realistisch gezien over heeft om te kunnen gamen, appen ed., maak je de duur concreet. Dat kan ook best per dag wat verschillen.

Uiteraard is het goed om in je achterhoofd te houden dat je kind de resterende tijd niet alleen maar hoeft te vullen met gamen, appen ed. Er zijn nog altijd genoeg andere dingen die je kind ook nog kan doen op een dag. De afwisseling met die andere activiteiten is juist zo belangrijk!

Hier lees je welke duur aangeraden wordt per leeftijdsgroep (door MediaOpvoeding.nl):
baby_papa_kijken_naar_tablet– tot 2 jaar: 5 min. per dag samen tv-kijken en een paar keer per week samen surfen;
– 2 – 4 jaar: 5 à 10 min. per keer, tot max. 30 min. per dag;
– 4 – 6 jaar: 10 à 15 min. per keer, tot maximaal 1 uur per dag;
– 6 – 8 jaar: max. 1 uur per dag, verdeeld over periodes van max. 30 min.;
– 8 – 10 jaar: max. 1 à 1½ uur beeldschermtijd per dag;
– 10 – 12 jaar: max. 2 uur beeldschermtijd per dag;
– 12 jaar en ouder: max. 3 uur beeldschermtijd per dag.
Uiteraard zijn deze indicaties niet in steen gebeiteld en is het niet erg als je kind een keer wat meer achter een beeldscherm zit; een andere keer is het nl. ook wel eens minder. Dit overzicht geeft jou als ouder wel meteen een goede indicatie van hoe het er op dit moment met jouw kind voorstaat.

=> Zit je kind nog binnen de geadviseerde schermtijd? Prima. Houden zo!
=> Zit je kind langer dan de geadviseerde schermtijd achter een beeldscherm? Dan is het tijd om actie te ondernemen, o.a. door duidelijke afspraken te maken.

Het maken van afspraken gaat niet alleen maar om wanneer je kind wel mag gamen of wel op zijn telefoon mag kijken; het is ook goed om af te spreken wanneer je kind dat niet mag.

Je kunt bijvoorbeeld afspreken dat je kind niet mag gamen of op zijn telefoon mag kijken:
(1) Tijdens het eten
(2) Als hij in bed ligt om te (gaan) slapen
(3) Als hij zijn huiswerk maakt (of je spreekt af dat hij dan alleen die apps mag gebruiken die hij daadwerkelijk nodig heeft om zijn huiswerk goed te kunnen maken. De meldingen van de andere apps zet je dan uit).
Uiteraard gelden deze afspraken niet alleen voor je kind, maar ook voor alle andere gezinsleden… 😉

 

 


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(2) Houd je aan de gemaakte afspraken.
meisje_stiekem_op_telefoon_moederAfspraken maken is één ding, maar je hebt alleen wat aan een afspraak als je je er ook daadwerkelijk aan houdt. Sommige kinderen houden zich direct goed aan dergelijke afspraken. Andere kinderen gaan uitproberen wanneer een afspraak precies geldt (en wanneer niet), hoe ze een afspraak kunnen oprekken, wat ze kunnen doen om er onder uit te komen etc. Het is op zich geen probleem dat kinderen dat gaan proberen, het hoort er allemaal bij, maar het kan wel voor de nodige discussies zorgen. Zelfs zo’n discussies dat de gezellige sfeer in huis ver te zoeken is.

Maar goed, ook al ontstaat er onenigheid of discussie over een afspraak, het is toch belangrijk om je ook dan nog steeds aan de afspraken te houden. Anders leert je kind dat hij ‘alleen maar’ boos, gefrustreerd, brutaal of verongelijkt op jou hoeft te reageren en de afspraak verandert al.

Kortom, als je afgesproken hebt dat je kind per dag één uur spelletjes mag spelen op de computer, dan is het ook echt één uur.
Let op: Vooral in het begin is het belangrijk om je strikt aan jullie afspraken te houden. Een uur duurt dan ook echt 60 minuten en geen 58 of 63. 😉 Als je merkt dat je kind zich er goed aan houdt en de afspraak na een tijdje nog maar weinig discussies of ruzies oplevert, dan mag je de teugels natuurlijk best eens laten vieren.

⇒ Houd jij je echter niet aan jullie afspraak, dan is de afspraak nog maar weinig waard en had je ‘m net zo goed niet hoeven te maken…

jongen_laptop_weggetrokkenZoals ik hierboven al aangaf, kunnen er wel best heftige discussies ontstaan als je kind moet stoppen met gamen. Om die te voorkomen, is het goed om je kind 5 minuten voordat de tijd om is, even te ‘waarschuwen’. Je hoeft dan alleen maar te zeggen: ‘nog 5 minuutjes en dan is de tijd om. Begin dus maar met afronden.’. Zorg er wel voor dat je kind je hoort als je dit tegen hem zegt; het is het beste om naar je kind toe te gaan en even een hand op zijn schouder te leggen. Als je dan ook nog eens zijn naam noemt, weet je zeker dat je kind je hoort. Dit kun je één minuut voordat de tijd om is, nog eens herhalen. Als de tijd helemaal om is, dan zeg je dat duidelijk. Je mag dan verwachten dat je kind de tablet, computer of telefoon uitzet en evt. aan je meegeeft (of op een plek legt waar hij op dat moment niet is). Daarna kan hij iets anders gaan doen.

Als je kind heftig protesteert of brutaal wordt, dan is het belangrijk dat jij rustig blijft. Je herhaalt gewoon de afspraak en blijft voet bij stuk houden. Als je alle stappen van hierboven hebt doorlopen, weet je dat je kind precies weet wat de bedoeling is (want dat hebben jullie allemaal uitvoerig met elkaar besproken) en dat er geen reden is om boos te worden. Herhaal de afspraak nog eens en zeg tegen je kind wat het hem kan opleveren (zie ook punt 3).
Is je kind vaker brutaal tegen je? Lees dan ook eens m’n artikel ‘Doe het lekker zelf!’ | Wat je kunt doen als je kind brutaal tegen je is.’.

 

(3) Bedenk samen gepaste consequenties.
moeder_dochter_mag_niet_op_telefoonDe volgende stap is ook onmisbaar: als je kind zich onverhoopt niet aan de afspraak houdt, dan zal er een consequentie moeten volgen. Het gaat dan altijd om een passende consequentie, die je op zeer korte termijn kunt toepassen; dat zijn consequenties die iets te maken hebben met het gedrag waar de afspraak over gaat.
Bijvoorbeeld: ‘Als je kind zich vandaag niet aan de afspraak houdt m.b.t. gamen, dan mag hij morgen niet gamen.’

De meeste ouders weten goed hoe ze deze consequenties kunnen bedenken en toepassen. Ook bij het bedenken van de gevolgen van het ‘niet aan de afspraak houden’ is het echter goed om je kind te betrekken. Kinderen kunnen soms met verrassende consequenties komen; consequenties waar je zelf nog niet aan gedacht had, maar die toch bijzonder goed kunnen werken.

gezin_op_bed_apparatenEchter, er is nog een andere manier om ervoor te zorgen dat je kind zich aan jullie afspraken houdt. En dat is door je kind een extraatje te geven als hij zich een groot deel van de week aan jullie afspraken heeft gehouden (in de eerste week kan dat 4 van de 7 dagen zijn, de tweede week 5 van de 7, in de derde week 6 van de 7 dagen). Het beste is om samen een extraatje te bedenken waar je kind ook echt warm voor loopt; hij wil er dus echt voor werken om dat te krijgen. Het liefst zoek je het dan in een extraatje dat jullie samen kunnen doen én dat niks tot weinig kost.

Bedenk je maar eens wat je kind graag samen met jou doet. Dat kan iets zijn als samen een fietstocht maken, samen picknicken in het bos, naar een grote speeltuin of bioscoop gaan, logeren bij een neefje / nichtje dat wat verder weg woont etc. Maar het kan ook een extraatje zijn dat je bij jullie thuis kunnen organiseren, zoals een filmavond met z’n 2-en, waarbij je kind de film mag uitzoeken. Laat ook hier je kind weer meedenken over mogelijke opties. Zo’n extraatje heeft namelijk het grootste effect als je kind er graag voor wil werken.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 


(4) Zorg dat je kind andere leuke activiteiten heeft. 

kinderen_jeugdorkest_les_jeunesOm te voorkómen dat je kind steeds meer of langer gaat gamen of met zijn telefoon in de weer is, is het belangrijk dat je kind genoeg andere activiteiten heeft om zich mee bezig te houden. Daardoor leert hij hoe hij zich ook op een andere manier kan bezighouden.

Zeker als je kind nog op de basisschool zit, maar ook nog op een latere leeftijd, is het goed om samen na te denken over hobby’s. Wat vindt je kind leuk om te doen? Waar loopt hij warm voor? Als je kind het lastig vindt om dat zelf te bedenken, kun je altijd eens langsgaan bij een aantal sport- of muziekverenigingen om te gaan kijken wat ze precies doen; misschien mag je kind zelfs een keertje meedoen.

Voor oudere kinderen wordt het namelijk steeds belangrijker om ergens bij te horen. Het sociale contact met leeftijdsgenootjes is daarin ontzettend belangrijk. Dat kun je natuurlijk via de telefoon bewerkstelligen of door contacten te leggen met anderen binnen een game, maar als je lid bent van een sport- of muziekvereniging dan heb je dat contact vrij gemakkelijk IRL (= ‘in real life’).

 


(5) Toon interesse in wat je kind online doet. 

moeder_gamet_met_zoon_bankHet blijft belangrijk dat je als ouder weet waar je kind mee bezig is. Dat geldt niet alleen voor jonge kinderen, maar ook voor tieners. Daarbij wil je als ouder graag weten waar je kind ‘in real live’ is en met wie hij dan afspreekt, dus waarom zou je dat niet willen weten als hij ‘online’ is? Ook dan is het belangrijk dat jij als ouder op de hoogte bent van wat je kind daar allemaal doet.

Ga dan ook eens bij je kind zitten en kijk met hem mee. Toon dan vooral interesse in wat hij aan het doen is, hoe hij bepaalde dingen moet doen, hoe hij verder kan komen etc. Probeer zijn game te begrijpen of vraag eens hoe een bepaalde app, die je kind ook gebruikt, werkt. Voorkom dat je hem gaat veroordelen of dat je kind het idee heeft dat je het allemaal maar niks vindt.
Kortom, toon oprecht interesse in de online activiteiten van je kind.

 


Als gamen problematisch wordt… 

Er komen steeds meer mensen die gameverslaafd zijn, zowel onder jongeren als onder volwassenen. Een gameverslaving lijkt op een gokverslaving. Men is zo bezig met het gamen dat andere aspecten van het leven ondergesneeuwd raken. Dit wordt ook ‘compulsief gamen’ genoemd. Compulsief gamen leidt o.a. tot afhankelijkheid, preoccupatie met het gamen, verstoring van relaties en matig functioneren op school of werk.

Problematisch gamen komt bij 3% van de basisschoolleerlingen en bij 4% van de leerlingen in het voortgezet onderwijs voor; bij jongens komt het veel vaker voor dan bij meisjes. In het basisonderwijs heeft 5% van de jongens en 1% van de meisjes problematisch gamegedrag. In het voortgezet onderwijs gaat het om respectievelijk 7% en 1%.

Symptomen, die duiden op problematisch game-gedrag zijn o.a. het moeilijk vinden om te stoppen met gamen, slaaptekort door gamen, zich onrustig of geïrriteerd voelen als er niet gegamed kan worden en het liever gamen dan tijd met anderen doorbrengen.

In de praktijk blijkt dat echt problematische gamers, die in hun puberteit vastlopen op dat gedrag, helemaal opnieuw moeten leren om leuke ervaringen op te doen in het gewone leven.

Bronnen: NJi, MediaOpvoeding.nl.


 


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel: 
– ‘Kind aan de smartphone? Zes tips om daar als ouder mee om te gaan.’ [ https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/kind-aan-de-smartphone-zes-tips-om-daar-als-ouder-mee-om-te-gaan~bda2ef92/ ]
– ‘Gamen’. [ https://www.nji.nl/nl/Databank/Cijfers-over-Jeugd-en-Opvoeding/Cijfers-per-onderwerp/Gamen ]
– Hoe zorg ik dat mijn kind minder gaat gamen? (6 jr) [ https://www.mediaopvoeding.nl/vragen/_/vraag/hoe-zorg-ik-dat-mijn-kind-minder-gaat-gamen/%5D

 


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Klik hier.
– ‘Mijn kind kan niet zonder zijn smart Phone. – Hoe je het smart phone-gebruik van je kind in goede banen leidt.’ Klik hier.
– ‘Zit nou toch NIET stil! – Over: Hoe je je kind stimuleert om MEER te bewegen.’ Klik hier.
– ‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

Kerstdiner op school: 10 eenvoudige tips voor smakelijke kinderhapjes

kerstdiner_klasTijdens alle voorbereidingen, die je voor de feestdagen al allemaal hebt, heeft je kind (4-12 jaar) waarschijnlijk ook nog kerstdiner op school… Dat is natuurlijk ontzettend gezellig en voor je kind zeker een speciale gelegenheid, alleen wordt er dan meestal ook van de ouders enige hulp verwacht. Nou zijn de meeste ouders echt wel bereid om dan een handje te helpen, maar aangezien het in de laatste werkweek van het jaar toch al zo druk is, vindt jij het als ouder misschien wel fijn om ook wat hulp te krijgen…


V
andaar dat ik je graag help met een aantal tips voor een lekker en ‘niet te ingewikkeld’ kerstdiner. Ik ben zelf namelijk absoluut geen ‘sterrenkok’ ;-), dus ik houd het op dit gebied graag simpel. Ik ga dan ook op zoek naar eenvoudige hapjes, die je makkelijk en snel kunt maken. Ik let er ook nog wel een beetje op dat de hapjes enigszins gezond zijn  (of in ieder geval niet al té ongezond) en natuurlijk mogen ze gewoon lekker & smakelijk zijn. O ja, en – last but not least – ik zoek ook hapjes, die de kinderen eventueel zélf zouden kunnen maken. Dus ook om de laatste reden mogen ze wat mij betreft niet te ingewikkeld worden…

Laat je me in de reacties hieronder weten of je één van deze ideeën gaat maken? Je mag ook je eigen tips toevoegen. Ik ben heel benieuwd naar jouw reactie!

 


Dit waren ‘onze’ smakelijke creaties voor het kerstdiner op school: 
kerstdiner_op_school_2018
(Gemaakt door 3 leerlingen van groep 3 én 3 leerlingen van groep 5.)


 

Goed om te weten: 
– Satéprikkers (van klein tot groot) zijn vaak een uitkomst om voor deze kleine hapjes te gebruiken. Het is handig om de satéprikkers in een blok van schuim te steken. Als je het schuimblok dan ook nog eens met aluminiumfolie of kerstservetten inpakt, krijg je een extra feestelijk effect.
Uiteraard kun je de hapjes ook op een bord leggen. Alles kan, alles mag! 😉 Wat jij het fijnste vindt!
– Ik haal mijn inspiratie en ideeën voor lekkere hapjes vooral van Pinterest. Misschien wil je daar ook een kijkje nemen voor nóg meer inspiratie.

 


Hieronder vind je een 5-tal voorbeelden van hartige én zoete hapjes: 

 

HARTIG

 

(1) Fleurige spiesjes van groente & fruit.
kerstdiner_spies_groente
Wat heb je nodig?
– langere satéprikkers
– kaas / worst
– Groente: snoeptomaten (evt. in verschillende kleuren)
– Fruit: aardbeien, druiven
TIP: snij de kaas of worst in leuke vormen.

 

 


(2) Schattige paddenstoelen ‘Rood met witte stippen’

kerstdiner_paddestoelen
Wat heb je nodig? 
– langere satéprikkers of een lege eierdoos
– eieren
– tomaten
– tuinkers / peterselie
– mayonaise / slasaus

 

(3) Overheerlijke kerstpizza’s in allerlei vormen

kerstdiner_pizza_ster          kerstdiner_pizza_kerstboom

 

 

 

 

 

 

 

 

Wat heb je nodig?
– pizzadeeg (snij deze in de vorm(en), die jij / je kind leuk vindt)
– tomatensaus
– (geraspte) kaas
– tomaat in schuiven / gehalveerde snoeptomaatjes
– Evt. andere ingrediënten, die jij / je kind lekker vinden op de pizza…

 


(4) Sfeervolle kaarsen

kerstdiner_kaarsen          kerstdiner_kaarsen2
 
Wat heb je nodig?
– meloen (in schijven; in stervorm)
– kaas in langwerpige blokjes
– zilveruitjes
– satéprikkers

 

 

(5) Kleurrijke kerstballen
kerstdiner_kerstballen
Wat heb je nodig?
– een half broodje of een snee brood (in een ronde vorm gesneden)
– luchtige smeerkaas, neutraal van smaak (denk aan Philadelphia)
– paprika in verschillende kleuren; gesneden in stukjes of reepjes
– tomaat in stukjes
– ui in reepjes
– komkommer in stukjes of reepjes
– satéprikkers
– Evt. andere ingrediënten, die jij / je kind verder lekker vinden…

 

 


jongen_eet_niet_welIs jouw kind een ‘lastige’ eter? Vindt hij/zij maar weinig lekker? Eet hij/zij het liefst veel van hetzelfde? Eet hij/zij vaak te weinig (of juist te veel)?
Lees dan m’n (gratis) OpvoedTips eens en ga zelf aan de slag om je kind gezond, gevarieerd en genoeg te laten eten.
Kom je er zelf toch niet helemaal uit? Lees dan hier hoe ik jou kan helpen.


 

ZOET

 

(1) Fleurige spies met fruit & poffertjes
kerstdiner_spies_fruit_poffertjes
Wat heb je nodig?
– Poffertjes
– Fruit (bijv. aardbei, kiwi, ananas, banaan)
– Poedersuiker
– Satéprikkers
– Evt. ander fruit, dat jij / je kind lekker vindt…

TIP: prik de satéprikkers op een schuimblok (evt. ingepakt met aluminiumfolie) voor een extra feestelijk effect.

 

 

(2) Schattige sneeuwpoppen
kerstdiner_sneeuwpop
Wat heb je nodig?
– Slagroomsoesjes
– Aardbeien (gesneden)
– Witte, ronde spekjes
– Poedersuiker
– Hagelslag (voor ogen & neus)
– Eetbare stift (voor mond)
– Satéprikkers

 

(3) Kleurrijke boterhammen – kerstboom 
kerstdiner_kerstboom
Wat heb je nodig?
– Sneeën (wit)brood; in driehoeken gesneden
– Smeerboter
– Gekleurde hagelslag

 

 

 

(4) Zoete ontbijtkoek – kerstbomen  
kerstdiner_kerstboom_peperkoek
Wat heb je nodig?
– Ontbijtkoek (evt. met minder suiker)
– Icing voor op cupcakes
– Versiering en sprinklers voor op cupcakes, gekleurde hagelslag.
– Lange satéprikkers

TIP: prik de satéprikkers met kerstbomen op een schuimblok (evt. ingepakt met aluminiumfolie). Dat geeft een extra feestelijk effect.

 

(5) Kerstpannenkoeken

kerstdiner_pannekoek_vormen          kerstdiner_pannekoek_ster

Wat heb je nodig? 

– Pannenkoekenbeslag (evt. kant en klaar)
– Vormpjes (bijv. ster, poppetje, kerstboom, want, kerstbal ed.)
– Evt. poedersuiker
– Evt. andere ingrediënten, die jij / je kind verder lekker vinden..

 

Laat je me in de reacties hieronder weten of je één van deze ideeën gaat maken? Je mag ook je eigen tips & ideeën toevoegen. Ik ben heel benieuwd!

 



tip_gezinWil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen?
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over. 


 

 

Wil je graag reageren op dit artikel? Dat mag!

kerstdiner_klas2Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!
Heb je vragen over ‘niet willen eten’, wil je meer weten over dat onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Ik wens iedereen in ieder geval fijne en gezellige feestdagen toe zonder stress en drukte en met heerlijke hapjes!

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

joyce_rosegrijs_staand_c

 

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2018-2019. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor je dagelijkse portie OpvoedInspiratie.

Kijk ook eens op Pinterest voor meer overheerlijke inspiratie. 

 

Lees ook andere artikelen van Joyce over ‘SinterKerstenNieuw’ boordevol waardevolle opvoedtips: 
– De magie van Sinterklaas (over: Waarom je kind in Sinterklaas gelooft; of de kerstman, de Paashaas, sprookjes…). Klik hier.
– De decembermaand: Gezellig met het hele gezin en toch niet duur?!. Klik hier.
– Pakjesstress in de drukke Decembermaand [Joyce te gast bij L1mburg Centraal]. Klik hier.
– Druk, druk, druk…? (Praktische adviezen over hoe je tijdens drukke periodes rust én overzicht houdt.). Klik hier. 
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 

cropped-logo_akse_coaching_groot_nieuw.pngGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Voorkom de ochtendstress: Met deze tips kom je wél op tijd!

kinderen_moeder_op_de_fiets_stressVind jij het ook lastig om ergens op tijd te komen en dan vooral om je kinderen ergens op tijd naar toe te brengen?
Bijv. om je kind ’s ochtends op tijd op school, de kinder- of peuteropvang etc. af te zetten. 

Soms lukt het je wel, maar dat zijn helaas de uitzonderingen. Meestal gaat er ’s ochtends het e.e.a. mis, waardoor jij in de stress schiet en iedereen achter de veren moet zitten. De kinderen raken daardoor ook steeds meer gestresst en luisteren niet meer naar je of raken sneller ‘uit het huisje’ dan anders… Geen fijne of handige situatie…


Herken je bijvoorbeeld de volgende voorbeelden…?
– Je kind wil niet opstaan (‘het bed is nog zoooo lekker!’) en is dus niet uit bed te branden…
– Hij (of zij) wil zich niet aankleden, want de kleren die je hebt klaargelegd, zijn niet leuk… Of: hij is te moe om zich aan te kleden en schiet dus voor geen meter op…
– Hij wil niet eten, want er zit iets op z’n boterham dat hij echt niet lekker vindt (terwijl hij het gisteren nog gewoon heeft gegeten…).
– Hij wil niet dat z’n tanden gepoetst worden en houdt z’n mond stijf dicht…
– Hij is z’n schoen kwijt, dus die moeten jullie eerst nog – door het hele huis – gaan zoeken…
– Hij kan z’n jas niet dichtmaken, want er zit iets in de rits…
– Dan merk je dat hij z’n shirt binnenstebuiten aan heeft. Maar snel even goed aantrekken.
– Als je je kind z’n rugzak aangeeft, merk je dat die helemaal nat is. De beker is gaan lekken. Je moet een nieuwe beker pakken en vullen, de rest dat in de rugzak zat – zo goed en zo kwaad als het kan – drogen én dan ook nog eens een droge rugzak halen.
– Als je kind op de fiets springt, zie je dat hij een lekke band heeft. Je zet gauw z’n fiets terug in de garage en jullie stappen met z’n allen in de auto.
– Hoewel iedereen een vaste plek heeft in de auto, ontstaat er weer ruzie over de zitplekken. Dan heeft de een vies naar de ander gekeken en dan zit de ander weer net iets te ver met z’n been over de stoel van de ander. Of iedereen doet het lekker rustig aan (treuzelkampioenen!) en dan schiet mama (of papa) maar weer uit haar slof…
– Kom je in de buurt van de school, is er nergens meer een parkeerplaats te bekennen. Dat wordt dus óf heel asociaal parkeren óf een stuk lopen. Nou ja, zeg maar sprinten…
– Als je op school aankomt (met het zweet lopend over je rug en het hart kloppend in je keel), zie je dat de deuren van de klas net dichtgaan. Verdorie, ondanks al het gehaast toch nog net te laat!
– En dan merk je ook nog eens dat je in alle haast en stress de rugzak met het tussendoortje thuis vergeten bent. Kun je weer terug…


En iedere ochtend gebeurt er dus wel! Gek word je ervan.
Dat moet toch anders kunnen. En ja, dat kan gelukkig anders!

MAAR… Mensen, die mij goed kennen, denken nu waarschijnlijk:
‘Joyce, je wil toch niet zeggen dat jíj tips gaat geven over ‘op tijd komen’…?
Jij komt zelf toch ook wel eens te laat…?’

Ja, helaas, dat klopt… Beide… 😉

Ik kom zelf inderdaad wel eens vaker te laat…
Én toch ga ik je tips geven over hoe jij op tijd kunt komen.
Want ook dat lukt me en dan gebeuren er hier thuis wezenlijk andere dingen dan anders.

Hoe zit dat precies…?
Ik ben inderdaad één van de ouders, die op het laatste moment met 3 kindjes om me heen de school binnenloopt. Gelukkig komen we nog net een paar minuten eerder binnen dan dat de deur van de klas dichtgaat en zijn we dus meestal niet echt te laat. Maar ik heb wel vaak het gevoel dat het vandaag echt gaat gebeuren. Al met al valt het met het écht te laat komen nog wel mee – ahum, al zeg ik het zelf… – maar veel rek zit er niet in. Ik ben iedere ochtend dan ook weer opgelucht als we het weer net op tijd gehaald hebben met z’n allen.

Maar om een lang verhaal kort te maken…
Lees hieronder gauw verder.


joyce_grijs_aanjou_1
Heb je een kleine of grote opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


Er zitten namelijk ook wel eens dagen tussen, waarop we wél ruim op tijd op school komen. Gelukkig maar! En dan gaan er een aantal dingen bij ons thuis wezenlijk anders dan anders. Die zet ik hieronder graag voor je op een rijtje.

 

(1) De eerste en belangrijkste factor in op tijd komen, is: Voorbereiding.
Als je alles wat je vooraf kunt voorbereiden ook daadwerkelijk voorbereidt, dan houd je zeeën van tijd over. En als je merkt dat je meer tijd over hebt, dan heb je meer rust in je hoofd en voel je je veel minder gestresst. Jij bent dan zelf rustiger, je overziet de hele situatie beter, waardoor je je kinderen rustiger kunt aansturen. Dat maakt ook dat de kinderen zelf op dat moment rustiger blijven en beter naar je zullen luisteren.
Hieronder vind je een lijstje met wat je zoal kunt voorbereiden om het ochtendritueel beter te laten verlopen.

Wat kun je zoal voorbereiden?

De avond van te voren:
– Leg de kleren van je kinderen klaar.
Als je kind wat ouder is, kan hij natuurlijk – voordat hij naar bed gaat – zelf z’n kleren klaarleggen.

– Smeer het brood voor je kinderen alvast voor.
Als je het brood ’s avonds in de koelkast zet (zeker als het nog bevroren is), is het ’s ochtends ontdooit, lekker vers en snel klaar om op te eten. (Lukt dat de avond van te voren niet, laat dan de ouder, die ’s ochtends het eerst in de keuken is, het brood klaarmaken.).

De ochtend zelf:
– Zorg dat jij eerder opstaat, dan de kinderen. Daardoor kun je jezelf in alle rust verzorgen en aankleden zonder dat je kind je daarbij afleidt of stoort.
Is je kind altijd (te) vroeg wakker? Zorg dan dat hij wat langer leert slapen. Daar lees je hier meer over.

– Laat je kind zichzelf aankleden.
Kan hij dat nog niet, leer ‘m dat dan op een moment dat je denkt dat hij dat aankan. Het is beter om je kind dat niet ’s ochtends vlak voor school te gaan leren, maar liever op een rustig moment, bijv. in het weekend.
Smeer evt. het brood en maak het tussendoortje klaar voor je kinderen (als dat gisteravond niet gelukt is). Zet het brood alvast klaar op de tafel en het tussendoortje op het aanrecht.
Als kinderen weten waar ze iets kunnen vinden, dan werkt dat de duidelijkheid en het meewerken alleen maar in de hand.

– Was de gezichten van je kinderen en poets hun tanden.
Je kunt het wassen en het tandenpoetsen verplaatsen van de badkamer naar de keuken. Dat scheelt je nl. een retourtje badkamer samen met je kind en dus tijd.
Neem niet alleen de tandenborstels en tandpasta mee naar de keuken, maar leg ook een aantal washandjes en handdoeken in één van de keukenkastjes.

– Laat je kind zelf z’n beker en broodtrommel in z’n schooltas doen.
Dat is een taakje dat kinderen vanaf een jonge leeftijd goed zelf kunnen doen.

– Zorg dat de schoenen van je kind altijd in de buurt van de voordeur staan, zodat je kind die gemakkelijk kan vinden. De jas hangt daar waarschijnlijk ook.
Dat betekent ook dat je je kind leert om bij thuiskomst de schoenen bij de deur te zetten. Zowel de schoenen als de jas aantrekken kun je je kind goed aanleren. Uiteraard niet op het moment dat het snel moet, maar kies ook daar weer een rustig moment voor uit en herhaal dat regelmatig, zodat je kind het steeds beter kan leren.  


Heb jij zelf ook nog tips over het voorbereiden van alle ochtendhandelingen?
Zet die dan onder dit bericht en/of ga naar m’n Facebook-pagina.


(2) Een andere factor waarvan je het belang niet mag onderschatten, is: Structuur.
jongen_op_tafel_ontbijt_oudersKinderen vinden structuur fijn, ze varen er wel bij. Ze vinden het fijn, omdat ze op die manier beter kunnen voorspellen wat er gaat gebeuren en wat ze kunnen verwachten.

Een structuur, die je ’s ochtends kunt aanhouden:
– Je verzorgt eerst jezelf.
– Je kind kleedt zich aan, ruimt z’n pyjama op en gaat naar de keuken.
– Je kind gaat ontbijten. Zodra jij klaar bent, ga je ook ontbijten.
– Zodra iedereen klaar is met ontbijten, help je je kinderen met de verdere verzorging (bijv. haren kammen, gezicht wassen, tanden poetsen).
– Je kind doet z’n beker en broodtrommel in z’n tas.
– Je kind doet z’n schoenen en de jas aan (en de rugzak op z’n rug).
– Je doet zelf je schoenen en jas aan.
– Je pakt je sleutels en jullie zijn klaar om te vertrekken.

EXTRA TIP: De structuur kun je voor je kind nóg duidelijker maken door pictogrammen te gebruiken. Dat is vooral handig als je kind nog niet (goed genoeg) kan lezen. Je zet dan alle onderdelen van jullie ochtendritueel op een A4-tje ondersteunt met plaatjes. Je kind kan dan steeds zelf checken wat het volgende is dat hij kan doen. Gun je kind die duidelijkheid.

ochtendritueel

Hieronder lees je nog 3 andere tips, die je helpen om ’s ochtends op tijd de deur uit te gaan.


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


(3) Een vervelende, maar bijzondere effectieve factor: Op tijd opstaan.
vrouw_bed_wekker_half_7_opstaan
Hoe goed je voorbereiding of structuur ook is, als je te laat opstaat dan kom je alsnog te laat. De voorbereiding en structuur helpen je om alles gladjes te laten verlopen en om jezelf en je kind duidelijkheid te geven over wat er nog allemaal moet gebeuren voordat je kunt vertrekken.

Als je weet dat je ’s ochtends altijd net te laat op school bent, dan is het goed om eerder met het ochtendritueel te beginnen. Dat is natuurlijk een hele logische stap, maar wel een lastige. Het is namelijk nog zo lekker in bed en waarschijnlijk ben jij ’s ochtends – net als veel andere ouders – nog best moe en vind je het fijn om toch nog even in bed te blijven liggen. En daar kan ik je ook helemaal geen ongelijk in geven… 😉 Alleen draagt dat niet bij aan op tijd komen…

Vaak helpt het al om gewoon 5 minuten eerder op te staan. Probeer dat uit, laat de rest van je ochtendritueel hetzelfde en dan zou je al 5 minuten eerder op school moeten aankomen. Toch?
Kom je dan nog maar net op tijd en heb je dan ’s ochtends nog te veel stress, dan heb je meer extra tijd nodig en kun je beter nog wat eerder opstaan. Misschien is 10 minuten eerder opstaan dan wel genoeg voor jullie. Uiteraard mag je hier zoveel tijd voor uittrekken als je wil. Het doel is: op tijd thuis vertrekken, zodat je kind op tijd op school komt (en jij vervolgens zonder al te veel stress op je werk).

Geen populaire maatregel of oplossing, maar wel een logische en effectieve…

 

(4) Laat je kind ook zelf bepaalde dingen doen.
600-01260347
Zoals je hierboven in de rijtjes al hebt gezien, zijn er ook onderdelen die je kind langzaam maar zeker zelf kan doen. Je hoeft dus echt niet alles voor je kind te doen. Als je kind jong is natuurlijk wel, maar naarmate hij ouder wordt, is het goed als dat steeds minder wordt. Daarmee leert je kind niet alleen weer nieuwe vaardigheden en een bepaalde mate van zelfstandigheid, maar het geeft je kind ook een bepaalde verantwoordelijkheid en leert ook op die manier om bij te dragen aan bepaalde gezinsprocessen.

Het is hierbij wel belangrijk dat je rekening houdt met wat je kind al kan, wat hij op korte termijn kan leren en wat nu echt nog te veel gevraagd is.
Bijvoorbeeld: je kind van 2 vraag je niet om zelf zijn veters te strikken; maar als je kind 10 is, mag je dat juist weer wel verwachten.

Als je je kind een opdracht geeft die echt te moeilijk is, dan raakt je kind gefrustreerd, boos of verdrietig. Dat is niet de bedoeling. En voor je planning betekent dat ook dat je even op de rem moet. En ook dat is weer handig.

Kijk dus goed naar wat je kind zelf kan doen: in hoeverre kan je kind zelf zijn pyjama uit doen, zijn kleren aan doen, naar de wc kan gaan, zijn pyjama terug in bed kan leggen, zijn bed kan opmaken, zijn boterham kan smeren, zijn tussendoortje kan klaarmaken, zijn gezicht kan wassen, zijn tanden kan poetsen, zijn tas kan inpakken, zijn jas kan aandoen (en dichtmaken), zijn schoenen kan aantrekken (en dichtmaken), zijn rugzak om kan doen, zijn fiets kan pakken etc.

(5) Maak goede afspraken over wat je kind ’s ochtends wel of niet mag.
kinderen_in_bed_op_tablet
Vaak hoor ik van ouders dat hun kind ’s ochtends wil spelen of tv wil kijken. Dat kan natuurlijk best*, maar alleen als daar tijd voor is. Maak daar duidelijke afspraken over met je kind.

Een heldere afspraak, die je met je kind kunt maken, is: ‘Je mag gaan spelen of tv kijken als alles van het lijstje (met picto’s) helemaal klaar is’.

Een afspraak, die je daar nog bij kunt maken, is: ‘je stopt met spelen of de tv gaat uit zodra de grote wijzer op de 3 (of 4) staat, want dan moeten we echt vertrekken’. Als jij deze afspraken elke dag even kort herhaalt en je er ook consequent aan houdt, dan wordt deze afspraak steeds meer geïntegreerd in jullie ochtendritueel, bestaat ook daar steeds meer duidelijkheid over en heb je er na een tijdje zelfs minder discussie over. Ook dat scheelt jou én je kind weer tijd, energie en frustratie.

*: Zorg er wel voor dat de activiteiten van je kind door de dag voldoende afwisselend zijn. Als je kind alleen maar tv kijkt of spelletjes doet op je telefoon, laptop of tablet, dan is dat niet voldoende afwisseling. Laat je kind dan vooral ook met ander speelgoed spelen, nodig een vriendje uit om samen mee te spelen of laat ‘m lekker naar buiten gaan. Maak goede afspraken over hoe lang je kind tv mag kijken of een spelletje op een apparaat mag doen en houd je eraan. Voldoende afwisseling is het devies!
Lees hier verder als je kind het lastig vindt om iets anders te kiezen dan tv of computerspelletjes.

BONUSTIP: Er zijn ook dingen die je ’s ochtends – vóórdat je kinderen naar school gaan – niet per se hoeft te doen. Bijvoorbeeld:

gezin_aan_ontbijttafel

– Tafel afruimen
– Aanrecht schoonmaken
– Vaatwasser inruimen
– Bedden opmaken
– Speelgoed opruimen
– En ga zo maar door…

Kijk zelf eens naar je eigen activiteiten, die je ’s ochtends allemaal wilt doen en bekijk dan kritisch of je die echt allemaal op dat moment zou moeten doen.

Wil je deze laatste dingen tóch doen?
Geen probleem, want ook dat kan natuurlijk. Bijv. als je – nadat je je kinderen naar school gebracht hebt – meteen door wilt gaan naar je werk, dan wil je waarschijnlijk graag dat je alles ook een beetje netjes hebt achtergelaten. De enige ‘maar’ die hiervoor geldt, is dat je er dan tijd voor moet inplannen. En reken er zeker één minuut extra tijd voor in dan dat je nu denkt dat een taak je kost. En het gevolg is hiervan ook dat je nog wat eerder op zult moeten staan…

Óf je leert je kinderen hoe ze een aantal van deze taakjes voor hun rekening kunnen nemen. Daar is namelijk ook niks mis mee! Uiteraard is dat wel weer helemaal afhankelijk van hun leeftijd en hun persoonlijke ‘kunnen’.

Goed om te weten:
Sommige van deze tips zijn niet echt leuk, maar wel nodig. Ze zijn niet revolutionair vernieuwend, maar wel goed om je er nog eens bewust van te zijn.
En uiteraard heb je deze veranderingen er graag voor over, zodat je kind(eren) op tijd op school zijn! Toch…? 😉

Tot zover mijn praktische tips om ervoor te zorgen dat ook jij je kinderen op tijd op school of de opvang kunt afzetten en je met minder stress in je lijf aan je dag kunt beginnen.

Wil je reageren op dit artikel?
Ga dan naar m’n Facebook-pagina en laat daar een bericht achter.



tip_gezinWil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen?
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


Ik hoop van harte dat je met deze informatie op een goede manier thuis aan de slag kunt.

Heb je hier vragen over, wil je meer weten over dit thema of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op. Je vindt m’n contactgegevens hieronder.

joyce_rosegrijs_staand_c

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2018. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Klik hier voor je dagelijkse portie OpvoedInspiratie.

Lees verder over gerelateerde thema’s:
– ‘Ik moet het mijn kind eerst 10x vragen… – Hoe je je kind in 5 stappen leert om sneller naar je te luisteren. Link naar artikel.
– Druk, druk, druk…? (Praktische adviezen over hoe je tijdens drukke periodes rust én overzicht houdt.). Link naar artikel.
– Positief opvoeden: Start je opvoeding goed met deze 5 stappen. Link naar artikel.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.