10 basistips om je kind of tiener beter naar je te laten luisteren

Alle kinderen luisteren wel eens niet naar hun ouders. Dat hoort erbij. Er kunnen allerlei redenen zijn waarom je kind niet naar je luistert. Je kind is bijvoorbeeld zo druk aan het spelen, zit helemaal in een game of gaat zo op in zijn boek dat hij je echt niet hoort. Hij heeft dan helemaal niet door dat je tegen hem praat. En dat is ook heel begrijpelijk. Sterker nog, het is eigenlijk helemaal niet zo erg, want je kunt je goed voorstellen dat je kind in zo’n situatie niet naar je luistert. Je kind doet het niet expres.

Het wordt pas vervelend als je het idee hebt dat je kind wél expres niet naar je luistert of als het niet luisteren te vaak gebeurt. Dan kan de frustratie bij jou als ouder langzaam maar zeker gaan oplopen. Uiteraard zou je heel graag zien dat je kind wél naar je luistert, zonder dat jij eerst gefrustreerd raakt, zonder dat jij je stem moet gaan verheffen of zonder dat jij moet gaan dreigen met allerlei consequenties of straffen. En dat kan!

⇒ In dit artikel geef ik je 10 basistips, die er samen voor gaan zorgen dat je kind beter naar je luistert. Het zijn misschien niet altijd de meest voordehand liggende tips, maar m.i. horen ze er wel allemaal bij. Hier komen ze:

 

1. Zorg voor duidelijke afspraken in huis. Family Sitting On Sofa In Lounge Next To Open Fire Eating Pizza
Duidelijkheid is een ontzettend belangrijk onderdeel van opvoeden. Kinderen vinden dat zo fijn. Uiteraard vinden ze dat niet bewust fijn, maar we weten uit onderzoek dat er wel bij varen als ze weten waar ze aan toe zijn. (Net als volwassenen eigenlijk.)

Zorg dat je vooral afspraken maakt over thema’s, die je zelf enorm belangrijk vindt. Dus als je kind zich er niet aan zou houden, dan gaan je haren recht overeind staan. Denk maar aan afspraken als ‘we doen elkaar geen pijn’ of ‘als we het ergens niet mee eens zijn, dan zeggen we dat op een rustige manier’ (we gaan dus niet schreeuwen, slaan ed.).

En als je een afspraak met je kind hebt gemaakt, dan is het natuurlijk belangrijk dat je je  kind eraan houdt. Dus denk goed na waar je precies afspraken over maakt. Vanaf het moment dat je de afspraak hebt gemaakt, moet je bereid zijn om je kind eraan te houden.
In dit kader helpt het principe ‘Zeg wat je doet, doe wat je zegt.’ erg goed. Als je niet bereid bent om te doen wat je zegt, dan kun je het ook beter niet zeggen of beter niet die afspraak maken.

Dit klinkt op zich natuurlijk ontzettend eenvoudig, maar in praktijk is dit vaak nog behoorlijk lastig. Neemt niet weg dat het voor je kind (en dus ook voor jou) belangrijk blijft om duidelijkheid te krijgen. Er zit alleen één addertje onder het gras: de afspraken die je met je kind maakt, gelden voor iedereen in het gezin, dus ook voor jou…

⇒ Kortom: gun je kind jouw duidelijkheid.

 

2. Pas consequenties toe
moeder_vinger_naar_dochter_armen_over_elkaarZoals je bij punt 1 las, is het belangrijk om je kind (en jezelf) aan de gemaakte afspraak te houden. Maar dat is nog niet alles. Als je kind zich er (herhaaldelijk) niet aan houdt, dan is het belangrijk dat je je kind een consequentie geeft. Uiteraard is het nu niet de bedoeling om je kind zo maar allerlei consequenties te geven. Een goede consequentie past bij de situatie, waarin je kind zich niet aan de afspraak hield.
Bijvoorbeeld: als je kind toch met de bal blijft spelen, terwijl je al 2x hebt gezegd dat dat binnen niet mag, dan mag je de bal best een tijdje wegnemen.

Dit voorbeeld is een consequentie die past bij de situatie en die je kind (zeker vanaf een jaar of 2) goed begrijpt. Houd de consequenties wel altijd passend, logisch, reëel en eerlijk. Het gaat echt niet om de intensiteit of duur van de straf maar om de boodschap, die je je kind wil geven. Daarbij pak je ook nooit zo maar iets weg of geef je je kind nooit zomaar ‘uit het niets’ een consequentie; je zorgt altijd voor een leermoment. Je legt je kind kort en bondig uit wat je doet én waarom.
Een consequentie als ‘zonder eten naar bed’ is dus nooit passend, logisch of eerlijk.

⇒ Wees bereid om consequenties toe te passen als je kind zich niet aan jullie afspraak houdt.
Meer weten? Lees dan m’n artikel ‘Nee, niet doen, dat mag niet!’ over grenzen stellen zonder ‘nee’ of ‘niet’.

 

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

3. Voorkom dat je in een opvoedvalkuil trapt.
kind_winkel_kijkt_zielig_vragendIedere ouder trapt er wel eens in: een opvoedvalkuil. Je bent je er misschien niet echt bewust van, maar onbewust pak je dan een situatie onhandig aan, waardoor je kind juist niet leert om naar je te luisteren. Sterker nog, deze tactieken werken vaak averechts.

Ik geef je hieronder 3 voorbeelden:
– ‘Je wil dat je kind iets voor je doet en je vraagt het hem een paar keer. Je kind doet het echter niet. Pas op het moment dat je echt boos wordt en gaat schreeuwen, komt je kind  pas in actie.’
– Of: ‘Je geeft je kind een hele lange of juist vage instructie, waardoor het voor je kind helemaal niet duidelijk is wat je precies van hem verwacht. En jij je maar afvragen waarom je kind niet doet wat jij hem vraagt…’
– Of: ‘Jullie zijn in de winkel en je kind wil graag iets lekkers kopen. Jij geeft aan dat je dat niet wil kopen. Dan gaat je kind ineens heel hard huilen, schreeuwen en krijsen. Midden in de winkel. Gauw leg je het lekkers in het karretje. Dan houd je kind tenminste op met dat geschreeuw.’
⇒ Herken je misschien één van deze voorbeelden?

In deze voorbeelden leert je kind helaas niet om naar je te luisteren. Het leert wél om (1) pas in actie te komen op het moment dat jij boos wordt of gaat schreeuwen (dus niet als je het rustig vraagt), (2) je kind weet wel dat je iets van hem gevraagd hebt, maar begrijpt je instructie gewoon niet en kan het daardoor simpelweg niet doen, en (3) je kind leert dat hij door te gaan huilen, schreeuwen of krijsen toch krijgt wat hij wilde.

=> Kortom: voorkom dat je in deze opvoedvalkuilen trapt. Uit deze voorbeelden haal je dat (1) het belangrijk is van je kind te verwachten dat hij bij de 1e of 2e keer dat je het vraagt in actie komt (en niet pas na 10x vragen of nadat je boos bent geworden), dat (2) je een korte, duidelijke instructie geeft, die je kind kan begrijpen én uitvoeren, en dat (3) je je aan je afspraak houdt, dus als je gezegd hebt dat je kind iets niet mag of krijgt dan blijft dat zo, ongeacht het daaropvolgende gedrag of de reactie van je kind (zie ook punt 1 van dit artikel).
Je leest meer over dit thema in m’n artikel ‘Laat dat nou! | 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt.’.

 

4. Geef je kind voldoende positieve aandacht
vader_zoon_spelen_aan_zeeDit punt is eigenlijk het aller-, aller-, allerbelangrijkste in de opvoeding en mag dus absoluut niet ontbreken. Helaas gaat het nog wel eens mis, om de eenvoudige reden dat we als ouders soms bang zijn om onze kinderen te ‘verwennen’. We zijn bang om ons kind ‘te veel’ positieve aandacht te geven. Toch bestaat er niet zo iets als ‘te veel’ positieve aandacht geven. Verwennen is op deze manier dan ook echt niet mogelijk.

Stel het je als volgt voor: je kind begint iedere ochtend met een leeg rugzakje dat dagelijks met positieve aandacht gevuld moet worden. Die positieve aandacht geef je je kind o.a. door samen tijd door te brengen met je kind (ook één-op-één) en door regelmatig met je kind te spelen (sluit dan aan bij wat je kind aan het doen is). Verder is het belangrijk om je kind te laten weten wat hij goed doet en dat ook op dát moment specifiek en expliciet te benoemen.

=> Kortom: wees niet bang om je kind positieve aandacht te geven. Je kind heeft dat heel hard nodig.
Meer weten? Lees dan m’n artikel ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht’ over hoe je je kind voldoende positieve aandacht kunt geven. 

5. Zorg dat je kind zich gezien en gehoord voelt.
moeder_troost_zoonNog zo’n onmisbaar concept binnen (positief) opvoeden, waardoor je kind beter naar je gaat luisteren, is om er als ouder voor te zorgen dat je kind zich gezien en gehoord voelt. Het is zo belangrijk dat je kind zich door jou begrepen voelt.

Als er iets aan de hand is waardoor je kind van slag, verdrietig of misschien wel boos is, dan is het goed om te laten merken dat je graag wil weten wat er precies met je kind aan de hand is. Je gaat op zoek naar de emotie van je kind en je probeert die te benoemen: ‘ik zie dat je verdrietig / boos / teleurgesteld bent’. Je kind zal dan aangeven of dat klopt (of niet). Klopt je inschatting niet, dan zegt je kind zelf wat hoe hij zich wel voelt of – als je kind daar nog te jong voor is – dan benoem je zelf een andere emotie, die het evt. ook kan zijn. Daarna verplaats je je in je kind en benoem je dat je kunt invoelen waarom je kind zich inderdaad zo voelt.

Door deze aanpak voelt je kind zich echt gezien en gehoord. Je zult merken dat de eerst nog zo heftige reactie van je kind nu al een stuk minder is en dat je kind al veel rustiger is. Zodra dat gebeurd is, kun je het met je kind hebben over wat er wel en niet mag. Zo lang je kind nog in de heftige emotie zit, is je kind niet ontvankelijk voor jouw woorden of input.
O ja, opmerkingen als ‘stel je niet aan’, ‘waarom huil je nú alweer’ of ‘er is toch niks gebeurd’ doen nooit recht aan de emotie van je kind. Met dit soort opmerkingen wals je juist over de emoties van je kind heen en neem je zijn emoties niet serieus. 

⇒ Schenk eerst aandacht aan de emotie van je kind. Daardoor voelt je kind zich gezien en gehoord. Daarna is er ruimte om het over de situatie en zijn gedrag te hebben.
Als je meer wil lezen over dit thema, lees dan m’n artikel ‘4 manieren om je kind te helpen met lastige emoties (+ 3 BONUSTIPS)‘.

 

 


Autoritatief opvoeden
De eerste 5 tips gaan voornamelijk over ‘structuur, regelmaat en duidelijkheid’ (punten 1, 2 & 3; dimensie 1) enerzijds en over ‘warmte & betrokkenheid’ (punten 4 & 5; dimensie 2) anderzijds. Als beide dimensies in voldoende mate in de opvoeding aanwezig zijn, dan is er sprake van ‘autoritatief opvoeden’.
⇒ Uit onderzoek weten we dat kinderen, die autoritatief opgevoed worden, de grootste kans hebben om zich optimaal te ontwikkelen. Vandaar dat deze punten zo belangrijk zijn. In het belang van je kind mogen ze niet ontbreken in een positieve opvoeding.


 

6. Zorg dat je kind voldoende slaapt.
meisje_slaapt_met_knuffelIedere ouder heeft al wel eens ervaren dat te weinig slapen echt een flinke wissel op je kan trekken. Na een periode van slecht of weinig slapen, ben je overdag niet alleen ontzettend moe, maar kun je ook minder hebben van anderen om je heen, ben je prikkelbaarder, heb je een korter lontje, ben je sneller boos en gefrustreerd, kun je je minder goed concentreren, heb je minder energie, ben je sneller ziek en ga zo maar door. Dat geldt voor kinderen natuurlijk net zo; daarnaast hebben zij de slaap hard nodig voor hun groei en ontwikkeling. Je kunt je wel voorstellen dat kinderen, die goed en voldoende slapen, overdag beter naar hun ouders luisteren.

⇒ Kortom: een goede nachtrust en voldoende slaap zijn onmisbaar. Vandaar dat het zo belangrijk is dat je kind voldoende slaap krijgt.
Als je graag wil lezen hoe je ervoor zorgt dat je kind beter slaapt, lees dan m’n artikel ‘Lekker slapen! Praktische tips voor kinderen en hun ouders.’.

 

 


fb_cursus_help_mijn_kind_luistert_niet
Cursus ‘Help, mijn kind luistert niet!?’
Wil je graag weten hoe je ervoor zorgt dat je kind beter én sneller naar je luistert?
Op een positieve, liefdevolle en constructieve manier.

=> Dan is deze cursus precies wat je zoekt.
=> Vraag nu GRATIS Les 1 van deze cursus aan.

Lees hier wat je allemaal van deze cursus mag verwachten.


 

7. Zorg voor een gezonde leefstijl van je kind.
Dit is eigenlijk een zijspoortje, maar ik vind deze zo belangrijk dat ik ‘m toch in deze lijst opneem. Bij een positieve opvoeding hoort m.i. namelijk ook een gezonde leefstijl. Als je kind gezonde voeding binnenkrijgt, voldoende beweegt en veel buiten speelt, dan is de kans groot dat je kind lekker(der) in zijn vel zit en op een fijne manier door het leven gaat. Kinderen, die lekker in hun vel zitten, zijn eerder geneigd om naar hun ouders te luisteren.
In het artikel ‘Overgewicht bij kinderen: Wat is het precies en wat kun je er aan doen?‘ lees je wat het voor gevolgen voor kinderen kan hebben als ze overgewicht hebben en daardoor (vaak) niet optimaal in hun vel zitten. 

8. Samen opvoeden
man_vrouw_in_gesprekVoor partners kan het soms nog best een uitdaging zijn om qua opvoeding op één lijn te zitten. De verschillen in jullie aanpak kunnen komen doordat jullie zélf allebei een andere opvoedaanpak hebben genoten; en misschien wil je de aanpak, die je zelf  als kind kreeg, graag overnemen óf juist helemaal niet. Of jij hebt over specifieke opvoedtheorieën gelezen en wil die graag toepassen, maar je merkt dat je partner daar totaal niet achter staat.

Nou hoef je als partners echt niet altijd exact dezelfde opvoedaanpak te hanteren, maar het is voor je kind wel het fijnst als hij weet waar hij aan toe is en dat hij weet wat hij van jullie kan verwachten. Vandaar dat het fijn is als je het over een aantal basisthema’s eens kunt worden. Hoe meer jullie aanpak of ideeën uit elkaar liggen, hoe moeilijker het zal zijn om het met elkaar eens te worden. Dat lukt dus ook niet met één gesprekje. Neem daar de tijd voor en bespreek in alle eerlijkheid en openheid hoe jullie beiden over de opvoeding (en specifieke onderwerpen daarbinnen) denken en leg uit hoe dat komt. Pas als je weet waar de ideeën en redeneringen van de ander vandaan komen, kun je verder. Op die manier is de kans het grootst dat jullie over veel opvoedthema’s consensus bereiken.

⇒ Blijf in het belang van jullie kind open en eerlijk over jullie opvoedaanpak communiceren.
Lees meer over dit thema in m’n artikel ‘Ruzie over de opvoeding: Zo los je het op!’.

 

 

9. Zorg goed voor jezelf
gezin_op_de_fietsBij punten 6 en 7 gaf ik al aan dat het voor je kind belangrijk is om een gezonde leefstijl te hebben en om voldoende te slapen. Dat geldt voor jou als ouder natuurlijk net zo goed. Ook voor jou is het namelijk belangrijk om voldoende te slapen, gezond te eten en voldoende te bewegen. Misschien ken je de uitdrukking ook wel: ‘als je goed voor jezelf zorgt, dan kun je beter voor anderen zorgen’. En misschien komt er bij jou als volwassene nog wel bij dat je de mate van (chronische) stress probeert te beperken.

⇒ Zorg er voor dat je actief aandacht besteedt aan je eigen gezondheid. Ook daarin geef je je kind een belangrijk voorbeeld. En zeg nou zelf: als jij lekker in je vel zit, kun je de opvoeding van je kind weer net een stapje beter aan. Toch…?
Lees meer over dit thema in m’n artikel ‘3 Goede Voornemens voor Ouders (of: Hoe houd je het ouderschap goed vol?)’.

 

 

10. Last but not least: Blijf zelf rustig.
kinderen_apen_ouders_in_alles_naWelke lastige opvoedsituatie zich ook voordoet, het is altijd belangrijk dat jij als ouder rustig probeert te blijven. Jij geeft je kind altijd een voorbeeld van hoe je in leuke, fijne  of juist lastige situaties kunt reageren. Uiteraard heb je liever niet dat je kind gaat schreeuwen, schelden of tieren als hij boos, verdrietig, gefrustreerd of teleurgesteld is; doe dat dan zelf ook niet. Je kind ziet jou namelijk als voorbeeld. En vergis je niet: ook al zeg je nog zo vaak tegen je kind dat het belangrijk is om rustig te blijven, als je dat zelf niet doet, heeft je uitspraak weinig waarde. Je kent de volgende uitspraak misschien wel: ‘Je kind doet zoals jij doet, niet zoals je zegt’.
Als je meer wil lezen over hoe je zelf kunt stoppen met schreeuwen en wil leren hoe je op een positieve manier met je kind kunt communiceren, vraag dan GRATIS mijn e-book ‘Stop met Schreeuwen’ aan. 

Heb je het idee dat je de meeste van deze punten al toepast in jouw opvoeding, maar heb je het idee dat het gedrag van je kind nog steeds niet goed hanteerbaar is?
Neem dan contact met me op, zodat we samen kunnen kijken waar het mis gaat, wat er anders kan en hoe je de relatie met je kind (nóg) beter maakt.

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).
– ‘10 basistips om je baby, kind of tiener lekker te laten slapen.
– ‘Peuterpuberteit: 10 domeinen om samen met je kind te overwinnen.
– ‘10 redenen waarom baby’s huilen (en wat je dan kunt doen).
– ‘Sturing & verbinding: Waarom beide aspecten onmisbaar zijn in de opvoeding van jouw kind.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Heeft mijn kind dyslexie of niet? Wat je er als ouder of leerkracht over moet weten. [ Interview met dyslexie-expert drs. Kim Huiskamp ]

Joyce Akse maakt een serie artikelen, waarin ze experts interviewt over hun eigen onderzoek of werkveld. Het doel van deze serie is om resultaten van wetenschappelijk onderzoek te vertalen naar praktische tips voor ouders, waar ze thuis direct mee aan de slag kunnen. Deze thema’s hebben natuurlijk te maken met het ouderschap, opvoeding en/of de ontwikkeling van kinderen (0-16 jaar). 

 

jongen_schrijven_handen_in_haarZodra je kind naar school gaat, komt hij al snel in aanraking met taal. In de kleutergroepen wordt er voorzichtig aandacht aan besteed en vanaf groep 3 begint het echte werk. Bij de meeste kinderen verloopt de taalontwikkeling zonder veel problemen; bij sommige kinderen zie je echter dat het lezen en spellen moeizamer gaat. Dat komt vaak in groep 3 en 4 naar boven. Bij deze kinderen zou er sprake kunnen zijn van dyslexie.

Over het onderwerp ‘dyslexie’ interviewde ik drs. Kim Huiskamp. Zij werkt als diagnosticus en behandelaar bij het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht.

In dit artikel vertelt ze uitgebreid wat dyslexie precies is (en wat niet), hoe je dyslexie bij jouw kind kunt herkennen, waarom het belangrijk is om de taalontwikkeling van je kind goed in de gaten te houden en – indien nodig – op tijd te starten met behandeling. Daarnaast vertelt ze welke mythes en vooroordelen er soms nog bestaan over dyslexie, waar dyslexie wel eens mee verward wordt en wat je als ouder kunt doen om het leesplezier van je kind te stimuleren.

 

Je bent expert op het gebied van dyslexie en leesvaardigheid. Hoe ben je bij dit onderwerp gekomen en wat spreekt jou er persoonlijk zo in aan? 
meisje_wil_niet_lezen‘Ik ben eigenlijk toevallig met dyslexie in aanraking gekomen. Aan het einde van mijn opleiding psychologie heeft mijn stagebegeleidster mij in contact gebracht met prof. dr. Leo Blomert, expert op het gebied van dyslexie. Hij zocht mensen om een vakgroep te vormen om het dyslexieprotocol op poten te krijgen en dat wilde ik graag doen. Op die manier kon ik dus bij toeval in zijn werkgroep aan de slag. Daardoor kwam ik ook in aanraking met wetenschappelijk onderzoek naar dyslexie. Het onderwerp trok mij erg aan, maar ik merkte dat ik liever in een klinische setting werkte dan in een wetenschappelijke. Via Leo Blomert werd ik toen voorgesteld aan Patty Gerretsen, toentertijd directeur wetenschap van het RID. Zo ben ik uiteindelijk bij het RID terechtgekomen en daar werk ik nu al 15 jaar. Wat ik zo prettig vind aan werken met mensen met dyslexie is dat je echt iets voor iemand kunt betekenen. Iedereen in onze maatschappij krijgt te maken met lezen en schrijven en als je dyslexie hebt, kun je flinke problemen ondervinden op school, op je werk of zelfs privé. Met een gerichte behandeling en concrete tools, kun je kinderen (en volwassenen) met dyslexie echt helpen hun situatie te verbeteren. Het geeft me enorm veel voldoening dat ik op deze manier iets kan betekenen voor de kinderen, die bij ons komen.’

 


Curriculum Vitae
kim_huiskamp_fotoDrs. Kim Huiskamp studeerde neuro– en ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Maastricht. Daarna werkte ze een jaar als psycholoog / onderzoeksassistent aan dezelfde universiteit. Vervolgens maakte ze de overstap naar het Regionaal Instituut Dyslexie (RID) in Maastricht. Ze werkte er een tijd als hoofd behandeling en vestigingsmanager; momenteel als diagnosticus en behandelaar.


 

Kun je uitleggen wat dyslexie precies is?
hersenen_kwabben‘Als je dyslexie hebt, dan heb je moeite met lezen en/of spelling. Sommige kinderen hebben alleen moeite met lezen, andere alleen met spellen en weer andere met allebei. De grootste groep van de kinderen met dyslexie heeft moeite met allebei.

In onze maatschappij maken we gebruik van het alfabetische schrift. Onze woorden zijn opgebouwd uit klanken. Als je het woord wil leren lezen en schrijven, dan zul je het woord moeten opdelen in klanken. Je gaat dan als het ware de klankstructuur van woorden ontcijferen.

In de hersenen zit een gebiedje (temporaal kwab*) dat de klankstructuur van woorden verwerkt, het helpt je met het in stukjes hakken van woorden. Dat gaat automatisch, onbewust.
*: Meer specifiek, de superieure temporale sulcus (STS) en planum temporale (PT) zijn betrokken bij de integratie van de letter-klank-koppeling. De visual word form area (VWFA) is betrokken bij directe woordherkenning.

Bij dyslexie is dat gebiedje wat minder goed toegerust om de klankinformatie te ontwarren. Die informatie loopt dan een beetje door elkaar. Je spreekt woorden misschien soms net een beetje verkeerd uit.
Bijvoorbeeld: Je hebt het dan niet over ‘doelwit’ maar over ‘doellid’.

En dat is eigenlijk nog maar het begin. Kinderen (of volwassenen) met dyslexie hebben er dus moeite mee om de klanken van elkaar te onderscheiden. De volgende stap is dat je de klanken gaat koppelen aan een letter, dus de klanken van losse letters. In groep 3 begin je daarmee: je leert welke klank bij welke letter hoort (bijv. ‘Dit is de letter ‘L’ en die klinkt zo…’).

Die letter-klank-koppeling zit weer in een ander gebiedje van die temporaal kwab. Dat gebiedje koppelt als het ware de auditieve (klank, die je hoort) en visuele informatie (letter, die je ziet) aan elkaar. Dat ‘koppelproces’ duurt eigenlijk jaren. Van groep 3 naar groep 8 maken kinderen daarin een stijgende lijn door. Die integratie duurt dus echt jaren en kan alleen optreden met onderwijs. Pas daarna wordt het een automatisch proces. Op het moment dat het automatisch is, kun je het zien van een letter niet meer als niet-letter zien. Op latere leeftijd gebeurt dat zelfs met hele woorden. Maar daar heb je dus wel training voor nodig. Een beginnende lezer kan dat nog niet met hele woorden. Daarom begin je op school eerst met het leren van de letters met bijbehorende klanken.’

 

Hoe ‘ontstaat’ dyslexie? 
loesje_dyslexie‘Je wordt met dyslexie geboren; het ontstaat dus eigenlijk niet echt. Het is ook erfelijk, wat betekent dat het vaker binnen families voorkomt.

Bij dyslexie zijn twee vaardigheden of processen verstoord: aan de ene kant is dat de klankverwerking (fonologische verwerking), aan de andere kant is dat de letter-klankkoppeling.

In groep 3 leren kinderen om te ‘decoderen’ oftewel om te ‘hakken & plakken’.
Bijvoorbeeld: ze leren dat het woord ‘kip’ uit 3 klanken bestaat: k – i – p.

In de hersenen gaat dat dan nog niet automatisch. De kinderen zullen er energie in moeten steken om dat goed te leren. Ze hebben op dat moment ook nog minder bronnen om het woordbeeld in hun geheugen op te slaan.

Als je het hele proces van het lezen en spellen hebt doorlopen, dan is het eindstation dat je een heel woord ziet en herkent. Je herkent het omdat het opgeslagen is in het ‘mentaal lexicon’. Hoe meer je daarin opgeslagen hebt, hoe automatischer het lezen en spellen gaat. Dat automatisme kun je trouwens ook krijgen als je dyslexie hebt. Maar omdat de basis van het aanleren lastiger is, duurt het langer om bij dat eindstation te komen.’

 

Hoe kunnen ouders dyslexie bij hun kind herkennen? 
jongen_in_klas_juffrouw_geen_zin‘Je kunt dyslexie eigenlijk pas echt herkennen vanaf dat je kind een tijdje in groep 3 zit, dus als je kind echt onderwijs krijgt op het gebied van lezen en schrijven. Bij kleuters zie je ook al wel eens dat ze moeite hebben met klankverwerking. Ze hebben dan bijv. moeite met het leren / benoemen van de kleuren, met links en rechts, ze hebben moeite met rijmen, ze vinden het lastig om de namen van klasgenootjes te onthouden of ze vinden het moeilijk om nieuwe liedjes te leren. Dat zijn allemaal dingen waarbij ze iets moeten doen op het gebied van klankverwerking. Een deel van de kinderen, dat hier moeite mee heeft, kan later moeite krijgen met lezen en schrijven. Dat hoeft echter niet perse. Het zijn dus geen harde criteria, eerder een aanwijzing om het goed in de gaten te houden. Andersom geldt dat ook: als je kind hier als kleuter geen moeite mee heeft, dan wil dat niet zeggen dat hij geen dyslexie kan hebben. Het kan op dyslexie wijzen, maar dat is niet één op één.

In groep 3 kijk je of leerlingen moeite hebben met het leren van letters, met het hakken en plakken, met het op tempo lezen van woorden en of leerlingen fonetisch blijven schrijven (= letterlijk schrijven van wat je hoort).

Het mag dus duidelijk zijn dat je lezen en spellen echt moet leren. Wil je dyslexie kunnen aantonen, dan moet je dus onderwijs hebben gehad. Als school merkt dat een kind moeite heeft met lezen en spellen, dan moet het ook extra onderwijs en aandacht op dat gebied aanbieden. Halverwege groep 3 kom je er misschien achter dat een leerling zich wat trager ontwikkelt op het gebied van taal en spelling. Dan is het belangrijk om uit te filteren waar dat door komt; een probleem op het gebied van lezen en spelling hoeft nl. niet altijd op dyslexie te wijzen. Basisscholen hebben daar een protocol voor.
Als school bijvoorbeeld op basis van de citoscores (bij score D of E) merkt dat het lezen van een leerling achterblijft, dan wordt er extra aandacht aan die leerling gegeven; bijv. door de leerling in een apart groepje te zetten en/of extra aandacht te geven op het gebied van lezen en/of spelling. Als de leerling dat een half jaar of heel jaar heeft gehad en dat blijkt onvoldoende effect te hebben gehad, dan kun je pas echt gaan onderzoeken of dyslexie een mogelijke oorzaak is.

Het is belangrijk om na te gaan wat precies de oorzaak is van de problemen die een leerling heeft op het gebied van lezen en spellen. Juist om te weten of het dyslexie kan zijn of niet. Een leerling kan bijvoorbeeld ook een algemeen leerprobleem hebben of er speelt iets anders dat hem belemmert in zijn leerproces. Denk bijvoorbeeld aan een trauma in de familie (bv. echtscheiding en daardoor verlies van motivatie om te leren of goed mee te doen op school). Dan kan een kind dus wel moeite met lezen en/of spelling hebben, maar niet door een onderliggende dyslexie. Vandaar dat het enerzijds zo belangrijk is om goed te onderzoeken wat precies de reden is dat een kind moeite heeft met lezen en/of spelling. Anderzijds is het daarom goed om een breder leerprofiel mee te nemen en om te beoordelen of de één-op-één-hulp in de klas goed genoeg heeft gewerkt. Uiteraard kunnen de lees- en spelmoeilijkheden ook nog andere oorzaken hebben of samenhangen met andere stoornissen.’
Daarover bij een volgende vraag meer.

 


Heb je het idee dat kinderen hun dyslexie kunnen verdoezelen, waardoor het voor ouders of leerkrachten lastig wordt om het te herkennen? 
meisje_juffrouw_samen_lezen‘Eerlijkgezegd lijkt het me voor een kind bijna niet te doen om dyslexie te verdoezelen. Ze kunnen wel verschillende strategieën laten zien om met hun lezen of spelling om te gaan. Ze trappen bijvoorbeeld op de rem en gaan heel langzaam lezen. Of ze gaan juist heel snel lezen en raden dan wat er staat. Kinderen met dyslexie hebben moeite met het technische leesproces; dat betekent in dit geval dat het ten koste gaat van de snelheid of van de nauwkeurigheid van het lezen.

Bij kinderen met veel compensatiemogelijkheden zien we wel eens dat ze met tekst lezen een hoger niveau behalen dan met woordlezen. Ze hebben dan steun aan de semantiek van de tekst; de inhoud en betekenis van de tekst helpt hen om de woorden in tekstverband te lezen.

Bij hoog-functionerende volwassenen zien we wel eens dat ze vooral vastlopen bij het lezen van onzinwoorden. Zij hebben door de jaren heen al zoveel woorden geleerd en opgeslagen (in hun mentaal lexicon), dat ze al veel woorden en teksten gewoon goed kunnen lezen.

Bij de beoordeling of een kind dyslexie heeft, weegt het lezen trouwens zwaarder dan spelling of schrijven. Lezen is namelijk een ‘puurdere’ maat van dyslexie vanwege het automatische proces. Daarom geeft het lezen meer de doorslag bij de beoordeling van dyslexie. Bij spelling is altijd gerichte aandacht nodig en kunnen dus ook weer andere dingen spelen, waarom kinderen er moeite mee hebben (denk aan motivatie en taakgerichtheid).’

 

Vanaf welke leeftijd kun je dyslexie laten onderzoeken? 
jongen_vrouw_huiswerk_maken‘Vanaf de leeftijd van ongeveer 8 jaar, dus pas bij kinderen in groep 4, kun je dyslexie betrouwbaar onderzoeken. Dus nog niet echt vanaf groep 3. Je moet kinderen namelijk de kans geven om het lees- en spelproces op gang te laten komen.

Merk je dat het kind al last heeft op dit gebied vanaf de kleuterklas (zie hierboven), dan zou je een leerling van groep 3 eventueel wel al kunnen laten onderzoeken. Maar dat zijn eerlijkgezegd wel de uitzonderingen.’

 

Waarom is het belangrijk om het op jonge leeftijd te laten onderzoeken?
meisje_vrouw_schrijven‘Als je van groep 3 naar groep 8 kijkt, dan worden de normen steeds strenger. Als jij je op een trager tempo ontwikkelt vergeleken met je groepsgenoten, zal het verschil daarom steeds groter worden. Dan ga je dus steeds meer achterlopen ten opzichte van de andere kinderen.

In de hogere groepen wordt ook steeds meer gebruik gemaakt van taal. Zo heb je in groep 4 nog wel het ‘kale’ rekenen, maar vanaf groep 5 komen ook steeds vaker verhaaltjessommen aan bod. Dan is het ook bij vakken als rekenen belangrijk om goed te kunnen lezen. En bij de hogere groepen komt alleen nog maar meer (talige) informatie op de leerling af. Ze hebben dan een bepaald functioneel leesniveau nodig om alles op een goede manier te kunnen verwerken en te begrijpen. Dat is niet alleen nodig bij vakken als begrijpend lezen en redactiesommen, maar ook bij vakken als geschiedenis of aardrijkskunde.
Het is misschien goed om in dit kader te weten dat het onderdeel ‘begrijpend lezen’ één van de onderdelen is, waarop bepaald wordt welk niveau van voortgezet onderwijs je aankunt. Als jij het technisch leesniveau hebt van iemand van groep 3 en je moet lezen op het niveau van eind groep 7, dan is het lastiger om de inhoud van tekst er op een goede manier uit te pikken, zeker als je al zo worstelt met de tekst die je leest. (Als de tekst je voorgelezen wordt, kan het natuurlijk weer anders zijn.)

Om op een goede manier te kunnen laten zien, wat er aan vaardigheden en kennis in je zit, is het dus belangrijk dat het gat tussen je leesniveau en je vaardigheden niet te groot is. Als dat wel het geval is, dan wordt het een stuk lastiger om te laten zien wat je kunt.’

 

Kun je van dyslexie genezen? 
meisje_leest_boek_MLP‘Helaas kun je niet van dyslexie genezen. Je zult altijd meer moeite met lezen en spellen blijven hebben dan anderen zonder dyslexie.

Ondanks dat gegeven kun je het gebiedje in de hersenen wel trainen, waardoor het lezen en spellen beter gaat. Dyslexie is dus niet te genezen, maar je kunt je lees- en spelvaardigheden wel verbeteren. En dat is goed nieuws.

Het is goed om te accepteren dat het lezen en spellen moeilijk voor je is en zal blijven. Je ziet dat sommige kinderen heel opgelucht zijn met diagnose (‘gelukkig, ik kan er niks aan doen’); er valt een last van hun schouders. Andere kinderen voelen zich er juist vervelend door; ze krijgen het gevoel dat ze anders zijn dan anderen, dat ze niet normaal zijn of dat ze niet meer degene zijn die ze waren. Kinderen, die moeite hebben om te accepteren dat ze dyslexie hebben, kunnen baat hebben bij ‘psycho-educatie’. Bij het RID geven we hen o.a. een boekje mee dat ze samen met hun ouders kunnen lezen: ze gaan dan samen vragen beantwoorden, thema’s bespreken en ze kunnen wat meer gerustgesteld worden. De inhoud van dit boekje komt dan ook in de behandeling aan bod. Ook is het goed om te weten dat heel beroemde of intelligente mensen dyslexie hadden (denk maar eens aan Einstein). Door dyslexie zo positief mogelijk te benaderen, proberen we kinderen er een andere mind-set over te geven.

Nadat je een dyslexiebehandeling hebt gehad, kan de dyslexie toch weer de kop op steken, bijvoorbeeld als je een nieuwe taal gaat leren. Daar hebben leerlingen met dyslexie doorgaans meer moeite mee. Het blijft een zwakkere plek.’

 


EXTRA
Drs. Kim Huiskamp raadt de volgende boeken aan om (evt. samen met je kind) over dyslexie te lezen.

Informatieve boeken voor ouders:
boeken_MPL_dyslexie‘Kinderen met dyslexie, een gids voor ouders’ – T. Braams
‘Houvast bij leesproblemen en dyslexie op de basisschool, leidraad voor ouders’ – A. Paternotte en J. Buitelaar
‘Mijn kind & Dyslexie’ – R. Krijnen
‘Mijn kind heeft dyslexie’ – M. Ceyssens

Informatieve boeken voor kinderen: 
‘Dyslexie’ – Z. van Mersbergen (Informatiereeks 3, nummer 54)
‘Een 2 voor dictee. Een verhaal over dyslexie’ – J. Breeman
‘Letters op de snelweg. Boekje over dyslexie’ – K. Terlouw
‘Ik heb dyslexie, nou en!’ – L. de Groot

Leesboeken geschikt voor dyslectische kinderen:
http://www.makkelijklezenplein.nl (informatie over leesboeken voor dyslectici)
http://www.zwijsen.nl (serie Zoeklicht)
http://www.inktvis.nl (serie Kokkel-reeks)

Leesboeken over dyslexie voor kinderen: 
‘Ik ben niet bom!’- M. van de Coolwijk
‘Schatkasten’ – H. van der Werff
‘Pudding Tarzan’ – O.L. Kirkegaard
‘De smoezenkampioen’– C. Slee
‘Heksie. Hoe vang je een heks? – M. Snoeij


 

Waar wordt dyslexie wel eens mee verward? 
meisje_dromend_aan_tafel‘Als kinderen zich bij ons aanmelden om te onderzoeken of er sprake is van dyslexie, dan wordt er niet alleen gekeken naar hoe het met lezen en spelling gaat, maar we kijken ook naar andere schoolvakken. Kinderen kunnen namelijk in het algemeen moeite hebben om nieuwe vaardigheden aan te leren of ze kunnen een algemeen leerprobleem hebben. Dan heb je een heel andere benadering nodig om het kind verder te helpen.

Soms kunnen kinderen een taalontwikkelingsstoornis (TOS) hebben. Ze hebben dan moeite met taal in het algemeen; niet alleen moeite met lezen en schrijven, maar ook moeite met taalbegrip, met de taalproductie (uitspraak) en/of ze hebben een lage woordenschat. Bij kinderen met TOS is er dus meer aan de hand; ze hebben een breder taalprobleem.

Verder is het goed om aandacht te hebben voor andere stoornissen, zoals AD(H)D. Een kind dat bijvoorbeeld moeite heeft om de aandacht ergens bij te houden, kan daardoor in de klas informatie of instructie mislopen. Ook kan een kind met een aandachtsprobleem het ene vak wel leuk vinden en het andere niet; dan heeft het bijvoorbeeld minder aandacht voor taal en dus minder oefening om het goed te ontwikkelen. Dat wil echter nog niet zeggen dat er sprake is van dyslexie.

Sommige kinderen lopen een ‘didactische achterstand’ op: ze liggen achter op de groep, maar dat kan komen omdat ze minder effectief onderwijs hebben genoten dan andere kinderen. Ook dat hoeft dus niet door een mogelijk onderliggende dyslexie te komen.

Hier blijkt in ieder geval uit hoe complex het geheel kan zijn. Dyslexie kan ook nog eens samen voorkomen bij één van deze stoornissen (comorbiditeit), maar dat hoeft natuurlijk niet. Het is ook mogelijk dat de lees- en spelproblemen, die je opmerkt, door een ander onderliggend probleem veroorzaakt worden dan door dyslexie.’

 

Welke mythes, onjuistheden of vooroordelen bestaan er over dyslexie? 
meisje_leest_in_boek‘Er bestaan wel een aantal mythes of vooroordelen over dyslexie:

(1) Dyslexie ontstaat door een zuurstoftekort bij de geboorte of door slecht samenwerkende hersenhelften.
Vroeger werd wel gedacht dat dyslexie kwam door een zuurstoftekort bij de geboorte, maar we weten inmiddels dat dat niet zo is. Er werd ook wel gedacht dat de twee hersenhelften niet goed samenwerkten. Dan moesten de kinderen evenwichtsoefeningen doen, waardoor de helften wel beter gingen samenwerken. Beide ideeën zijn inmiddels ontkracht door wetenschappelijk onderzoek en niet waar gebleken.

(2) Kinderen met dyslexie kunnen niet goed zien of horen.  
Als je kijkt naar de gebieden in de hersenen die bij klankverwerking betrokken zijn, dan zitten die min of meer tussen de auditieve en visuele cortex in. De informatie die in de auditieve cortex terechtkomt (klank), wordt gecombineerd met de informatie die in de visuele cortex terecht komt (letter). Bij kinderen met dyslexie gaat die verwerking ervan moeizamer. Een kind met dyslexie kan dus zowel goed horen als zien, alleen het verwerken van de combinatie klank en letter gaat moeizamer. Je kunt dyslexie dus niet oplossen door een bril of een hoorapparaat te dragen.

(3) ‘Mijn kind heeft niet zo’n zin in lezen en spelling en moet gewoon wat beter zijn best doen.’ 
Ouders kunnen soms de overtuiging hebben dat hun kind niet gemotiveerd is en gewoon wat beter zijn best zou moeten doen. Maar ik leg dan altijd uit dat kinderen niet ongemotiveerd worden geboren; het kind beslist niet bewust of actief dat het geen zin heeft om te leren. Als een kind geen zin heeft om te lezen, om huiswerk te maken of om iets te doen voor school, dan komt dat door een bepaalde wisselwerking met iets anders. Dingen die je lastig vindt of waar je moeite mee hebt, vind je gewoon niet zo leuk om te doen. De berg wordt dan te hoog. Gelukkig kun je de berg lager maken, zodat het te behalen doel niet meer onbereikbaar lijkt. Het kind krijgt dan het gevoel dat hij het misschien toch kan.

We zien ook wel eens kinderen, die voordat ze bij ons komen, al een heel traject hebben afgelegd. Ze zijn dan al op zoveel plekken geweest en hebben al zoveel onderzoeken gehad, dat ze al bijna geen zin meer hebben om nóg een onderzoek of behandeling te ondergaan. Deze kinderen zou je ‘behandelmoe’ kunnen noemen. Dat wil echter niet zeggen dat ze niet geholpen kunnen worden; ook bij deze kinderen kan dyslexie vastgesteld worden en ook zij kunnen nog steeds geholpen worden.

(4) ‘Laat maar, er is toch niks aan te doen.’ 
Sommige ouders denken: ‘het is dyslexie, er is niks aan te doen’. Dat is echter niet het geval. Ook kinderen met dyslexie kun je met de juiste begeleiding beter laten lezen en spellen. Het is daarbij vooral belangrijk om voor ogen te houden wat je kind wel nog kan ontwikkelen en wat er nog wel mogelijk is. Ga na welk doel je kunt stellen. Daarbij is belangrijk om juist de inspanning, die je kind doet, te belonen (growth mindset) en niet het resultaat (fixed mindset).’

 

Wat kunnen ouders doen als ze het vermoeden hebben, dat hun kind dyslexie heeft? 
voorlezen_vader_dochter_lachend‘Als ouders vermoeden dat hun kind moeite heeft met lezen of spellen of zich er zorgen over maken, dan is het belangrijk om dat aan te kaarten bij de leerkracht. Het is goed om het zelf ook in de gaten te houden. Bespreek het, zodat de leerkracht er aandacht voor heeft.

School heeft dan – indien nodig – mogelijkheden om extra hulp aan leerlingen te bieden. Citotoetsen helpen bij het signaleren ervan. Daarna kan een leerling doorverwezen worden voor extra zorg; dat zou evt. naar het RID kunnen. Daar wordt onderzocht of er wel / geen sprake is van dyslexie en indien dat inderdaad het geval is, kan de dyslexiebehandeling plaatsvinden.

Over het algemeen is het belangrijk dat ouders met een kind met dyslexie een omgeving creëren, waarin lezen een plek heeft. Creëer een omgeving waarin regelmatig gelezen wordt en waarin dat ook beloond wordt. Denk dan in termen van ‘quality time’: lekker samen op de bank zitten en een boekje (voor)lezen. Maak (voor)lezen dus een normaal onderdeel van je eigen levenssituatie.

Uiteraard kan het voor ouders nog best lastig zijn om het lezen voor hun kind weer leuk te maken. Ga dan op zoek naar de intrinsieke motivatie van je kind. Dat kun je doen door vooral boeken uit te zoeken die je kind zelf heel leuk, interessant of boeiend vindt. Laat de boeken aansluiten op de belevingswereld en interesses van je kind. Als je kind bijvoorbeeld fan is van dinosaurussen, dan lees je daar samen boeken over. Bij drukke gezinnen kan zo’n één-op één-momentje, waarin je aan je kind (voor)leest, zelfs een uitkomst zijn. Door het samen te doen, wordt het lezen alleen maar leuker. Hiermee kun je de leesmotivatie en het leesplezier van je kind absoluut stimuleren.

Geef het dus niet op en ga vooral door met lezen. Lezen onder dwang, bijv. tot huilens toe, is natuurlijk het andere uiterste. Dat laatste vergroot alleen maar de weerstand bij je kind. In de plaats daarvan is het beter om je kind zelf zijn boeken uit te laten kiezen. Ga samen naar de bibliotheek en maak er daarna samen een gezellig leesmoment van.
Goed om nog te weten is ook dat het geen probleem is om kinderen naar luisterboeken te laten luisteren of om software te gebruiken om boeken te laten voorlezen. Het is dan wel belangrijk dat kinderen het boek erbij houden en zelf meelezen. In de bibliotheek heb je ook een Makkelijk Lezen Plein, waar je boeken kunt vinden voor kinderen die wat meer moeite hebben met lezen.

 


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend.
 Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?
Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees verder over gerelateerde thema’s:
Wist jij dit al over opvoeding en ouderschap…? Uitgebreide interviews met toonaangevende experts.’ 
– ‘11 tips om samen (voor)lezen nóg leuker te maken.
– ”Nog een keer lezen, nog een keer’- 5 eenvoudige tips om samen (voor)lezen met je kind nóg leuker te maken.
– ‘Waarom worden kinderen en tieners toch zo boos?‘. 
‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

Peuterpuberteit: 10 domeinen om samen met je kind te overwinnen.

meisje_lachend_peuterToen je kindje nog een baby (0-1 jaar) was, ging het allemaal eigenlijk heel gemakkelijk.  Af en toe waren er wel wat dingetjes waar je even wat mee moest, zoals de hapjes die je baby niet meteen wilde eten of het doorslapen dat niet meteen wilde lukken, maar over het algemeen viel het reuze mee. Ook als dreumes (1-2 jaar) had je weinig met je kindje te stellen. Je kindje deed over het algemeen wel wat je zei, hij vond het fijn om je te helpen, om met je te kletsen, om me je te spelen en hij knuffelde je graag. Het was echt een lieverd!

Nu je kindje echter de peuterleeftijd (2-3 jaar) heeft bereikt, lijkt alles ineens heel anders. Natuurlijk is je kindje nu ook nog wel lief, maar sommige situaties zijn echt een stuk lastiger. Het is niet vanzelfsprekend meer dat je kindje meteen naar je luistert. Hij kan ook soms om onverklaarbare redenen een driftbui krijgen. Hij huilt soms heel hard, terwijl je niet goed begrijpt wat er nou aan vooraf ging. Verder wil hij op de gekste momenten van alles ‘zelluf’ doen, terwijl hij dat nog helemaal niet kan. Als je aanbiedt om te helpen, dan mag dat echt niet. Maar ondertussen is hij wel enorm gefrustreerd als het hem inderdaad niet lukt. Wat is er toch met hem aan de hand…?

De kans is groot dat je kind midden in de peuterpuberteit zit.

Op deze jonge leeftijd gebeurt er ontzettend veel met je kindje en daar staan we als ouder vaak helemaal niet bij stil. Je kindje ontwikkelt zich op allerlei gebieden en dat gaat in rap tempo. Je kunt je misschien wel voorstellen dat het voor je kindje ook niet allemaal even makkelijk is.

⇒ Hieronder vind je een overzicht van wat je kindje allemaal leert en wat daar voor je kindje (en jou) lastig aan is. Per domein geef ik je steeds één praktische tip om direct thuis toe te passen én geef ik je één leestip voor als je verder wil lezen over dat specifieke onderwerp. Onderaan het artikel geef ik je nog 5 extra opvoedtips. Op basis van deze informatie én tips leer je je peuter en zijn frustratie, boosheid en emoties niet alleen beter begrijpen, maar kun je er ook op een positieve manier op reageren. Daar komen ze…

 

(1) De sociale ontwikkeling van je peuter:
kinderen_spelen_op_grond_leidstersKinderen vinden het doorgaans heel fijn om met andere kinderen te spelen. Bij jonge peuters is dat vaak nog niet echt ‘samen’ spelen, maar eerder naast elkaar spelen. Naarmate je kindje ouder wordt, zal hij ook steeds meer echt samen spelen met andere kindjes.
Kinderen leren van het omgaan met anderen, van volwassenen én van andere kinderen.  Kinderen kijken naar elkaar, imiteren elkaar en leren zo nieuwe vaardigheden of nieuwe spelletjes. Vandaar dat het voor de sociale ontwikkeling van je kind belangrijk is om hem van jongs af aan met andere kinderen te laten spelen.

TIP: Wacht niet om je kindje met andere kinderen te laten spelen totdat hij naar de basisschool gaat. Spreek nu al regelmatig af met ouders van jonge kinderen uit de buurt, met vrienden die zelf ook jonge kinderen hebben of meld je kind aan voor de kinder- of peuteropvang. Op die manier krijgt je kindje de kans om te leren samen spelen.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Hoe leer je je kind om rekening te houden met anderen?‘.

 

(2) Egocentrisme: Je peuter is bijzonder egocentrisch ingesteld.
kinderen_maken_ruzie_om_xylofoon_ouders_op_bankJonge kinderen zien de wereld vooral vanuit hun eigen standpunt. Ze zijn heel erg egocentrisch ingesteld en kunnen zich nog niet verplaatsen in het standpunt van een ander. Voor je peuter betekent dat wanneer hij iets wil, hij dat onmiddellijk wil. Hij houdt er geen rekening mee of het op dat moment kan en of jij dat als ouder wel goed vindt. Hij wil het hebben (of doen) en hij wil het nu!
Je kindje kan ook nog niet inschatten dat een ander iets zou ‘kunnen willen’. Je peuter denkt echt alleen nog maar vanuit zichzelf: ‘ik wil dat speeltje nu’ en houdt er geen rekening mee dat het andere kindje al een tijdje heel leuk met dat speeltje aan het spelen is en het vervelend kan vinden dat hij het van hem afpakt. Met alle gevolgen van dien…

TIP: Ga bij je kindje zitten als het samen met een ander kindje speelt  en leg uit wat er gebeurt; ‘ondertitel’ het, als het ware. Leg uit dat je kind niet zo maar iets mag afpakken, maar dat hij het wel eerst kan vragen. Als het kindje het dan afgeeft, dan mag hij het hebben. Zo niet, dan moet hij wachten totdat het kindje ermee klaar is. Doe voor wat ‘om de beurt’ is en wat ‘samen spelen’ precies inhoudt.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Samen spelen, samen delen‘.

 

(3) Je peuter wordt langzaam maar zeker zindelijk. 
jongen_zit_op_potje_02Veel kinderen worden als peuter zindelijk. Dat betekent dat ze actieve controle krijgen over hun eigen blaas en darmen. Natuurlijk gebeuren er ook wel eens ongelukjes, die tot frustratie en boosheid kunnen leiden; niet alleen bij je kind, maar ook bij jou als ouder. Realiseer je dat alle kinderen in hun eigen tempo zindelijk worden. Het is nergens voor nodig om het te overhaasten. Ook jouw kindje zal na verloop van tijd zindelijk zijn.

TIP: Stel je tijdens en na de zindelijkheidstraining in op ongelukjes. Ga er van uit dat ze gaan gebeuren. Dat is helemaal niet erg en ze horen er echt bij. Het ene kind heeft er meer last van dan het andere. Zorg er voor dat je als ouder niet boos, maar er juist rustig op reageert. Bij een ontspannen aanpak zonder strijd leert je kindje op een fijne manier om zijn blaas en darmen te beheersen en om op zichzelf te vertrouwen.

Verder lezen: Wil je graag checken of je kindje wel / niet klaar is om zindelijk te worden? Klik dan hier om een korte test te doen.
Wil je graag starten met het stimuleren van de zindelijkheid van je kind of merk je dat het nog best moeilijk is om je kindje zindelijk te maken (of te houden)? Lees dan meer over mijn cursus ‘Tijd voor Zindelijkheid’.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


(4) De spraak- / taalontwikkeling van je peuter: 

peuter8Gemiddeld genomen zeggen kinderen rond hun eerste jaar hun eerste woordje. Meestal is dat ‘papa’ of ‘mama’. Ze leren daarna steeds meer woordjes. Je ziet dat ze op deze leeftijd ook nog regelmatig gebruik maken van non-verbale communicatie; door te wijzen of een bepaalde gezichtsuitdrukking weet je als ouder vaak al wat je kindje bedoelt.

TIP: Om de taal- / spraakontwikkeling van je kindje te stimuleren kun je bijvoorbeeld steeds benoemen wat je doet, benoemen wat je pakt of benoemen wat je aan je kindje geeft. Op die manier leert je kind steeds beter wat de klanken die hij van jou hoort betekenen en koppelt hij ze aan voorwerpen, kleuren, vormen ed. Daarna zal hij het ook steeds vaker zelf proberen te zeggen.

Verder lezen: Lees het artikel ‘5 tips om nóg beter met je baby, dreumes en peuter te communiceren‘ (gastbijdrage van Esther Sluijsmans).

 

(5) Motorische ontwikkeling van je peuter: Lekker bewegen.
Werk in opdrachtOok op dit gebied zet je kindje letterlijk en figuurlijk grote stappen. Hij begint met een paar losse stapjes en dat worden er langzaam maar zeker steeds meer. Hij leert ook te springen, te rennen, met een bal te gooien en te vangen, tegen een bal te schoppen of zijn evenwicht te bewaren. Als je kindje wat ouder is, leert hij ook te hinkelen, huppelen of koprollen. Je kunt hem op dit gebied doorgaans goed stimuleren en aanmoedigen. Kijk wat je kindje kan / wil doen en probeer hem er – indien nodig – bij te helpen of doe het hem vaker voor.

TIP: Geef je kindje de mogelijkheid om veel te bewegen en om lekker actief te spelen. Juist door te doen, leert je kindje op deze leeftijd enorm veel. Laat je kindje ook dagelijks buitenspelen (bij voorkeur 2 uur per dag). Dat kan in je eigen tuin of in een speeltuin bij jou in de buurt. Aangezien peuters nog geen gevaar zien, is het wel belangrijk om een oogje in het zeil te houden.

Verder lezen: Lees ook m’n artikel ‘Is het erg als kinderen niet buiten spelen? (Interview op L1 Radio)‘.

 

(6) Emotionele ontwikkeling van je peuter: Driftbuien. 
jongen_driftbui_achteroverJe kind leert steeds beter wat zijn emoties zijn. Hij gaat er ook – onbewust – steeds meer mee experimenteren. Hij zal meer momenten hebben van groot verdriet en heftig huilen; ook merk je nu dat je kind soms ineens heel bang kan zijn (denk aan bang voor honden, spoken, monsters, heksen etc.).
Ook boosheid kan op deze leeftijd in alle heftigheid voorbijkomen. Vooral tussen 15 maanden en 3 jaar hebben de meeste kinderen last van ongecontroleerde uitbarstingen, de zg. driftbuien. Wat je dan aan je peuter merkt of ziet, is dat hij plots ongeduldig wordt, geen teleurstelling kan verdragen of geen ‘nee’ van jou kan horen. Met andere woorden: je peuter zou het liefst zijn eigen gang gaan, maar dat kan op dat moment niet. Als reactie barst je kindje in woede (of tranen) uit en gaat flink tegen je te keer. Sommige peuters gaan dan schreeuwen, krijsen, slaan, schoppen of houden een tijdje hun adem in (‘breath holding spells’).

TIP: Op het moment van een driftbui heeft je kind jou nodig om zijn emoties onder controle te krijgen en om tot bedaren te komen. Daarom is het ontzettend belangrijk dat jij rustig blijft op het moment dat je kind een driftbui heeft. Houd hem dan in de gaten (evt. op een afstandje), zodat hij zichzelf niet (onbedoeld) pijn gaat doen.

Verder lezen: In m’n  artikel ‘M’n kind heeft vaker driftbuien. Wat nu?’ lees je meer praktische tips over hoe je met een driftbui omgaat.

 

(7) Eten: Bang voor nieuwe dingen
peuter3Jonge kinderen kunnen soms bang zijn / worden voor nieuwe dingen; dat noemen we ‘neofobie’. Ze willen dan ineens niet meer eten; ze weigeren dan bijvoorbeeld om iets te eten dat ze niet kennen. Als je daar als ouder te veel in meegaat of als je je kind niet op een positieve manier stimuleert, dan zie je vaak dat kinderen steeds meer eten gaan weigeren. De maaltijd mondt uit in een machtsstrijd tussen ouder en kind. De gezelligheid aan tafel is dan ver te zoeken.

TIP: Voorkom dat je je kind gaat dwingen om toch iets te eten. Dwingen werkt helaas averechts. Houd oog voor wat je kind wél goed doet aan tafel en benoem dat. Als je kind weet wat hij goed doet, dan is de kans groter dat hij dat opnieuw of vaker zal gaan doen.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips)’.

 


fb_cursus_help_mijn_kind_luistert_niet
Cursus ‘Help, mijn kind luistert niet!?’
Wil je graag weten hoe je ervoor zorgt dat je kind beter én sneller naar je luistert?
Op een positieve, liefdevolle en constructieve manier.

=> Dan is deze cursus precies wat je zoekt.
=> Vraag nu GRATIS Les 1 van deze cursus aan.

Lees hier wat je allemaal van deze cursus mag verwachten.


 


(8) Slapen: Dutjes & monsters

meisje_huilend_uit_bedSlapen is op alle leeftijden heel belangrijk, dus ook voor je peuter. Ook op dit gebied van slaap verandert er van alles voor je kind: je jonge peuter gaat van twee naar één dutje en je oudere peuter gaat van één naar geen middagslaapje. Kort na zo’n verandering zal je kindje eraan moeten wennen dat hij wat minder slaap krijgt. Dat betekent niet alleen dat je kindje sneller of vroeger moe is, maar ook dat je kindje minder kan verdragen of prikkelbaarder is. Een mogelijk gevolg is dat een drift- of huilbui sneller kan optreden.
Daarbij is het voor je peuter nog bijna onmogelijk om feit en fictie uit elkaar te halen. Het heeft nog zo’n levendige fantasie dat het echt gelooft dat er een krokodil onder zijn bed ligt of dat er monsters / heksen op zijn kamer zijn. Je kind kan daar echt heel erg bang van worden.

TIP: Het heeft geen zin om te zeggen dat je kind zich ‘niet moet aanstellen’ of dat monsters / heksen niet bestaan. Voor je kindje bestaan ze namelijk wel en zijn ze echt. Hij gelooft er echt in (‘magisch denken‘). Neem daarom de zorgen van je peuter serieus, ga echter niet mee in zijn angst en stel hem uiteraard gerust. Kijk bijvoorbeeld samen onder zijn bed, zodat hij zeker weet dat daar niks ligt of jaag alle monsters met speciale ‘Monsterspray’ zijn kamer uit.

Verder lezen: In m’n artikel ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)‘ lees je of je peuter er klaar voor is om het middagdutje over te slaan en hoe je dat kunt aanpakken. In m’n artikel ‘Ga nou toch lekker slapen, liefje! – 5 tips om je kind te leren slapen‘ lees je hoe je er voor zorgt dat je kindje ’s avonds rustig in slaap valt.

 

(9) Cognitieve ontwikkeling van je peuter: 
voorlezen_moeder_kind_op_bedMet de cognitieve ontwikkeling van je peuter bedoel ik zijn leervermogen. Hij leert allerlei nieuwe vaardigheden: hij leert steeds beter te begrijpen wat er om hem heen gebeurt, hij kan zijn geheugen steeds beter gebruiken en leert om kleine problemen aan te pakken en op te lossen. Ook kan hij steeds langer ergens zijn aandacht bij houden en zich langer op een taakje concentreren.

TIP: Om de cognitieve ontwikkeling van je peuter te stimuleren is het goed om dagelijks met je kindje te lezen. In de bibliotheek vind je allerlei (prenten)boeken, die uitermate geschikt zijn voor jonge kinderen. De thema’s in deze boeken sluiten vaak heel mooi aan op de belevingswereld van je kindje. Daarbij is samen lezen een mooie, gezellige één-op-één-activiteit, die kinderen doorgaans heel fijn vinden om samen met papa of mama te doen. Samen lezen vergroot ook nog eens zijn aandachtspanne en concentratievermogen en stimuleert zijn taal- / spraakontwikkeling. Dus door regelmatig voor te lezen, sla je heel makkelijk een aantal vliegen in één klap.

Verder lezen: Lees ook m’n artikel ‘Nog een keer lezen, nog een keer’- 5 eenvoudige tips om samen (voor)lezen met je kind nóg leuker te maken‘.

 

(10) Grote zus of broer worden: 
ouderschap_zwangere_buik_oudste_dochter2Veel kinderen worden op deze leeftijd ineens grote broer of grote zus. Dat is voor henzelf een grote omslag. Ineens moeten ze de aandacht, die ze altijd van papa en mama kregen, delen met een ander kindje. Het ene kindje gaat makkelijker met deze verandering om dan het andere.

TIP: Bereid je peuter goed voor op de komst van zijn broertje of zusje. Laat hem waar mogelijk helpen met de veranderingen in huis. Als hij bijvoorbeeld in een andere kamer gaat slapen, kan hij zelf zijn knuffels naar de nieuwe kamer verhuizen. Als hij in een ander (groter) bed gaat slapen, dan kan hij zelf een mooi dekbedovertrek uitzoeken. Laat je peuter ook helpen met de inrichting van de babykamer. Als de baby er eenmaal is, kun je je kindje een cadeautje geven ‘namens de baby’.

Verder lezen: Lees m’n artikel ‘Hoera, er komt een kindje bij! – 5 tips over hoe je je oudste voorbereidt op een broertje of zusje.‘.

 

Wat kun je nog meer doen als ouder om de frustraties, boosheid en heftige emoties van je peuter het hoofd te bieden? 

[A] Bewaar je rust, ook in uitdagende opvoedsituaties. 
moeder_meisje_lachend_bosProbeer zo veel als mogelijk rustig op je kindje te reageren, ook tijdens een pittige of heftige opvoedsituatie. Je kindje mag best aan jou merken dat een grens is bereikt en dat je niet altijd zo maar meegaat in wat je kindje wil. Het is belangrijk om hem dat op een rustige manier duidelijk te maken.

[B] Geef je kind duidelijkheid: ‘zeg wat je doet, doe wat je zegt’. 
Als je in allerlei situaties op dezelfde manier op je kindje reageert, dan weet hij steeds beter wat hij van jou kan verwachten en wat de bedoeling is. Dat vinden kinderen fijn; dat geeft hen rust en vertrouwen. Houd je vast aan de uitdrukking ‘zeg wat je doet, doe wat je zegt’: leg uit wat je gaat doen of wat je van je kindje verwacht en zorg er – op een fijne, liefdevolle manier voor – dat dat ook gebeurt.

[C] Geef je kind voldoende positieve aandacht. 
Speel met je kind, zodat je je kind voldoende positieve aandacht kunt geven. Alle kinderen hebben dat nodig. Probeer dan aan te sluiten bij wat je kind op dat moment aan het doen is. Uiteraard is dat ook een mooie gelegenheid om je kind iets nieuws te leren. Als je kind met de duplo aan het spelen is, kun je samen een ‘superhoge’ toren; zo hoog mogelijk (totdat hij omvalt). Of je probeert samen een puzzel te maken; eerst eentje die past bij zijn leeftijd en dan – afhankelijk van hoe het je kindje afgaat – maak je de puzzel wat makkelijker of juist wat moeilijker. Zo kun je je peuter stimuleren, op een manier en op het niveau dat goed bij hem past.
Ook als iets bij het spelen niet meteen lukt of als het je kindje niet zo leuk lijkt te vinden, hoeft dat niet te betekenen dat hij dat nooit meer gaat doen. Juist door het toch nog eens klaar te leggen, door het vaker te doen of door het regelmatig samen te oefenen, gaat het hem steeds beter af én is de kans groot dat hij het steeds leuker gaat vinden.

[D] Accepteer dat het de ene dag beter gaat dan de andere. De peuterpuberteit kan voor ouders best een heftige periode zijn. Onderschat het niet. Maar wees ook realistisch: er zijn niet alleen dagen waarop het niet lekker loopt, er zitten ook hele fijne dagen tussen. En bedenk: liep het vandaag niet zo lekker? Begin dan morgen weer met frisse moed en een schone lei.

[E] Vergeet niet dat je kindje nog altijd heel lief kan zijn en op momenten heel fijn is in de omgang. Ook als hij nu regelmatig een driftbui heeft of veel huilt, zijn er nog altijd momenten waarop je veel plezier aan hem beleeft en hij jou veel liefde geeft. Geniet van deze momenten. Laat die fijne momenten niet overschaduwen door de lastige(re) opvoedmomenten.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Referenties van gebruikte literatuur voor dit artikel: 
– Voorkom myopie bij jouw kind, met het gratis myopie-pakket. [ Klik hier. ]
– Woolfson, R. (2001). De pientere peuter. Uitgeverij Cantecleer: Baarn.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:
– ‘10 basistips om je kind of tiener beter te laten eten (incl. praktische tips).
– ‘10 basistips om je baby, kind of tiener lekker te laten slapen.
– ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)
– ‘Boos zijn kun je leren! | 6 stappen om je kind te leren zijn boosheid te beheersen.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

10 redenen waarom baby’s huilen (en wat je dan kunt doen).

baby_huilt_mamma_troostBaby’s kunnen natuurlijk nog niet met ons praten, maar gelukkig kunnen ze wel met ons communiceren. Dat doen ze door middel van huilen. Het huilen van baby’s heeft een duidelijke signaalfunctie, waarmee ze aangeven ‘er is iets aan de hand’. Het is dan ook belangrijk om op het huilen van je baby te reageren. Zo leert hij dat je er voor hem bent als er iets met hem aan de hand is.

Soms is het nog best lastig om te ontdekken waarom je baby precies huilt. Dat kan dan best een puzzel zijn. Toch zijn het gelukkig niet oneindig veel mogelijkheden en kun je ze in ong. 10 categorieën verdelen. De 10 veelvoorkomende redenen voor het huilen van baby’s heb ik hier voor je op een rijtje gezet. Een aantal van deze redenen ken je vast al, maar ongetwijfeld staan er ook redenen tussen waar jij nog niet bij stil gestaan hebt. Deze lijst kun je heel goed gebruiken om te beoordelen waarom je baby huilt.

⇒ Hier volgen 10 veelvoorkomende redenen waarom baby’s huilen:

 

1. Je baby is moe.
baby_wrijft_in_oogjeWanneer je baby moe is, gaat hij in z’n oogjes wrijven, misschien ook wel gapen. Voorkom dat je baby te moe wordt, let goed op zijn signalen en leg ‘m in z’n bedje, zodat hij lekker in slaap kan vallen. Als je baby te lang huilt als hij moe is, raakt hij steeds meer overstuur en wordt het lastiger om ‘m rustig in slaap te laten vallen.

 

2. Je baby heeft honger.
Four months old babyWanneer je baby honger heeft, maakt hij o.a. kleine smakgeluidjes of gaat hij op z’n knuistjes sabbelen. Je ziet dat hij met zijn mondje gaat ‘zoeken’. Wanneer je dat bij je kindje ziet, weet je dat je baby honger heeft en dat het moment is aangebroken om hem te voeden.

 

3. Je baby is overprikkeld en heeft te veel prikkels gehad.
Als je een drukke, onrustige dag hebt gehad, kan je baby overprikkeld raken. Dat wil niet persé zeggen dat hij op te veel plekken is geweest of te veel mensen heeft gezien, maar meer dat hij er allerlei dingen zijn gebeurd, die hij niet kon voorspellen.
Uiteraard zie je hier duidelijke verschillen tussen baby’s; de ene baby gaat hier beter mee om dan de andere.
⇒ Als je merkt dat je baby onrustig is geworden door het te veel aan prikkels, zorg dan voor meer voorspelbaarheid en regelmaat.

Hieronder lees je ook nog dat je baby kan huilen omdat hij onderprikkeld is, een regeldag heeft, 6-8 weken oud is of huidhonger heeft. Lees gauw verder om precies te weten wat ik hiermee bedoel.

 


ouderschap_baby04

Heb jij vragen over je baby of je prille ouderschap?
Lijkt je baby vaker ontroostbaar of slaapt je baby weinig? Wil je leren welke signalen je baby je allemaal geeft, zodat je goed op zijn behoeftes kunt aansluiten? Heb je andere vragen over je baby of je ouderschap, waar je graag persoonlijk advies van Joyce over zou willen krijgen?
Lees dan hier op welke manier Joyce jou zou kunnen helpen.

Wil je regelmatig nieuws en (realistische) tips ontvangen over zwangerschap, baby’s, de kraamtijd en meer?
Volg dan ‘Blije baby Blije ouders’ op Facebook.


 


4. Je baby is ‘onderprikkeld’ en heeft te weinig prikkels.
baby_huilend_ligt_alleen_in_bed
Stel: Je baby heeft net geslapen, hij ligt nu wakker in zijn bedje en er gebeurt niks. Hij hoort niks en hij ziet niet zoveel. Er is niemand in de buurt om met hem te knuffelen. Dat is een behoorlijk saaie omgeving. Ook baby’s die ontzettend veel in de box liggen (en met wie maar weinig gespeeld wordt), kunnen onderprikkeld raken.

Je baby is vanuit de buik gewend om steeds geluiden te horen, bijv. het kloppen van je hart, het ruisen van het bloed door je aderen en het rommelen van je maag. Vandaar dat een stille ruimte eigenlijk een heel vreemde gewaarwording is voor je baby. Uiteraard zie je ook op dit gebied duidelijke verschillen tussen baby’s; de ene baby gaat hier beter mee om dan de andere.
Vandaar dat je baby ook kan gaan huilen door onderprikkeling.

 

 

5. Je baby heeft een regeldag.
baby_huilend_3
Net als je denkt dat je samen met je baby een mooi ritme hebt opgebouwd, is je baby zomaar ineens onrustig, huilerig en wil hij alleen maar drinken of bij je zijn. Dat zijn momenten waarop je kindje ‘groeit’ en zich ontwikkelt; dat kan een lichamelijk groei zijn, maar ook een mentale. Dat wordt ook wel een ‘regeldag’ genoemd.

Het is normaal dat je kindje op een regeldag meer wil drinken; het heeft dan gewoon meer energie nodig. Als je borstvoeding geeft, gaat je lichaam bij die hogere vraag ‘automatisch’ meer melk aanmaken.
Regeldagen komen op ‘vaste’ momenten na de geboorte voor: rond 9-10 dagen, rond 3-4 weken, rond 3 maanden en rond 6 maanden.

 

6. Je baby heeft pijn.
Je baby huilt wanneer hij pijn heeft. Dan heeft huilen een heel duidelijke signaalfunctie. Je baby geeft dan aan: ‘help me, ik heb pijn, zorg dat de pijn stopt’. Die pijn kan natuurlijk heel divers zijn: het kan variëren van iets onschuldigs (zoals een windje dat dwarszit) tot echte pijn (zoals misknippen bij nageltjes knippen).

 

7. Je baby wil graag bij jou zijn.
baby_bij_mama_huid_op_huid2
Baby’s hebben behoefte aan aanraking en lichamelijk contact. Dat wordt ook wel ‘huidhonger’ genoemd. Daarom wordt zeker kort na de bevalling aangeraden om je baby dagelijks op jouw blote huid te leggen (zg. ‘kangaroeën’).

Ook als je baby wat ouder is, blijft het belangrijk om je baby vaak bij je te pakken en met hem te knuffelen. Dat lichamelijke contact is zelfs essentieel voor een goede ontwikkeling van je kindje. Aangezien de behoefte aan contact van baby’s zo groot is, gaan ze er ook om huilen als ze er behoefte aan hebben. Pak je baby daarom gewoon op en knuffel ‘m. Je hoeft ook niet bang te zijn dat je je baby hierdoor zou verwennen, want dat kan op deze jonge leeftijd nog helemaal niet.

⇒ Je kunt je kind in ieder geval niet verwennen door ‘te veel’ te knuffelen, dus doe dat gerust!

 


baby_ingbakerd_hydrofiele_doek

Workshop ‘Blije baby & Blije ouders’
Joyce geeft regelmatig workshops, waarin ze je leert hoe je op een positieve en fijne manier omgaat met je baby en dan vooral als je baby’tje moeilijk slaapt en/of veel huilt. Deze workshops heten ‘Blije baby & Blije ouders’.

Je leest hier of Joyce deze workshop binnenkort ook bij jou in de buurt geeft.


 

 

8. Je baby is 6-8 weken oud en zit in zijn huilpiek.
baby_huilen_grafiekWat veel ouders niet weten, is dat baby’s na hun geboorte steeds meer gaan huilen. De piek van het huilen is dan rond 6-8 weken na de geboorte (na de ‘uitgerekende datum’ om preciezer te zijn). Na die piek wordt het huilen ook weer geleidelijk aan minder. Dat is het normale verloop van huilen bij baby’s.

 

9. Je baby is geschrokken.
Als je baby plotseling een hard geluid hoort of wanneer je je baby te plots oppakt, dan kan je kindje schrikken. Ook van de schrik kan je kindje gaan huilen.

 

10. Je baby is ziek.
baby_slaapt_bij_mam_op_schouder
Als je baby koorts heeft of als het ziek is, dan voelt het zich niet prettig en gaat het huilen. Ook dan geeft het op die manier aan jou aan dat het je nodig heeft. Als je kindje ziek is, is het goed om ‘m veel bij je te pakken. Het heeft jou dan echt nodig.

 

Je kunt vast ook nog wel andere redenen bedenken waarom je baby huilt, zoals wanneer je baby het te warm of juist te koud heeft. Mijn advies aan ouders is om altijd – in ieder geval even – bij je baby te gaan kijken wanneer hij huilt, al is het alleen maar om te zien of alles in orde is. Zoals uit dit artikel duidelijk mag worden, is er eigenlijk altijd wel een reden voor het huilen van je baby en ben jíj nou eenmaal degene die het probleem voor je baby kan oplossen. Bijkomend voordeel hiervan is dat je baby leert dat jij er voor hem bent en dat jij probeert om hem te helpen. Hij leert dat hij op je kan rekenen als er iets aan de hand is.

 

Heb je het gevoel dat je baby best veel huilt en vrij weinig slaapt?
Lees dan m’n artikel ‘Hoe je in 5 stappen het huilen van je baby vermindert. ‘ met waardevolle achtergrondinformatie en praktische tips over hoe je je baby effectief troost, beter laat slapen en minder laat huilen.

 

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies‘.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Websites of literatuur, die Joyce gebruikte voor het schrijven van dit artikel:
– Wat zijn regeldagen?. Ouders van Nu. Klik hier.

 

Lees meer artikelen van Joyce over gerelateerde thema’s:
– ‘Waarom huilt mijn kindje toch zo? Over: Hoe je huilen bij baby’s vermindert.’ Klik hier.
– ‘Wat je echt moet weten over het huilen, troosten en slapen van baby’s.‘ [Interview met onderzoeker dr. Roos Rodenburg.]
– ‘Wat ze je vooraf niet vertellen over je zwangerschap, bevalling en kraamtijd…‘.
– ‘Ode aan de hydrofiele doek – Waarom juist deze doek zo onmisbaar is als je jonge kinderen hebt.
– ‘Wat zit er in je kolftas?’ – Lijst met onmisbare dingen voor als je buitenshuis gaat kolven.’ Klik hier.
Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.
© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

 

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Lekker slapen! Praktische tips voor kinderen en hun ouders.

meisje_slaapt_in_bed_knuffelSlaap is ontzettend belangrijk. Maar zolang jij of je kind goed slapen, lijkt het helemaal niet zo bijzonder en lijkt het zelfs vanzelfsprekend. Zodra jij of één van je gezinsleden echter een tijdje niet goed slapen, merk je wat voor een wissel dat op jou, je gezin en je functioneren kan trekken. Juist dan ervaar je hoe belangrijk goed kunnen slapen eigenlijk is.
Om het belang van slaap onder de aandacht brengen wordt ieder jaar in maart de Internationale Dag van de Slaap – ook World Sleep Day genoemd – georganiseerd.

In de afgelopen jaren heb ik diverse artikelen geschreven binnen het thema ‘Gezonde slaap & Slaapproblemen’. Daar vind je hieronder een overzicht van. In mijn artikelen vind je niet alleen veel waardevolle achtergrondinformatie, maar ook veel praktische (opvoed)tips. Ze zijn stuk voor stuk bedoeld om jou die tips te geven, waardoor jij én je kind weer lekker kunnen slapen.

Heb je vragen over één van deze artikelen? 
Mail dan naar info@aksecoaching.nl.

Klik op de link van het artikel dat je graag wilt lezen: 

jongen_slaapt_bed_klok– ‘10 basistips om je kind of tiener lekker te laten slapen.‘.  

– ‘Ga nou toch lekker slapen, liefje! – 5 tips om je kind te leren slapen‘.

– ‘Slaap kindje slaap’ – Hoe een bedritueel je kind helpt om beter in slaap te laten vallen.

– ‘Uitslapen als je kinderen hebt…?‘ – Zorg er in 3 stappen voor dat je kind langer slaapt.

– ‘Slapen voor gevorderden [1]: 7 tips om makkelijker in slaap te vallen én meer te slapen

– ‘Slapen voor gevorderden [2]: 6 dingen, die je beter NIET kunt doen, om beter in slaap te vallen

– ‘Het middagdutje: Wanneer kan mijn kind het dutje ’s middags overslaan? (Incl. checklist)’

baby_moeder_troost_knuffelt– ‘Wat je echt moet weten over het huilen, troosten en slapen van baby’s.‘ [Interview met onderzoeker dr. Roos Rodenburg.]

Waarom huilt mijn baby toch zo? Over: Hoe je huilen bij baby’s vermindert.‘.

– ‘Als je kind moeilijk in slaapt valt op vakantie… | 7 praktische tips om dat snel te verbeteren.‘ (incl. BONUStips)

– ‘Zo slaapt je kind wél bij zomerse temperaturen!‘ [over: Makkelijker in slaap vallen als het warm is.]

– ‘Waarom mogen kinderen op vakantie langer opblijven?‘ (+ 7 tips om ook op vakantie lekker in slaap te vallen)  
jongen_speen_in_de_mond
– ‘Waarom plas je nou weer in bed?‘ – Zet deze 3 stappen en voorkom bedplassen.

– ‘Je kind is verknocht aan zijn speen. Hoe kun je het speengebruik afleren?

Merk je dat je thuis – zonder ondersteuning of begeleiding – er niet voldoende in slaagt om je kind goed te laten slapen? 
⇒ Neem dan contact met me op. Ik help je graag, zodat jij, je kind en je hele gezin weer lekker kunnen slapen.
Klik hier om alvast meer te lezen over mijn Duimelot Methode.

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over één van deze thema’s, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Klik hier voor andere opvoedtips, bijv. over voeding, media, beweging ed.

© De foto van Joyce Akse is gemaakt door Ilona Tychon Fotografie.

logo_akse_coaching_groot_nieuwGa (terug) naar de website van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Valentijnsdag: Geef je kind of tiener extra positieve aandacht.

gezin_hartjes_liggend_op_bedOp 14 februari is het weer zo ver: dan is het Valentijnsdag. De laatste jaren is deze ‘feestdag’ steeds meer in opkomst: in de aanloop naar deze dag kleuren de winkels rood en rose, voorzien van veel hartjes en liefdevolle spreuken.

Valentijnsdag is natuurlijk bedoeld als Dag van de Liefde. Oorspronkelijk stuurde je anoniem een kaartje of boeketje rode rozen naar je geliefde; nu mag je iedereen die je liefhebt in het zonnetje zetten. En aangezien het over het algemeen ontzettend belangrijk is om je kind of tiener lekker veel positieve aandacht te geven, zou Valentijnsdag zo maar eens een mooie dag kunnen zijn waarop je daar extra bij stil staat. Hoe je dat dit jaar op een andere, originele, leuke, fijne én makkelijke manier kunt aanpakken, lees je hieronder…


Het ontstaan van Valentijnsdag
hart_rozenSint Valentinus was bisschop van Terni (Italië) en stond bekend om zijn betrokkenheid bij de armen, ouderen en kwetsbaren in de maatschappij. Hij zocht hen geregeld op en nam dan een bloemetje mee. De bisschop was een toegewijd verzorger van de bloementuin in het klooster waar hij woonde. Van heinde en verre stroomden bewonderaars toe om zijn tuin te bezichtigen. Aan jonge paartjes schonk de bisschop een fraaie bloem als symbool van trouw en genegenheid.
Rond 270 na Christus stierf Sint Valentinus in Rome, op 14 februari. Later is deze dag Valentijnsdag genoemd. Zijn graf werd druk bezocht, vooral door verloofden die hiermee zijn zegen over hun toekomstige huwelijk wilden ontvangen. (Bron: Wikipedia)


Happy family holding heart shapesValentijnsdag zou dit jaar dus zomaar eens een mooie dag kunnen zijn om je kind of tiener een klein beetje extra (positieve) aandacht te geven. Ook al laten ze het niet altijd merken, ze vinden het toch het fijnste om van jou te horen wat jij positief of fijn aan hen vindt. En zoals je van mij gewend bent, doe ik je graag ideeën aan de hand waarbij je geen grote cadeaus of veel geld aan uit hoeft te geven. Positieve aandacht zit vaak al in hele kleine dingen.

⇒ In dit artikel beschrijf ik een leuke aanpak voor je, waarmee je je kind of tiener op Valentijnsdag en/of in de dagen ervoor een klein beetje kunt verrassen.

Het werkt als volgt: 

(1) Kleine verrassingen in de aanloop naar Valentijnsdag. 
Vanaf 1 februari (of een andere willekeurige dag vóór de 14e) plak je iedere dag een klein briefje op de slaapkamerdeur van je kind. Op dat briefje schrijf je bijvoorbeeld: ‘Ik vind jou lief, omdat…’, ‘Ik vind jou stoer, omdat…’, ‘Ik ben blij dat je mijn zoon bent’, ‘Ik hou van je’, ‘Ik ben trots op je omdat je zo hard geleerd hebt voor je wiskundetoets.’, ‘Wat fijn dat je me zo vaak helpt met het inruimen van de afwasmachine.’ En ga zo maar door. Het maakt op zich niet zo heel veel uit welk compliment je precies voor je kind opschrijft, als het maar gemeend en oprecht is.
Wat schrijf jij zoal op je briefjes? Laat het me hieronder weten. Op die manier inspireer je andere ouders ook nog eens een keer! 

Het is fijn voor je kind als je je compliment een beetje uitlegt (‘Ik vind je lief, omdat…’), maar je kunt het ook algemener houden (‘Ik vind je lief.’). Hoeveel je weet op te schrijven, hangt natuurlijk af van de inspiratie, die je op het moment dat je het briefje schrijft, hebt. Je mag ook zelf bepalen of je iedere dag een briefje schrijft of dat je vooruit werkt en van te voren alle briefjes schrijft. Bekijk zelf even wat voor jou de handigste aanpak is.

 


joyce_grijs_aanjou_1

Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.



Aanpak voor de knutselliefhebber én de anti-knutselaar

valentijnsdag_hartjes_SED_2020De briefjes die je op de deur hangt, mogen in alle vormen en kleuren zijn die je maar in huis hebt. Als je wil, mogen het dus alle kleuren van de regenboog zijn en mag je ze in hartjes of andere vormen knippen. Ook dat is weer helemaal afhankelijk van de tijd en zin die je hierin hebt.

Maar, als je hier post-its voor wil gebruiken, dan is dat ook helemaal prima! Daar is absoluut niks mis mee en daar hoef je jezelf niet schuldig over te voelen. Het gaat namelijk echt om de boodschap, die je voor je kind op de briefjes schrijft. Die boodschap zal vooral bij je kind aankomen en hopelijk even blijven hangen.

TIP: Hang de briefjes op in de vorm van een hart of vorm de eerste letter van zijn naam. De vorm is natuurlijk pas compleet op Valentijnsdag. Op de foto hier rechts zie je het eindresultaat van wat ikzelf bij mijn kinderen op hun slaapkamerdeur heb gehangen: hartjes in de vorm van de S (van Stan), de E (van Elin) en de D (van Daan). 


En dan misschien toch een klein cadeautje…

valentijn_doosje_roodAls je op 1 februari met het schrijven en ophangen van de briefjes bent begonnen, dan heeft je kind op Valentijnsdag maar liefst 14 mooie briefjes met lieve complimenten of mooie eigenschappen op zijn slaapkamerdeur hangen. Op Valentijnsdag zou je je kind als ‘cadeautje’ een klein doosje kunnen geven, waarin hij al jouw complimenten kan bewaren. Dan kan hij ze later nog eens allemaal rustig nalezen; heel fijn voor als je kind zich even niet zo prettig voelt, in een dipje zit of als je er even niet bent…

(2) Positieve aandacht op Valentijnsdag. 
valentijnsdag_hartjes_SED_2019_01Als je in de dagen voor Valentijnsdag wat minder tijd hebt om hiermee aan de slag te gaan, dan kun je je kind ook (alleen) verrassen op Valentijnsdag zelf.

⇒ Hang een papieren hart op zijn slaapkamerdeur waar je alle mooie, positieve eigenschappen van je kind op schrijft. Je mag zelf bepalen hoeveel je op het hart opschrijft. Je kind zal blij verrast zijn bij het lezen van al die complimentjes.
Op de foto rechts zie je de harten die ik vorig jaar voor mijn kinderen maakte en op hun slaapkamerdeur heb gehangen. De harten hangen er – bijna een jaar later – trouwens nog steeds. Tijd voor iets nieuws! 😉 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.



Als je kind niet blij wordt van jouw Valentijnsdagactie…
stomSommige kinderen vinden het lastig om zo’n expliciete blijk van affectie in ontvangst te nemen. Ze reageren dan kortaf, geïrriteerd of misschien wel boos op jouw briefjes. Echter, ook als je kind of tiener hier niet meteen heel positief op reageert, zal je kind er stiekem toch blij mee zijn. Vergeet niet dat het namelijk altijd fijn is om complimentjes te krijgen; alleen kan het soms wel lastig zijn om complimentjes in ontvangst te nemen.
Wees trouwens vooraf niet te bang voor een mogelijk negatieve reactie van je kind of tiener; ze kunnen ook jou nog wel eens positief verrassen… 


MAAR: Merk je nou dat je kind het echt, echt, echt niet fijn vindt om de briefjes op zijn deur te zien?
Maar wil je hem toch graag jouw complimenten geven…? Pak het dan een beetje anders aan. Probeer dat op een manier te doen waardoor je wel jouw complimenten aan je kind kunt geven, maar dan op zo’n manier dat het voor je kind niet gepaard gaat met ongemak of een onprettig gevoel. Houd je namelijk geen rekening met het gevoel van je kind, dan schiet deze actie volledig zijn doel voorbij…
Bijvoorbeeld: Wellicht is het voor je kind geen probleem als hij je complimenten in een doosje op zijn kamer vindt. Hij kan jouw briefjes lezen op het moment dat hij het zelf fijn vindt. Laat het daar wat jou betreft verder ook bij; laat het helemaal aan je kind over om er op te reageren (of niet). 

 

Alle kinderen en tieners hebben het nodig om regelmatig te horen wat ze goed doen. Daar kun je deze Valentijnsdag heel mooi voor inzetten. Met deze aanpak kan het een mooie dag worden (of meerdere dagen als je de aanloop er naar toe ook meerekent) om stil te staan bij alle sterke, mooie, positieve eigenschappen van je kind of tiener.

⇒ Laat in je reactie hieronder weten of je hier thuis mee aan de slag gaat (en voor welke aanpak je dan gekozen hebt). Ik ben heel benieuwd! 

Ben je ook na het lezen van dit artikel nog steeds geen fan van Valentijnsdag…? 😉  
meisje_kijkt_door_hartDat kan natuurlijk. Dan sla je Valentijnsdag gewoon over en dan mag je dit gewoon op een andere dag van het jaar toepassen. Je zou het namelijk ook heel goed kunnen doen in de aanloop naar de verjaardag van je kind of tiener.

Ik wens je hier in ieder geval heel veel plezier en voorpret mee! En geniet vooral van het glunderende gezicht van je kind of tiener.

Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!


tip_gezin

Wil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen?
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2020. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips: 
– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.
– ‘Hoe je in slechts 5 stappen de emotionele veerkracht van je kind of tiener stimuleert‘ [incl. korte test].
– ‘Sturing & verbinding: Waarom beide aspecten onmisbaar zijn in de opvoeding van jouw kind.
– ‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed. 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

Yes, mijn kind is introvert! (En waarom dat helemaal niet erg is.)

Heeft jouw kind dit ook wel eens…?
Je bent jarig en je hebt een paar familieleden uitgenodigd om samen met jullie je verjaardag te vieren. Eén voor één bellen ze aan. Je zoon (4) loopt met je mee om de deur open te maken. Opa en oma komen als eersten. Ze feliciteren jou en willen daarna meteen je zoontje een knuffel geven, maar hij kruipt gauw achter je benen. Zo kan oma niet meer bij hem komen. Pas als opa & oma een tijdje bij jullie op bezoek zijn, gaat hij naar hen toe om hen een knuffel te geven.

Of: Terwijl je jongste twee kinderen lekker samen spelen, gaat je oudste (8) naar zijn kamer om daar in alle rust een boek te lezen. Hij vindt lezen hartstikke leuk, soms zelfs leuker dan met andere kinderen spelen.

Of: Je hebt van de juffrouw gehoord dat je dochter (10) in de klas heel rustig is. Ze luistert aandachtig als de juffrouw aan het woord is en ze maakt netjes de opdrachten als de juf dat aangeeft. De juffrouw spoort haar regelmatig aan om vaker haar zegje te doen in de klas. Zodra je kind thuis is, is ze hartstikke moe, huilerig en kan ze nog maar weinig hebben.

⇒ Dit zouden zo maar eens beschrijvingen kunnen zijn van drie introverte kinderen.


Is jouw kind misschien ook introvert…?

jongen_leest_boek_op_bedMisschien weet je het nu nog niet zeker, maar na het lezen van dit artikel weet je het vast wel. In dit artikel ga ik je namelijk uitleggen wat ‘introversie’ precies is. Uiteraard houd ik het niet bij een definitie, want er is nog veel meer over dit onderwerp te vertellen. Ik geef ook aan welke vooroordelen er bestaan over introverte kinderen, welke voor- en nadelen er voor je kind aan zitten om introvert te zijn en wat het verschil is tussen introversie en verlegenheid. Tenslotte geef ik je handige tips voor als je het idee hebt dat je kind het behoorlijk lastig vindt om introvert te zijn.


Vooroordelen over introverte kinderen

Voordat ik je uitleg wat introversie precies is, ga ik je eerst uit de doeken doen welke vooroordelen er zoal bestaan over kinderen die introvert zijn. Je vindt de vooroordelen in het volgende rijtje.

meisje_speelt_niet_met_andere_kinderenIntroverte kinderen… 
– zijn onzeker.
– praten niet graag.
– vinden het eng om een kamer binnen te stappen, waar andere kinderen of volwassenen zijn.
– zijn stille en saaie muurbloempjes.
– zijn verlegen of antisociaal.
– zijn altijd ‘eenkennig’ gebleven.
– hebben een psychologische aandoening, die wat weg heeft van sociale angst.
– zijn kinderen zonder gevoel voor humor.

⇒ Gelukkig zijn vooroordelen doorgaans niet waar en dat is nu ook het geval. In de juiste omstandigheden zijn introverte kinderen namelijk helemaal niet onzeker over zichzelf, praten ze honderduit, hebben ze diepgaande gesprekken met anderen, gaan ze zonder problemen af op een groep mensen, vinden ze het fijn om activiteiten met een ander te ondernemen en hebben ze een geweldig gevoel voor humor.

Deze omschrijvingen passen dus niet per definitie bij introverte kinderen en kunnen we dan ook gauw naar het land der fabelen verwijzen… 😉

 

Maar wat is introversie dan wel? Dat lees je hieronder.


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind (0-16 jaar) dat niet goed luistert, slaapt of eet? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Lees dan hier wat ik voor je kan doen om dat op te lossen.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 


Maar wat is introversie dan wél…?

meisjes_lachen_op_stoepjeIntroversie is een aspect van je persoonlijkheid. Je kent misschien ook wel andere persoonlijkheidskenmerken, als extraversie (tegenovergestelde van introversie), vriendelijkheid, zorgvuldigheid, emotionele stabiliteit en openheid voor nieuwe ervaringen; de zg. Big Five-persoonlijkheidfactoren. De persoonlijkheid van jouw kind (of van jou zelf) is een specifieke combinatie van deze persoonlijkheidskenmerken / -factoren.

Introverte kinderen zijn kinderen, die over het algemeen de voorkeur geven aan een rustige omgeving met weinig prikkels. Ze zijn graag op zichzelf en denken graag veel en goed na. Ze krijgen energie van alleen zijn of van spelen met een klein groepje kinderen. Ze vinden het echter niet erg om bij andere kinderen te zijn, maar het kost hen wel energie. Een drukke sociale situatie kan voor een introvert kind vermoeiend zijn en het kan er sneller overprikkeld door raken.

Zoals je hierboven al las, is extraversie een andere persoonlijkheidseigenschap en wel het tegenovergestelde van introversie. Kinderen, die extravert zijn, vinden sociale situaties en het bijzijn van andere kinderen juist heerlijk. Extraverte kinderen halen juist energie uit de omgang met en het bijzijn van anderen.

 

Kortom: een introvert kind raakt geleidelijk aan energie kwijt tijdens sociaal contact (en zoekt daarna de stilte op om die energie bij te tanken), terwijl een extravert kind juist energie krijgt van sociaal contact.

 


Wist je dat zo’n 30% van alle mensen introvert is…?


 


Verschil tussen introverte en verlegen kinderen

meisje_verlegen_naast_boomSoms worden de termen ‘verlegenheid’ en ‘introversie’ als synoniem gebruikt, maar ze betekenen toch echt iets anders. Ik zal het verschil hieronder voor je uiteenzetten.

Het gedrag dat je bij een verlegen kind ziet, komt vaak voort uit angst. Een verlegen kind is bang om veroordeeld of beoordeeld te worden en het is nerveuzer van aard. Het zou het liefst uitbundiger willen zijn, maar kan dat niet opbrengen. Een verlegen kind schaamt zich voor zichzelf en denkt bij voorbaat al dat alles wat hij/zij zegt of doet (in het bijzijn van anderen) vervelend of stom is.

Introverte kinderen zijn op zich helemaal niet bang aangelegd. Ze zijn stil en op zichzelf, omdat ze merken dat ze dat fijn vinden. Ze kiezen er zelf voor om zich terug te trekken en die keuze is niet gebaseerd op angst; ze houden eenvoudigweg van alleen zijn. Tegelijkertijd hechten ze niet al te veel waarde aan de mening van anderen en zijn niet bang om hun eigen mening uit te drukken. Sociale situaties hoeven ook niet problematisch te zijn, want ze kunnen net zo goed een goed gesprek hebben met goede vrienden; het gesprek gaat dan alleen niet over koetjes en kalfjes, maar veel meer over diepgaande thema’s.

Introversie is ook geen psychologische of psychiatrische aandoening (zoals sociale fobie / angst wel is) of een ‘uit de kluiten gewassen’ eenkennigheid. 

 


Wist je dat er ook veel beroemde personen introvert zijn?
Denk maar eens aan Abraham Lincoln, Albert Einstein, Rosa Parks,
Mahadma Gandhi,  Bill Gates, Meryl Streep, J.K. Rowling,


 

 

De voordelen van introvert zijn
Je zou kunnen stellen dat de maatschappij over het algemeen meer gericht is op extraverte kinderen dan introverte kinderen. Er wordt bijv. van jongs af aan verwacht dat kinderen met andere kinderen spelen, dat kinderen assertief zijn en voor zichzelf opkomen. Terwijl een introvert kind er soms juist voor kiest om even niet met andere kinderen te spelen of om even niks te zeggen.

Sterker nog, kinderen die introvert zijn, hebben hele mooie eigenschappen en sterke kanten.

 

Hieronder vind je een overzicht van waar jouw introverte kind allemaal goed in is:

jongen_ligt_op_grond_vliegtuigje

– Hij vindt het niet erg om alleen te zijn en kan zichzelf goed vermaken / bezighouden. Hij verveelt zich niet snel.

– Hij kiest ervoor om wat meer op zichzelf te zijn. Hij is ingetogen en niet bang om buiten de boot te vallen.

– Hij heeft waarschijnlijk geen grote vriendengroep, maar met de vrienden die hij heeft, heeft hij wel een hechte band. Ze kunnen samen diepgaande gesprekken voeren.

– Hij is zelfstandig en onafhankelijk. Als hij een probleem heeft, dan probeert hij het eerst zelf op te lossen.

– Hij is van het kaliber ‘eerst denken, dan doen’. Dat betekent dus eerst observeren, dan informatie verzamelen, dan nadenken over de gevolgen en dan pas doen.

– Hij kan goed reflecteren op zichzelf. Hij is aanvankelijk misschien niet heel open over zijn gevoelens, maar zodra je zijn vertrouwen hebt gewonnen, is hij goed in staat om zijn gevoelens te uiten.

– Hij is bedachtzamer en stiller dan extraverte kinderen; hij zal dan ook niet snel primair reageren. Echter, als hij iets zegt, dan is het wel van belang. Dat maakt een introvert ook communicatief sterk, omdat hij goed luistert en nadenkt voordat hij iets zegt.

– Hij hoeft niet in het middelpunt van de belangstelling te staan en zal dan ook niet de aandacht van anderen trekken.

TIP: Bekijk deze mooie TED-lezing van Susan Cain over
‘De kracht van Introversie
‘.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 

Uiteraard zijn er ook nadelen, die introverte kinderen kunnen ervaren. Die vind je hieronder:

meisje_in_klas_saai– Ze kunnen het gevoel hebben dat ze zich anders moeten gedragen dan dat ze uit zichzelf doen (bijv. ze horen dat ze meer met andere kinderen moeten spelen of meer van zich moeten laten horen) of ze krijgen opmerkingen over hun gedrag (bijv. Wat ben je maar stil?, Ben je je tong verloren?). Hierdoor kunnen ze het gevoel krijgen dat ze anders dan anders of niet goed genoeg zijn.

– Alle kinderen gaan naar school en dat is per definitie een ‘sociaal gebeuren’. Je hebt dan een groot deel van de dag met anderen (zoals klasgenoten en leerkracht) te maken. En nou is dat op zich geen probleem voor introverte kinderen, maar we zagen wel al dat sociale situaties voor introverte kinderen energie kosten. Ze hebben dus ook op school tijd nodig om zich soms even terug te trekken of om alleen te kunnen werken.

=> In dit kader is het goed om groepsopdrachten wat meer te beperken en voldoende af te wisselen met individuele opdrachten.

=> Als je kind thuis komt van school kan een momentje rust of alleen zijn al fijn zijn om zijn batterij weer op te laden.

 

Maar – ook al zijn er bij iedere persoonlijkheidseigenschap nadelen te benoemen – over het algemeen is het helemaal niet erg als je kind introvert is. 

 

Als je kind last heeft van zijn eigen introversie… 
Het wordt natuurlijk een heel ander verhaal als je merkt dat je kind zelf last heeft van zijn introversie en zich daardoor anders gaat voordoen of misschien wel bepaalde situaties of personen gaat vermijden. Dan is het goed om je kind te helpen en te ondersteunen.
Bijv. je kind is vaker verdrietig omdat hij het gevoel heeft dat hij meer vriendjes zou moeten hebben. Of: hij gaat liever niet meer naar school omdat er maar steeds op gehamerd wordt dat hij in de klas vaker van zich moet laten horen. 

 

Hoe kun je je kind of leerling hierbij helpen?

boek_matilda_dahl(1) Neem je kind serieus en accepteer hem zoals hij is. 
Je kind moet weten dat hij goed is zoals hij is en dat hij zich niet anders voor hoeft te doen dan dat hij is. Bespreek met je kind wie er nog meer introvert is, wellicht een naaste, en bespreek samen hoe die persoon met bepaalde situaties omgaan.
Boekentip: Laat je kind het boek ‘Mathilda’ van Roald Dahl lezen (of lees het voor). 

Als je merkt dat je kind bepaalde situaties lastig vindt, dan kun je die samen voorbereiden. Als je kind het bijvoorbeeld lastig vindt om naar een feestje te gaan (Met wie moet ik dan spelen? Wat kunnen we dan doen? En als het andere kind dan iets anders wil doen?), dan kun je vooraf samen bedenken hoe je kind die situatie kan aanpakken. Je kind wil de situatie misschien eerst even observeren; dat kunnen jullie ook samen doen. Bespreek wat je ziet en wat je kind allemaal kan gaan doen. Je kunt aangeven dat je kind niet de hele tijd met andere kinderen hoeft te spelen; het mag best even alleen spelen, een boekje lezen of rustig bij jou komen zitten. Op die manier kan hij ook weer even zijn batterij opladen, zodat hij daarna terug kan gaan om weer met de andere kinderen te gaan spelen.

(2) Bespreek de momenten of situaties die lastig zijn voor je kind. 
In het verlengde van tip 1 is het goed om te weten wat je kind lastig vindt, bijv. in sociale situaties. Vindt je kind het lastig om de hele tijd met een ander kind te spelen (zoals hierboven) of heeft het eerder last van de drukte? Afhankelijk van het antwoord van je kind kun je samen bedenken hoe je kind er op een fijne manier mee om kan gaan.
Als je kind dan bijv. toch met een ander kind speelt, terwijl hij aangaf dat hij daar best wel tegenop zag, benoem dat dan en laat weten dat je het knap vindt dat je kind het toch gedaan heeft. Dat geeft je kind vertrouwen in eigen kunnen en zal maken dat die stap de volgende keer weer wat kleiner is.
Blijf wel steeds voor ogen houden dat je kind kleine stappen kan zetten om soms iets te doen wat het niet prettig vindt, maar het hoeft natuurlijk niet totaal te veranderen. 


(3) Bespreek de persoonlijkheid van je kind met zijn leerkracht. 

Het is goed om de leerkracht van je kind te laten weten dat je kind introvert is. In een klas met veel leerlingen kan een leerkracht een introvert kind (onverhoopt) verkeerd inschatten en wellicht labelen als lui, ongeïnteresseerd of zelfs arrogant. Nou vind ik het persoonlijk sowieso niet wenselijk om een kind te labelen (bijv. als ‘introvert’), maar het is niet verkeerd om een ander, die veel met je kind te maken heeft, inzicht te geven in het karakter van je kind.

 

Tot slot
kinderen_lachen_samenMet dit artikel heb ik duidelijk willen maken dat er helemaal niks mis is met kinderen, die introvert zijn. Het is dan ook voor introverte kinderen helemaal prima om te zijn wie ze zijn. De ene persoonlijkheidseigenschap is nou eenmaal niet beter dan de andere; het maakt dus helemaal niks uit of je kind nou introvert of extravert is. 

⇒ Dit is dan ook meteen een pleidooi voor iedereen om zichzelf te accepteren zoals ze zijn en om zich niet anders voor te doen dan ze zijn. Je hoeft je als introvert dus niet extravert(er) te gaan gedragen; andersom ook niet. Je bent goed zoals je bent!


Wil je graag reageren op dit artikel?
Dat mag! Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!

 


tip_gezinWil jij meer OpvoedTips van Joyce lezen én ze als eerste in je mailbox ontvangen? 
Dat kan! Helemaal gratis en vrijblijvend. Aanmelden is heel eenvoudig.

Cadeau: Als welkomstcadeau ontvang je meteen na je aanmelding het E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’.
Je leest er hier meer over.


 

joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Joyce gebruikte o.a. onderstaande referenties voor dit artikel:
– ‘Wanneer is iemand introvert?’. Klik hier
– ‘Verlegen zijn heeft twee kanten’. Klik hier
– ‘9x waarom een introvert kind bijzonder is’. Klik hier
– ‘Ik ben niet verlegen’. Klik hier.
– ’10 tips voor ouders van een introvert kind’. Klik hier

 


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle OpvoedTips:

– ‘4 manieren om je kind te helpen met lastige emoties (+ 3 BONUSTIPS)’. Klik hier.
– ‘Waarom huil je nu alweer?’ (over: Hoe je ervoor zorgt dat je kind minder huilt.). Klik hier.
– ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht.’ Klik hier.
– ‘Hoe leer je je kind om rekening te houden met anderen? (Over: 5 tips | Sociale vaardigheden).’ Klik hier.
– ‘Wat doet een opvoedcoach eigenlijk? | Joyce Akse vertelt.’ Klik hier
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl. 

 

 

‘Waarom huil je nu alweer?’ (over: Hoe je ervoor zorgt dat je kind minder huilt.)

Iedereen doet het wel eens: huilen. Volwassenen doen het, kinderen natuurlijk ook.

kind_verdrietig_huilt_bij_mama

Als je kind jong is, vind je het waarschijnlijk niet zo erg als hij begint te huilen. Als je kind ouder wordt, is de kans groter dat je het huilen van je kind steeds minder accepteert.

Van baby’s weten we natuurlijk wel dat ze het huilen nodig hebben om iets aan te geven; dat is hun manier van communiceren, dus dat accepteren we wel. Maar accepteren we het ook nog als een jongen van 8 jaar gaat huilen…? En waarom zit daar eigenlijk een verschil in? Op welke leeftijd accepteren we het ineens niet meer (of duidelijk minder) en hoe komt dat? Verdriet is toch een hele normale emotie en mag toch geuit worden. Waarom vinden we ‘huilen’ dan toch nog best lastig om te accepteren…?

In onze maatschappij hebben we – onbewust – vrij sterke ideeën over wie mag huilen en wanneer het wel/niet mag. Je vindt het misschien vervelend als je kind te lang huilt of als het huilen van je kind te vaak voorkomt; je ergert je aan het gehuil als je het idee hebt dat je kind zich aanstelt of als er in jouw ogen geen reden (meer) is om te huilen. Of misschien vind je het wel vervelend als je kind huilt omdat je bang bent dat anderen je kind een huilebalk vinden…?

Vaak zie je op het gebied van huilen een duidelijk verschil tussen jongens en meisjes. Als een kind valt en pijn heeft dan zeg je als het een jongen is al eerder ‘stop maar met huilen, je bent toch een grote jongen’, terwijl als het een meisje is je haar in die situatie gewoon troost. Het zal dan langer duren voordat je aangeeft dat ze moet stoppen met huilen.

man_vrouw_ondergaande_zon_zeeDat verschil zie je ook nog bij volwassenen terug: als vrouwen huilen is het eigenlijk niet zo erg, maar als mannen huilen wordt dat eerder gezien als teken van zwakte. Van mannen verwacht onze maatschappij veel meer dat ze niet huilen en dat zij hun emoties goed kunnen beheersen…
Wat mannen ook altijd goed afgaat; kijk maar eens bij een voetbalwedstrijd… 😉 #grapje

Terug naar onze kinderen. Het ene kind huilt eerder of vaker dan het andere. Het ene kind laat zijn tranen vrij gemakkelijk de vrije loop, terwijl het andere het liefst nooit wil huilen en zich zo lang mogelijk verbijt. En weer een ander is er niet zo mee bezig en huilt alleen wanneer het ‘nodig’ is.

Uiteraard is de reden waarom of de situatie waarin je kind huilt niet altijd hetzelfde. Er kunnen diverse redenen zijn waarom je kind gaat huilen. Hieronder vind je er een overzicht van.

 

 


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over je kind dat veel huilt? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

 


R
edenen waarom je kind kan gaan huilen: 
jongen_huilt_op_bankje– Hij heeft pijn (bijv. hij heeft net zijn hoofd gestoten).
– Hij is teleurgesteld (bijv. je hebt beloofd dat jullie naar de speeltuin zouden gaan, maar ineens regent het pijpenstelen, dus dat tripje gaat niet door).
– Hij is boos (bijv. zijn broer heeft speelgoed van hem afgepakt).
– Hij is gefrustreerd (bijv. hij probeert al een tijdje om iets in elkaar te zetten, maar het lukt steeds maar niet).
– Hij voelt zich niet lekker (bijv. hij heeft een griepje onder de leden).
– Hij is geschrokken of bang (bijv. er reed net een motor langs en die maakte een hard geluid).
– Hij ervaart stress (bijv. volgende week moet hij een spreekbeurt geven en dat vindt hij ontzettend spannend).
– Hij zit niet lekker in z’n vel (bijv. hij heeft ’s ochtends op school straf gekregen of een klasgenootje deed gemeen tegen hem).
– Hij heeft honger (bijv. hij heeft op school zijn lunch niet gegeten en heeft nu echt een hongergevoel).
– Hij is moe (bijv. hij is vannacht vaker wakker geworden en heeft daardoor niet goed geslapen).
– Hij heeft jouw aandacht nodig (bijv. je bent de afgelopen week veel weggeweest voor je werk of je hebt in huis veel klusjes gedaan, waardoor je weinig tijd had voor je kind).
– Hij heeft verdriet (bijv. zijn liefste opa of huisdier is overleden en hij mist hem enorm).
En misschien zijn er nog wel andere redenen die je kunt bedenken waarom jouw kind huilt. 

Heb je een baby (0-1 jaar), die veel huilt? Lees dan hier hoe je huilen bij baby’s vermindert. 

 

Is huilen goed of fout? 
Je mag je afvragen of het wel zo verkeerd is dat je kind huilt. Een kind reageert namelijk vrij primair op wat er om hem heen gebeurt. Bijvoorbeeld: Als je kind boos is, kan het gaan schreeuwen; als het gefrustreerd is, kan het met iets gaan gooien; als het verdrietig is, kan het gaan huilen. Dat is niet zo gek. Alleen wil je natuurlijk wel dat je kind adequaat op de situatie reageert en niet ineens onnodig heftig.
⇒ Je ziet dus het liefst dat de reactie van je kind past bij de situatie en bij wat er daarvoor is gebeurd.

meisje_huilt_moeder_troost_dokterIn sommige situaties heeft huilen trouwens een duidelijke signaalfunctie: bijv. als je je kind plotseling hard hoort huilen, zul je waarschijnlijk sneller naar hem toe gaan dan wanneer je kind je rustig vraagt: ‘mama, kom eens even’. Bij plotseling huilen ga je onmiddellijk kijken wat er aan de hand is. Je ziet dan al snel dat je kind zich bezeert heeft na een val of dat het zich pijn heeft gedaan omdat het zich gestoten heeft. Daardoor ga je – indien nodig – ook sneller over tot actie door bijv. te koelen of de huisarts te bellen. Huilen kan juist dan ook heel belangrijk en positief zijn.

Maar goed, ook bij de andere situaties, die hierboven in de lijst staan, is het lastig om te zeggen dat huilen perse slecht is. Ik hoop dat je het met me eens bent dat dat namelijk niet het geval is. Soms is het zelfs belangrijk om te huilen, zodat anderen er op kunnen reageren.
Hieronder lees je ook wat je kind eigenlijk met het huilen wil aangeven.

meisje_beteutert_wrijft_in_oogAlleen wordt het natuurlijk wel vervelender of lastiger als de mate van verdriet of het huilen niet goed past bij de situatie. Dus als je kind te hard of te lang blijft huilen als er eigenlijk niks meer aan de hand is. En dat laatste komt natuurlijk wel eens voor. Misschien is dat ook bij jou wel een bron van ergernis…? Hieronder lees je wat je kunt doen om je kind dan minder te laten huilen.

 

⇒ Lees hoe je in 5 stappen het huilen van je kind vermindert (of zijn reactie beter laat aansluiten op de situatie). 

 

(1) Blijf zelf rustig. 
moeder_dochter_praten_in_gras.jpgIk kan me goed voorstellen dat het voor jou ontzettend vervelend is als je kind voor de zoveelste keer die dag of die week huilt. Ik hoor ouders vaak verzuchten ‘Ben je nou weer aan het huilen?’, ‘Waarom huil je nú weer?’ of ‘Wat ben je je nu alweer aan het aanstellen…?’.

Als je op die manier reageert, komt de nadruk automatisch op het huilen te liggen. En dat wil je graag voorkómen. Kinderen gaan doorgaans niet huilen om jou te pesten, maar daar ligt vaak een heel andere reden aan ten grondslag.

Verder is het belangrijk om jouw irritatie niet door te laten schemeren. Dat helpt je kind namelijk niet. Als het je lukt om zelf rustig te blijven, zal je kind ook eerder rustig worden en jou beter kunnen vertellen wat er aan de hand is. Daardoor kun je ook eerder naar een oplossing toewerken.

Belangrijk is dus om zelf rustig te blijven, geen vervelende opmerkingen te maken over het huilen en om op zoek te gaan naar de oorzaak (zie hieronder bij punt 2 hoe je dat aanpakt).

 

(2) Probeer de oorzaak te achterhalen. 
Zoals je hierboven hebt kunnen lezen, kunnen er best veel oorzaken zijn waarom je kind gaat huilen. Het zijn ook situaties waar je kind gewoon op mag reageren, omdat ze allemaal niet leuk voor hem zijn. Alleen hoeft zijn reactie niet per se ‘huilen’ te zijn. Je kunt je kind goed leren om op een andere manier te reageren dan dat je kind nu doet.

De eerste stap daarin is om te achterhalen waarom je kind huilt. Ook als je kind vaker op een dag huilt, kan de reden iedere keer anders zijn. Daarbij is het belangrijk dat je je in de situatie van je kind verplaatst, dat je benoemt wat je ziet en dat je geen oordeel velt.

gezin_speelt_met_duploDat kan als volgt:
– Ouder: ‘Ik zie dat je huilt. Wat is er gebeurt?’
– Kind: ‘Lukt niet.’
– Ouder: ‘Je bent met de blokken aan het spelen, maar het lukt niet.’
– Kind: ‘Nee. Toren valt steeds om.’
– Ouder: ‘Oei, dat is vervelend. Hoe kun je dat oplossen?’
– Kind: ‘Ik weet het niet.’
– Ouder: ‘Zullen we samen proberen om de toren wat steviger te maken?’
– Kind: ‘Ja, dat is goed.’
– Ouder: ‘Prima, dan help ik je even.’
*** Jullie maken samen de toren steviger. ***
– Ouder: ‘Kijk eens wat we samen voor een stevige toren hebben gebouwd. Dat is een hele mooie geworden. Goed gedaan! Dan kun jij nu weer verder gaan bouwen en dan ga ik weer even verder met … Als er weer iets niet lukt, dan kom je maar naar me toe. Dan bedenken we samen weer een oplossing. Ok?’
– Kind: ‘Ok.’

In dit voorbeeld van een jonger kind merk je dat je eigenlijk niks over het huilen zegt, behalve dat je benoemt dat je ziet dat je huilt. Je probeert eerst te achterhalen wat er aan de hand is en laat merken dat je begrijpt dat dat niet leuk is voor je kind.

Zodra je weet wat er aan de hand is, kun je samen naar een oplossing zoeken. Jonge kinderen zullen zelf nog niet zo snel een oplossing kunnen bedenken en hebben daar meer hulp bij nodig. Als je merkt dat je kind het zelf niet weet, dan help je er wat meer bij of opper je zelf een idee. Oudere kinderen kunnen – samen met jou – al beter een oplossing bedenken.

Aan het eind geef je nog aan hoe je kind het de volgende keer kan oplossen. Dat zal de kans kleiner maken dat je kind weer snel gaat huilen. Dat is ook helemaal niet nodig, want hij weet nu hoe hij het anders kan aanpakken.
Uiteraard vergt dit van beide kanten oefening en geduld.

 

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 


(3) Wat huilen eigenlijk betekent.
meisje_huilt_tranenJe mag het huilen bij je kind zien als: ‘Ik weet het zelf even niet meer. Ik kan wel wat hulp gebruiken’.
Huilen gaat dus van de ene kant gepaard met een gevoel van hulpeloosheid en van de andere kant hoort er ook bij dat je kind ‘hulp nodig heeft’. Dus niet alleen je baby maar ook je kind communiceert daarmee dat het jou nodig heeft om iets (samen met hem) op te lossen.
En is dat niet ook dezelfde reden waarom je als volwassene nog wel eens huilt? Je weet het even niet meer, je ziet het even niet meer zitten, je ziet even geen oplossing voor je probleem en je zou wel wat steun of hulp van een ander kunnen gebruiken.

Daarmee kunnen we ook voor een deel afleiden waarom kinderen vaker huilen dan volwassenen: volwassenen hebben in de loop der jaren al beter geleerd hoe ze uiteenlopende lastige situaties kunnen oplossen; kinderen komen die lastige situaties nu pas voor het eerst tegen. En uiteraard gaat het niet meteen na de eerste keer goed. Ook het oplossen van en reageren op lastige situaties vergt oefening. Maar troost je: oefening baart kunst!

Kinderen moeten natuurlijk ook nog gewoon leren om hun emoties te beheersen. Ze reageren als ze jong zijn nog vaak primair, maar dat is natuurlijk lang niet altijd even handig of gepast. Ze moeten dus leren hoe ze kunnen reageren als ze boos, gefrustreerd of teleurgesteld zijn en dat er andere reacties mogelijk zijn dan huilen. Dat hoort allemaal binnen de sociaal-emotionele ontwikkeling, die alle kinderen doormaken.  En daar kun jij als ouder je kind goed bij helpen.

 

(4) Neem het gevoel van je kind serieus
vader_zoon_arm_om_hem_heenHet is belangrijk om het gevoel van je kind serieus te nemen. Dus ook al kun je je niet helemaal (of totaal niet) voorstellen dat je kind ergens verdrietig, boos of gefrustreerd om is, je kind is het op dat moment wél. Hij heeft er dan niks aan als jij zegt ‘ach, je hoeft niet te huilen’ of ‘ik snap echt niet waarom je nu zo moet huilen’. Je kind zal zich dan niet serieus genomen voelen. Het gevoel dat hij heeft is echt, ook als jij zijn probleem niet helemaal begrijpt.

De kunst is juist om je op zo’n moment in je kind te verplaatsen en om te laten horen dat je ziet dat iets voor hem niet fijn is (waardoor hij dus boos, gefrustreerd of verdrietig is geworden). Daardoor voelt je kind zich gehoord en serieus genomen. Dat betekent dus ook dat je je kind best mag troosten als het aan het huilen is.

Probeer je nog even voor te stellen dat iemand – op het moment dat jij aan het huilen bent – tegen jou zegt: ‘En nu stop je met huilen!’. Je voelt je op zijn minst onbegrepen en ongehoord en je vindt waarschijnlijk ook dat de ander nogal bot en niet empathisch op je reageerde. Waarom reageren ouders dan toch nog vaak zo op kinderen…?

 

 

(5) Praat met je kind over het huilen.
moeder_knuffelt_zoon2Als je vindt dat je kind snel huilt en je dat lastig vindt, dan is het natuurlijk goed om (naast het toepassen van de bovengenoemde punten) er ook met je kind over te praten.  Ga ook dan samen op zoek naar de oorzaak van het huilen. Weet je kind in welke situatie het sneller huilt en waarom is dat dan precies? Wat gebeurt er in die situatie waardoor je kind gaat huilen? Waar heeft je kind dan precies moeite mee? Je kunt misschien samen met je kind voor een week een dagboekje bijhouden, waarin je dagelijks samen deze vragen beantwoord.

Uiteraard is het dan ook nog belangrijk om samen met je kind na te denken over oplossingen. Wat kan je kind (zelf) doen om de situatie te veranderen of wat kan je kind zeggen zodat er anders op hem gereageerd wordt? Houd ook de momenten bij, waarop je kind niet huilde in die situaties die voor je kind lastig zijn en die hij goed oploste; daardoor word je kind zich bewust van zijn eigen ‘succesverhalen’ en krijgt door dat hij steeds meer grip krijgt op dergelijke situaties. Dat is een belangrijk leermoment voor je kind!

Een mooi startpunt om het met je kind over dit thema te hebben, is om er eerst samen een boek over te lezen. Voor alle leeftijden zijn er wel boeken die over ‘huilen’ gaan. Hieronder vind je alvast een lijstje met leessuggesties:

boek_alles_wat_ik_voel_stine_jensen– ‘Nijntje huilt’ (Dick Bruna)
‘Gevoelens… Verdrietig’ (J. Bingham)
– ‘Het tri-tra-tranenboek’ (I. Lammertink & L. Georger)
– ‘Ik en al mijn gevoelens’ (H. Kreul)
– ‘Zo voel ik mij’ (P. Winters & E van Lindenhuizen; serie ‘Willewete’)
– ‘Alles wat ik voel’ (Stine Jensen)

 

 


tip_gezinWil jij als eerste Joyce’ waardevolle OpvoedTips ontvangen? 
Helemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


 

 


Wil je graag reageren op dit artikel? Dat mag!

Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking!
joyce_rosegrijs_staand_c
Heb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 


K
lik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 


Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle opvoedtips: 

– ‘4 manieren om je kind te helpen met lastige emoties (+ 3 BONUSTIPS)’. Klik hier.
– ‘Wat vertel je je kind als het een dierbare verliest? [Gastbijdrage van onderzoeker Mariken Spuij]’. Klik hier.
– ‘Positief opvoeden: Start je opvoeding goed met deze 5 stappen.’ Klik hier.
– ‘Laat dat nou!’ (over: 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt). Klik hier.
– ‘Ach, het is maar een fase.’ (over: Hoe jouw verwachtingen over je kind je opvoeding in de weg kunnen zitten.). Klik hier.
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.

 


Voor dit artikel liet ik me inspireren door de volgende artikelen: 

– ‘Snel huilen: Wat doe je eraan?’. Ouders van Nu. Klik hier.
– ‘7 Peuterproblemen & Oplossingen’. Mama en Zo. Klik hier.
– ‘De wetenschap achter waarom je kind zoveel huilt’. Famme. Klik hier.
– ‘Waarom mensen huilen’. DokterDokter. Klik hier.
– ‘Mijn kind huilt bijna de hele dag. Wat moet ik doen?’. Ouders Online. Klik hier.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

‘Mijn kind heeft vaker driftbuien! Wat nu?’ | Minder driftbuien in slechts 5 stappen.

‘Je vraagt je kind wat hij wil drinken. Hij geeft aan dat hij graag sap wil drinken en je geeft hem dat in zijn blauwe beker; de beker waar hij gisteren zo graag uit dronk. Maar zodra je kind de beker ziet, wordt hij ineens heel boos en schreeuwt het uit: ‘nee, nee, nee!’. Hij laat zich op de grond vallen en bonkt met zijn hoofd op de grond, ondertussen heel hard huilend. Je snapt niet wat er aan de hand is. Je geeft hem toch wat hij gevraagd heeft…? Wanneer je kind na een tijdje uitgeraasd is, zegt hij ineens, nog zachtjes nasnikkend: ‘roene beke’. Hij wilde sap drinken uit zijn groene beker…’

jongen_driftbui_achteroverHierboven las je een voorbeeld van een kind dat – zo maar uit het niets – een driftbui krijgt. Alle kinderen tussen 1 en 4 jaar hebben wel eens een driftbui. Dat komt bij veel jonge kinderen voor en is dus eigenlijk heel normaal. Deze periode wordt ook wel de ‘peuterpuberteit’ genoemd. Als jouw kind het wel eens heeft, hoe je je er dus ook niet meteen zorgen om te maken. Natuurlijk verschilt per kind wel hoe heftig de driftbui is, wat hij tijdens een driftbui precies doet en hoe lang een driftbui duurt.
Na deze leeftijd komen driftbuien trouwens ook nog wel eens voor, maar dan minder vaak of minder heftig.

Toch zijn er ook veel overeenkomsten in de driftbuien. Kijk maar eens naar de redenen waarom kinderen een driftbui kunnen krijgen:
– Je kind wil iets zelf kunnen beslissen (bijv. ik wil niet de blauwe maar de groene beker).
– Je kind wil dat er iets gebeurt (bijv. tv kijken), maar dat kan op dat moment niet (want hij gaat naar bed).
– Je kind wil iets krijgen / hebben (bijv. een snoepje of een koekje), maar dat kan op dat moment niet (want jullie gaan zo eten).
– Je kind wil iets ZELF doen (bijv. schoenen dichtmaken), maar dat lukt nog niet.

Dit zijn allemaal situaties, waarin je kind te maken krijgt met een gevoel van frustratie, boosheid, teleurstelling en/of onmacht. Het is voor jonge kinderen nog heel lastig om met deze situaties om te gaan.

Een aantal redenen, waarom jonge kinderen (1-3 jaar) dat zo lastig vinden, zijn o.a.: 
– Jonge kinderen beginnen nu de eerste stappen te zetten richting zelfstandig worden en onafhankelijk zijn. Natuurlijk kan dat nog lang niet helemaal, maar op deze leeftijd proberen ze wel uit wat ze zelf kunnen doen en wat niet.
– Je kind bekijkt de situaties, waarmee hij te maken krijgt, nog helemaal vanuit zijn eigen standpunt. Hij is nog ‘egocentrisch’ ingesteld en begrijpt niet dat jij het anders kunt zien of er anders over kunt denken.
– Jonge kinderen vinden het lastig om te wachten of om iets uit te stellen. Ze willen het nu.

⇒ Allemaal aspecten, die horen bij deze leeftijd en ontwikkelingsfase, maar die het voor je kind (en jou) soms behoorlijk lastig maken.

Een driftbui kan behoorlijk heftig zijn, niet alleen voor je kind maar ook voor jou. Je kind gaat bijvoorbeeld…
meisje_huilend_uit_bed– Schreeuwen, krijsen of huilen
– Jou pijn doen (bijv. slaan, schoppen, bijten, krabben)
– Met speelgoed of voorwerpen gooien.
– Zichzelf pijn doen (bijv. krabben, haren uittrekken, hoofdbonken)
– Adem inhouden (zg. ‘breath holding spells’) tot flauwvallen aan toe.

En hoewel nagenoeg alle kinderen een periode hebben, waarin ze vaker een driftbui krijgen, heeft je kind jou nodig om de heftige emoties in die situaties te leren beheersen.

⇒ Hieronder lees je wat jij kunt doen als je kind een driftbui heeft en met 5 welke stappen je dan het beste kunt beginnen. Onderaan het artikel geef ik je ook nog eens 3 bonustips.

Wat kun jij doen als je kind een driftbui heeft?

(1) Probeer zelf rustig te blijven. 
jongen_ligt_op_grond_huilend_vrouwHet is belangrijk om niet in de heftige emotie van je kind mee te gaan. Als je boos wordt of zelf gefrustreerd raakt, is de kans groot dat die emotie overslaat op je kind en de situatie alleen maar heftiger wordt. Als jij rustig blijft, is de kans groot dat je kind ook eerder rustig wordt. Realiseer je dat jouw emotie ‘aanstekelijk’ werkt en door je kind overgenomen kan worden; dat geldt zowel voor de positieve als de negatieve emoties.

Verder is het voor jou makkelijker – als je rustig bent – om te kijken of je je kind kunt afleiden. Afleiden lukt het beste op het moment dat je kind nog geen driftbui heeft. Je kent je kind natuurlijk als geen ander en kunt daardoor goed inschatten wanneer hij een driftbui zou kunnen krijgen. Probeer je kind dan af te leiden of op andere gedachten te brengen. Voorkom echter dat je je kind zijn zin gaat geven om te voorkomen dat hij een driftbui krijgt; dat werkt namelijk averechts en zorgt juist voor meer driftbuien (daarover hieronder meer).

(2) Blijf bij je kind in de buurt en laat je kind uitrazen.
jongen_ligt_op_de_grond_huilendHierboven las je al dat sommige kinderen zich pijn kunnen gaan doen tijdens een driftbui. Dat wil je natuurlijk graag voorkomen. Daarom is het belangrijk dat je in de buurt van je kind blijft tijdens een driftbui, zodat je kunt voorkomen dat hij ergens tegen aan valt of zich op een andere manier bezeert.

Voor sommige kinderen kan het tijdens een driftbui helpen als je vraagt ‘wil je een knuffel?’ of ‘zal ik je een knuffel geven?’. Als je kind dan ‘ja’ zegt, dan kun je hem een knuffel geven. Als je kind ‘nee’ zegt, zeg dan: ‘Kom dan een knuffel bij me halen als je er klaar voor bent.’ Je kind weet dan dat hij bij je terecht kan op het moment dat hij er zelf aan toe is. Je kunt dan bij hem weggaan en de kans is groot dat je kind dan binnen niet al te lange tijd zijn knuffel bij je komt halen.

Houd wel goed in de gaten dat je tijdens een driftbui niet te lang door blijft gaan met vragen stellen of dat je te veel aandacht aan je kind blijft schenken. Dat werkt doorgaans averechts, waardoor de driftbui juist langer kan duren…

Je merkt al dat het omgaan met driftbuien behoorlijk maatwerk is. Het is belangrijk om de juiste balans te vinden in hoe je op je kind reageert.


joyce_grijs_aanjou_1
Maak je je zorgen over de driftbuien van je kind? Of heb je een andere opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?

Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


(3) Accepteer dat je nu geen contact kunt maken met je kind.  
meisje_huilend_moeder_handeninhaarSommige kinderen laten zich tijdens een driftbui vrij goed kalmeren als je rustig tegen ze praat. Jouw rust kalmeert hen dan (zoals bij punt 2).

Bij andere kinderen werkt dit echter niet of onvoldoende. Zij blijven dan in de driftbui hangen. Het enige dat je dan kunt doen, is accepteren dat je op dat moment geen contact krijgt met je kind. Ga dan niet door met praten en blijf vooral niet aandringen op knuffelen etc. Neem wat afstand en laat je kind uitrazen.

Uiteraard blijf je ook nu nog steeds in de buurt om in de gaten te houden dat je kind zich niet bezeert (zie punt 2).

(4) Maak het weer goed met elkaar. 
vader_dochter_knuffelDe driftbui is na een tijdje gelukkig ten einde. Je kind is nu wat rustiger en snikt nog wat na.

Realiseer je dat je kind net in een heftige situatie zat en waarschijnlijk niet precies weet wat er met hem gebeurde. Sommige kinderen worden zelf ook overvallen door de driftbui, alle emoties en de heftigheid ervan. Ze moeten nog leren hoe ze de situatie anders aan kunnen pakken of hoe ze kunnen voorkomen dat er een driftbui ontstaat.

Vaak eindigt een driftbui in huilen. Je kind is dan oprecht verdrietig. En hoewel jij dan misschien nog boos op je kind bent of gefrustreerd door de situatie, is het prima om je kind dan te troosten (dus ook als dat voor jou op dat moment tegenstrijdig voelt).

(5) Praat kort na over wat er gebeurd is. 
moeder_praat_dochterAls de driftbui ten einde is en je je kind getroost hebt, dan laat je je kind even iets anders doen. Gewoon even lekker spelen. Zodra jullie – na een tijdje – allebei gekalmeerd zijn, is het goed om kort met elkaar te bespreken wat er gebeurde. Neem je kind gezellig bij je op schoot en vraag nog eens aan je kind waarom hij zo boos, gefrustreerd of verdrietig werd, hoe hij het de volgende keer anders kan aanpakken en hoe jij hem daarbij kunt helpen.

Uiteraard is je kind nog jong en de kans is groot dat hij het zelf niet goed weet en/of het je niet goed kan vertellen. Help je kind dan en probeer het voor hem te ‘ondertitelen’. Dat heeft je kind nodig om de situatie beter te leren begrijpen. Uiteraard is het voor deze jonge kinderen nodig om dit iedere keer dat het voorkomt kort te herhalen.

Hieronder lees je ook nog 3 mooie BONUStips. Lees dus gauw verder.


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


Maar dat was nog niet alles! Hier volgen nog 3 handige BONUStips:

(1) Geef je kind niet zijn zin.
jongen_huilt_moeder_tilt_hem_opJe kind heeft behoefte aan duidelijke afspraken en aan het naleven van die afspraken. Het maakt dan eigenlijk niet zo veel uit of je vóór de driftbui ‘ja’ of ‘nee’ hebt gezegd, als je antwoord ná de driftbui maar hetzelfde is als ervoor. Als je je antwoord na de driftbui namelijk verandert, dan leert je kind (onbewust) dat het door een driftbui zijn zin krijgt. Dat zorgt er weer voor dat zijn driftbuien vaker zullen voorkomen en dat wil je natuurlijk niet. Houd je dus aan de afspraken, die je (vooraf aan de driftbui) met je kind gemaakt hebt.

(2) Wees voorspelbaar voor je kind.
vader_praat_met_zoon.jpgAls je kind weet wat er gaat gebeuren, als hij weet wat je van hem verwacht en als je duidelijk genoeg bent, dan kan je kind voorspellen wat er gaat gebeuren. Daar houden kinderen van. Daardoor krijgen ze meer grip op de wereld en op wat er om hen heen gebeurt. Die grip en duidelijkheid zorgen voor een fijn en veilig gevoel.

Dat betekent ook dat het fijn is als je veel aan je kind uitlegt, bijv. wat jullie die dag gaan doen. Zo weet je kind bijv. dat hij even kan gaan spelen, maar dat jullie daarna ergens naar toe gaan.

(3) Geef je kind veel positieve aandacht. 
moeder_helpt_zoonAlle kinderen hebben behoefte aan positieve aandacht van hun ouders. Dat kun je o.a. doen door elke dag een paar keer kort met je kind te spelen. Sluit dan aan bij wat je kind aan het doen is.

In periodes waarin je kind vaker driftbuien heeft, kan het voor jou misschien moeilijker zijn om positief op je kind te reageren en om leuk met je kind te spelen. Probeer dat juist in die periode toch te doen; je kind heeft het dan namelijk extra hard nodig. Als je vaker leuk met je kind kunt spelen, merk dat je kind niet alleen maar driftbuien heeft en ‘moeilijk doet’,  maar ook nog steeds heel lief, aardig en vriendelijk kan zijn. Vergeet niet dat je kind namelijk ook heel veel momenten heeft waarop hij rustig en lief speelt en dus helemaal geen driftbuien heeft.

⇒ Met deze aanpak merk je dat de driftbui binnen een aantal minuten voorbij zal zijn.

 

Wil je graag reageren op dit artikel? Dat mag!
Zet jouw reactie dan onder dit bericht. Houd het wel constructief, liefst in de vorm van ‘Tips & Tops’. Dankjewel voor je medewerking! 

 


Wil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen? tip_gezinHelemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


joyce_rosegrijs_staand_cHeb je vragen over dit thema, wil je meer weten over het onderwerp of heb je een andere opvoedvraag?

Neem dan contact met me op. Je vindt m’n contactgegevens hieronder.

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

Opvoedcoach & Psycholoog | http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2019. Joyce Akse / Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.
Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

 

Klik hier voor jouw dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

 

Lees ook andere artikelen van Joyce met waardevolle opvoedtips: 
– ‘Positief opvoeden: Start je opvoeding goed met deze 5 stappen.’ Klik hier.
– ‘Laat dat nou!’ (over: 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt). Klik hier.
– ‘Stop met schreeuwen!’ (over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind.)Klik hier. Klik hier.
– ‘Ach, het is maar een fase.’ (over: Hoe jouw verwachtingen over je kind je opvoeding in de weg kunnen zitten.). Klik hier.
Klik hier voor meer waardevolle opvoedtips van Joyce, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.


Gebruikte literatuur voor dit artikel: 

– Marx, Westpalm van Hoorn & Molenaar (2007). Je peuter. Houten: Het Spectrum.
– Schiet, M. (2007). Opvoedencyclopedie. Vianen/Antwerpen: The House of Books.
– Woolfson, R.C. (2001). De pientere peuter. Baarn: Cantecleer.

 

logo_akse_coaching_klein_nieuw

Ga (terug) naar de website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

Laat dat nou! | 5 opvoedvalkuilen waar we allemaal intrappen én waardoor opvoeden onbedoeld lastiger wordt.

moeder_kind_bank_tekent_muurIedere ouder weet het: kinderen hebben is niet alleen heerlijk, mooi en bijzonder, maar ook best lastig, zwaar en vermoeiend. En dat laatste komt niet altijd door onze kinderen: soms maken we het onszelf lastiger dan eigenlijk nodig is. We stappen namelijk vaker – onbewust & onbedoeld – in zg. ‘opvoedvalkuilen’. En daar gaat dit artikel over: je leest hier over 5 veelvoorkomende opvoedvalkuilen, die het ouders moeilijker maken om op een positieve, fijne en constructieve manier op te voeden.

 

=> Trap jij ook wel eens in één van deze 5 veelvoorkomende opvoedvalkuilen?

 

(1) Je versterkt (onbedoeld) het lastige gedrag van je kind. 
moeder_spreekt_dochter_streng_toe_snoep_winkelVoorbeeld: je bent samen met je dochter in de supermarkt. Je dochter wil graag die ene zak snoep meenemen. Jij bent het daar niet mee eens en legt het weer terug in het rek. Je dochter haalt het er weer uit. Dit tafereel herhaalt zich een paar keer en ondertussen lopen de gemoederen steeds hoger op. Uiteindelijk krijgt je dochter een driftbui en ligt ze schreeuwend en krijsend op de vloer. Je vindt dit zelf een behoorlijk onprettige situatie, want je hebt het gevoel dat iedereen naar je kijkt en iedereen jullie kan horen. Om dat zo snel mogelijk te stoppen geef je je dochter maar snel die zak snoep. Gelukkig, het is weer stil!

Deze valkuil noemen we de escalatievalkuil: hoe meer je dochter tegensputtert, hoe groter de kans is dat ze haar zin krijgt. Hierdoor leert je kind dat hij van jou krijgt wat hij wil als hij maar gaat schreeuwen of krijsen. Door je kind zijn zin te geven, weet hij dat ze hij het de volgende keer ook voor elkaar krijgt als hij het op deze manier aanpakt. Door je kind zijn zin te geven, versterk je dus zijn driftbuien in deze situatie.

Om dit gedrag te voorkómen, is het belangrijk om hier als ouder consequent op te reageren: denk eerst na of je het snoep, dat je kind graag wil, wel óf niet wilt kopen.
– Optie 1: Wil je het niet kopen, dan koop je het niet en zeg je dat duidelijk tegen je kind. Het snoep wordt dan ook niet gekocht; of je kind nou een driftbui krijgt of niet.
– Optie 2: Als je het goed vindt om het snoep te kopen, dan zeg je dat ook en dan kan het gewoon in je karretje.
=> Heb je echter eenmaal ‘nee’ gezegd, dan blijft het nee. Neem jezelf serieus en houdt voet bij stuk. Je kind verwacht dat nu ook van je, ook al is hij het niet met jouw beslissing eens. Uiteraard zal je kind wel nog – zeker in het begin – proberen om toch dat snoep mee naar huis te krijgen (dat mag hij ook gewoon proberen), maar jij houdt je aan je afspraak.

Als je dit een aantal keren consequent volhoudt, dan weet je kind precies wat hij aan je heeft en dan weet hij na verloop van tijd dat het geen zin heeft om te gaan schreeuwen of krijsen. Hij krijgt het snoep namelijk toch niet.
Bekijk ook dit filmpje, waarin ik je tips geef om om te gaan met driftbuien in de supermarkt.

 

(2) Je moet eerst schreeuwen, voordat je kind naar je luistert. 
jongen_op_bed_in_pyjamaVoorbeeld: Het is bedtijd. Je gaat samen met je zoon naar boven om hem klaar te maken om te gaan slapen. Je zegt tegen je zoon: ‘trek je pyjama maar alvast aan’. In de tussentijd maak jij de tandenborstel klaar en pak je een handdoek. Daarna kijk je even in z’n slaapkamer en zie je dat je zoon aan het spelen is met z’n trein. ‘Wat zei ik nou? Je zou je pyjama aan gaan doen. Er is nu geen tijd meer om te spelen. Kom op, trek je pyjama aan.’ Je loopt z’n kamer uit, je gaat weer terug naar de badkamer en je merkt dat je langzaam boos wordt op je zoon. Je denkt: ‘zo gaat het nou iedere avond. Ik kan wel 100x tegen hem zeggen dat hij z’n pyjama aan moet doen, maar hij vertikt het gewoon. Waarom doet hij nou niet gewoon wat ik hem zeg?’ Je wacht nog een minuutje en loopt dan weer naar je zoon toe. Als je binnenkomt zie je dat je zoon nu aan het lezen is. Hij heeft nog steeds z’n pyjama niet aan. Nu schiet je uit je slof en schreeuw je: ‘Potverdorie, ik zei toch dat je je pyjama aan zou doen en dan zit je hier wat te lezen. Waarom luister je niet? Ik word hier echt zo boos van! Kom op, en nu gauw een beetje!’. Je zoon kijkt verschrikt op uit z’n boek en begint zijn pyjama aan te trekken.

Je kind heeft geleerd dat hij pas aan de slag hoeft als jij echt boos wordt of gaat schreeuwen. Eerder hoeft hij dus niet in actie te komen, want dan heeft toch geen gevolgen voor hem. (Uiteraard denkt je kind dat niet zo bewust en berekenend als ik het hier beschrijf, maar heel kort door de bocht komt het hier wel op neer.) Het is belangrijk om in dit soort situaties niet eindeloos tegen je kind te blijven zeggen wat jij verwacht dat hij gaat doen. Als je dat tot 2x beperkt en er daarna een consequentie aan verbindt (bijv. één verhaaltje minder voor het slapengaan), dan is je kind eerder geneigd om wel in actie te komen.

Uiteraard is het nóg fijner om de consequentie om te draaien: stel een leuke beloning in het vooruitzicht als je kind goed mee- / doorwerkt. In dit geval zou je bijv. kunnen zeggen: ‘Als je je pyjama binnen twee minuten aan hebt getrokken, dan lees ik je een extra verhaaltje voor’. (Die tijd moet uiteraard wel realistisch en haalbaar zijn voor je kind). Zet dan een wekkertje of houdt de tijd bij op je telefoon, moedig je kind ondertussen aan, laat merken wat hij allemaal goed doet en je merkt al gauw dat het naar bed gaan er een stuk gezelliger op wordt. Merk ook op dat je nu niet meer hoeft te schreeuwen en dat je kind toch gewoon doet wat je graag wil.
Lees ook m’n artikel ‘Stop met schreeuwen! (Over: Hoe je in 5 stappen minder schreeuwt tegen je kind.)’ of bestel m’n gratis e-book ‘Stop met Schreeuwen’.


joyce_grijs_aanjou_1
Heb je een kleine of grote opvoedvraag, waar je graag een antwoord of oplossing voor wil?
Neem dan contact met me op.

Wil je eerst meer over mij en m’n bedrijf weten?
Lees dan hier meer over m’n achtergrond.


 

(3) Als je kind iets verkeerd doet, keur je hém af (als persoon).

melk_op_vloer_beker_voetenVoorbeeld: het is weekend en jullie zitten als gezin samen aan tafel te eten. Dan stoot je zoon ineens een glas melk om. Je houdt niet van knoeien, je vindt het zonde van de melk, je bent bang dat alle kleren weer in de wasmachine moeten of je vindt het zonde van je tijd om het allemaal te moeten gaan schoonmaken. Kortom, je schiet uit je slof: ‘wat ben je ook voor een stommerd, dat je altijd je melk omstoot. Kijk toch eens uit je doppen, onhandige Harry!’.

Je kind afkeuren als persoon, doe je bijvoorbeeld als je je kind uitscheldt en als je hem allerlei benamingen geeft (zoals idioot of stommeling) of door dingen te zeggen als ‘wat ben jij toch altijd…’. Dit soort uitspraken ondermijnen het zelfbeeld en het zelfvertrouwen van je kind. Je kind gaat er ook steeds meer in geloven, want wat jij als ouder zegt is waar. Je kind denkt al gauw: ‘ik kan dat ook helemaal niet’ of ‘ik ben ook altijd onhandig’. Daardoor treedt waarschijnlijk ook nog eens het fenomeen ‘self-fulfilling prophecy’ op: je kind gaat zich gedragen zoals hij denkt dat hij is. Dus in plaats van dat hij zich minder ‘stom’ of ‘onhandig’ gaat gedragen (wat jij als ouder het liefste zou zien), wordt dat gedrag alleen maar meer. Dit soort uitlatingen werken dan ook vaak alleen maar averechts. Reden te meer om dit soort opmerkingen helemaal achterwege te laten.
Lees ook m’n artikel ‘Hoe verbeter je het zelfvertrouwen van je kind?’ (Over: 4 ingrediënten voor een gezonde dosis zelfvertrouwen.).

 

(4) Je benoemt niet wat je kind goed doet. 
meisje_springt_van_de_bank_afVoorbeeld: je dochter zit lekker aan tafel; ze is aan het kleuren. Dat kan ze altijd goed volhouden, soms wel een uur lang. Heerlijk vindt ze dat. Zo heb je geen kind aan haar en kun je lekker aan de slag met je eigen activiteiten. Maar zodra ze klaar is met kleuren begint de ellende. Dan begint ze om je heen te hangen en wil ze dat je haar oppakt of dat je haar steeds knuffelt en dat terwijl nog met je eigen dingen bezig bent. Je wil graag dat ze verder gaat met kleuren of dat ze met iets anders gaat spelen, maar daar heeft ze ineens geen zin meer in. Het lijkt wel of ze op zo’n moment alleen maar kattenkwaad kan uithalen. Ze gaat op de bank springen, ze gaat aan de knopjes van de tv zitten of ze gaat met spuug poppetjes tekenen op het raam. Om gek van te worden! En dat terwijl ze een half uur geleden nog zo lief zat te kleuren… 

Vaak zie je dat kinderen een tijdje heel leuk (alleen) kunnen spelen, maar dat is vaak maar van beperkte duur; zeker voor jonge kinderen. Na zo’n tijdje van rustig alleen spelen hebben ze vaak de behoefte om even bij papa of mama te zijn. Ze willen dan graag jouw aandacht. Als jij je kind op dat moment geen aandacht geeft (om wat voor reden dan ook), dan gooien ze het over een andere boeg. Ze gaan gedrag laten zien waarvan ze ‘weten’ dat ze er toch jouw aandacht mee krijgen. Alleen is het dit keer geen positieve, maar negatieve aandacht.

We weten dat kinderen aandacht nodig hebben. Krijgen ze die aandacht niet op een positieve manier, dan vragen ze ‘m wel op een negatieve manier. Want: aandacht = aandacht. Alleen vinden ze het natuurlijk fijner om positieve aandacht te krijgen, net zoals wij het als ouder veel fijner vinden om positieve aandacht te geven. Doe dat dan ook!

Als je ziet dat je kind lekker aan het spelen is, ga dan eens af en toe naar hem toe. Vraag wat je kind aan het kleuren is, vraag of je ook iets mag tekenen of iets mag inkleuren en met welke kleur dan. Als je een paar keer per dag (kort) aansluit bij wat je kind aan het doen is, krijgt je kind voldoende aandacht van jou en heeft het veel minder de neiging om jouw aandacht op een negatieve manier te vragen. Positieve aandacht geven én krijgen is onmisbaar in een positieve, fijne en constructieve opvoeding!
Lees ook m’n artikel ‘Voorkom ongewenst gedrag: Geef je kind positieve aandacht’.

 


joyce_rosegrijs_staand_c

Wil je graag een thema-avond over opvoeden bijwonen?
Kijk dan in Joyce’ online Agenda voor een workshop, lezing of OpvoedParty bij jouw in de buurt.

Wil je Joyce graag uitnodigen om een thema-avond over opvoeden te geven?
Kijk dan hier voor mogelijke thema’s en/of neem contact met haar op.


 


(5) Je wil dat je kind iets gaat doen, maar je handelt niet consequent.

jongen_speelt_op_vloerVoorbeeld: Je bent in de keuken bezig met het avondeten en je wil graag dat je dochter begint met opruimen. Je loopt even naar haar toe en vraagt haar rustig: ‘ruim alsjeblieft je lego op, want we kunnen zo eten’. Ze zegt ‘ja, is goed’ en jij gaat weer verder met koken. Als je na een tijdje even om de hoek kijkt, zie je dat ze nog steeds met de lego speelt, maar opruimen, ho maar. Je zegt het haar nog een keer en nu op wat hardere toon: ‘ik wil graag dat je opgeruimd hebt voordat we gaan eten. Het eten is zo klaar, dus begin nou maar gauw’. Weer zegt ze ‘ja, is goed’. Dan hoor je het alarm van de magnetron afgaan en loop je snel terug naar de keuken. De ovenschotel is klaar. Je roept ‘we kunnen eten!’ en iedereen komt aan tafel zitten. ‘Smakelijk eten’ zegt iedereen. Ondertussen ligt de lego nog steeds door de hele woonkamer… 

In dit voorbeeld heb je als ouder 2x aan je dochter gevraagd om het speelgoed op te ruimen; doorgaans is het wel vaker nodig om kinderen te bewegen om iets gaan doen (zoals opruimen). Ouders hebben het gevoel dat ze het eerst wel 10x moeten vragen voordat hun kind in actie komt. Wat belangrijk is in dit voorbeeld is dat je dochter niet leert dat ze ook echt even moet doen wat er gevraagd wordt. Het hoeft uiteindelijk ook niet, want ze kan gewoon gaan eten zonder dat ze opgeruimd heeft. Haar vader/moeder komt er niet meer terug en laat haar gewoon aan tafel plaatsnemen. In dit geval kun je met je kind afspreken dat ze pas aan tafel kan komen als alle lego is opgeruimd. Of – iets minder streng, maar misschien wel met een positiever effect: ‘als je nu begint met opruimen, dan help ik je en dan kunnen we daarna samen gaan eten’.
Lees ook m’n artikel ‘Ik moet het mijn kind eerst 10x vragen… – Hoe je je kind in 5 stappen leert om sneller naar je te luisteren.’. 

 

Wil je reageren op dit artikel?
Ga dan naar m’n Facebook-pagina en laat daar een bericht achter.

 


Wil jij ook Joyce’ waardevolle opvoedtips ontvangen? tip_gezinHelemaal gratis en vrijblijvend. Klik dan hier.

Cadeau: Kort na je aanmelding van het e-zine ontvang je Joyce’ E-book ‘Nóg meer genieten van je kind – 5 x 5 OpvoedTips’ als cadeau. Dat is dus ook helemaal gratis en vrijblijvend. Je leest er hier meer over.


 

Ik hoop van harte dat je met deze informatie op een goede manier thuis aan de slag kunt.

Heb je hier vragen over, wil je meer weten over dit thema of heb je een andere opvoedvraag? Neem dan contact met me op. Je vindt m’n contactgegevens hieronder.
joyce_rosegrijs_staand_c

Met vriendelijke groet,
Joyce Akse

 

http://www.aksecoaching.nl | info@aksecoaching.nl

© 2018. Joyce Akse/Akse Coaching, alle rechten voorbehouden.

Geschreven door Joyce Akse van ‘Akse Coaching – Opvoedcoaching & Opvoedadvies’.

Klik hier voor je dagelijkse portie OpvoedInspiratie op Facebook.

logo_akse_coaching_klein_nieuw


Ga (terug) naar de
website van Akse Coaching: http://www.aksecoaching.nl.

 

Referentie(s): 
Dit artikel is o.a. gebaseerd op informatie uit ‘Sanders, Markie-Dadds, & Turner. (2009). Positief opvoeden: Triple P – Voor iedere ouder. Triple P International: Milton.

Klik hier voor m’n andere opvoedtips, bijv. over (niet) willen luisteren, slapen of eten ed.